Zondag 05/04/2020

ColumnDe schaal van Mulders

De vleermuis in onze living verdween spoorloos in de nacht, zoals sommige vrouwen die ik later ben tegengekomen

Beeld Getty Images

Jean-Paul Mulders onderzoekt alles wat u bij de hersenkwabben kan grijpen. 

Het is vroeg in de ochtend en ik heb gedroomd van Siamese katten die in dartel zonlicht op bevroren water dansten. ‘Om je op corona te testen,’ stuurt een jongedame mij bij wijze van brutaal ontwaken, ‘moeten ze met een wattenstaafje tot tien centimeter diep in je neus gaan.’ Voorlopig voel ik niet de aandrang tot testen, noch met een hielprik noch met een oorstok. Wat ons overkomt, zullen wij bijtijds wel merken.

Het is wat later in de ochtend, het ijs is gebroken en de katten zijn verdronken. Ik lees over de vleermuis, die ervan wordt beschuldigd de bron te zijn van het coronavirus. Vaak zie ik ze bij valavond vliegen – vleermuizen, bedoel ik. Dat vervult mij met plaatsvervangend enthousiasme. Ik stel mij voor hoe geweldig het moet zijn om door het luchtruim te suizen en met klikgeluiden prooien te verschalken. Echolocatie, heet dat verschijnsel. Vleermuizen gebruiken het, maar ook dolfijnen, sommige walvissen en de genaamde Steatornis caripensis, beter bekend als de vetvogel. Hij vliegt door grotten, wat mij ook prettig tijdverdrijf lijkt.

Ik denk aan de vleermuis die jaren geleden ons hutje binnenvloog in het zuiden van Frankrijk. Ze landde onhandig en verschanste zich achter de chocopot. Ik zag de schrik in haar ogen en voel nog haar knokige zachtheid. Een hoogleraar die luistert naar de naam Thijs Kuiken zegt dat je een vleermuis beter niet met blote handen kunt vastpakken. Ze kan het hondsdolheidvirus bij zich dragen. Het is waar dat ik mij sinds die zomer soms ijl in het hoofd voel.

Natuurlijke vijand van alles

Ik denk aan een andere vleermuis, die onze living binnenzeilde toen we in Dendermonde woonden. Na een ogenblik van verdwazing begon ze sierlijke achten tegen de zoldering te beschrijven. Ze wist instinctief dat het teken van oneindigheid de langste baan in een benepen ruimte is. We doofden de lichten, openden de ramen en trokken ons terug in de keuken. De vleermuis verdween spoorloos in de nacht, zoals sommige vrouwen die ik later ben tegengekomen.

“Veel mensen vinden ze eng”, zegt een ecoloog die luistert naar de naam André De Baerdemaeker. Zelf heb ik een zwak voor geheimzinnige dieren die vooral ’s nachts actief zijn, van de baardvleermuis tot de laatvlieger.

Maar een van die handvleugeligen, meer bepaald de bij ons erg zeldzame hoefijzervleermuis, zou dus de bron zijn van het coronavirus. Zoals wel vaker blijkt de waarheid genuanceerder als je ze tegen het licht houdt. Ik lees hoe mensen de habitat van de vleermuis vernielden en haar op markten verhandelden, op een manier waarmee je vraagt om besmetting. Waar je ook gaat langs de wegen van miserie, altijd kom je de mens wel tegen. Wij zijn de natuurlijke vijand van alles – of het nu de olifant is, de vos, onszelf of de korhoen.

Soms maakt die vaststelling mij korzelig en opstandig. Ik zet dan een duimpje bij iets wat de groot­ouders_­voor_­- het_­klimaat gepost hebben: If animals could SPEAK, mankind would WEEP. Soms zet ik géén duimpje, omdat ik niet houd van hoofdletters en denk dat sommige mensen alleen huilen bij het uien pellen.

De vleermuis, lees ik nog, verlaagt de gevoeligheid van haar oren als de echo te luid wordt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234