Woensdag 16/10/2019

Huawei

De – grote – gevolgen van de doorgesneden banden tussen Google en Huawei

De Chinese techreus Huawei is hard getroffen door de Amerikaanse eis dat bedrijven als Google niet langer ermee mogen samenwerken. Wat rest Huawei? Is er een plan B? Vijf vragen over het laatste hoofdstuk in de Chinees-Amerikaanse tech-oorlog.

Volgens de een betreft het een ordinaire handelsoorlog in een wanhopige Amerikaanse poging de eigen markt te beschermen; volgens de Amerikanen zelf zijn het broodnodige maatregelen om Amerikanen te behoeden voor Chinese overheidsspionage. Hoe het ook zij: de gevolgen van de laatste ingreep zijn verstrekkend.

Wat betekent het voor de consument?

Eerst het geruststellende nieuws. Mensen die nu al een Huawei-toestel hebben, hoeven niet te vrezen voor de veiligheid van hun telefoon, haast Google te verklaren, nadat het bedrijf door de Amerikaanse overheid gedwongen werd alle samenwerking op te schorten. Bestaande toestellen – zoals het recente door critici gewaardeerde topmodel P30 – blijven werken zoals ze dat nu ook doen. Dus met veiligheidsmaatregelen binnen Android en met alle apps van Google, zoals de onvermijdelijke Play Store, maar ook Gmail, Maps, Docs, Google Photo of YouTube. Ook Huawei benadrukt dat klanten met een telefoon of tablet van Huawei of dochtermerk Honor niet hoeven te vrezen dat ze geen updates of ondersteuning meer krijgen vanwege de sancties tegen het bedrijf. 

Voor nog uit te brengen toestellen van Huawei is het een ander verhaal. Die kunnen alleen nog de uitgeklede, ‘open’ variant van Android gebruiken. Extra ondersteuning van Google is er niet meer bij en ook de apps van Google zullen niet langer op die Huawei-toestellen aanwezig zijn. Daarmee is Android feitelijk niet langer een optie voor Huawei: consumenten zouden geconfronteerd worden met gemankeerde smartphones die op geen enkele manier de concurrentie kunnen aangaan met bijvoorbeeld Samsung.

Dus wat kan Huawei nu doen?

De fabrikant is strijdbaar, zoals dat heet. En voorbereid, want dit komt natuurlijk niet uit de lucht vallen. In de consumentenmarkt is Huawei’s afhankelijkheid van Google groot. Huawei zou daarom al jaren in het geheim aan een eigen besturingssysteem werken om Android te kunnen vervangen als de nood aan de man is. Dat bevestigde Huawei-topman Richard Yu afgelopen maart nog eens in een interview met de Duitse krant Die Welt. Dat eigen besturingssysteem ziet de Chinese fabrikant als een ‘plan B’. In een officiële verklaring houdt Huawei zich nog op de vlakte met de verklaring dat het zal doorgaan met het bieden van “een veilig en duurzaam” software-ecosysteem, maar dit plan lijkt nu toch in allerijl uit de kast te moeten worden gehaald. Een eventueel eigen systeem zal dan niet alleen de motor van mobieltjes aansturen, maar ook een eigen app-winkel faciliteren waarvoor apps geschikt moeten worden gemaakt. Als dit alles gaat gebeuren, betekent dit voor Google óók slecht nieuws in de vorm van verminderd marktaandeel en een serieuze concurrent voor Android. 

Hoe staat het met andere beperkingen?

Het gaat niet alleen om Google dat zijn handen gedwongen aftrekt van Huawei. Volgens persbureau Bloomberg staken ook Amerikaanse chipmakers als Intel, Qualcomm en Broadcom met onmiddellijke ingang hun samenwerking met Huawei. De chips van deze fabrikanten worden door Huawei in serverapparatuur gebruikt. In China zou nog een aardige voorraad liggen, maar ook hier moet er voor de langere termijn een eigen alternatief komen. In een interview met de Japanse zakenkrant Nikkei gaf Huawei-oprichter Ren Zhengfei het afgelopen weekend al een voorproefje van de Chinese attitude: Niet het hoofd laten hangen naar de Amerikanen, maar een vlucht naar voren in de vorm van een eigen koers zonder afhankelijkheid van de VS. De oprichter verzekerde dat Huawei steeds meer eigen componenten zal ontwikkelen, om zo minder afhankelijk te worden van buitenlandse leveranciers. Huawei, wereldleider op het vlak van 5G-technologie, koopt jaarlijks voor zo’n 60 miljard euro aan onderdelen bij buitenlandse leveranciers. Daarvan gaat bijna 10 miljard naar Amerikaanse bedrijven, aldus de economische krant Nikkei. Bij zijn smartphone vaart Huawei die koers al langer: hier gebruikt de multinational eigen chips.

Raakt dit handelsconflict andere Chinese fabrikanten?

Vooralsnog is alleen Huawei op de lijst gezet door het Amerikaanse ministerie van Handel. Huawei heeft daarmee overigens niet de primeur: eerder kreeg ZTE al met scherpe maatregelen te maken. Dat geldt – vooralsnog – niet voor andere telefoonmakers als Xiaomi en Oppo (achter Samsung, Huawei en Apple wereldwijd de nummer vier en vijf op de markt voor smartphones).

Wat zijn de gevolgen voor Europa?

De strijd tussen de Chinezen en Amerikanen beperkt zich al lang niet meer tot deze twee mogendheden. Allereerst omdat Europeanen - veel meer dan Amerikanen - in groten getale Chinese smartphones kopen (Huawei, Oppo, Xiaomi) met Amerikaanse (Android) software. Die smartphones staan bekend als kwalitatief zeer goed. De Huawei P30 Pro bijvoorbeeld heeft een camera waarbij de concurrentie – inclusief Apple – het nakijken heeft. Maar ook Europese techbedrijven worden meegesleept. Zo zou ook het Duitse Infineon zijn leveringen van chips aan Huawei hebben opgeschort, schrijft het Japanse zakenblad Nikkei Asian Review op basis van ingewijden. Infineon gebruikt meerdere Amerikaanse onderdelen voor het maken van zijn chips en zou hiermee onder dezelfde regels vallen als Amerikaanse bedrijven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234