Zondag 27/11/2022

seksueel misbruik

Checklist moet valse aangiftes van verkrachtingen ontmaskeren

null Beeld iStock
Beeld iStock

Een valse aangifte van verkrachting onderscheiden van een echte blijkt niet vanzelfsprekend. Daarom ontwikkelde de rechtspsycholoog André De Zutter een checklist voor rechercheurs. "Een echte verkrachting lijkt meestal niet op wat je in kranten en films tegenkomt."

Femke van Garderen

Zijn zedenrechercheurs goed in het onthullen van valse verkrachtingsverhalen? Als je het rechtspsycholoog André De Zutter vraagt, dan zegt hij: nee. De Vlaming heeft zich de afgelopen acht jaar verdiept in zulke verhalen en hoe die te herkennen. Vrijdag rondt hij zijn promotieonderzoek aan de Universiteit van Maastricht af.

Wat hem opviel, is dat zedenrechercheurs zelf wel denken dat ze goed zijn in zulke onthullingen. "'Wij halen er 80 procent uit', klonk het voor mijn onderzoek. Achteraf bleek dat tegen te vallen", zegt De Zutter.

Hij legde tientallen van hen bewezen valse en echte verkrachtingsdossiers voor. "Hun beoordelingen waren niet beter dan die van een groep studenten. Ze konden allemaal evengoed kop of munt gegooid hebben, niemand scoorde beter dan het kansniveau."

Stereotypes

De Zutter besloot daarom een checklist te ontwikkelen waarmee rechercheurs kunnen zien of een verklaring al dan niet betrouwbaar is. Concreet gaat het om twaalf ja- en neevragen. Hij wil ze niet in detail toelichten, omdat dat iemand die een valse aangifte wil doen te zeer zou helpen.

"Maar de essentie is: vrouwen die niet echt verkracht zijn, weten niet hoe een echte verkrachting verloopt. Dat leidt ertoe dat hun verzonnen verhaal op een aantal punten verschilt van een waarachtig verhaal."

De psycholoog heeft het over details die weggelaten worden en stereotypes die opduiken. "Velen gaan uit van een verkrachting zoals je ze in kranten en films tegenkomt. Denk aan: een sadistische en onbekende man die heel snel en met veel geweld een vrouw vaginaal penetreert."

Volgens De Zutter gebeurt zoiets maar heel zelden. "De gemiddelde verkrachting duurt vaak behoorlijk lang, zeker een half uur, en slachtoffers participeren ook om de gevolgen te beperken. De dader is bijna nooit een man in een donkere steeg, maar eerder een bekende."

Een inzicht dat ook helpt bij het inschatten: dat veel verkrachters zich 'pseudo-intiem' en 'pseudo-bezorgd' gedragen. "Een vreemde kronkel in hun hoofd doet hen gedrag stellen dat je niet verwacht bij een verkrachting. Ze vragen bijvoorbeeld of het slachtoffer geen pijn heeft of van hen houdt. Soms verontschuldigen ze zich."

Zelden veroordeling

De Zutter onderzocht ook waarom iemand zou liegen over een verkrachting. Volgens hem gebeurt dat vooral uit 'emotionele winst'. "Ze gebruiken het verhaal als een excuus. Om bijvoorbeeld een buitenechtelijke relatie te verdoezelen." Van een financieel voordeel is volgens zijn onderzoek bijna nooit sprake. "Ook de gevallen van wraak waren beperkt."

De Belgische situatie heeft De Zutter niet onderzocht, maar hij denkt niet dat de inschatting van rechercheurs hier zoveel anders is. Belgische cijfers over valse verklaringen zijn er niet. In internationale onderzoeken wordt gesteld dat 5 tot 9 procent van de verklaringen hieronder zou vallen, stelt de psycholoog.

Dat beaamt Liesbeth Kennes, experte seksueel geweld. "Zuiver zijn die cijfers niet, omdat heel uiteenlopende definities worden gehanteerd. Soms wordt gesproken over een valse verklaring als na een onderzoek blijkt dat de feiten niet juist zijn, maar evengoed gebeurt dat als een slachtoffer zich niet fysiek heeft verzet."

Kennes vindt het belangrijk dat valse aangiftes komen bovendrijven. Maar ze zegt ook dat de kans dat iemand ten onrechte voor een verkrachting wordt veroordeeld klein is. "Tussen 20 en 40 procent van de dossiers wordt geseponeerd en komt niet eens voor een rechter. Als dat wel gebeurt, is er maar zelden sprake van een veroordeling."

Dat betreurt De Zutter. Te veel verkrachters gaan volgens hem vrijuit. "Ik hoop dat mijn onderzoek daar mee verandering in kan brengen." Zijn checklist is volgens hem vooral bedoeld om rechercheurs nieuwe inzichten bij te brengen en hen niet op hun eerste oordeel te laten vertrouwen. "Dat kan leiden tot grondiger onderzoek en tot meer veroordelingen."

Of de rechercheurs in Nederland zijn checklist ook daadwerkelijk zullen gebruiken, weet hij niet. Hij geeft toe dat er een foutenmarge van 9 procent is. "Maar dat is nog altijd beter dan een muntstuk opgooien."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234