Zaterdag 20/07/2019

Interview

Atlete Imana Truyers: "Dankzij mijn smartphone heb ik een warm contact met mijn familie in Rwanda"

Beeld Bob Van Mol

Is een smartphone een spiegel? Strookt het onlineleven nog met de werkelijkheid? Matthias M.R. Declercq gaat wekelijks face to face, over swipen, liken en liegen. Vandaag: hardloopster Imana Truyers (24).

Imana Truyers, de nieuwe Belgische kampioene veld­lopen, ik zie een smart­watch en een smart­phone.

“Tot zover de hoog­technologie.”

Geen apps die je conditie en prestaties becijferen?

“Alle data van mijn trainingen worden doorgestuurd naar mijn computer, niet naar mijn ­telefoon. Ik ben ook niet zo gek op al die cijfers. Ik laat er mij niet door leiden alleszins.”

Mag ik jouw telefoon ­schaamteloos inkijken?

“Doe maar, ik heb geen geheimen. Alhoewel: er zit wel wat bezwarend materiaal in van avondjes uit met mijn vriendinnen.”

Ik vind hier al meteen de voetbal­uitslagen van Erps-Kwerps.

“Haha. Mijn vriend voetbalt bij die ploeg, in tweede provinciale is dat. In het weekend loop ik vaak wedstrijden en dan volg ik op mijn smartphone hoe hij presteert op het voetbalveld.”

Wat is ’Followers’?

“Een app om te zien wie jou ­ontvolgt. Ooit eens als grap gedownload. Op sociale media post ik regelmatig actiebeelden van wedstrijden. Kwestie van mijn fans een beetje te plezieren. Maar ik zie dus ook wie er afhaakt, al heb ik nog nooit iemand gecontacteerd en gevraagd waarom hij me ontvolgt. Dat durf ik niet.”

Jij bent de eerste in deze rubriek die naar Netflix kijkt op de smartphone.

“Ik hou er nochtans van om op de trein gewoon door het raam te kijken. Om de schoonheid van een landschap te zien. Maar als atlete zijn er veel dode momenten. We zijn veel onderweg. Dan is Netflix wel handig. Laatst keek ik naar Icarus, een documentaire over het doping­netwerk in Rusland. Ik wist niet wat ik zag. Echt ­ongelooflijk. Dan bekijk je je Russische tegenstanders toch anders, ook al hebben die atletes misschien helemaal niks ­misdaan.”

Ik zie veel foto’s van Rwandese kinderen. Is de smartphone de toegangs­weg naar je eigen geschiedenis?

“Eigenlijk wel. Ik ben indertijd, net voor het uitbreken van de genocide in Rwanda, door een Limburgse zuster in Kigali op de allerlaatste Sabena-vlucht richting België gezet, als weeskind. Die zuster heeft mijn leven gered, want kort nadien zijn de rebellen het weeshuis waar ik verbleef binnengevallen.

“Hoe ouder ik werd, hier in België, hoe meer vragen ik me stelde over mijn roots in Rwanda. In 2005 heb ik voor het eerst een lange brief geschreven, liet die vertalen naar het Kinyarwanda en verstuurde die naar de provincie­dienst van mijn geboorte­streek. Natuurlijk heeft de smartphone dat proces versneld. Ik kwam per mail in contact met de ­zuster die mij verzorgde in de eerste levens­maanden – mijn mama was gestorven na de geboorte. Die lieve zuster heeft nadien ook mee uitgevlooid waar ik precies vandaan kom en tot welke familie ik behoor.”

Dus de foto’s op jouw Instagramprofiel zijn genomen in je geboorte­streek?

“Ja, onder andere. In 2015 ben ik voor het eerst naar Rwanda teruggekeerd. Mijn Belgische adoptie­ouders waren toen ook mee. Ik kwam er in contact met mijn biologische familie. Dat was een heel waardevolle ­ervaring, maar ook een ­emotioneel zware beproeving. Tegelijk viel er een last van mijn schouders. Eindelijk wist ik waar mijn roots lagen.

“Ik voelde twee keer heimwee. Toen ik in Rwanda arriveerde, had ik ook wat heimwee naar België, en terug in België voelde ik heimwee naar Rwanda. Beseffen wat de genocide heeft aangericht en hoeveel geluk ik had met die laatste vlucht naar België, is zwaar om te dragen.

“Dankzij de smartphone heb ik nog altijd een warm contact met mijn familie ginds. Dan stuur ik via WhatsApp een foto naar de buur van mijn nichtjes. Die buur heeft ook een smartphone en praat Engels. Dan klopt hij aan bij mijn familie, neemt een foto en stuurt die terug. Fantastisch. Die foto’s maken mij gelukkig.”

Ik vind hier ook ‘Thousand Hills of Hope’.

“Dat project is opgestart samen met Golazo, mijn management. We steunen straat- en weeskinderen in Rwanda en proberen hen te helpen met medicatie, voeding, toiletten, sport­materiaal... Ik haal veel voldoening uit dat initiatief.”

En ondertussen werk je op de afdeling kinder­orthopedie van het UZ Leuven. Schiet er nog tijd over in jouw leven?

“Niet veel. Maar ik hou van wat ik doe. Het is boeiend, dus doen we verder!”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden