Donderdag 01/12/2022

AchtergrondVoetbal

Waarom Carl Hoefkens niet juicht bij goals van Club Brugge: ‘Coach zal geen gedrag vertonen dat de spelers negatief kan beïnvloeden’

Carl Hoefkens tijdens de Champions League-wedstrijd tegen Atletico Madrid. Beeld Photo News
Carl Hoefkens tijdens de Champions League-wedstrijd tegen Atletico Madrid.Beeld Photo News

Niet juichen bij de 1-0. Geen krimp bij de 2-0. Hoe doét Carl Hoefkens dat toch? Een mens zou immers denken dat in het heetst van de strijd zelfs de stoïcijnse blauw-zwarte hoek tot leven komt. Niet dus. Waaróm dan niet? Sportpsycholoog Paul Wylleman kent het antwoord.

Sven Spoormakers

Bekijk: Carl Hoefkens houdt het hoofd koel

In de ene hoek - laten we hem de rood-witte noemen - een schijnbaar ongeleid projectiel, stuiterend tussen de lijnen van zijn krap bemeten plekje langs het voetbalveld. Pathos en drama. Armen wijd, ogen vol vuur. In de andere hoek - de blauw-zwarte - schijnbaar een zoutpilaar. Stoïcijnse focus. Slechts af en toe een handgebaar, een opgetrokken wenkbrauw of een kort geblafte aanwijzing. “Elke coach heeft zijn stijl, opgebouwd vanuit zijn ervaring en naar de aard van het beestje: de ene is vol vuur, de andere behoudt de concentratie”, zegt professor sportpsychologie Paul Wylleman (VUB). “Maar wat vooral van tel is: een sterke coach zal nooit gedrag vertonen waarvan hij weet dat het de spelers negatief zal beïnvloeden.”

Een mens zou denken dat in het heetst van de strijd, wanneer de overwinning nabij komt, zelfs de stoïcijnse blauw-zwarte hoek tot leven komt. Dat de vuisten al eens gebald worden bij de zoveelste wereldsave van de keeper. Dat er van vreugde gesprongen wordt bij een goal. Maar niets van dat alles. Geen vonk in zijn ogen die de aandonzende euforie verraadde. Slechts gegesticuleer over de in te nemen posities. Wylleman: “We moeten afzetten van het beeld dat waarnemers - commentatoren, analisten, supporters - van een coach hebben. Wij zien hem alleen tijdens de wedstrijd, en dan nog maar fragmentarisch. Maar de spelers werken elke dag met hem: ze kennen zijn stijl. Omgekeerd ook: de trainer kent zijn spelers en weet wat ze nodig hebben - als team, maar ook als individu. Je weet niet welke afspraken er vooraf zijn gemaakt over hoe de communicatie zal verlopen. Een coach coacht. Hij beleeft de match niet zoals een supporter.”

De spelers vieren met de fans na de 2-0. De coach doet niet mee.
De spelers vieren met de fans na de 2-0. De coach doet niet mee. "Hij beleeft de match niet zoals een supporter.”Beeld ANP / EPA

Denkfout

Het is niet de eerste keer dat Carl Hoefkens, de coach van het elftal dat de voetbalwereld nu al drie matchen op rij met verstomming slaat, daar langs de lijn staat als een onbewogen beweger. En dat in een kolkend stadion, met op zijn gezicht een camera die de beelden rechtstreeks de hele wereld rondstuurt. In Porto scoorde Club Brugge vier keer en geen énkele keer krulden de mondhoeken van de coach omhoog. “Heel bewust. Ik wil me niet verliezen in emoties. Niet in euforie, maar ook niet in ontgoocheling”, zei hij toen na de wedstrijd. Met andere woorden: Hoefkens heeft de bewuste keuze gemaakt om niet te juichen, te lachen en te springen.

En dat, zo zegt professor Wylleman, onderscheidt een gewone coach van een sterke coach. “Een sterke coach is zich op elk moment bewust van het mogelijke effect van zijn gedrag. Hij kan bepalen of emotie tonen een meerwaarde biedt voor de kwaliteit van zijn coaching en het spel van zijn team, of dat het net beter is om in alle omstandigheden dezelfde stijl vol te houden. Er is zo'n oude mythe bij coaches dat je vollédig anders moet reageren om impact te hebben - denk bijvoorbeeld aan de klassieke donderpreek bij de rust. Coaches die dàt doen, maken een denkfout: net door anders te reageren, zal alles stilvallen omdat de automatische patronen verstoord geraken. Spelers zullen onbewust meer bezig zijn met wat er met de trainer aan de hand is en dan loopt het niet goed af.”

Veel sturing

Is de stoïcijnse stijl van Carl Hoefkens dan beter dan het pathos van Diego Simeone? Niet noodzakelijk, dus. Want spelers weten wat voor coach Simeone is; ze zullen niet meer opkijken van wat drama langs de lijn. Het zou Witsel en Carrasco pas verwarren wanneer hun trainer niét rondspringt, zoals het Vanaken en Mignolet helemaal uit hun concentratie zou halen wanneer Hoefkens plots brult en tiert en vloekt.

Dat zowel Simeone als Hoefkens, ondanks hun totaal tegenstellende stijl, topcoaches mogen worden genoemd, zit ‘m volgens Wylleman in een ander element: hun individuele aanpak. “En ook dat zie je als kijker op tv of als supporter in het stadion niet. Een team is nog altijd een verzameling individuen. Een sterke coach weet welke vorm van coaching elk individu nodig heeft en zal dat tijdens de wedstrijd ook bieden. Een ervaren voetballer zal bijvoorbeeld minder functionele coaching over positie en de precieze taken nodig hebben en weet van zichzelf hoe hij met de omstandigheden moet omgaan. Een jonge speler, die wat zenuwen had, zal dan net veel sturing verlangen om de rust te kunnen bewaren.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234