Maandag 06/12/2021

InterviewTomas Van Den Spiegel

Tomas Van Den Spiegel: ‘Volgende winter moeten de eerste stappen naar de cross 2.0 al worden gezet’

Tomas Van Den Spiegel. Beeld Jan De Meuleneir / Photo News
Tomas Van Den Spiegel.Beeld Jan De Meuleneir / Photo News

Disclaimer: het is niet omdat hij zelf geen veldrijder is geweest, dat hij niets van veldrijden kent. Tomas Van Den Spiegel (43) zegt het liever zelf, omdat hij de kritiek nu al voelt komen. Want hij vindt dat de cross aan een grote hervorming toe is. Het moet moderner en professioneler. Hij wil het systeem van startgelden opnieuw bekijken en de kalender is te vol. Want er zijn grenzen aan het plaatselijke enthousiasme, zelfs in Vlaanderen. ‘De concurrentiestrijd om de aandacht van de supporter is nooit groter geweest.’

Je bent naar de Verenigde Staten gereisd voor de Wereldbeker veldrijden. Er was om die drie crossen nogal wat te doen.

Tomas Van den Spiegel: “Ik heb enkel de eerste wedstrijd in Waterloo bezocht. Ik ben op vier dagen over en weer gereisd. Mijn plan was om Fayetteville mee te pakken; dat is omwille van mijn agenda niet gelukt. Het was genoeg om te zien dat cross in de VS op een andere manier wordt beleefd dan hier. Er is een grote community van mensen die naar de wedstrijden komen om in de dagen voor het evenement voor de profs, zelf aan wedstrijdjes deel te nemen.”

“Om dan, zoals Michel Wuyts in de live-uitzending van de profs, te zeggen: ‘Ik zie niemand staan, het is geen succes’, is erg kort door de bocht. Is veldrijden in de VS helemaal anders dan veldrijden bij ons? Heel zeker. Dat is nu de nagel waarop ik voortaan zal kloppen: cross moet zichzelf voor een deel heruitvinden. Cross drijft nu op een soort lokaal enthousiasme, of het nu op onze manier is, dan wel de Amerikaanse manier. Kan dat over vijf jaar op een andere manier vorm gegeven worden? Daar denken we over na.”

“In de VS is er heel veel participatie. In Groot-Brittannië is één lid op twee van de nationale wielerfederatie een veldrijder. Misschien bestaat hier ook wel een participatiemodel dat nog nooit geëxploiteerd is. We zijn de laatste twintig, dertig jaar in Vlaanderen verwend geweest met heel veel toppers en met historisch mooie wedstrijden. Maar de concurrentiestrijd om de aandacht van de supporter is nooit groter geweest dan vandaag. Je moet niet alleen concurreren met andere fietsdisciplines, je concurreert ook met andere sporten en met nieuwe vormen van entertainment. Krijg over vijf jaar iedereen nog maar eens enthousiast om met zijn botten in de modder te gaan staan.”

Jij hebt zelfs geen botten.

“Ik draag liever bottines. En ik heb vorig jaar geen enkele cross gemist. Ik ben gepassioneerd. Want dat krijg je ook: die ex-basketter, wat kent die nu van cross? Maar ik moet geen coureur of veldrijder zijn geweest om te zien wat er nu in het sportlandschap gebeurt. Waar moet ik dan met dit product naartoe? Veldrijden doet het uitstekend op televisie. Daarnaast zijn er nog heel veel mogelijkheden om ervoor te zorgen dat cross ook de komende tien, vijftien jaar overleeft.”

null Beeld Jan De Meuleneir / Photo News
Beeld Jan De Meuleneir / Photo News

We kunnen die Amerikaanse crossen analyseren tot we nog een gram wegen. Maar wat je zegt over Waterloo, dat was er bij de allereerste cross in 2014 in Las Vegas ook al. Dat is sindsdien niet veranderd. Niels Albert zegt: er is in de VS geen honderd man bij gekomen.

“In Waterloo waren 6.000 mensen. Dat is meer dan in heel wat Vlaamse crossen.”

Samengevat kwam de kritiek hierop neer: het is ver reizen naar de VS, renners moeten hun reis zelf betalen, de plek op de agenda is niet goed, als er geen Amerikaanse vedetten zijn is de Amerikaan niet geïnteresseerd. De vraag is dan: waarom moet er in de VS worden gecrosst?

“De Amerikaanse markt is belangrijk. Dat de Amerikaanse Walton-familie met haar supermarktketen Walmart hoofdsponsor is van het WK veldrijden in de VS, betekent dat er een zaadje geplant is daar. Er is ook Trek, een wereldspeler in de fietsenmarkt, dat investeert in veldrijden. We moeten in de toekomst blijven investeren en veldrijden in de VS optimaliseren. Je mag dat niet zomaar weg gooien om de eerste, de beste Vlaamse cross toe te voegen aan de Wereldbeker.”

Worden de Amerikanen warm van Eli Iserbyt, Toon Aerts, Michael Vanthourenhout?

“Wereldkampioene Lucinda Brand, die ook nog voor Trek rijdt, is erg populair in de VS. Sven Nys is nog altijd a legend daar. Ik denk dat Amerikanen supporteren voor iedereen, of het nu Eli Iserbyt dan wel Quinten Hermans is.”

Lucinda Brand. Beeld AP
Lucinda Brand.Beeld AP

Zoals gezegd, veel renners moesten hun trip naar de VS zelf betalen.

“Dat is onderdeel van een veel groter probleem in de cross, namelijk dat er grote nood is aan verdere professionalisering.”

“We hebben teveel crossen, de kalender in Vlaanderen is te vol. Het is niet normaal dat een WB-cross, omdat hij in het buitenland is, moet concurreren met een C2 cross bij ons. We moeten de vertaalslag maken naar een internationaal product, waar meer geld in omgaat dan vandaag, dat competitiever wordt en dat ons toelaat om betere crossen te organiseren. Het systeem zoals het nu bestaat, is niet meer van deze tijd.”

“Ik heb het ook over startgelden. Ik heb als organisator geen probleem om teams te betalen. Hoe hoger de categorie, hoe meer we betalen. Als we willen professionaliseren moeten we een ingenieuzer licentiesysteem hebben, moeten teams duidelijker worden afgelijnd. Vandaag is het net iets te gemakkelijk om een team te starten. En als wij organisatoren de teams beter betalen, moeten teams kijken hoe zij hun renners beter kunnen verlonen.”

“Laat ons vertrekken van een wit blad. Hoe kunnen we teams een aantal haalbare voorwaarden opleggen waardoor ze verder professionaliseren, waardoor renners beter worden ondersteund? Het geld dat vandaag in de cross zit, blijft erin. Er gaat een vorm van professionalisering plaatsvinden die gaat toelaten de cross uit de Vlaamse klei te trekken. Er zit geld in de crosswereld. Alleen wordt dat op een heel ouderwetse manier tussen de soep en de patatten verdeeld.”

Wordt er in de toekomst aan het startgeld van de renners geraakt?

“Dat is nu de eerste reflex die veel renners hebben. Ik zeg: door verdere professionalisering kunnen we meer geld naar de cross halen. Dat geld zal uiteindelijk bij de renners terechtkomen, net zoals dat in het voetbal gaat.”

Er staan 32 klassementscrossen op de kalender: Wereldbeker, Superprestige, X2O. Er zijn het NK, het EK en het WK. Er zijn Ethias crossen en crossen zonder klassement. Het zijn er kortom veel te veel. Maar wie stopt ermee?

“Een lang cyclocross seizoen van september tot de tweede helft van februari heeft zijn bestaansreden. Maar hoe de kerstperiode er bijvoorbeeld uit ziet, dat slaat nergens op. Iedereen zegt: het is de schuld van de Wereldbeker dat er teveel crossen zijn. Wij zijn contractueel verplicht om er veertien te doen, het zijn er zestien. Elke zondag van 10 oktober tot de zondag voor het WK is er een cross om de Wereldbeker. Dat moet in de toekomst niet altijd zo zijn. Maar er zijn de voorbije jaren nog crossen aan de kalender toegevoegd, terwijl men wist dat de Wereldbeker kwam. Waarover gaat dit nog? Er is een overaanbod en in Vlaanderen helemaal.”

“De taart is er, of er nu 25 dan wel 45 crossen zijn. De taart bestaat uit mensen die naar de cross willen gaan, sponsors die in de cross willen zitten, zenders die cross willen uitzenden. We moeten zorgen dat de taart in minder stukjes moet verdeeld worden.”

Eli Iserbyt. Beeld Photo News
Eli Iserbyt.Beeld Photo News

Minder crossen, herziening van het systeem van startgelden, meer professionele teams: wanneer wil je met de hervorming en de nieuwe cross 2.0 klaar zijn?

“Volgende winter moeten de eerste stappen al worden gezet.”

Hoe groot zal de weerstand zijn?

“Die zal er zeker zijn. De veranderingen moeten het veldrijden ten goede komen. Wie mij kent weet dat ik erg met de sport bezig ben, dat ik een grote passie voor wielrennen heb. We moeten er ook niet onnozel over doen. Flanders Classics heeft een investering in het veldrijden gedaan en we moeten die investering ten volle benutten. De competitiviteit in het sportaanbod is erg groot, veldrijden moet zijn streng blijven trekken.”

“De tijd van Sven Nys en Niels Albert, waarin minstens 10.000 tot 12.000 mensen naar elke cross kwamen, keert niet meer terug. We hebben vandaag Mathieu van der Poel, Wout van Aert, Tom Pidcock die de komende jaren nooit meer dan tien tot twaalf crossen in een winter zullen rijden. In de toekomst wordt dat voor andere crossers misschien ook de standaard, dat ze een belangrijker programma op de weg rijden. Neem Thibau Nys, die in enkele maanden ook een goede wegrenner is geworden. Daarom wordt het nog dringender om de cross beter te maken.”

“Met Mathieu, Wout en Tom hebben we vandaag de troeven die het veldrijden een grote internationale uitstraling kunnen geven. Ik wil hun feedback krijgen. Ik luister naar Christoph en Philip Roodhooft, naar Jurgen Mettepenningen en Eli Iserbyt, naar Sven Nys om te weten hoe we dit samen kunnen doen.”

Vandaag in Ruddervoorde en morgen in Zonhoven zijn de eerste Vlaamse wedstrijden om de Superprestige en de Wereldbeker. Ze komen na een covidwinter zonder publiek. Verwacht je dat mensen weer massaal uitlopen voor het veldrijden?

“Moeilijk te voorspellen. Het wordt voor ons ook een spannend weekend. Het publiek kijkt naar het weer, naar het deelnemersveld. Het veldrijden heeft in de covidperiode goed standgehouden. Daar moeten we veel mensen dankbaar voor zijn, dat ze vorige winter blijven organiseren zijn.”

null Beeld Jan De Meuleneir / Photo News
Beeld Jan De Meuleneir / Photo News
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234