Donderdag 22/08/2019

Tour

‘Surfer’ Ewan heeft geen treintje nodig

Caleb Ewan vloert Dylan Groenewegen (r.) met enkele centimeters in Toulouse. Beeld EPA

De kansen werden kleiner, de zenuwen raakten steeds meer gespannen. Caleb Ewan behaalde dan toch die overwinning in een massasprint van de Tour, waar hij zo vurig naar verlangde. Dat maakt ritzege nummer twee voor Lotto-Soudal.

Er was vorig jaar deze tijd heel wat te doen in en om de bus van Lotto. De contractbesprekingen met André Greipel zaten vast. Het was niet alleen een kwestie van geld – Greipel wilde meer dan Lotto bereid was te geven. Het ging ook over de toekomst.

Lotto heeft een traditie als het op sprinten aankomt: 72 overwinningen met Robbie McEwen (2002 tot 2008) en 93 overwinningen voor André Greipel nadat hij in 2011 bij het team arriveerde. McEwen en Greipel waren hun gewicht in goud waard voor de Belgische ploeg. Maar sprinters gaan niet eeuwig mee. Greipel mocht nog wel blijven in de ploeg, maar hij zou voortaan zijn vaardigheden in de sprint moeten gebruiken om de nieuwe aanwinst Caleb Ewan aan overwinningen te helpen.

Greipel vertrok naar het Franse Arkéa, waar hij wel nog goed geld kon verdienen. De toenmalige CEO Paul De Geyter werd verweten dat hij het dossier slecht had afgehandeld. Het werd De Geyter mee aangerekend toen hij enkele maanden later werd ontslagen als grote baas van de Lotto-wielerploeg.

Roger Kluge omhelst zijn kopman na de rit. Beeld BELGA

Nu zijn we een jaar later en de keuze voor Ewan is de goede geweest. Greipel won dit jaar een rit in La Tropicale Amissa Bongo en gisteren in de massasprint finishte hij op plaats 36. Ewan stond tot gisterenmorgen bij de start in Albi op vijf overwinningen voor Lotto: hij won in de UAE Tour, de Ronde van Turkije en de ZLM Tour en vooral twee ritten in de Ronde van Italië.

Maar in de Tour de France wilde het voorlopig niet lukken. Ewan werd een keer tweede en drie keer derde. “Ik vond het vreselijk dat ik in Brussel niet kon winnen", vertelde hij. “Ik weet hoe belangrijk dat is voor een Belgische ploeg.” 

Op de rustdag in Albi had hij een gesprek met zijn ploegleider Marc Sergeant. “Dat doet hij wel vaker en dan zijn we snel een uurtje bezig", zegt Sergeant. “Niet dat hij aan zichzelf twijfelde, maar hij wilde wel weten of wij content van hem zijn. ‘Natuurlijk’, heb ik geantwoord. We zijn nog maar aan het begin van onze samenwerking en hij heeft nu zes keer gewonnen in de WorldTour. Ik speel dan een beetje psycholoog.”

In het wiel van Groenewegen

Er kan misschien nog twee keer worden gesprint in deze Tour. Het moest gisteren dus gebeuren voor Ewan en het gebeurde ook.

Liever dan het wiel van een ploegmaat te volgen, kiest Ewan voor het wiel van een tegenstander. In Toulouse was dat het wiel van Dylan Groenewegen, waar hij anderhalve kilometer aan bleef kleven, voor hij hem met een paar centimeters klopte. “Hij hoeft geen echte trein in de klassieke zin van het woord”, zegt Jasper De Buyst, een van zijn vaste lead-outs. “Hij wil gewoon dat we hem in het juiste wiel afzetten. Liefst zo diep mogelijk in de finale natuurlijk, dan is er minder kans dat er nog iets verkeerd kan lopen.”

Hij surft vliegensvlug van wiel naar wiel, weet Sergeant. “Ewan heeft niet veel plaats nodig en heeft altijd overzicht. Op dat vlak doet hij heel erg aan Robbie McEwen denken. Straf om te zien hoe hij in zijn eentje zijn weg zoekt.” Ewan wil vooral zijn ploegmaats niet teleurstellen, daarom zoekt hij liever zijn eigen weg. Hij is bij de drie snelste sprinters in de Tour en bij de vijf beste sprinters in de wereld. Maar hij is nog niet de baas. Als hij dat ook nog voor elkaar krijgt, dan zullen er ongetwijfeld nog veel overwinningen volgen voor Lotto.

Ewan rekende vooral op de formatie van Jumbo-Visma. Beeld Photo News

“Als kind droomde ik er al van", zei Ewan na de rit. “Ik geloof niet dat ik veel gelukkiger kan zijn. Dit is waarom ik wielrenner ben geworden. Dit is waarom ik van Australië naar Europa ben verhuisd toen ik nog maar 20 was. Ik maak mijn droom waar.”

Als het van Ewan afhangt, blijft het niet bij deze ene overwinning. “Ik ga nu niet stoppen. Er zijn nog twee kansen. Ik wil winnen op de Champs-Elysées, dat is het hoogste wat je als sprinter kunt bereiken. Ik ben blij dat ik die eerste overwinning beet heb. Straks komen de bergen eraan. Ik wilde het gewicht van de gemiste kansen niet over de bergen meeslepen. Dat ik maar derde en tweede was geworden, daar zou ik bij elke beklimming aan gedacht hebben. Ik hoop dat ik met redelijk goede benen over de Pyreneeën en de Alpen geraak. Mentaal wordt het nu veel gemakkelijker voor mij.”

Geen alleenheerser

Vier sprints gereden en kijk: de buit is mooi verdeeld. Viviani in Nancy, Sagan in Colmar, Groenewegen in Chalon-sur-Sâone en Ewan in Toulouse. Met enige goede wil kun je daar ook Teunissen in Brussel en Van Aert in Albi aan toevoegen. De spurtmonopolies zijn er nu al voor het tweede jaar op rij uit. 

Tom Steels, ploegleider van Deceuninck-QuickStep, zegt te weten waarom. “De topsprinters zijn aan elkaar gewaagd. Veel, zo niet alles, hangt samen met het parcours. Ga maar na: sommige sprints werden met hooguit dertig, veertig renners gereden of verliepen op een atypische manier. Omdat, zoals hier, een of ander klimmetje diep in de finale altijd wel een aantal toppers dood deed of op zijn minst 5 procent energie wegvrat. Voor types als Groenewegen en Viviani is dat nefast. Groenewegen is op papier de allersnelste van het pak. Viviani is de taaiste en slimste. Maar die loodzware eindfases sloopten hen tot dusver meer dan we allemaal denken.” (BA/MGJDK)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden