Woensdag 05/10/2022

AnalyseWielertalenten

Snel toeslaan is het devies in de jacht op de volgende Pogacar

William Junior Lecerf (19) rijdt volgend jaar voor de opleidingsploeg van QuickStep, tot onvrede van Lotto. Beeld GEERT TRESIGNIE
William Junior Lecerf (19) rijdt volgend jaar voor de opleidingsploeg van QuickStep, tot onvrede van Lotto.Beeld GEERT TRESIGNIE

Het verhaal van belofte William Junior Lecerf is niet fraai: buitengegooid bij Lotto-Soudal omdat hij volgend jaar naar de opleidingsploeg van QuickStep trekt. Er woedt een felle strijd in het wielrennen om de jonge talenten.

BA

Ploegen die elkaar in snelheid proberen te pakken in hun zoektocht naar young potentials: in de koers is het dagelijkse kost. Makelaar Dries Smets is geen betrokken partij in het dossier-Lecerf, maar herkent het patroon. “Ze hopen allemaal dat ze de nieuwe Evenepoel of de nieuwe Pogacar ontdekken. Ze zijn allemaal op zoek naar het volgende wonderkind.”

Met meer dan zestig Belgische en internationale renners in zijn portefeuille is Smets met zijn bureau Squadra Sports de grootste wielermanager van ons land. Hij zit al meer dan vijftien jaar in het vak en hoeft maar naar zijn klantenbestand te kijken om te zien dat er iets aan het veranderen is: ongeveer 15 procent van de jongens die hij begeleidt is jonger dan 23 jaar.

“Vroeger werd je profrenner op je 22ste of 23ste, vandaag zijn contracten voor een 18-jarige geen uitzondering meer”, zegt Smets. “De beste dertig junioren van Europa hebben bijna allemaal een manager.”

Tests en wattages

Ze worden lang niet allemaal op die vroege leeftijd prof, maar ook als belofte of zelfs jeugdrenner zijn ze een interessante investering voor de grote ploegen. “Iedereen is op zoek naar de kopmannen van de toekomst”, legt Smets uit. “Dankzij de wetenschappelijke benadering en de enorme hoeveelheid data kun je veel sneller inschatten wat het potentieel van een renner is. Als de tests en de wattages goed zijn, is het niet zo’n heel groot risico om een jonge renner een contract te geven.”

Jeugdrenners worden ook veel beter begeleid. Vandaag zijn ze op hun achttiende halve of zelfs hele profs. Tom Boonen vertelt altijd dat hij op die leeftijd nog speelde en heel veel op gevoel deed. Smets ziet één nadeel: “Ik vermoed dat carrières daardoor minder lang zullen duren. Koersen tot 35 of zelfs 40 jaar zal steeds meer uitzondering worden.”

Voor de teams is snel zijn dus de boodschap. Daar liep het deze week mis bij Lotto. De ploeg dacht met Lecerf een nieuw goudhaantje in handen te hebben, maar de onderhandelingen lieten te lang op zich wachten. Lotto liet zich de kaas van het brood eten. Ook jongens als Laurens De Plus, Ilan Van Wilder en Henri Vandenabeele kozen in het verleden onverwacht voor een andere toekomst.

Jonge renners krijgen dan wel sneller een contract, de prijzen vallen mee. Het is in ieder geval niet zoals in het voetbal, waar soms exuberante bedragen worden betaald voor jeugdspelers. “De twee sporten verschillen wezenlijk”, zegt Smets. “In het voetbal kun je geld verdienen aan jonge spelers door ze te verkopen, in het wielrennen bestaat dat niet.”

Langere sponsordeals

Dat de war on talent de jongste jaren fel is toegenomen, heeft volgens Smets rechtstreeks te maken met de nieuwe sponsorcontracten. “Vroeger liepen die gemiddeld over twee jaar, vandaag zie je sponsors die zich voor vijf jaar of langer engageren. Sky was eerst, daarna kwamen UAE en Bahrain, ondertussen zie je het bij steeds meer ploegen. Daardoor kunnen zij ook langere contracten aan renners aanbieden. Dat maakt het nog belangrijker om als eerste die goede jonge renner vast te leggen. Vroeger kwam die na twee jaar opnieuw op de markt en had je een kans. Maar in het geval van Ayuso (Spaans toptalent van UAE, BA) moet je nu al zes jaar wachten, voor Evenepoel en Pogacar moet je vijf jaar geduld hebben.”

Smets ziet de strijd om de prille talenten niet snel afnemen. “Ik herinner me dat Skil-Shimano een van de eerste ploegen was die intensief ging scouten bij de jeugd en jonge kerels gericht een contract ging aanbieden. Ik denk dan aan Kittel, Dumoulin en Barguil. Als concurrent kun je dan niet achterblijven.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234