Zondag 20/09/2020

WielrennenTour de France

Liefst 22 keer klinkt ‘chute’ over de koersradio

Hugo Hofstetter raapt zijn fiets op na een valpartij tussen Millau en Lavaur.Beeld AFP

In het licht van de veiligheidsdiscussie in het wielrennen is het interessant om bij te houden hoeveel er gevallen wordt en wat de gevolgen zijn. Wat blijkt: vooral de onachtzaamheid van de renners zelf is doorslaggevend.

Hugo Hofstetter had de zinderende eerste koershelft in de eerste groep overleefd, maar op een onbewaakt ogenblik tikte hij het voorwiel van zijn voorganger en belandde op het asfalt. Zijn broek opengescheurd, zijn bil ontveld. Hij kon nog aansluiten en sprinten naar de zevende plaats, maar het had heel anders kunnen aflopen.

Al treft de organisator ASO meer veiligheidsmaatregelen dan menig andere wedstrijd, toch gaat het in de Tour vaak mis. In de eerste week was het woord ‘chute’ 22 keer over de koersradio te horen. Vooral de openingsrit liet zien dat een organisatie niet alles in de hand kan hebben. Na de eerste massale crash, die werd veroorzaakt door een fan, waren het de weersomstandigheden die het gevaarlijk maakten.

Wegen die al maanden in de mediterrane zon hadden liggen sudderen in stof, olie en rubber veranderden door een simpele regenbui in schuimende zeepbanen. Maar liefst negen keer ging het door de regen verkeerd.

Rafael Valls verdwijnt met een gebroken dijbeen naar het ziekenhuis in Nice.Beeld Pool via REUTERS

De gladheid vergrootte het gevaar bij punten die altijd al riskant zijn: versmallingen, chicanes en scherpe bochten. Niet voor niets neutraliseerde het peloton de koers. Het kwaad was toen al geschied voor Philippe Gilbert, die zijn knieschijf brak, en diens ploegmaat John Degenkolb, die zoveel last van zijn val ondervond dat hij te laat over de finish kwam. 

Toen het peloton daarna weer in gang was geschoten voor de eindsprint ging het mis op drie kilometer voor de finish. Het voornaamste slachtoffer was Rafael Valls, die met een gebroken dijbeen de koers moest verlaten.

Aangereden door teamauto

De ziekenboeg was na die eerste rit overvol. Meer dan dertig renners hadden in meer of mindere mate averij opgelopen. Zoals Wout Poels, die met een gebroken rib en longklachten toch weer opstapte. Of André Greipel, die vier hechtingen nodig had om verder te kunnen.

Gevaarlijk bleek ook de karavaan met auto’s achter het peloton. Toen Anthony Perez in de derde etappe na een lekke band vlak achter zijn ploegleiderswagen reed, ging het mis. Om een blinde bocht bleken andere teamauto’s stil te staan, Perez’ ploegleider moest afremmen en de renner zelf klapte tegen de auto en een rotswand. Hij viel uit met gebroken ribben en een klaplong. De bolletjestrui kon hij vergeten.

Meer nog dan de karavaan, obstakels of andere externe factoren bleken renners vooral zelf schuld te hebben aan valpartijen. Dat was bij negen van de twaalf tuimelingen na die eerste regenrit het geval. Tom Dumoulin die in etappe twee omkeek en over het wiel van Michal Kwiatkowski kukelde bijvoorbeeld, of Tiesj Benoot die te hard een bocht instuurde en tegen de vangrail vloog in de vierde rit.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234