Vrijdag 23/07/2021

InterviewHernán Losada

‘Ik, de meest begeerde vrijgezel van Antwerpen? Ik ben getrouwd met het voetbal’

‘Dat ik een intellectueel lijk met mijn bril en grijns? Ik heb nóóit de intentie om arrogant te zijn. Als ik zo overkom, zou ik dat erg jammer vinden.’ Beeld Geert Van de Velde
‘Dat ik een intellectueel lijk met mijn bril en grijns? Ik heb nóóit de intentie om arrogant te zijn. Als ik zo overkom, zou ik dat erg jammer vinden.’Beeld Geert Van de Velde

‘Op het Kiel is ’t carnaval,’ zingen de supporters van Beerschot. En hoewel het bijna Kerstmis is, hebben ze nog gelijk ook: geen stadion waar dezer dagen meer spektakel te beleven valt. Het brein achter die karrenvracht aan doelpunten is de Argentijnse clublegende Hernán Losada (38), een atypische coach die houdt van mediteren en filosoferen. ‘Ik, de meest begeerde vrijgezel van Antwerpen? Nee, ik ben getrouwd met het voetbal.’

Na Vincent Kompany ben jij de jongste trainer in onze hoogste voetbalklasse.

Hernán Losada: “Klopt, maar ik heb me heel goed voorbereid op deze kans. Als voetballer bekeek ik het leven vroeger dag per dag. Carpe diem! (lacht) Maar toen ik in 2015 terugkeerde naar Beerschot, besefte ik dat ik niet moest wachten tot de dag dat mijn lichaam zei dat het genoeg was geweest, om me dan af te vragen: wat nu? Ik besliste dat ik me zou voorbereiden op de volgende fase van mijn carrière. In mijn laatste vier jaar als speler heb ik alle trainerscursussen gevolgd. Toen ik stopte, was ik 36 en ben ik coach van de beloften geworden. Ik kreeg er de vrijheid om alles wat ik had geleerd uit te proberen: met drie of vier verdedigers spelen, druk naar voor zetten, inzakken, de bus parkeren. Die ervaring was van goudwaarde en is de perfecte leerschool geweest.”

De leerschool die Vincent Kompany overgeslagen heeft?

Losada: “Ik kan me voorstellen dat het niet evident is om zonder ervaring als coach in het vak te stappen, zeker bij een grote club als Anderlecht. Vincent heeft een enorme ervaring als speler, hij heeft een WK gespeeld en bij Manchester City met Pep Guardiola gewerkt. Maar geloof me: als coach is alles anders. Ik heb slechts anderhalf jaar de beloften gecoacht, maar het wordt een stuk makkelijker als je beslissingen kunt nemen op basis van zelfs maar dat kleine beetje ervaring.”

Je bent iemand die hongert naar kennis, hoor ik.

Losada: “Eén van mijn grootste kwaliteiten is dat ik nooit denk dat ik alles weet. Ik ben erg sociaal en leer graag bij van anderen. Ik heb de waarheid niet in pacht: zoals er veel wegen naar Rome leiden, zijn er ook veel manieren om een wedstrijd te winnen.

“Ik ben ook geen coach die, zoals trainers vijftig jaar geleden deden, zegt wanneer je naar links of naar rechts moet lopen – het is geen PlayStation. Ik reik oplossingen aan op training, maar tijdens de match is het aan de spelers. Alleen zo krijg je ze op één lijn en kun je resultaten boeken.

“Ik heb in mijn carrière wedstrijden gespeeld waarin van mij dingen werden gevraagd waarvan ik dacht: fucking hell! Als je iets doet omdat de coach het je verplicht en niet omdat je er zelf in gelooft, lukt het niet.”

Toen jou voor de start van het seizoen in Extra Time naar je grote voorbeeld werd gevraagd, noemde je je landgenoot Marcelo Bielsa, de coach van Leeds United.

Losada: “Ik ben superfan van Bielsa. Van zijn discipline en zijn passie. Ze noemen hem El Loco (Spaans voor gek, red.), omdat hij zo’n controlefreak is.”

‘Een psychopaat’, zei je in de uitzending. Wilde je daarmee ook iets over jezelf zeggen?

Losada: “Hopelijk niet! (lacht) Extremen zijn nooit goed. Laat het ons erop houden dat ik toen niet het juiste woord heb gebruikt. Maar het gevoel alles onder controle te willen hebben, dat herken ik wel.”

Er zijn drie Argentijnse coaches actief in de Europese hoogste divisies. ‘Bielsa en ik hebben al kampioen gespeeld, en Diego Simeone kan de Champions League nog winnen met Atlético Madrid’, zei je gekscherend, aangezien je kampioen speelde in 1B.

Losada (lacht): “Voor alle duidelijkheid: ik ga me nooit met Bielsa of Simeone vergelijken. Om op hun niveau te komen, moet ik nog veel boterhammen eten. Maar net als Beerschot is Leeds een ploeg met een grote geschiedenis, die van ver is teruggekomen. Mijn uitspraak was er één van trots, met een vleugje humor. Ik heb al gemerkt dat Belgen dat soms niet doorhebben.”

MEDITEREN

Iets waar jij erg in gelooft, is de kracht van visualiseren.

Losada: “Ken je het boek The Secret? Dat gaat erover dat je in je hoofd beelden creëert van situaties vóór ze gebeuren. Dat herhaal je zo vaak tot je gelóóft dat ze ook echt gaan gebeuren. Uiteindelijk gebéúren ze ook. Ik zie je lachen, je denkt nu vast dat ik gek ben. Maar het is me al meermaals overkomen. De eerste keer toen ik mijn eerste doelpunt voor Independiente in de eerste klasse van Argentinië maakte. Ik was 21 en vóór ik trapte, had ik het doelpunt al gezien. Heel raar. De laatste keer was bij de promotie met Beerschot. In mijn hoofd had ik me al zo vaak met die beker in de lucht gezien, dat ik wíst: het gaat mij lukken.”

Dan weet je wat je te doen staat: heel hard dromen dat je trainer van Barcelona wordt.

Losada (lacht): “Het moet wel een béétje realistisch blijven.”

Je mediteert ook.

Losada: “Mediteren helpt me om mijn hoofd leeg te maken, want soms komen er te veel indrukken op me af. Vijf à zes minuten, meer hoeft het niet te zijn. ’s Morgens als ik wakker word en ’s avonds voor ik ga slapen. Dan probeer ik aan niets te denken en mijn aandacht op mijn ademhaling, mijn buik en het hier en nu te vestigen.

“Veel spelers tuimelen na hun carrière in een zwart gat of lopen tegen een depressie aan. Dat moment wilde ik voor zijn door mijn agenda zo vol mogelijk te proppen. Geen enkele vrije minuut wilde ik hebben, in de hoop dat ik zo het voetballen niet zou missen. Ik was beloftencoach, assistent van de eerste ploeg, volgde trainerscursussen, deed ook scouting en was met mijn stichting bezig. Veel te veel, maar dat besefte ik niet. Tot mijn lichaam protesteerde: ik sliep moeilijk en kreeg paniekaanvallen. Mijn vrienden waarschuwden me: ‘Je moet gas terugnemen.’ De dokters stelden een kleine burn-out vast en adviseerden me onder meer om te mediteren. Via filmpjes op YouTube leerde ik hoe ik mijn ademhaling onder controle kon houden.”

Hoe moet ik me zo’n paniekaanval voorstellen?

Losada: “Dat ik hier met jou zit te praten, maar alle geluiden rond ons zo hard bij mij binnendringen dat ik alle controle over mijn focus verlies en mijn systeem niet meer de baas ben. Dan ga je panikeren.

“Mediteren en visualiseren hebben me geholpen om dat te overwinnen. Maar ook om positief te denken: het is beter om het glas halfvol te zien. Ik ben erg kritisch voor mezelf, maar als je daarin overdrijft, vergeet je het goeie te zien. Neem nu mijn jaren bij Anderlecht. Ik was er met grote verwachtingen naartoe gegaan, maar heb die niet kunnen inlossen. Dat heeft toen van mij een erg negatief persoon gemaakt: tegenover mezelf, tegenover mijn ex-vrouw, tegenover iedereen.”

Je had twee seizoen de pannen van het dak gespeeld bij Germinal Beerschot toen Anderlecht je in 2008 aantrok.

Losada: “Het werd een mindere periode in mijn leven, maar wel één waaruit ik veel geleerd heb. Misschien was ik niet goed genoeg, dat kan, maar vooral de timing was slecht. We grepen meteen naast de kwalificatie voor de Champions League (tegen BATE Borisov, red.) en dat was niet voorzien. Plots zaten we met een veel te grote kern. Van dé ster bij Beerschot werd ik een speler die vaker niet dan wel speelde. Ik werd ongeduldig en in plaats van een tandje bij te steken, wees ik met een beschuldigende vinger naar anderen. Maar goed, ik was 26 en nog niet volwassen genoeg. Mocht het allemaal te herdoen zijn, zou ik het anders aanpakken.”

Er is toen gezegd dat je te braaf was op het veld, en te lief als mens.

Losada: “Voetbal is een harde wereld, dus moet je zelf soms hard zijn als je wilt slagen. Dat heb ik toen ontdekt.

“Ik ben voor de spiegel gaan staan en heb tegen mezelf gezegd: ‘Besef jij wel hoeveel geluk je hebt dat je met je passie je geld kunt verdienen?’ Ik heb geleerd dat een positieve ingesteldheid de enige manier is om uit zo’n moeilijke periode te raken. Ondertussen is het een lifestyle geworden.”

‘Ik ben geen coach die zegt wanneer je naar links of naar rechts moet lopen – het is geen PlayStation. Ik reik oplossingen aan, maar tijdens de match is het aan mijn spelers.’ Beeld Photo News
‘Ik ben geen coach die zegt wanneer je naar links of naar rechts moet lopen – het is geen PlayStation. Ik reik oplossingen aan, maar tijdens de match is het aan mijn spelers.’Beeld Photo News

Aan negativiteit nochtans geen gebrek in de wereld van vandaag.

Losada: “Dat komt omdat iedereen kritiek kan geven op iedereen door – en ik ga het zeggen zoals het is – die fucking sociale media! Ik ben ze echt kotsbeu. Mensen hebben tegenwoordig over alles een mening. En ze communiceren amper nog met elkaar. Alles wordt gezegd met een bericht via WhatsApp, Instagram of Facebook. Het sociale leven is helemaal naar de kloten, ook vóór corona al.

“Toen ik jong was, bestond er geen gsm, maar wel nog echte vriendschap. Ik kon niet wachten tot ik in het weekend met mijn vrienden kon gaan voetballen in het park. Nu komen ze samen in een virtuele wereld en spelen ze daar op de PlayStation. Het gevolg is dat we steeds meer beginnen te denken als individuen, en veel minder als groep of als samenleving. Daarom ook is de rol van een coach, net als die van een regering, oneindig veel belangrijker geworden. Onze job is het mensen samen brengen – mensen die het niet meer gewoon zijn om samen te zijn.”

Hernán Losada for president!

Losada (lacht): “Het internet is een geweldige ontdekking, maar heeft ook veel van ons afgepakt. Achteraf bekeken zijn er meer nadelen dan voordelen. Zonder het internet zou ik niet zoveel contact kunnen hebben met mijn familie in Argentinië, dat klopt, maar het heeft er ook voor gezorgd dat iedereen op z’n eigen eilandje zit. ‘Ik zorg voor mezelf en als ik het goed heb, interesseer jij me niet meer.’ Terwijl we er voor elkaar zouden moeten zijn als we het moeilijk hebben.”

Ben je daarom met je stichting Football Changes Lives begonnen?

Losada: “Onder andere. Ik wilde ook iets teruggeven aan Antwerpen en België: vanaf de eerste dag heb ik me hier thuis gevoeld. Maar een voetbalcarrière is niet voor ieder kind weggelegd. Niet iedereen kan zich het lidgeld en een paar schoenen veroorloven. Voor die kinderen wilde ik iets opbouwen dat gratis is. Het voetbal is een goeie leerschool, het brengt mensen samen en kinderen maken er vriendjes. Dat kan hen helpen in het dagelijkse leven. Elke woensdag- en vrijdagnamiddag geven we anderhalf uur training aan 25 jongens tussen 8 en 13 jaar. In het begin heb ik veel van die trainingen zelf gegeven, maar daar heb ik het nu te druk voor. Vrijwilligers hebben het van mij overgenomen.”

Steek je er zelf geld in?

Losada: “Aanvankelijk wel. Ik kocht het materiaal – ballen, kegeltjes, hesjes – en ging naar de supermarkt om water en fruit. Gaandeweg zijn we er door mijn naam en reputatie in geslaagd om sponsors aan te trekken, en ook de stad steunt ons. Van KVC Hoboken mogen we een veld gebruiken.”

Veel voetballers die het maken, denken dat ze het helemaal zelf verdiend hebben door hun harde werk. Ze vergeten dat geluk vaak de doorslaggevende factor is.

Losada: “Veel mensen denken dat voetballers niet veel doen in verhouding tot wat ze verdienen. Geloof me, dat is niet zo. Je kunt talent hebben, maar zonder discipline zal het er niet uitkomen. Ik was lang onderweg naar de trainingen en daarna moest ik nog studeren, want daar stonden mijn ouders op. Ik miste verjaardagsfeestjes en familiemomenten, en in het weekend, wanneer mijn vrienden uitgingen, kroop ik vroeg in bed om fris te zijn voor de match.

“Ik hoef dit niet te doen, maar ik doe het graag: het geeft me een goed gevoel. Eens ik prof was, stond alles altijd voor mij klaar. Ik trainde en ging weer naar huis. De rest van de dag was ik vrij. Veel spelers gebruiken die tijd niet, terwijl ze anderen zouden kunnen helpen. Clubs zouden meer initiatief moeten nemen om hun spelers te verplichten zich maatschappelijk te engageren.”

'Om na mijn spelers­carrière niet in een zwart gat te vallen, propte ik mijn agenda eivol. Het was te veel: ik kreeg een burn-out en paniekaanvallen' Beeld Geert Van de Velde
'Om na mijn spelers­carrière niet in een zwart gat te vallen, propte ik mijn agenda eivol. Het was te veel: ik kreeg een burn-out en paniekaanvallen'Beeld Geert Van de Velde

DIEGO MARADONA

Je bent opgegroeid in Buenos Aires. Hoe was dat?

Losada: “Ik had niets te veel en niets te weinig. We waren een middenklassegezin. Mijn papa werkte voor een verzekeringsbedrijf, tot hij ontslagen werd en met een eigen zaak begon. Hij is ondertussen met pensioen, maar samen met mijn mama verhuurt hij tijdens de zomer nog altijd appartementen in Cordoba – de Argentijnse zomer duurt van december tot de paasvakantie. Mijn mama is altijd thuis gebleven voor mij en mijn jongere broer Martin. Ik heb haar karakter: zij schuwt de confrontatie niet en zal je altijd rechtuit haar gedacht zeggen. Van mijn papa heb ik de discipline en het doorzettingsvermogen. Hij is diplomatischer dan mijn mama en zal altijd op een rustige manier naar een oplossing zoeken.

“Mijn ouders waren redelijk streng: studies waren belangrijk. Zij zijn het ook die me al vroeg gepusht hebben om een tweede taal te leren. Wellicht wisten zij toen al dat ik die ooit nodig zou hebben (lacht). In elk geval: dat ik Engels kon, is voor mij de sleutel geweest om te slagen in Europa. Daar zal ik mijn ouders eeuwig dankbaar voor blijven. Trouwens, ze missen geen enkele match van Beerschot. Ook mijn broer niet: ik hoor hem dagelijks.”

Klopt het dat je ook orgel en piano hebt gestudeerd?

Losada (knikt): “Met een beetje oefening zou ik het misschien nog kunnen, maar het is lang geleden. Nu heb ik een gitaar en pluk ik soms wat bekende liedjes van YouTube. Alleen: ik heb er het geduld niet voor. Toch zou ik het graag kunnen, zoals mijn broer: hij heeft in verschillende bandjes gespeeld.

“Ik heb van veel sporten geproefd. Taekwondo, bijvoorbeeld. Op zeker ogenblik heb ik zelfs getwijfeld of ik voor een tenniscarrière zou gaan.”

Door je achtergrond, stijlvolle voorkomen en – niet te vergeten – je bril, lijk je wel een in het voetbal verdwaalde intellectueel. Met je eeuwige grijns oog je zelfs een tikje superieur.

Losada (lacht): “Echt? Ik heb nóóit de intentie om arrogant te zijn. Als ik zo overkom, zou ik dat erg jammer vinden.”

Het voetbal was voor jou en je familie geen reddingsboei uit de armoede?

Losada: “Die druk en verantwoordelijkheid heb ik inderdaad nooit gevoeld.”

Diego Maradona wel.

Losada: “Carlos Tevez ook, en Riquelme. Véél bekende Argentijnse spelers komen uit arme families. Zij moesten niet alleen voor zichzelf zorgen, maar ook nog eens voor de rest van de familie.

“De wijk waar ik ben opgegroeid – Barracas – ligt dicht bij de wijk waarin La Bombonera ligt, het stadion van Boca Juniors. Ook de stadions van Racing en Independiente zijn niet ver. Het voetbal leefde er enorm. Op elk plein, in elk park, overal werd er gevoetbald. Vier bomen of vier stenen, meer hadden we niet nodig voor twee doeltjes en een matchke. Hadden we geen bal, dan draaiden we enkele sokken in elkaar en we waren vertrokken. Als ik op mijn 16de mocht kiezen tussen afspreken met een meisje of gaan sjotten met mijn vrienden, koos ik altijd voor het tweede.”

Ken je de wijk waarin Maradona is opgegroeid?

Losada: “Nee. Villa Fiorito is een favela. Ik ben er nooit geweest.”

Hij is de armoede ontvlucht.

Losada: “Dat verklaart ook zijn latere leven. Ineens ben je bekend en verdien je veel geld. Plots cirkelen er een heleboel mensen rond jou, niet altijd met de beste bedoelingen. Ik heb een opvoeding gehad die me weerbaar heeft gemaakt. Dat geluk heeft Maradona niet gehad.”

In een interview drie jaar geleden noemde je Lionel Messi de beste Argentijnse voetballer aller tijden.

Losada: “Echt?! Ik moet een wel erg slechte dag gehad hebben toen (lacht). Het is onmogelijk om een speler uit de jaren 80 te vergelijken met een speler die nu actief is, maar in Maradona’s tijd was alles toch veel moeilijker. Napoli was een klein ploegje uit het zuiden van Italië, dat moest opboksen tegen de grootmachten Juventus met Platini en het Milan van Gullit en Van Basten. Toch maakte Maradona Napels twee keer landskampioen en wonnen ze een Europese beker. Maar dé reden waarom zoveel Argentijnen Maradona vereren, is dat hij Argentinië in 1986 de wereldbeker heeft bezorgd. Dat gaf hem de status van superheld en heeft ervoor gezorgd dat zijn band met het Argentijnse volk veel sterker is dan die van Messi. Messi heeft veel minder bereikt voor Argentinië.”

Zodra hij zijn favela verliet, was Maradona een vogel voor de kat. Wellicht is het geen toeval dat hij beter aardde in het ook door de maffia geregeerde Napels dan in het meer burgerlijke Barcelona.

Losada: “Is dat zijn fout? We mogen Maradona er niet op afrekenen dat hij niet dezelfde kansen heeft gehad als jij en ik. Trouwens, hij was slimmer dan jullie denken. De échte Maradona, die uit zijn beginperiode, had een goed hart. Pas later is zijn persoonlijkheid, door slechte invloeden, veranderd. Dat beeld is bij jullie blijven hangen, maar doet hem oneer aan.”

‘Profspelers hebben veel vrije tijd, maar de meesten doen er niets mee. De clubs zouden hen moeten verplichten om zich maat­schappelijk te engageren en anderen te helpen.’
 Beeld Geert Van de Velde
‘Profspelers hebben veel vrije tijd, maar de meesten doen er niets mee. De clubs zouden hen moeten verplichten om zich maat­schappelijk te engageren en anderen te helpen.’Beeld Geert Van de Velde

Heb jij altijd geweten dat je voetbaldroom je naar Europa zou brengen?

Losada: “Voetballen in Europa is de droom van élke Argentijn. Mijn eerste buitenlandse ervaring heb ik opgedaan in Chili. Voor het eerst was ik weg van mijn familie en moest ik voor mezelf zorgen. Dat was moeilijk, zeker omdat ik ook nog eens vaak geblesseerd was en weinig speelde. Toen Germinal Beerschot zich meldde, stond mijn besluit vast: als ik alleen moet gaan, doe ik het niet. Ik wilde niet opnieuw beleven wat ik in Chili had meegemaakt. Ik heb mijn vriendin overtuigd om met mij mee te komen. Daar ben ik haar nog altijd dankbaar voor.

“Zodra ik voet op Antwerpse bodem zette, wist ik: hier ga ik niet meer weg! Op twee uur sta je in Parijs, Amsterdam of Londen. Elk vrij weekend gingen mijn vriendin en ik wel ergens naartoe: ‘Godverdomme, wat is Europa geweldig!’ Van de club kreeg ik wel loopschema’s mee, maar als we in Londen of Parijs zaten, had ik daar natuurlijk geen tijd voor. Dus stond ik op maandagochtend wat vroeger op, werkte nog gauw mijn schema af en vertrok dan naar de club. Toen coach Marc Brys dat doorhad, verklaarde hij me gek: het was niet de bedoeling dat ik dríé keer trainde op een dag (lacht).”

Argentijnen lijken van alle Zuid-Amerikanen het meest op Europeanen.

Losada: “Dat komt omdat de meeste Argentijnen Spaanse of Italiaanse voorouders hebben. Aan moederskant heb ik Spaanse roots, aan vaderskant Italiaanse. Als ik in Napels of Rome ben, voel ik me onmiddellijk thuis. Met z’n tienen aan een lange tafel pasta eten, dat hebben we met elkaar gemeen.

“Met een Europees paspoort kom je als voetballer makkelijker aan de bak in Europa. Maar je krijgt het niet zomaar: je moet aan de hand van je stamboom kunnen bewijzen dat je Europese roots hebt. Mijn papa heeft daar al het opzoekingswerk voor gedaan. Omdat hij wist: ooit gaat mijn zoon het maken. In zijn hoofd had hij het al gezien, zeg maar gevisualiseerd (lacht). Zo komt het dat ik een Italiaans paspoort heb. Achteraf heeft ook de rest van de familie er één gekregen, maar in eerste instantie heeft hij het dus voor mijn carrière gedaan. Mijn papa is mijn held.”

Waarom zit jij nog niet in Italië?

Losada: “Ik voel me goed in België, maar ooit zou ik er wel willen werken. Ook in Spanje, trouwens. Spaans is mijn moedertaal, en ik weet zeker dat ik ook het Italiaans in een paar maanden perfect onder de knie krijg. Misschien komt het er nog van.”

Voelt Buenos Aires, na 14 jaar in België, nog als thuis?

Losada: “Mijn roots liggen er – dat gevoel verlies je nooit. Argentinië blijft mijn land, ook al merk ik dat mijn mentaliteit na al die jaren in Europa serieus veranderd is. Ik denk veel meer als een Europeaan nu.”

GELUKKIG GESCHEIDEN

Hoe ver reikt je ambitie als trainer?

Losada: “Ik werk met doelstellingen op de korte termijn. Op de toekomst heb ik toch geen vat. Mijn grootste motivatie put ik nu uit wat ik de mensen hoor zeggen: ‘Ach, Beerschot heeft geluk, dat blijft niet duren.’ Ik wil straks tussen de beste coaches van 2020 staan. En of we nu in de top vier eindigen of niet, we zullen altijd zo hoog mogelijk gemikt hebben.”

Je hebt die 10.000 kilometer vanuit Argentinië toch niet afgelegd om voor altijd in België en bij Beerschot te blijven?

Losada: “Wie te veel focust op de toekomst, is niet meer bezig met vandaag. Terwijl: vandaag is het allerbelangrijkste, het is alles wat we hebben. Dat probeer ik mijn spelers ook mee te geven: kijk niet te ver vooruit, anders vergeet je om vandaag te leven.”

‘Durf risico’s te nemen’, luidt je levensmotto.

Losada: “Mensen hebben een job, een huis en voelen zich goed: waarom zouden ze iets anders willen? Maar als je het nooit hebt geprobeerd, hoe weet je dat dan?

“De vraag waar het altijd om draait, is simpel: ben ik gelukkig met wat ik heb? Is het antwoord neen, dan moet je actie ondernemen en uit je comfortzone treden. Het is zoals een voetballer die de bal altijd breed of achteruit speelt: hij zal nooit hoger dan een vijfje of een zesje scoren. Ik zeg: durf vooruit te spelen. Ga voor méér!”

Toch had je de stap naar Europa nooit gezet zonder je vriendin. Jullie trouwden, maar zijn ondertussen gescheiden.

Losada: “Ook dat zijn beslissingen die je moet durven te nemen. We zijn in een goede verstandhouding uit elkaar gegaan en zij is naar Argentinië teruggekeerd. Dat was een zware beslissing, maar als je niet gelukkig meer bent, heeft het weinig zin om samen te blijven.”

Je bent vast één van de meest begeerde vrijgezellen van Antwerpen nu.

Losada (lachje): “Daarin moet ik je toch tegenspreken: ik ben getrouwd met het voetbal. Mijn leven daarnaast beperkt zich tot lopen, mediteren en af en toe naar een inhoudsloze Netflix-serie kijken. Meer heb ik niet nodig. Op dit ogenblik toch niet. Wat de toekomst brengt, zien we dan wel. Want zoals ik al zei: ik kijk nooit ver vooruit.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234