Dinsdag 06/12/2022

InterviewNederlanders over Antwerp

‘Iedereen dacht dat Club voor tien jaar vertrokken was. Maar volgens mij wordt Antwerp de komende drie jaar kampioen’

'Marc is een ouwe ritselaar. Ook in zijn privéleven vindt hij het leuk om te handelen. Hij verzamelt geëmailleerd plaatwerk en handelt in oldtimers.' (foto: Mark Van Bommel links naast Marc Overmars) Beeld Photo News
'Marc is een ouwe ritselaar. Ook in zijn privéleven vindt hij het leuk om te handelen. Hij verzamelt geëmailleerd plaatwerk en handelt in oldtimers.' (foto: Mark Van Bommel links naast Marc Overmars)Beeld Photo News

Nederlanders in Antwerpen: voor wie al eens een zaterdagavond op ’t Zuid doorbrengt, is het een vertrouwd gezicht. Wel nieuw is dat onze noorderburen behalve de Grote Markt nu ook de top van de Jupiler Pro League bestormen. Met technisch directeur Marc Overmars en coach Mark van Bommel haalde Royal Antwerp FC twee ervaren rotten in huis, waarna nog drie talentvolle Nederlanders volgden. Enkele notabele noorderburen analyseren de vernederlandsing.

Jan Hauspie

Het begon in maart dit jaar: Antwerp presenteerde toen Marc Overmars als zijn nieuwe technisch directeur. Die aanstelling deed echter meteen stof opwaaien, aangezien Overmars amper een maand daarvoor bij Ajax had moeten aftreden na getuigenissen over grensoverschrijdend gedrag.

Youri Mulder: (analist) “De storm rond Marc is weer gaan liggen. Natuurlijk was zijn aanstelling cru, en kwam die bovendien veel te snel na zijn misstap, maar hij heeft intussen genoeg over zich heen gekregen. In het voetbal is alles vluchtig: zodra er gepresteerd wordt op het veld, verdwijnen alle randzaken naar de achtergrond: ‘Die Overmars doet het hartstikke goed: goeie spelers gehaald, zeven keer gewonnen!’”

Mike Verweij: (voetbaljournalist De Telegraaf): “Overmars stond in de belangstelling van enkele Premier League-clubs, en kon ook naar Rusland. Volgens mij is hij heel blij dat hij dat laatste niet heeft gedaan.”

Aad de Mos: (analist) “Antwerp is de ideale club voor Overmars om zich weer in de kijker te plaatsen: hij kan er onbeperkt geld uitgeven, zijn creativiteit botvieren en zijn netwerk ten volle benutten. De club heeft bovendien een mooi stadion, een nieuwe grasmat, een fanatieke achterban en een ambitieuze voorzitter die absoluut naar de top wil. Nou, dat lijkt me prettig werken.”

Verweij: “Het was een geijkte uitdrukking geworden bij Ajax: ‘Laat Marc maar schuiven!’ Hij is een ouwe ritselaar. Ook in zijn privéleven vindt hij het leuk om te handelen. Hij verzamelt geëmailleerd plaatwerk dat je weleens in cafés ziet hangen – reclamebordjes van Heineken of Douwe Egberts uit de jaren 60. En samen met zijn broer handelt hij in oldtimers.”

“In het voetbal doet hij precies hetzelfde. Marc heeft een goed oog voor spelers met een krasje, haalt ze voor een goede prijs, kalefatert ze weer op, en verkoopt ze voor grof geld.”

“Weet je, toen Marc destijds aan de slag ging als sportief directeur bij Ajax, had de club net een nettoverlies van 22,7 miljoen euro geleden. Hij is er begonnen met een lege portemonnee. Door slim in te kopen heeft hij een oorlogskas aangelegd, waardoor hij steeds betere spelers kon kopen. Daar plukt Ajax nu de vruchten van. Afgelopen zomer hebben ze voor 216 miljoen euro aan spelers verkocht. Lisandro Martínez en Antony zijn voor veel geld naar Manchester United vertrokken: twee spelers die nog door Overmars zijn gehaald.”

De Mos: “Overmars is véruit de beste technisch directeur in Europa.”

Verweij: “Ajax heeft onder zijn beleid voor bijna een miljard euro aan spelers verkocht. Dat is waanzinnig. Volgens mij is het een kwestie van tijd voor de nieuwe Braziliaanse Antony naar Antwerp zal komen.”

De Mos: “Iedereen dacht dat Club Brugge voor tien jaar vertrokken was. Dat denk ik niet: volgens mij wordt Antwerp de komende drie jaar kampioen. Voorzitter Paul Gheysens heeft nog enkele rekeningen te vereffenen met zijn collega’s bij Brugge: Bart Verhaeghe en Vincent Mannaert. Hij gaat nu all-in in het casino.”

Een-tweetje

Overmars’ eerste grote beleidsdaad op de Bosuil was de aanstelling van Mark van Bommel als trainer. Oud-speler van PSV, Barcelona, Bayern München, AC Milan én het Nederlandse elftal. Maar na twee snelle ontslagen als trainer – bij PSV en Wolfsburg – nu al aan herbronning toe in Antwerpen.

De Mos: “Van Bommel is een vakman eersteklas. Ze hebben hem veel te vroeg afgeschreven bij PSV.”

Verweij: “Iedereen die hem aan het werk heeft gezien, is het erover eens dat Mark een groot trainerstalent is. Hij begon goed bij PSV, maar maakte de typische beginnersfouten. Hij was te veeleisend, wellicht door zijn verleden bij al die grote clubs.”

Mulder: “Mark wilde alles zelf bepalen, zelfs hoe de fysiotherapeut zijn werk moest doen. Maar je moet dingen ook kunnen loslaten. Anders zit je jezelf maar in de weg.”

De Mos: “Mark is iemand die hoge eisen stelt. Maar bij PSV staken mensen van wie hij dacht dat ze vrienden waren hem een mes in de rug.”

Mulder: “Bij Wolfsburg kreeg hij een nieuwe kans. Maar daar trof hij met Jörg Schmadtke een technisch directeur met wie hij niet op één lijn zat. Dan krijg je frictie, ook over de kleinste dingen. Op een bepaald moment werd er een Duitse assistent aangesteld: voor hem voelde dat alsof Schmadtke een spion naast hem zette. Het stond in de sterren geschreven dat ze bonje zouden krijgen. Die les heeft hij geleerd: bij de keuze van je club moet je ook een klik hebben met de technisch directeur. Dat zit goed nu bij Antwerp.”

De Mos: “Met Overmars heeft Mark nu iemand die hem ruggensteun biedt. Hij hoeft niet langer de controlefreak uit te hangen.”

Verweij: “Ik zie een andere Van Bommel nu. Rustiger, minder emotioneel ook. Hij blijft een perfectionist, maar is niet meer die dwangmatige controlefreak van voorheen. Dat heeft zeker ook met Overmars te maken. Manchester United-coach Erik ten Hag heeft het in hun gezamenlijke Ajax-tijd vaak over een perfecte twee-eenheid gehad: ‘Marc haalt alle ruis weg, hij is de buffer tussen zaakwaarnemers en de trainer.’ Het moet voor een trainer heerlijk zijn om in de luwte van Marc Overmars te werken.”

Nainggolan op de bank

Bij Antwerp valt vooralsnog geen onvertogen woord over Van Bommel. Hij slaagt erin iedereen bij het succes te betrekken en ook de bankzitters tevreden te houden. Op het veld zorgt hij voor de duidelijkheid die de spelers misten onder zijn voorganger Brian Priske.

Verweij: “Ik wil hem geen vaderfiguur noemen, dat klinkt me iets te oubollig. Maar de meeste spelers bij PSV liepen hoog op met Van Bommel. Hij eist absoluut een topsportklimaat, maar creëert daarbinnen een sfeer waarin iedereen zich prettig voelt. Daar komt bij dat hij goed met lastige jongens om kan gaan. Als hij Radja Nainggolan op de bank zet, zal hij hem zeker duidelijk maken waaróm hij dat doet.”

De Mos: “Maar louter een people manager? Nee, dat is hij niet. Van Bommel is bovenal tactisch ijzersterk. Spelers hebben snel door of je een charlatan bent of een kenner. Als wat je zegt ook uitkomt in de wedstrijd, ben je geloofwaardig.”

Verweij: “Het is typisch Nederlands om direct te zijn. Dat kantje heeft Mark ook. Soms heeft een spelersgroep daar zelfs behoefte aan. Bert van Marwijk was precies zo: je hoefde het niet met hem eens te zijn, maar wat hij zei was wel duidelijk.”

Van Marwijk is Van Bommels schoonvader. Als bondscoach leidde hij Nederland op het WK 2010 in Zuid-Afrika naar de tweede plaats: in de finale werd met 1-0 verloren tegen Spanje. Toch oogstte Van Marwijk kritiek: veel landgenoten herkenden zich niet in het pragmatische en bijwijlen potige spel van zijn ploeg. Ook bij Van Bommel staat het resultaat voorop. Of zoals hij het onlangs verwoordde: “In Nederland moet je vóétballen, ten koste van alles. Hier hoeft dat niet, en dat vind ik prima.”

Verweij: “Van Marwijk was de eerste die komaf maakte met die typisch Nederlandse naïviteit. ‘We moeten ook de lelijke wedstrijden winnen’, vond hij. Pas dan kun je kampioen worden. Van die filosofie is ook Mark doordrongen. In België wordt dat volgens mij makkelijker geaccepteerd.”

Mulder: “Van Bommel is geen typisch product van de Nederlandse school. Zijn jaren bij Bayern München hebben hem gevormd. In Duitsland – ik heb er zelf lang genoeg gevoetbald om het te weten – maakt het niet uit hoe je speelt, zolang je maar wint. Aanvankelijk was hij een aanvallende middenvelder die ook geregeld scoorde. Later, als controleur, is hij een echte winnaar geworden.”

De Mos: “Een echt schoffie was-ie, iemand die je niet passeerde. Ik hou daar wel van. Van zijn schoonvader heeft hij zeker opgestoken dat er meerdere wegen naar Rome leiden. En nu ontdekt hij hoe er in België wordt gevoetbald, en vooral verdedigd. Uitslagen als 6-1 of 7-1 heb je bij jullie niet. Die zie je alleen in Nederland.”

Verweij: “Op het zilveren WK van 2010 was hij één van de ondergewaardeerde spelers – Wesley Sneijder, Robin van Persie en Arjen Robben gingen met alle aandacht lopen. Maar Mark is altijd een slimme voetballer geweest. Dat is hij nu ook als coach.”

Op zijn persconferenties presenteert de Antwerp-coach zich als de vriendelijkheid zelve. Ontwapenende jongensblik, gevoel voor humor. Maar welke Van Bommel kennen ze in Nederland als de resultaten tegenzitten?

De Mos: “Dan wordt-ie cynisch. En begint hij wedervragen stellen: ‘Heb jij zelf wel gevoetbald?’ Wees maar zeker dat hij weet dat Peter Vandenbempt ooit nog keeper is geweest, en hem dat ook voor de voeten zal werpen: ‘Jij bent maar een keeper geweest.’ Mark is zo’n trainer die zegt dat hij geen kranten leest. Maar geloof me, net die trainers lezen alles. Volgens mij leest hij elke ochtend bij een bakje koffie de kranten met Overmars. Wees maar zeker dat hij ook dit artikel gelezen zal hebben.” (lacht)

Mulder: “Hij kan soms denigrerend uit de hoek komen. Terwijl hij eigenlijk niet zo is: ik ken hem als een aardige, záchtaardige kerel.”

Verweij: “We hebben allemaal ons beeld van de voetballer Van Bommel: verbeten kop, hard in de duels, een beetje gemeen zelfs. Maar met de mens Mark heb ik alleen maar prettige ervaringen. Dat geeft hem iets van een gespleten persoonlijkheid, want Mark is een bijzonder warme kerel. Ik verwacht dus geen uitbarstingen, alleen een iets minder vrolijke man als het wat minder loopt. Want ook daarin vermoed ik de hand van Overmars: hij heeft geleerd zijn emoties te kanaliseren.”

‘Een dooie’

Ook op het veld kreeg Antwerp een Nederlandse impuls: met Vincent Janssen, Jurgen Ekkelenkamp en Calvin Stengs haalden Overmars en Van Bommel drie landgenoten naar de Bosuil. Vooral de komst van Janssen baarde opzien: als jonge spits schopte hij het tot de Premier League, maar daar loste hij de verwachtingen nooit in. De voorbije drie jaar begroef hij zich in de Mexicaanse Primera División.

De Mos: “Overmars en Van Bommel hebben vast samen aan de tekentafel gezeten: ‘Welk type spits hebben we nodig voor het voetbal dat we willen spelen? En wie past goed bij het Belgische voetbal?’ Dan kom je uit bij Janssen. Balvast, werklustig en fysiek sterk: dan ben je van grote waarde in België. Een topper is hij niet, wel een prima teamspeler. Precies zoals Piet den Boer dat was in mijn tijd bij KV Mechelen. Als het niet liep, zorgde Piet wel voor het verlossende doelpunt. Zoals in de Europacupfinale tegen Ajax, het belangrijkste doelpunt uit zijn carrière. Janssen is ook zo’n spits: als er iets geforceerd moet worden, kun je op hem rekenen.”

Mulder: “Hij kan nog een kilootje lichter, lijkt me. Maar een nuttige speler is hij zeker. Hij is een goed aanspeelpunt, weegt op een verdediging en kan uit het niets scoren. Al was dat net zijn probleem bij Tottenham. In zijn eerste wedstrijd – tegen Arsenal, dacht ik – kwam hij oog in oog met de keeper. Gaat die bal erin, dan was-ie vertrokken.”

Verweij: “Hoe aardig hij ook voetbalde, scoren lukte niet. Uiteindelijk is dat in zijn hoofd gekropen. Toen hij naast de ploeg viel, is hij met stille trom naar Mexico vertrokken. Tot Louis van Gaal hem daar uit het niets weer heeft opgedolven. Janssen is een typische Van Gaal-spits: een winnaar, met een prima mentaliteit. Het mooie aan zijn hernieuwde debuut voor Oranje was dat hij op Wembley gewoon achter de bal ging staan om een penalty te nemen. Het is een genot voor een trainer om met zo’n jongen te werken. Als je de juiste snaar weet te raken, gaat hij voor je door het vuur.”

'Calvin Stengs is een dromer, maar als hij zijn hoofd er weet bij te houden, heb je een pareltje in het elftal.' Beeld Photo News
'Calvin Stengs is een dromer, maar als hij zijn hoofd er weet bij te houden, heb je een pareltje in het elftal.'Beeld Photo News

De Mos: “Hij is al 28, maar heeft nog ambitie. Hij weet dat Van Gaal bij Antwerp gevoetbald heeft: de bondscoach kijkt over zijn schouder mee. Zo blijft hij in beeld om het WK in Qatar te halen.”

Terwijl Janssen een gevestigde waarde is, zijn Ekkelenkamp en Stengs dat niet. Zij zijn vintage Overmars-transfers.

De Mos: “Het zijn twee talentvolle spelers. Dat hebben ze al bewezen bij Jong Oranje.”

Verweij: “Let maar op: na dit seizoen zullen er spelers verkocht worden. En met dat geld gaat hij weer andere spelers halen. Zo probeert hij zijn team jaar na jaar te versterken. Bij Ajax is hem dat heel goed gelukt, en nu gaat hij dat ook bij Antwerp doen.”

Ekkelenkamp kreeg zijn opleiding bij Ajax, maar brak niet door in Amsterdam. Zonder veel kilometers op de teller vertrok hij naar Hertha Berlijn.

De Mos: “Overmars wilde hem houden, maar Jurgen vond dat er te veel jongens voor hem in de pikorde stonden. Bij Ajax is dat vaak een probleem: er loopt zoveel talent rond dat de concurrentie moordend is. Bij Antwerp zit hij goed nu.”

Verweij: “Hij is een stille jongen, die misschien onvoldoende voor zichzelf is opgekomen in zijn Ajax-tijd. Als je hem hoort praten, lijkt het wel of hij in een te lage versnelling staat. ‘Een dooie’, zo noemen we dat in Nederland. Maar hij is een complete middenvelder, met scorend vermogen en diepgang. Hij blíjft lopen. Echt een slimme aankoop: hij kan best een sensatie worden in België.”

Net als Ekkelenkamp is ook Stengs na amper één seizoen in het buitenland op zijn besluit teruggekomen.

De Mos: “Overmars wilde hem graag van AZ naar Ajax halen, maar hij ging liever naar Nice. Een slechte zet: de Franse competitie is zwaar, zijn transfer kwam te vroeg. Nu zet hij een stapje terug.”

Verweij: “Stengs is echt een publieksspeler. Bij AZ was hij ongrijpbaar, maar ook heel grillig: fantastische prestaties wisselde hij af met matige wedstrijden. Calvin is een gevoelsjongen, ontzettend lief en aardig. Hij zou wat meer gif in zich moeten hebben, en constanter worden. Marc voelt dat heel goed aan: ‘Kom maar hier, onder onze vleugels!’ Met Stengs heeft Antwerp een potentiële Nederlandse international in huis gehaald.”

De Mos: “Net als Janssen wil hij zich in de kijker spelen bij Van Gaal. Hij is al international geweest, maar dat was onder zijn schoonvader Frank de Boer. Uiteindelijk nam De Boer hem niet mee naar het EK om niet van vriendjespolitiek beticht te worden (lachje). Had hem toch maar meegenomen, denk ik nu.”

Mulder: “Hij heeft iets bijzonders: een passeerbeweging. Alleen moet hij nog een echte kerel worden. Hij is een beetje een dromer: hij is er niet altijd met zijn hoofd bij. Maar als hij het goed doet, heb je wel een pareltje in je elftal.”

Verweij: “Mocht je Stengs en Ekkelenkamp twee jaar geleden gevraagd hebben waar ze nu zouden staan in hun carrière, hadden ze niet gezegd: bij Antwerp. Overmars weet dat zulke jongens hongerig zullen zijn. Daar speelt hij op in. Hij maakt ze enthousiast.”

Knokpartij

Dat enthousiasme legt Antwerp voorlopig geen windeieren: het voert overtuigend de rangschikking aan. Maar hoelang zullen de architecten aan boord blijven? Voor Overmars en Van Bommel blijft het máár België, natuurlijk. Bij de RTBF hintte Sven Jaecques, general manager van Antwerp, al op een snel vertrek van Overmars: “Zodra je zo iemand aantrekt, weet je dat hij niet zal blijven.”

Verweij: “Marc Overmars is negen jaar bij Ajax gebleven. Na wat daar is gebeurd, denk ik dat hij het heerlijk vindt om nu een tijdje in de relatieve luwte van België te werken. Ik kan me niet voorstellen dat hij snel weer vertrekt. Volgens mij heeft hij zich vastgeklonken aan Paul Gheysens: hij is dankbaar voor de kans die hij krijgt. En voor het salaris, natuurlijk.” (lachje)

“Ook Van Bommel beseft dat het een mooi moment is om over een langere periode te laten zien dat hij uit zijn fouten heeft geleerd. Zowel bij PSV als bij Wolfsburg begon hij als een komeet, waarna hij uitdoofde als een nachtkaars. Zijn start bij Antwerp is opnieuw geweldig, maar in Nederland denken we toch: laten we niet te vroeg juichen.”

'Als Jurgen Ekkelkamp praat, lijkt het of hij in een te trage versnelling staat. Maar de middenvelder kan wel een sensatie worden.' Beeld Photo News
'Als Jurgen Ekkelkamp praat, lijkt het of hij in een te trage versnelling staat. Maar de middenvelder kan wel een sensatie worden.'Beeld Photo News

De Mos: “Ze zullen blijven, zeker! Een titel zou voor beiden een enorme opsteker zijn. Gheysens zal weer een stap verder gaan en investeren om te overwinteren in de Champions League. Bij Ajax werd dat vroeger ook altijd voor onmogelijk gehouden. Maar als je een goede spelwijze en de juiste spelers hebt, kun je een heel eind komen. Plaatsing voor de groepsfase van de Champions League verzekert je van 40 miljoen euro. Dat biedt mogelijkheden. Topspelers hebben dan ook plots meer interesse in een transfer naar jouw club, verleid door de etalage van de Champions League. En omdat Antwerpen een mooie stad is, natuurlijk: het is geen straf om daar te moeten voetballen.”

Mulder: “Op dit ogenblik is Antwerp een rehabilitatiekliniek voor Nederlanders die het even moeilijk hebben, toch? Ga naar Antwerp en alles komt weer goed. (lacht) Nu, volgens mij heeft Antwerp de ambitie om grotere spelers aan te trekken dan Vincent Janssen. En zelf beschouwen die drie Nederlanders Antwerp ook maar als een tussenstap. Maar het zal er wel de vruchten van plukken.”

De Mos: “Ik zie veel overeenkomsten met mijn periode bij KV Mechelen. Net als Gheysens bond KVM-voorzitter John Cordier de strijd aan met Anderlecht en Club Brugge. Met een goede mix van Belgen en Hollanders was ik ervan overtuigd dat ons dat zou lukken. Maar het is niet zonder slag of stoot gegaan. Het Hollandse temperament van Erwin Koeman maakte de Belgen in mijn kern woest. Ik heb meer dan eens een knokpartij van jewelste meegemaakt op training. Hoe vaak Koen Sanders en Koeman niet op de vuist zijn gegaan! (lacht) Gelukkig was er Graeme Rutjes, de professor, om de gemoederen te bedaren.”

“Diezelfde goede mix zie ik nu bij Antwerp: ‘Met alle respect, Club Brugge en Anderlecht, maar hier komt The Great Old!’ Dat stukje lef en arrogantie haal je wel binnen met Overmars en Van Bommel, natuurlijk. Die liggen niet wakker van Felice Mazzù of Carl Hoefkens.”

'Balvast, werklustig en fysiek sterk: een spits als Vincent Janssen is van grote waarde in België. Een topper is hij niet, wel een prima teamspeler.' Beeld BELGA
'Balvast, werklustig en fysiek sterk: een spits als Vincent Janssen is van grote waarde in België. Een topper is hij niet, wel een prima teamspeler.'Beeld BELGA

En of ze er boven de Moerdijk wakker van liggen? Dat valt ook te betwijfelen.

Mulder: “Bij het gemiddelde Nederlandse bedrijf zijn Overmars en Van Bommel momenteel niet hét gespreksonderwerp aan het koffieapparaat, nee. Hooguit lees je in een kort stukje in de krant dat ze het goed doen. De Belgische competitie is dan ook slechts summier te zien in Nederland: ik moet al goed zoeken op mijn illegale kastje om een match mee te pikken. We moeten het doen met Extra Time, ware het niet dat de maandagavond in Nederland al tjokvol voetbalprogramma’s zit. Zo schiet ook Extra Time er vaak bij in.”

De Mos: “Víjf praatprogramma’s over voetbal hebben we! Nou, dan is het niet zo moeilijk dat we België effe overslaan. Wij worden de hele dag overspoeld: Erik ten Hag die Ronaldo op de bank zet, de discussie of Ruud van Nistelrooij wel een goede trainer voor PSV is... Nu haalt Louis van Gaal weer vijf spelers bij het Nederlandse elftal van wie we nooit eerder hebben gehoord. Elke dag is er wel iets.”

“Weet je, we hebben in Nederland ook onze trots teruggevonden. Ajax raakt ver in de Champions League, en het Nederlands elftal heeft België nog eens verslagen. Dan worden we wat arrogant. Club Brugge pakt af en toe een paar punten in de Champions League, maar overwintert nooit. En Union vinden we leuk vanwege dat romantische stadionnetje. Maar de meest gehoorde vraag is toch: ‘Wat is er met Anderlecht aan de hand?’ Dan moet ik het telkens weer komen uitleggen.” (lacht)

© HUMO

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234