Maandag 03/10/2022

AchtergrondWielrennen

Hoe Bas Tietema, de vlogger die profrenner werd, het wielrennen een broodnodige boost geeft

Een fan neemt een selfie met Bas Tietema. Beeld Thomas Sweertvaegher
Een fan neemt een selfie met Bas Tietema.Beeld Thomas Sweertvaegher

Youtuber Bas Tietema - sinds kort profrenner - beseft het al een tijd: een sport in de etalage zetten, vergt meer dan op kop van het peloton rijden. Het sijpelt traagjes door in de wielerwereld, getuige daarvan de aangekondigde Netflix-reeks over de Tour. ‘Mooi, maar wel vier jaar nadat de formule 1 het heeft gedaan.’

Michiel Martin

“Of ze er een goeie renner bij hebben, durf ik te betwijfelen, maar de sponsor is sowieso tevreden.” De zin komt uit een recente column van de papy terrible van de koers - Quick-Step-manager Patrick Lefevere - en viseert het jong geweld dat vrijdagavond laat het Gentse Vooruit Café binnen slentert: Bas Tietema (27), met naast zich de piepjonge videoredacteur Tijn Betten (19). Tietema grijnst bij het horen van de zin. “Dat mag ik best als een compliment zien, toch? En het toont voor mij dat Lefevere zich bewust is van het feit dat het anders moet en kan als de koers wil overleven.”

Tietema staat te boek als Youtuber, maar hult zich dit wielerseizoen in een tweede keurslijf. De Waalse procontinentale ploeg Bingoal-Pauwels Sauces WB schotelde hem een éénjarig profcontract voor, een traject dat je op het YouTube-kanaal ‘Tour de Tietema’ van kop tot teen kan volgen via de Plan Bas-serie. En ja hoor, de sponsor is ‘sowieso tevreden’. De recentste video van dinsdag werd in een halve dag tijd alweer 60.000 keer bekeken.

De twee zijn net terug van De Bredene Koksijde Classic. Dat er opnieuw DNF - Did Not Finish - achter zijn naam is komen te staan, is bijzaak. “Twee koersen kort na mekaar, dat kan ik nog niet verteren”, zegt Tietema, die de dag voordien de GP Denain reed. Hij laat een zucht ontsnappen, en niet enkel door de zichtbare teleurstelling over de ‘grote’ spaghetti voor zijn neus. “Bij eendagskoersen zijn er altijd wel vijftig of zestig renners die niet finishen, vaak omdat ze geknecht hebben of pech hadden. Daar hoor je niemand over, maar op mijn prestaties ligt telkens een vergrootglas.”

Pizza’s uitdelen

Met Pogacar of Van Aert, of zelfs een werkpaard als Tim Declercq, mag je een groentje in het peloton inderdaad niet vergelijken. Al was Tietema ooit wel een talentvolle renner, die bij de gerenommeerde opleidingsploeg van BMC samen met Dylan Teuns of Stefan Küng reed en ooit podium haalde in de belofteversie van Parijs-Roubaix. Een huidallergie was echter de aanzet voor een negatieve spiraal, die eindigde in een andere grote passie: (zichzelf) filmen.

“Ik wilde doen wat Karl Vannieuwkerke doet. Alleen: daar is geen opleiding voor.” Tietema heeft het al doende geleerd. Wie door zijn YouTube-kanaal scrolt, komt onderaan terecht bij de eerste probeersels van een wielertiener die zijn wonden likt na een val of zijn tanden poetst voor een training. Hoe hoger je komt, hoe beter de kwaliteit - en hoe meer kijkers er de strapatsen van Tietema volgen. In 2019 maakt hij de Tour de France onveilig, omringd door zijn twee kompanen, Josse Wester en Devin van der Wiel.

Bas, Josse en Devin, het lijkt het YouTube-surrogaat van jeugdvrienden die een coverbandje zijn begonnen en zich dik amuseren. Ze delen pizza’s uit aan doodvermoeide renners op de Champs-Elysées, doen na de finishlijn alsof ze net de etappe hebben uitgereden en gaan op de foto met nietsvermoedende toeschouwers, scoren zelfs een eerste viraal hitje met ‘handing out coke to the peloton’. Colablikjes, welteverstaan. ’s Nachts slapen ze in tentjes op brakke campings, want voor de hele productie hebben ze slechts een budget van 7.500 euro. Een peulschil in vergelijking met bedragen waarmee tv-zenders werken voor programma’s zoals Vive le vélo.

Amateuristisch is het nochtans verre van. “Devin en Josse kende ik van tevoren helemaal niet”, zegt Tietema. “We vullen elkaar goed aan, en daar geloof ik sterk in: je moet de krachten bundelen, om iets goed te doen. Doorheen de jaren is hij zich ook gaan omringen met redacteurs die de flitsende beeldtaal van YouTube of zelfs TikTok in de vingers hebben. “Mensen denken soms dat er een app is waar je beelden in gooit, en die braakt dan een YouTube-filmpje uit”, zegt Tietema. “Het is hard werken.”

Tijdens de vorige Tour - “toen sliepen we al in hotels” - verdeelden ze zich in twee teams: team Bas schiet overdag de beelden, een ander viertal gaat ’s nachts knippen en monteren om op het YouTube-kanaal niet te lang achter de feiten aan te hollen. Als ze de wereld rondgaan met een foto van Mathieu van der Poel die een bidon aan een fan geeft, wil je meteen zien hoe die tot stand is gekomen. En een ‘wheelie contest’ op een Alpen-col werkt net iets beter als de renners nog in de bergen zitten, en niet in Parijs. Die laatste video haalde trouwens ruim 500.000 kijkers.

De video’s doen een frisse wind waaien door het peloton. Dat is ook wedstrijdorganisator Flanders Classics niet ontgaan. Zij gingen in zee met Tour de Tietema voor een reeks waarin de drie kompanen zich in vijftig dagen klaarstomen voor de volledige 254,3 kilometer van de Ronde van Vlaanderen. “Bas bereikt een ander publiek, en het wielrennen heeft baat bij zo’n vernieuwing”, zegt CEO Tomas Van Den Spiegel.

“Tijden veranderen”, trapt Van den Spiegel een open deur in. Toch is het een mantra dat maar moeilijk voet aan grond krijgt in de koerswereld, die ‘heel conservatief is’. Dat een foto van een oer-Vlaamse slagerij tijdens de E3-prijs viraal gaat, zegt iets over de fans: die bekijken wedstrijden graag door een nostalgische caleidoscoop, de beelden gehuld in het stof van Toscaanse wegen of vastgelegd op het glanzende papier van Bahamontes.

Het levert vaak prachtverhalen op, zegt ook Tietema. “Ik vind de verhalen in programma’s zoals Vive le Vélo zelf heel mooi. Wat zo’n Sammy Neyrinck doet, is echt super graaf. Maar je overtuigt er geen 17-jarige mee. Voor jonge mensen zit er niet altijd iets tussen.”

Generaties Y en Z laten zich niet meer uren aan de zitbank binden terwijl ze luisteren naar José en Michel - en straks Karl - die keuvelen over Franse chateautjes. In Vlaanderen valt dat nog mee, zegt Van Den Spiegel. “De koers zit in ons DNA.” Maar ook hij erkent dat de jeugd de klassieke recepten niet meer zomaar binnen schrokt. Lineair televisiekijken? Geeuw. Sowieso wordt op zondag lang niet enkel meer geconcurreerd met de pintjesliga, maar evengoed met YouTube, Netflix, en elk ander platform dat via dat kleine schermpje om uw aandacht schreeuwt.

Drive to Survive

Dat de koers ook naar die platformen trekt, is dus logisch. En het viel ook de Volkskrant al op: Tietema is erg in trek bij de jonge handtekeningenjagers voor een wedstrijd. “Maar de ouders kijken ook hoor. ‘Ga maar op de foto met Bas’, zeggen ze dan, om even later stiekem zelf ook een foto te vragen”, zegt hij daar zelf over. Als volwassene een selfie met een Youtuber vragen, het blijft wat onwennig.

Wat Tietema doet, kadert in een bredere evolutie. “Sport en verhalen achter de schermen moeten elkaar versterken”, zegt Van Den Spiegel. Het bekendste voorbeeld is De Ronde 100 tot en met 105, die telkens in de aanloop naar de wielerhoogdag de race van vorig jaar belicht, ook de wedstrijd van de vrouwen trouwens. Dat gebeurt vanuit allerhande hoeken: van de volgwagen van het winnende team tot de living van Roger De Vlaeminck.

Begin maart raakte bekend dat ook Netflix zo’n vlieg-op-de-muur-serie voorbereidt, donderdag is dat ook officieel bevestigd. Deze zomer zouden cameraploegen het hele reilen en zeilen tijdens de Tour de France volgen, acht ploegen - waaronder Ineos Grenadiers, Jumbo-Visma en Quick-Step Alpha Vinyl - hebben daarvoor al hun fiat gegeven. Daaruit moeten acht episodes volgen die in het voorjaar van 2023 op Netflix te zien zouden zijn, als springplank naar de volgende Tour.

“Dat is mooi, maar wel effe vier jaar nadat de formule 1 het heeft gedaan”, zegt Tietema met een grijns. Gezien met Box to Box Films hetzelfde productiehuis betrokken is, ligt de analogie met het populaire Formula 1: Drive to Survive voor de hand. De aantrekkingskracht ook: op de Amerikaanse zender ESPN verdubbelde het aantal F1-kijkers sinds 2019. Zeker in markten waar wielrennen onbeduidend is - denk Noord-Amerika of Azië - wordt gehoopt op eenzelfde effect.

‘Ik vind de verhalen in programma’s zoals 'Vive le Vélo' zelf heel mooi. Wat zo’n Sammy Neyrinck doet, is echt super graaf. Maar je overtuigt er geen 17-jarige mee.’ Beeld Thomas Sweertvaegher
‘Ik vind de verhalen in programma’s zoals 'Vive le Vélo' zelf heel mooi. Wat zo’n Sammy Neyrinck doet, is echt super graaf. Maar je overtuigt er geen 17-jarige mee.’Beeld Thomas Sweertvaegher

“Het is moedig dat de koers hierin durft meestappen, maar we mogen ons ook niet miskijken op het feit dat formule 1 al een miljardenbusiness was voordat Drive to Survive er kwam”, tempert Van Den Spiegel de verwachtingen nog wat. Volgens Benji Naesen, podcaster bij Lanterne Rouge, ligt er alvast een kans om wielrenners in de markt te zetten als persoonlijkheden: “Dat zag je ook in de formule 1: rijders die voorheen redelijk onbekend waren, zijn sterren geworden.”

Hij blikt terug op de Tour van 2021, en schudt meteen enkele potentiële afleveringen uit de mouw: de eerste rit, waarin een vrouw met ‘Allez Opi-Omi’-bordje een massale valpartij veroorzaakt en nadien zoek raakt. De tweede rit, waarin Mathieu Van der Poel met nostalgie-shirt naar het geel knalt en een emotioneel eerbetoon brengt aan zijn gestorven grootvader Raymond Poulidor. De laatste rit, die uitmondt in een - in de 21ste eeuw - onmogelijk gewaande triplette van Van Aert. “Genoeg content om zo’n serie viraal genoeg te maken”, zegt Naesen.

Het kan zorgen dat sponsors in de rij staan om op het achterwerk van een renner te belanden - en er dus ook meer voor betalen. Interessant, gezien de budgetten van ploegen haast alleen uit sponsoring voortkomen. Toch is er ook argwaan. Want wat geef je op in ruil voor visibiliteit?

“De renners en hun prestaties, dat is intellectuele eigendom. Je wil toch vermijden dat anderen aan de haal gaan met de interne keuken van je ploeg”, zegt Van Den Spiegel. Het is geen toeval dat UAE Tours, de ploeg van Tadej Pogačar die niet verlegen zit om oliedollars, het project aan zich laat voorbijgaan. Bovendien: wat als je een mal figuur slaat als ploeg? De Netflix-serie El Diá Menos Pensado, die het Spaanse team Movistar volgt, bewijst het al drie seizoenen: de interne vetes tussen renners zijn er de rode draad geworden (en net daarom is het een cult-hit).

Een beetje drama verkoopt, daar bestaat geen twijfel over. Maar ook Tietema, geliefd in het peloton dankzij z’n sympathieke video’s, weet: “Als je met renners vette content wil maken, moet je hun vertrouwen hebben. Je kan dus ook niet elk intern conflict gaan uitsmeren, want dan knip je op de lange baan je banden door. Dat is een taak voor journalisten.”

En ook met rechtenhouders zijn er spanningen. Vorige zomer bleken een aantal YouTube-video’s plots van Tietema’s kanaal geflikkerd, na een juridische tussenkomst van ASO. “De marketingafdeling bleek enorme fan, maar de collega’s van de televisierechten hadden het anders begrepen”, zegt Tietema daarover. Het illustreert mooi wat wielerjournalist Andy McGrath ooit tweette: “Wielrennen bezit een spectaculair vermogen om owngoals te scoren.”

Roglič

Volgens Naesen sijpelt het wel langzaam door bij wielerploegen: “Aandacht genereer je niet enkel door hard op kop van het peloton te rijden, maar ook via die externe content.” Volgens hem is Tietema, en de kans die hij krijgt om op zijn 27ste in het profpeloton te debuteren, daar een mooi voorbeeld van. Naar de filmpjes van Plan Bas kijken gemiddeld zo’n 175.000 mensen, nog los van de aandacht via Instagram of TikTok. “Hij doet meer voor Bingoal dan Froome voor Israel-Premier Tech, maar die laatste verdient wel 5 miljoen euro per seizoen”, zegt Naesen.

Dat laatste brengt ons bij een netelige kwestie: hoe koosjer is het om goksponsor Bingoal, al langer in zee met Tour de Tietema, uit te dragen bij een jong publiek? “Je zal in onze video nooit een directe link zien naar een sportweddenschap, we zetten enkel het merk in de kijker”, zegt Tietema, die de vraag wel vaker krijgt. “Dat is zeker niet onterecht. Anderzijds: Lotto sponsort al jaren een wielerteam, en dat is voor niemand een probleem.”

De renners lijken er alleszins geen graten in te zien. Peter Sagan, Oliver Naesen of Primož Roglič, allemaal duiken ze met de glimlach op in de YouTube-video’s van Tietema. Die stelt geen lastige vragen over de vormcurve of ketonen, maar maakt liever een ‘après skijump hit’ ter ere van de Sloveense renner en ex-schansspringer. “In de GP Denain kwam Roglič even naast me rijden, en hij had het er nog steeds over”, zegt Tietema.

Dat renners “het snappen”, daar steekt de borst van vooruit. Als diezelfde renners demarreren, hangt de tong nog tegen het asfalt. Wie de YouTube-video’s van Tietema kent, weet nochtans: verliezen doet de man niet graag. Als er op trainingskamp in Calpe een potje FIFA wordt gespeeld met de nieuwe ploeggenoten, spat de competitiviteit van het scherm. “Ik stel mijn eigen doelen. In Kuurne-Brussel-Kuurne ben ik niet gestart om te winnen, maar om in de vlucht van de dag te geraken. Dat is gelukt”, vertelt hij. Het volgende doel: op de startlijst van Parijs-Roubaix geraken, zijn droomkoers.

De spaghetti is op, hij zou zo andermans bord leeg eten. “Het is wel pittig, zeker als je na een lastige trainingsdag nog wat moet vloggen”, zegt hij. We vragen wat hij zou doen, mocht het profbestaan een succes blijken. “Als ik geen video’s zou mogen maken van de ploeg, dan stopt het meteen.” Profrenner in het hoofd, Youtuber in het hart.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234