Woensdag 17/08/2022

InterviewPhilippe Gilbert en Remco Evenepoel

Gilbert geeft raad aan debutant Evenepoel: ‘Ooit zal Luik op zijn palmares staan’

Remco Evenepoel wijst zijn ploegmaats de weg in de Ardennen.
Remco Evenepoel wijst zijn ploegmaats de weg in de Ardennen. "Ik ken hier elke glooiing, elke afzink, elke bocht."Beeld Photo News

Voor Remco Evenepoel begint het zondag in Luik-Bastenaken-Luik, voor Philippe Gilbert is het gedaan. In een exclusief dubbelgesprek vertellen de twee vrienden over hun passie voor de Ardennen. ‘Dit parcours liegt niet.’

JDK

Het wordt voor allebei een speciale zondag. Remco Evenepoel (22) rijdt zijn eerste Luik-Bastenaken-Luik, Philippe Gilbert (38) rijdt zijn laatste. “Het zal voor Remco een mooi moment worden”, stelt Gilbert. “Mijn afscheid wekt eerlijk gezegd niet zoveel emoties op. Ik blijf gefocust, ook al besef ik dat de kans op een goed resultaat ondertussen klein is geworden. Ik wil er vooral zoveel mogelijk plezier aan beleven.”

Het afscheid van Gilbert doet Evenepoel wel iets, zegt hij. “We zijn tenslotte goede vrienden, die samen een en ander hebben beleefd. ‘Phil’ is mijn idool. De renner die ik altijd heb bewonderd en mij koude rillingen bezorgde. Dat we samen nog eens La Doyenne kunnen rijden maakt me trots. Eigenlijk ben ik nerveuzer voor hem dan voor mezelf, omdat ik weet dat hij le roi de la Wallonie is.”

Wat betekent Luik-Bastenaken-Luik voor jullie? Is het de mooiste klassieker van allemaal?

Gilbert: “Luik heeft een mooi parcours dat niet liegt en waarop de beste vaak wint. Verrassingen zijn er zeldzaam. Dat doet me zo houden van die koers. De Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix zijn in die zin toegankelijker. Daar kan al eens een outsider toeslaan.”

Evenepoel: “Bij mij spreken vooral de côtes tot de verbeelding. Hellingen waarop ‘Phil’ en ik vaak trainen. We kennen er elke glooiing, elke afzink, elke bocht. Het vroegere parcours was wel iets zwaarder. Daarop kon je al heel vroeg heel hard koersen. Nu gaat het na de Roche-aux-Faucons hoofdzakelijk in dalende lijn tot de finish, waar de voorbije jaren vaak werd gesprint met een klein groepje. Dat is een beetje jammer. Maar Luik staat zeker in mijn top vijf van mooiste koersen van het jaar.”

Gilbert: “Wat Luik wel ontbeert is die magische sfeer van de Ronde en de andere Vlaamse klassiekers. De editie die ik won, in 2011, was daarop een uitzondering. Die zal ik me eeuwig bijblijven. Zó veel volk! Du jamais vu. Het was 25 graden, vakantie ook. In de aanloop had ik de zeges opgestapeld, wat voor de nodige publiciteit zorgde. Iedereen verwachtte dat ik het ook in Luik-Bastenaken-Luik zou halen.”

Waar was jij toen?

Evenepoel: “Zeker op een of ander voetbalveld. Het was de sprint tegen de twee Schlecks, niet?”

Gilbert: “Ja.”

Evenepoel: “Op 500 meter van de streep wist ik al: ‘Phil’ wint. Het was grappig om te zien hoe de Schlecks nog hemel en aarde bewogen, maar je was toch ongelooflijk zeker van jezelf? Hoe ik het bekeek: ç’était une comédie, hein. Mooi om te zien met welke kracht je aanzette. Ik denk dat je op de lijn zelfs een aantal seconden voorsprong telde. Het was een van de sterkste en zotste individuele krachttoeren ooit gezien. Beetje op zijn Pogacars.”

Philippe Gilbert bij zijn zege in Luik-Bastenaken-Luik in 2011. Beeld BELGA
Philippe Gilbert bij zijn zege in Luik-Bastenaken-Luik in 2011.Beeld BELGA

Kan Evenepoel Luik-Bastenaken-Luik nu al winnen?

Gilbert: “Absoluut. Hij is in bloedvorm. De Ronde van Baskenland moet hem veel zelfvertrouwen hebben geschonken. Ook daar had hij kunnen winnen. Valt hij in de slotkilometer van één van de eerste twee ritten zelf aan in plaats van de sprint aan te trekken voor Julian Alaphilippe en graait hij de bonificatieseconden mee, dan… Maar goed, het is niet ík die de tactische lijnen uitzet.”

Evenepoel: “Volgend jaar wel, hé. (lacht) Neen, zo zit ik niet in elkaar. Het plan was om één of twee etappes te winnen met Alaphilippe dus houd ik me daar 100 procent aan. Net zoals ik dat woensdag in de Waalse Pijl heb gedaan.”

Gilbert: “Laat me stellen dat Luik-Bastenaken-Luik ooit op je palmares zal staan. Op zijn minst één keer.”

Welke wijze raad kan iemand met zestien deelnames op zijn conto een jonge debutant nog meegeven?

Gilbert: “Gebruik goed je team, zoals Bob Jungels dat deed in 2019. Zonder het afstoppingswerk van Alaphilippe had hij nooit gewonnen. Ik weet dat je graag offensief koerst, maar wees voorzichtig als tussen Bastenaken en Luik de wind in het nadeel blaast. Ga niet aanvallen op de Rosier, vandaar is het nog ver. Hoewel, toen Aleksandr Vinokourov won in 2005 vertrok hij met Jens Voigt ook al op de Rosier. Helemaal onmogelijk is het niet. Feit is dat parcourservaring in Luik minder belangrijk is dan in pakweg de Ronde van Vlaanderen of Parijs-Roubaix, waar je om de vijf à zes kilometer de koers kunt verliezen. Het is vrij eenvoudig: er zijn twee, drie punten waar je vooraan moet zitten. Als je goed bent, gebeurt dat automatisch.”

Blijkbaar dateert het prilste contact tussen jullie al van toen Evenepoel eerstejaarsjunior was.

Gilbert (knikt): “Op een dag kreeg ik telefoon van zijn vader. ‘We zouden het fijn vinden mocht Remco La Philippe Gilbert (juniorenkoers in Aywaille, JDK) kunnen winnen’, zei Patrick. Winnen, hé. Niet gewoon rijden. Dat hoor je niet elke dag. We kenden Remco en zijn ploeg niet echt, maar maakten graag plaats voor hen vrij. Hij is gekomen en hij won. Makkelijk zelfs. Sinds die dag ben ik hem beginnen te volgen. In 2019 werden we dan ploegmaats bij QuickStep.”

Evenepoel: “We legden er de basis voor een mooie vriendschap, die op het einde van het seizoen een extra dimensie kreeg nadat ik hem opwachtte en op sleeptouw nam na zijn val op het WK in Yorkshire. Al had hij daarbij het geluk dat ik gestopt was om te plassen op een wel heel slecht moment. Voor kampioenen als Philippe en Alaphilippe sloof ik me met veel plezier uit.”

In welke zin is Gilbert een voorbeeld voor jou?

Evenepoel: “Omwille van zijn indrukwekkende palmares, zijn attractieve koersstijl en zijn vriendelijkheid. Als je hem ziet, is hij altijd aan het praten en aan het lachen. Zelf heb ik hem nog nooit met iemand zien ruziën of discussiëren. Volgens mij heeft ‘Phil’ alleen maar vrienden in het peloton. Dat denk ik ook over Alaphilippe. Uiteraard heeft hij tegenstanders, maar geen vijanden. Zo gaat dat met grote kampioenen, legenden van de koers. Voor alle duidelijkheid: ik reken mezelf daar nog niet bij.”

Zie je jezelf ook een profcarrière van twintig jaar uitbouwen?

Evenepoel: “Ik hoop het, maar dat wordt zwaar. Het wielrennen is in een paar jaar veel veranderd. Alles gaat zodanig snel en hard. Carrières zullen onvermijdelijk korter worden, vrees ik. Ik ben al sinds mijn achttiende actief in de WorldTour en zie me niet doorgaan tot mijn 38ste. Vijftien jaar op het allerhoogste niveau zou al heel mooi zijn.”

Gilbert: “Je hebt gelijk, Remco. Zelf beleefde ik in mijn eerste profjaren een totaal ander wielrennen. Vergeleken met nu was dat eigenlijk un peu amateur. Niet dat het nu minder leuk is, maar op en naast de fiets wordt steeds meer van je gevraagd. Terwijl onze job in essentie koersen, trainen, eten en slapen is. Het is echt extreem geworden, waardoor het vooral mentaal gecompliceerd, zeg maar haast onmogelijk is geworden om dat twintig jaar vol te houden.”

Hoe schat jij Evenepoels toekomst in?

Gilbert: “Hij evolueert zeer goed en won al mooie koersen. Uiterlijk over twee jaar zal hij zich wel de cruciale vraag moeten stellen: blijf ik me richten op die grote ronden of sla ik eerder de richting uit van de kortere rittenkoersen en het klassieke eendagswerk? Natuurlijk zijn er uitzonderingen, zoals Tadej Pogacar, die het allemaal succesvol combineren. Maar het is niet simpel. Een keuze dringt zich op. De druk is natuurlijk enorm. We hunkeren met zijn allen naar een nieuwe Belgische Tour-winnaar. Het land stond al in rep en roer toen Remco leider werd in het Baskenland. Kun je je voorstellen wat dat zou geven mocht hij de gele trui pakken in de derde week van de Ronde van Frankrijk?”

Evenepoel: “Als Dirk De Wolf en Johan Museeuw suggereren dat ik de Vlaamse klassiekers moet rijden, denk ik daar zeker over na. Ooit waag ik me eraan, maar op dit moment zit ik er niet mee in mijn hoofd en blijf ik me concentreren op het rondewerk. Het Baskenland was in die zin een belangrijke en hoopgevende test. Daarop kan ik bouwen. Als ik wil presteren in de grote ronden zal mijn lichaam wel nog een beetje moeten veranderen, besef ik. Van 64,5 kilogram nu moet ik naar 63. In de Giro vorig jaar woog ik 60,5 kilo maar waren mijn krachten na de eerste week volledig opgebruikt, terwijl ik die ook voor mijn tijdritten echt nodig heb.

“Na Luik-Bastenaken-Luik neem ik tien dagen rust en ga ik vervolgens niets anders doen dan trainen op langere klimmen, in Spanje en op grote hoogte. In juni rijd ik de Ronde van Zwitserland. Na de kampioenschappen is het opbouwen naar de Vuelta, waar ik nog steeds zonder druk start.”

De supporters van Philippe zitten al klaar langs het parcours. Beeld Photo News
De supporters van Philippe zitten al klaar langs het parcours.Beeld Photo News

Zie jij Evenepoel op een dag schitteren in de Vlaamse klassiekers?

Gilbert: “Ik denk dat hij tot alles in staat is. Het enige wapen dat hij mist is een sprint.”

Evenepoel: “Daar werk ik aan. Als je mijn huidige sprint vergelijkt met die in mijn eerste profjaar zit er 250 watt verschil op. Je zult me niet snel een massaspurt zien winnen, of het moet zijn dat al de rest gevallen is. (lacht) Maar als er aan het eind van Luik-Bastenaken-Luik wordt gesprint met een beperkt groepje, of als er in een zware bergrit bonificaties wachten, kan die snelheid me wel van pas komen.”

Gilbert: “Ja. Maar een vlakke sprint winnen in de Ronde van Vlaanderen tegen renners van 75, 80 kilo is als lichtgewicht geen evidentie. Anderzijds, je kunt ook alleen finishen.”

Evenepoel: “Mijn enige kans om de Ronde ooit te winnen. Zoals jij het hebt gedaan.”

Als je één ding van Gilbert mocht stelen, wat zou dat dan zijn?

Evenepoel (wijst naar de regenboogtrui): “Zie je die strepen hier?”

Gilbert: “Ja, die heb je nog niet.”

Evenepoel: “En voorts: hoe de allerbeste versie van zichzelf finales aanpakte en omging met de stress. Daarmee maakte hij het verschil. Dat is nog een leerpunt bij mij: vechten, niet opgeven, ook al doen de benen pijn. Bij ‘Phil’ kon je dat na zijn crash in de Tour 2018 zelfs letterlijk nemen: doorrijden met een gebroken knieschijf. Het zijn alleen zotten die dat doen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234