Woensdag 23/10/2019

Voetbal Racing Genk

Dimitri de Condé (Genk): ‘Ik zal een zot aantrekken, maar alleen als die respect toont’

Dimitri de Condé. Beeld Photo News

De beste sportief directeur van België? Dimitri de Condé is in ieder geval heel goed. Hij kan trainers en spelers inschatten én volgt trouw zijn idealen. ‘Het is eigenlijk geen hogere wiskunde, hoor.’

Een koppig kantje hebben is niet altijd een nadeel in zijn job, lacht Dimitri de Condé (44). Hij haalt als voorbeeld de transfer van Lucumi van Deportivo Cali aan. “Om te beginnen was de Zuid-Amerikaanse markt nieuw voor mij. De taalbarrière maakte een en ander al lastiger en ze hanteren ginder hun eigen onderhandelingstechnieken. Percentages van 30, 40, 50 procent op de doorverkoop is heel normaal voor die mannen. Racing Genk wil evenwel niet meegaan in die politiek. Een bijkomend probleem was dat de vraagprijs voor Lucumi drie keer hoger lag dan de echte waarde. Omdat hoofdscout Dirk Schoofs en ik zó overtuigd waren van de kwaliteiten van de speler gaven we niet af. Máánden heeft het dossier aangesleept. Als ik zie dat Lucumi vandaag Colombiaans international is en ik telefoons krijg van ginder om ons te feliciteren met de ontwikkeling van de speler, dan ben ik trots. Daarvoor doe ik het.”

Stelde de voetballer Dimitri de Condé eigenlijk nog iets voor toen u in 2011 in vierde klasse bij Overpelt een punt zette achter uw carrière?

Dimitri de Condé: “Dat laatste seizoen niet meer. Ik was er klaar mee en dat zag je ook in mijn spel. Rondom mij was pinten pakken belangrijker dan punten pakken. De jaren daarvoor bij Bocholt heb ik me wel nog geamuseerd.”

U bent daarna niet in het zwarte gat gevallen?

"Neen. Ik werkte al een tijdje in het bandenbedrijf van mijn ouders. Daar heb ik geleerd om down-to-earth te blijven. Ik ging op winterdagen door sneeuw en regen om 6 uur ’s morgens samen met een mecanicien de banden opmeten van grote transportwagens. Ik heb monteurs aan de pijnpomp zien liggen door twintig jaar aan een stuk banden te sleuren. Die zeven jaar hebben mij met de voeten op de grond gezet.”

Ianis Hagi juicht na zijn goal tegen Kortrijk. Hij is een van de transfers van De Condé. Beeld BELGA

Was u klaar om op uw 36ste trainer van de U17 van Racing Genk te zijn?

"Die eerste week was ik enorm nerveus, maar ik haalde mijn zelfvertrouwen uit de ambitie om mijn ideeën over voetbal over te brengen op die gasten. En als er nu één club is waar jeugdtrainers geen schrik moeten hebben voor een slechte mentaliteit in de kleedkamer, dan is het Racing Genk wel. De academie heeft heel duidelijke waarden: zwarte schoenen, geen oorbellen, geen koptelefoon, de hand schudden van de trainer… Ik heb nooit te maken gehad met pubers die mij wilden testen of zo, eerder vond ik de groep te stil.”

Wat voor trainer was u?

"Hoog druk zetten! Ik was een heel harde fan van het Barcelona van Pep Guardiola. Ik las alle boeken over hem, ik bestudeerde het middenveld met Xavi en Iniesta tot in de details. Mijn verdediging moest op de helft van de tegenstander staan. (lacht) Soms kregen we het deksel op de neus.”

Waarom wordt een romantische idealist in het trainersvak in 2015 technisch directeur?

"Eerlijk? Omdat ik dacht: als een ander het doet en die doet het fout, dan is de club het slachtoffer. Ik méén dat. Ik heb als Limburger Racing Genk altijd een fantastische club gevonden. Toen ik hier speelde, was ik keitrots. 'Ik kan het maar beter zelf doen', redeneerde ik. Het was geen evidente keuze. Ik kwam uit een scheiding en had schrik dat mijn kinderen, toen 14 en 12, problemen zouden krijgen met mijn publieke rol."

Is het die trots die u uiteindelijk weerhield om in de zomer van vorig jaar naar Club Brugge te trekken?

"Brugge toonde interesse en we praatten heel uitvoerig, maar tijdens het denkproces voelde ik des te meer dat mijn hart in Genk ligt. Zolang ze mij hier niet ontslaan, ga ik niet werken voor een andere Belgische club."

Kon u in 2015 een balans lezen en begrijpen?

"Neen."

Wist u een loonmassa in te schatten?

"Neen."

'En dat wordt dan technisch directeur', zou Michel Louwagie van AA Gent opmerken. Hij vindt dat elke ex-voetballer die een managementrol wil opnemen eerst een lesje in economie moet krijgen.

(knikt) "Ik heb de economische kant van de job moeten leren, met vallen en opstaan. In mijn eerste zomer ging ik naar Israël en kwam terug met een spits, 900.000 euro. ‘Die moeten we pakken’, vertelde ik aan het bestuur. Hun antwoord luidde: 'Dimitri, wij kunnen dat niet betalen. Er is geen budget zolang niemand vertrekt.' Dan ben ik maar De Camargo transfervrij gaan halen.”

Vier jaar later blijkt dat u een succesmodel hebt neergezet. Maar gaat een groot stuk van de verdienste niet naar jullie hoofdscout Dirk Schoofs?

"Heel zeker. Het eerste wat ik vier jaar geleden deed, was diverse posities invullen in de academie én een performant scoutingsapparaat installeren. Scouting vind ik de corebusiness van een voetbalclub. Schoofs is zich komen aanbieden, hij zat op dat moment in de immobiliënsector. Hij heeft zijn eigen team met vier mensen mogen samenstellen.”

Jhon Lucumi en Junya Ito op training. Beeld Photo News

Clubs dienen hun scouts goed te betalen, niet? Er zijn clubs in eerste klasse waar scouts tijdens een trip met hun onkostenvergoeding nog net een Snickers en een appel kunnen eten.

"Helemaal akkoord. Weet je hoe Lille nu functioneert? Hun hoofdscout en zijn mensen werken op zelfstandige basis, waarbij ze delen in de winst van een uitgaande speler en financieel mee verantwoordelijkheid dragen in het verlies op een speler. Eigenlijk is dat nog zo gek niet.

"Nog een trend is dat je als club geen hoofdcoach alleen meer binnenhaalt maar zijn hele team. Trainers eisen dat ze hun eigen T2 en T3, keeperstrainer en conditiecoach kunnen meebrengen. Het budget voor een hoofdcoach gaat omhoog. In Racing Genk houden we die trend tegen. We willen altijd nog een paar mensen behouden die instaan voor de verankering.”

Het heet dat een technisch directeur vooral zijn emoties onder controle moet houden.

"De zakelijke reflex heb ik geleerd in het bedrijf van mijn vader; onderhandelen in de transportsector is keiharde business. Relaties opbouwen met makelaars, bijvoorbeeld, boeit mij in de verste verte niet, maar ik respecteer ze allemaal. Ik doe voor niemand de deur toe.”

Dat hebt u bewezen met de deal van Ianis Hagi, die mede via Mogi Bayat naar Genk kwam.

"De makelaar van Hagi zei mij: 'Ik wens in België de deal alleen te doen met Mogi Bayat.' Als Bayat vervolgens fair handelt met mij en Racing Genk, en wij kunnen Hagi aantrekken, ben ik daar heel nuchter in."

Kunt u bij dezen eens het hele rekruteringsparcours van Hagi uit de doeken doen?

"Schoofs en ik gaan voor jonge talenten uit van een databank. Een externe firma rangschikt spelers van over de hele wereld naar high potential op basis van tientallen statistieken en vergelijkingspunten met voetballers op dezelfde leeftijd die nadien slaagden. Wij zeggen bijvoorbeeld: 'Geef ons de beste nummers 10 in de categorie U21.' Dan krijgen wij een top veertig of zo en gaan we live kijken.”

Dan zit je naar Hagi te kijken samen met dertig andere scouts, waaronder FC Barcelona en Real Madrid.

"Inderdaad. Dat weet je en daar moet je boven staan. Parallel met de wedstrijdscouting van Hagi ging ik op zoek naar wie de makelaar was en maakte ik een afspraak met hem. Ik vertelde welke club wij zijn, wat ons DNA is, welke waarden wij belangrijk vinden, enzovoort. Je probeert de speler te overtuigen. Finaal ben je afhankelijk van de speler. 

“Het dossier van Hagi deed mij denken aan dat van Sander Berge. Ze konden allebei naar grote clubs in Europa, die hen vervolgens weer wilden uitlenen. Zowel Berge als Hagi wilde zo vroeg in de carrière liever stabiliteit. Zodra ik voelde dat wij kans maakten, heb ik mij gesmeten. Dat we Champions League spelen heeft ongetwijfeld geholpen. Uiteindelijk moet je ook altijd een portie geluk hebben.”

Genk-coach Felice Mazzu. “Bij ons zit de trainer niet in de sportieve commissie", zegt De Condé. Beeld BELGA

En dan weet u nog niet of u de goede keuze maakte. De Spaanse spits Naranjo hád iets, maar hij mislukte.

"Die jongen heeft zich nooit kunnen aanpassen, vooral door het taalprobleem. Naranjo kwijnde weg. Sindsdien hebben we bij de rekrutering van een speler een psychologisch profiel ingepast. Als we te maken hebben met een zot, moet ik dat weten.”

Als de psycholoog zegt: 'Zlatan is zot', wat doet u dan?

“Ik zal een zot aantrekken, maar dan wel een zot die respect toont. Ik kijk heel streng toe op de waarden van de club."

Hoe groot is de inspraak van de hoofdtrainer in de samenstelling van de kern?

"Twee jaar geleden ben ik naar Rome gevlogen om een gesprek te voeren met mijn grote voorbeeld onder de technisch directeurs, Monchi. In Sevilla won hij driemaal de Europa League met bescheiden middelen. Hij vertelde mij: 'Een coach traint de ploeg en een technisch directeur stelt de kern samen.’ Trainers zijn hele dagen bezig met de ploeg en kunnen nooit de tijd hebben om diep in te gaan op het transferbeleid. Bij ons zit de trainer niet in de sportieve commissie. Met die nuance dat je de trainer altijd beelden moet laten zien van de speler die je haalt, zodat hij een duidelijk beeld heeft van wie hij krijgt."

Heel concreet: stel dat Samatta nog vertrekt, dan stapt u met zijn vervanger naar Mazzu, en niet andersom.

"Juist. Het alternatief is het Engelse model, maar ik heb daar moeilijkheden mee. Een trainer die vindt dat hij zomaar spelers kan aantrekken, onderschat de job van technisch directeur. Omgekeerd geldt hetzelfde. Ik dring mijn tactische mening nooit op bij een trainer. Een bestuur moet uit de kleedkamer blijven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234