Donderdag 09/04/2020

Voetbal

De opstand van de kop: activisme of nieuw hooliganisme?

Een deel van de Bayern München-aanhang toont een beledigend spandoek gericht aan Hoffenheim-eigenaar Dietmar Hopp.Beeld AFP

Elkaar de hersens inslaan in het stadion? Te veel camera’s en te veel stadionverboden. Daar buiten? Zo jaren tachtig, maar het kan nog wel een enkele keer. De nieuwe vijanden van supporters zijn het clubbestuur, de voetbalbond en het systeem.

Vandaag om halfvier speelt Schalke 04 thuis. De bezoekende club is TSG 1899 Hoffenheim. Voor beide ploegen zijn titel of degradatie ver weg en Europees voetbal zit er ook niet meer in, toch is dit geen eindeseizoenswedstrijd. Als Hoffenheims teameigenaar Dietmar Hopp opnieuw voor ein Hurensohn wordt versleten, stappen de Schalke-spelers van het veld, zo hebben ze laten weten. Bij de Deutscher Fussbal-Bund houden ze hun hart vast want net als die van Hoffenheim-Bayern vorig weekend zullen ook die beelden de wereld rond gaan. Wat de uiteindelijke bedoeling is.

De fans in Gelsenkirchen hebben een reputatie als het gaat om nietsontziende harde acties. Vorig jaar nog in de gewonnen derby tegen Dortmund vroegen ze om de vrijlating van Sergej Wenergold. ‘Eine Bombenidee’, stond er op het spandoek, laat Wenergold vrij. Wenergold was de aanslagpleger (met bommen) op de bus van Borussia Dortmund die in april 2017 op weg was naar het stadion voor de kwartfinale van de Champions League. Niet eens een Borussen-hater van een andere club maar gewoon een gast die opties had gekocht en hoopte dat het aandeel van de BvB uit Dortmund zou kelderen na de aanslag. Er hadden toen doden kunnen vallen. Wenergold kreeg veertien jaar.

Spelers die het oneens zijn met hun harde kern, het is nog al gebeurd. Maar de eigen fans het voetbal afnemen, dus hun klanten het product ontzeggen waarvoor ze hebben betaald, is zelden of nooit vertoond. Toen op de vorige speeldag Hopp door de Bayern-aanhang in schrift en gezang werd uitgemaakt, waarop de wedstrijd twee keer werd gestaakt en de spelers bij een 0-6 stand weer op het veld kwamen, speelden ze uit protest de bal naar elkaar, dertien minuten lang. Al die tijd stonden de golfbuddy’s en clubvoorzitters Dietmar Hopp (Hoffenheim) en Karl-Heinz Rummenigge (Bayern) schouder aan schouder aan de rand van het veld naast elkaar, verenigd tegen de vijandige fans in de tribune. Rummenigge wilde zelfs het handje vasthouden van Hopp, maar de zevende rijkste Duitser leek dat net iets te melig te vinden. Hopp was zichtbaar geëmotioneerd door de solidariteit. Rummenigge was nadien hard voor zijn fans: “Die idioten zijn het lelijke gezicht van Bayern. Dit moet ophouden.”

Een omhelzing tussen Dietmar Hopp (links, Hoffenheim) en Karl-Heinz Rummenigge (Bayern).Beeld Revierfoto/dpa

Die strenge veroordeling vanuit het bestuur heeft een achterliggende reden. De actie van de Bayern-aanhang – en naar wordt gevreesd ook van de andere harde kernen dit weekend – is een zelden geziene solidariteit tussen de ultra’s van het Duitse voetbal. De directe aanleiding was de collectieve straf voor de fans van Dortmund voor identieke beledigingen aan het adres van Hopp. Na een eerste voorwaardelijke straf werd die na nieuwe spreekkoren omgezet in effectief: drie keer op rij mag Borussia geen fans meenemen naar Hoffenheim. De verontwaardiging over die collectieve bestraffing – een extreme belediging voor ultra’s en andere harde voetbalfans – overstijgt nu de onderlinge voetbalhaat. Plots is het solidaire gevecht tegen het voetbalbestel belangrijker dan de wederzijdse haat.

Dit gaat voorlopig niet weg. Eintracht Frankfurt speelde woensdag de kwartfinale voor de Duitse beker tegen Werder Bremen en de fans van de Nordwestkurve hadden een originele banner. Eerst ontrolden ze de tekst ‘Dietmar Hopp du Sohn einer…’ en toen iedereen het vervolg hoer verwachtte, kwam er ‘Mutter’.

50+1-regel

Dit Duitse verhaal past in een bredere Europese beweging met uitlopers tot in onze pintjesliga, maar is binnen de Duitse context in eerste instantie terug te voeren op de harde supporterskernen die hun macht niet beknot willen zien door externe investeerders. Die macht van de fans in Duitsland is eerder symbolisch verankerd in het 50+1-principe. In voetbalclubs, hoe groot en hoe rijk ook, moet de meerderheid van de aandelen worden gecontroleerd door de clubleden.

Uitzonderingen daarop zijn de traditionele fabrieksclubs zoals Bayer Leverkusen en VfL Wolfsburg, dat in handen is van Volkswagen. Maar ook – en daar knijpt het schoentje – 1899 Hoffenheim. Die club is als een komeet door de Duitse voetbalafdelingen naar omhoog geschoten met dank aan het grote geld van softwaremiljardair Dietmar Hopp. Dat hij een uitzondering kreeg op de 50+1-regel had te maken met zijn verleden als jeugdspeler en zijn reputatie als ethisch bedrijfsleider en mecenas in de lokale gemeenschap. 

Critici zeggen dat hij via het voetbal zijn familieverleden wil compenseren. Vader Hopp was een Duitse militair die in de Tweede Wereldoorlog overijverig tekeer ging in de opsporing en deportatie van Joden in Hoffenheim. Of dat is gelukt, is niet helemaal duidelijk. Op een totaal ander vlak is het alvast een hele verwezenlijking dat de club Hoffenheim niet langer afhankelijk is van het geld van Hopp. Vorig jaar hadden ze 50 miljoen euro over op de transferbalans.

Wat er ook van aan is, de fans van de Traditionsvereinen zoals Bayern, Borussia of Schalke 04 willen van dat kunstmatige Hoffenheim en hun Dietmar Hopp niet weten. Ook van RB Leipzig trouwens niet, want die club is in handen van Red Bull en eigenaar Dietrich Mateschitz. Hoewel de 50+1-traditieclubs evengoed worden gefinancierd door multinationals en nog actiever zijn in het miljoenenspel van de spelershandel, zien hun fans in Hopp en Mateschitz de verpersoonlijking van het moderne voetbal waarin geld een allesbepalende rol speelt.

AMF

Het Duitse voorbeeld is een illustratie van de steeds grotere kloof en de daaruit volgende machtsstrijd tussen de fans enerzijds en clubeigenaars en -besturen anderzijds. Het is voor alle duidelijkheid de fan die ongelukkig is, niet het clubbestuur. Die zijn zich van geen kwaad bewust, behalve dat ze in hun maag zitten met de onvoorspelbaarheid en koppigheid van hun harde kernen.

De Schickeria’s, de bekendste ultra’s in de Südkurve van Bayern met wie Rummenigge nu in een conflict is verzeild, zijn overigens een buitenbeentje. Waar nogal wat Italiaanse en enkele Duitse ultragroepen een uitgesproken rechtse signatuur hebben, manifesteren veel andere Duitse ultra’s (onder wie de Schickeria’s) zich als antiracistisch, antifascistisch, pro een menselijke opvang van vluchtelingen, maar zijn ze evengoed gekant tegen het afbouwen van de 50+1-regel. En zeker tegen Hopp. Hun laatste actie was het kapittelen van het Bayern-bestuur toen bekend raakte dat het team op winterstage zou gaan naar Qatar.

Ze passen perfect onder de noemer against modern football of AMF. Ryan Kelly vat die soms naïeve stroming op goal.com zo samen: “AMF is een een breed gedragen internationale beweging tegen de vermarkting van voetbal waardoor supporters consumenten zijn geworden en het spel een product. Tegen het moderne voetbal betekent tegen een verhoging van de ticketprijzen, tegen stadions met alleen zitjes, tegen de gentrificatie en de daarmee gepaard gaande verdrijving van de lagere klassen en eigenlijk tegen alle beperkingen die fans krijgen opgelegd.”

Supportersprotest bij PSV Eindhoven.Beeld ANP/VI Images

Een van die beperkingen betreft de pyrotechniek, alles wat een stadion letterlijk in vuur en vlam kan zetten, zoals Bengaals vuur, rookbommen, fakkels en vuurpijlen. Die worden steeds vaker verboden en kunnen leiden tot zware straffen. No pyro, no party is de bijpassende slogan. 

Stadionverboden vinden ze bij AMF ook maar niks. Nieuwlichterijen als de VAR worden gezien als een aanslag op hun fandom en als zelfverklaarde laatste hoeders van het echte voetbal eisen ze te worden geraadpleegd in het beslissingsproces. In Nederland was begin dit seizoen het hevigste protest te horen tegen 20 uur als aanvangsuur op zondagavond. ‘Tegen zondag 20.00 uur, Against Modern Football’, zo stond het op een spandoek in het PSV-stadion, waar de fans de eerste twintig minuten stil bleven.

De ultra’s

Ultra’s zijn niet te verwarren met hooligans. Die laatsten zijn bekend van de wilde jaren tachtig en negentig, toen terreininvasies en vechtpartijen in de tribunes schering en inslag waren.

Het begrip ultra is voor het eerst gebruikt in 1969, toen de harde kern van Sampdoria Genua zichzelf tot de Ultras Tito Cucchiaroni omdoopten, gevolgd door de fans van Torino die de Ultras Granata werden. Ultra’s zijn overal en zijn altijd bekend voor hun pyrotechniek, tifo’s (spandoeken soms over een hele tribune), gezangen, trommels, en andere sfeerelementen. Overal in het voetbal, behalve in een stadion in de Premier League, waar vlaggen, vlaggenstokken, vuur en aanverwanten helemaal verboden zijn en een opgestoken vinger of een scheldwoord al heeft geleid tot een stadionverbod wegens ‘aanzetten tot haat’.

De eerste Belgische ultragroep dateert van 1996: de Ultras Inferno op Sclessin, de thuishaven van Standard de Liège. Die zijn berucht van de tifo in januari 2015 met de onthoofde Steven Defour, toen hun ex-speler met Anderlecht op bezoek kwam. In Vlaanderen was Genk eerst in 2002 met de Drughi Genk. Zelfs STVV en Eupen zouden tegenwoordig ultra’s hebben. Een kenner van het Belgische supporterslandschap is niet overtuigd: “Met uitzondering van Standard gaat het om copycatgedrag, na-apen wat in de grote landen gebeurt. Er zit niet echt een maatschappijkritische boodschap achter.”

Over de subcultuur van de ultra’s in de Lage Landen en daarbuiten lees je op de Nederlandse site indehekken.net. Kort na de gebeurtenissen in Duitsland van afgelopen weekend hadden ze al een prima geschreven en goed gedocumenteerd achtergrondverhaal.

Hun mantra is ‘Start de normalisatie’, een ietwat cryptische en alleen door insiders begrepen eis om als normaal te worden behandeld en niet langer voor het minste vergrijp en zeker niet collectief te worden bestraft. In België kregen ze trouwens een medestander in advocaat en Beerschot-ondervoorzitter Walter Damen. Waar de meeste bezoekers van voetbalstadions vinden dat niet streng genoeg kan worden opgetreden tegen misdragingen, pleitte Damen in een open brief het omgekeerde: “De supporter moet moeder Teresa en Gandhi in één persoon zijn. Het wordt tijd de supporter te respecteren in zijn emotionaliteit.”

Een standpunt dat lijkt op dat van de Inter-fans die hun eigen spits Romelu Lukaku ter verantwoording riepen toen hij de oerwoudgeluiden bij Cagliari als racistisch bestempelde. “Neen, Romelu, in Italië is dat geen racisme. Dat is destabilisatie.”

De Ultras Inferno op Sclessin, de thuishaven van Standard, kwamen in opspraak met deze tifo over oud-speler Steven Defour.Beeld AP

Bij KAA Gent weten ze nu ook beter. In de hoop de sporthalsfeer in de Ghelamco Arena wat meer des voetbals te maken en op vraag van de harde jongens (en meisjes) van Ultras Ghent, Buffalo Indians en Banlieue Gantoise werd in samenspraak met de supporterskoepel Armada Ganda een sfeervak gecreëerd in het midden van Tribune 2. Er kwamen vergaderingen aan te pas. Waar de club had verwacht dat de fans met inspraakideeën zouden komen, bleef de inbreng beperkt tot ‘we willen de Buffalomars terug’ (en de Gentse versie van ‘Nessun Dorma’ in de vuilbak) en ‘we willen katrollen om tifo’s te kunnen uitrollen’. Sinds dit jaar lijkt het centrale gedeelte van Tribune 2 in de Ghelamco op alle andere vakken of bochten met harde kernen: zwarte kledij en vooral geen clubkleuren want dat is niet zoals het hoort. Wie een sjaal van een club koopt, aldus het verhaal, steunt de commercialisering.

Dat je met harde kernen dreigt een hand kwijt te spelen als je hun een vinger geeft, heeft KAA Gent inmiddels ook geleerd. Op zowat alles werd toegegeven en de enige eis daartegenover was: gedraag jullie te allen tijde conform de voetbalwet. In Mechelen op 1 februari ging het mis toen vuurpijlen vanuit het Gentse uitvak op het veld belandden. De club strafte de overtreders, waarop verontwaardigd werd gereageerd. De reactie liet niet op zich wachten: op 7 februari, toen Anderlecht op bezoek kwam, bleef het sfeervak met harde jongens de eerste twintig minuten muisstil en stonden de hardste kernen met de rug naar het veld. Het leidde tot een ietwat akelige sfeer. De spelers misten iets en in Tribune 2 keerden de andere fans zich tegen de saboteurs. Ze zongen: “En laat uw ploeg maar in de steek”, wat verhitte discussies en opstootjes veroorzaakte.

Het copycatgedrag waarvan eerder sprake, manifesteerde zich in een spandoek met daarop ‘Start de normalisatie’. Niemand in het hele stadion begreep waar het over ging. Om het clubbestuur helemaal hoorndol te maken en erop te wijzen dat zij de club zijn en zich aan geen regels houden, werd vorige week bij het bezoek van AS Roma een straatgevecht tegen de Italianen uitgelokt. De geëigende socialemediakanalen deden de rest: de Gentse ultra’s, tot dan niet voor echt aanzien, bestaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234