Zondag 18/04/2021

NieuwsOlympisch coronadraaiboek

De financiële val van Anderlecht: hoe de economische grootmacht verviel naar slechtste leerling van de klas

Aandeelhouder Michael Verschueren en Anderlecht-eigenaar Marc Coucke. Het huidige management heeft een stop gezet op de kostenstructuur.
 Beeld BELGA
Aandeelhouder Michael Verschueren en Anderlecht-eigenaar Marc Coucke. Het huidige management heeft een stop gezet op de kostenstructuur.Beeld BELGA

Marc Coucke beloofde Anderlecht uit het ancien régime te trekken, maar zinkt elk jaar dieper in het financiële moeras met zijn club . Paars-wit stapelt de recordverliezen op. Hoe is het zover kunnen komen?

“Anderlecht is als de adel uit de twintigste eeuw. Ze hadden grandeur, klasse, uitstraling... Maar enkel zij die toen de deur naar de industrialisering hebben opengezet, zijn top geworden.” De toon waarop Marc Coucke op 22 december 2017 zijn eerste persconferentie gaf als eigenaar van Anderlecht, was luchtig. Maar de inhoud van zijn boodschap was staalhard. Kort samengevat: ondanks alle sportieve successen werd de recordkampioen geleid als een ouderwets bedrijf.

Wie drie jaar later een analyse van de jaarrekeningen van Anderlecht maakt, ziet dat het sinds de komst van Coucke van kwaad naar erger gegaan is. De voorbije twee seizoenen boekte paars-wit twee keer een recordverlies in het Belgisch voetbal. 26,5 miljoen in 2018-2019. In de jaarrekening 2019-2020, die net gepubliceerd is in het Staatsblad, is dat zelfs 36,5 miljoen.

En toch had Marc Coucke gelijk.

Het businessmodel van de club die hij overgenomen had voor 60,5 miljoen euro stond op kraken. In het tijdperk Roger Vanden Stock-Herman Van Holsbeeck lag de focus op de ‘quick wins’. Europees voetbal – het liefst van al Champions League – en transferinkomsten.

Daar is op zich niets mis mee. Zolang er ook structurele inkomsten zijn waar de club op kan terugvallen. Want er komt een moment dat de sportieve resultaten tegenvallen, en de quick wins voor een deel wegvallen. Maar op dat vlak hinkte paars-wit achterop. De infrastructuur van het Astridpark was verouderd. De vipinkomsten waren niet recht evenredig met het statuut van de club. Sponsordeals werden niet tot op het bot onderhandeld, omdat ze al lang hechte banden hadden met de commerciële verantwoordelijken. Bevriende makelaars werden dan weer rijkelijk betaald.

Op commercieel vlak heeft Anderlecht de voorbije drie jaar serieuze stappen gezet. De structurele inkomsten zijn gevoelig gestegen. Voor de komst van Coucke was dat 43 miljoen. Het afgelopen boekjaar lag dat 8 miljoen hoger. En dat in een half coronajaar.

Sportieve resultaten

Tot daar het goede nieuws. Want voetbal is misschien een business waar marketingboys en sponsordeals steeds belangrijker worden, het meest cruciale blijft wat er op het veld gebeurt. Sportieve resultaten zijn de sleutel voor elke succesvolle voetbalclub. Goede prestaties zorgen ervoor dat spelers meer waard zijn op de transfermarkt, en voor Europees voetbal. De Champions League levert gemiddeld zo’n 25 miljoen euro op, de Europa League ruwweg 8 miljoen. In die Europese competities kunnen de spelers zich nog meer in de kijker spelen bij geïnteresseerde clubs. De transferinkomsten zorgen er dan weer voor dat er voldoende sportieve kwaliteit kan bijkomen, om op die manier weer sportieve en bijgevolg financiële successen te boeken.

Bij Anderlecht gebeurde het omgekeerde. Paars-wit plaatste zich in het eerste jaar onder Coucke nog voor de Europa League. Maar daarin won het geen enkele keer. Het jaar daarop sloot paars-wit voor het eerst in 56 jaar af zonder Europees ticket.

In een poging om die tendens om te keren, is Anderlecht met geld beginnen gooien op de transfermarkt. Verdediger Sanneh kostte 8 miljoen en geraakt het nu niet meer aan de straatstenen kwijt. Samir Nasri en Adrien Trebel kregen een salaris van zo’n 3 miljoen, terwijl ze amper in actie kwamen. De onderliggende redenen voor die uitgaven waren goedbedoeld: Anderlecht weer sportief uit het dal trekken. Maar dat lukte niet.

Zo belandde de club in een vicieuze cirkel. De slechte prestaties zorgden voor beperktere inkomsten. Ondertussen lagen de uitgaven een pak hoger. Meer transfersommen, hogere lonen. Anderlecht bleef over met een uitpuilende spelerskern. Want de dikbetaalde spelers die niet eens in de kern zaten waren niet geneigd om in te leveren. Waardoor Anderlecht in feite lonen van een half miljoen of meer betaalde aan een dozijn spelers die niet eens het wedstrijdblad haalden. Bovendien kregen tientallen personeelsleden hun ontslag, wat op korte termijn ook een serieuze meerkost betekende.

Put dieper gegraven

In het seizoen 2019-2020 liepen de salarissen op tot 58 miljoen euro. Ter vergelijking: Club Brugge betaalde 46 miljoen, inclusief premies voor de titel en de Champions League.

Paars-wit heeft de voorbije jaren zijn eigen put dieper gegraven.

Het huidige management heeft een stop gezet op de kostenstructuur. Sportief manager Peter Verbeke borstelde dertien spelers uit de kern in een poging de salarislast naar beneden te halen (en de transferwaarde van de huurlingen op te krikken).

Maar het allerbelangrijkste worden de resultaten. De beker is de kortste weg naar Europa. Naar een combinatie van de structurele inkomsten van het heden én de quick wins uit het verleden. Lukt dat niet, dan zal Anderlecht weer spelers moeten verkopen om zijn licentie te halen – of een nieuwe eigenaar moeten zoeken.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234