Zondag 08/12/2019

Wielrennen

Dat hij hard kon rijden? Ja. Maar dat Wout van Aert topfavoriet zou zijn in een tijdrit in de Tour?

Van Aert op het BK in Middelkerke. Beeld BELGA

Dat hij hard kon rijden? Ja. Maar dat Wout van Aert topfavoriet zou zijn in een tijdrit in de Tour? Niemand die dat afgelopen winter had zien aankomen. Op zoek naar duiding bij een fenomeen.

“Ik heb geprobeerd er het beste van te maken. Het is niet gelukt. Een anonieme achtste plaats: ik ben teleurgesteld dat ik het crossseizoen zo moet verlaten.” Wout van Aert – 6 februari 2019.

Wout van Aert zat afgelopen winter slecht in zijn vel. Hij moest buigen voor de heerschappij van Mathieu van der Poel. Verbrak zijn contract bij Verandas Willems-Crelan. Een seizoen in het veld om snel te vergeten.

Hoe anders ziet de wereld er vijf maanden later uit. Van Aert ontdekte zichzelf als puncher in massasprints. En – minstens even spectaculair – groeide in geen tijd uit tot tijdrijder van wereldformaat. Geen zinnig mens die zal tegenspreken dat Wout Van Aert vandaag de te kloppen man is in Pau.

Hoe is zo’n transformatie mogelijk? “We hebben er een beetje werk in gestoken.” Mathieu Heijboer lacht aan de andere kant van de lijn om zijn eigen understatement. Heijboer is het hoofd van het performance team van Jumbo-Visma. Hij is de tijdritspecialist van de Nederlandse ploeg. Uren, dagen, weken is Heijboer met zijn team in de weer geweest met Van Aert. Hij had daar een goede reden voor. “Wout kon een énorm hoog vermogen trappen, gedurende een lange tijd. We wisten dat we daar nog meer uit konden halen.”

De eerste stap was simpel. Van Aert op een tijdritfiets zetten, op de piste in Alkmaar, en nagaan waar de grootste winstmarges lagen. Heijboer zegt niet dat de drievoudige wereldkampioen veldrijden slecht op de fiets zat, maar toch: “Optimaal was het niet.” Gedurende die eerste sessie stuurde de performance coach voortdurend bij. “We hebben toen acht, negen, tien posities getest. Plots was de tijd om. Maar we voelden dat het beter kon. De optimale positie hadden we nog altijd niet gevonden.”

“Ik klop Tony Martin. Dit had ik niet verwacht. Maar het was maar een korte tijdrit. 5 kilometer langer en het was niet gelukt.” Wout van Aert – 25 mei 2016.

Van Aerts tijdrit in de Dauphiné, amper één maand geleden, sloeg in als een bom. Zelfs bij zijn eigen ploeg. Dat hij progressie had gemaakt, dat hadden ze gezien. Zelfs gemeten. Maar een WorldTour-tijdrit met zulke overmacht winnen – 31 seconden op nummer twee Tejay Van Garderen? Dat had niemand zien aankomen.

Of toch? Tony Martin, ploegmaat van Van Aert, wikt zijn woorden. Martin is viervoudig wereldkampioen tijdrijden. Zijn grootste dagen liggen stilaan achter hem, maar de Duitser blijft een referentie als het gaat over koersen tegen het uurwerk. Martin wil niet beweren dat hij verwacht had dat de Belg in zo’n korte tijd zo’n progressie kon boeken. “Maar ik was er me wel bewust van dat Wout een flink stuk kon tijdrijden. Ik ben niet vergeten hoe hij me een drie jaar geleden geklopt heeft in de Baloise Belgium Tour. Daar zag je zijn potentieel al. Al was dat op een proloog van 6 kilometer.”

Van Aert op de rustdag in de Tour. Beeld BELGA

Van Aert was op dat moment vooral nog veldrijder. Die proloog was zijn eerste zege op de weg. Nadien reed hij nog een aantal degelijke tijdritten. Een keer negende in de ZLM-Tour, zesde op het BK in Binche, derde in de Baloise Tour, tweede in de Ronde van Noorwegen. Al waren er voor 2019 al bij al weinig aanwijzingen dat diezelfde Wout van Aert de absolute wereldtop zou halen.

Martin: “Toen ik in juni naar de televisie keek, en zag hoe Wout de tijdrit in de Dauphiné won, dacht ik: wow. Ik zat er met open mond naar te kijken.”

Tijdritcoach Heijboer geeft ook aan “verbaasd” te zijn. “Niet over de wattages die Wout trapte. We wisten dat hij dat kon. Zijn parcours als veldrijder helpt hem daar zeker in. Niet alleen omdat hij het gewoon is om zo lang aan één stuk in het rood te gaan. En ook om al die tijd de volle focus te behouden, om geen millimeter te laten liggen in de bochten, om op de juiste momenten te blijven drinken. Dat geeft hem een voordeel. Maar dat de kloof met de concurrentie zo groot zou zijn? Daar had ik nooit op durven te rekenen.”

“Ik kende Wout niet voor onze hoogtestage. Daar heb ik gezien dat hij redelijk goed kon fietsen.” Steven Kruijswijk – 4 juli 2019.

De tijdsintensieve voorbereiding had zijn vruchten afgeworpen. De test in Alkmaar was nog maar het begin. Eind mei laste Jumbo een hoogtestage in richting Sierra Nevada. Centraal stonden de Tour-plannen van Steven Kruijswijk, klassementsman van de Nederlandse formatie. Ook Van Aert ging mee. Van de Tour was op dat moment officieel nog geen sprake. De Belg zou er wel mee op hoogte trainen, maar hij was vooral mee naar Spanje om te schaven aan zijn tijdrit. Heijboer legt uit hoe dat zat: “Na de eerste tests in Alkmaar hadden we nood aan meer data. Dus installeerden we in Spanje een windmetertje op Wouts fiets.”

Zo’n windmeter meet – kort samengevat – hoeveel luchtweerstand een renner ondervindt. De metingen gebeurden specifiek in de afdalingen. Op die manier werden de metingen niet verstoord door de grote kracht die de Belg op het vlakke kan ontwikkelen. Het draaide om efficiëntie. Om aerodynamica. Heijboer: “We vroegen Wout verschillende keren de berg af te rijden. Hij moest zich daarbij steeds een andere positie aanmeten. Ik denk dat we in totaal zeker vijftien, misschien wel twintig posities hebben uitgetest. We waren niet afgereisd om tot een soort compromis te komen. We waren daar om de beste positie voor Wout te bepalen.”

Van Aert wint de 10de etappe in de Tour. Beeld AFP

Een tijdrovend werk. Ook niet meteen het ding van Van Aert. Die fietst volgens de leuze ‘better, harder, stronger, faster’. Terwijl het daarboven op de berg vooral om geduld en precisie draaide. Maar hij voelde bij elke beurt wel dat hij steeds dichter bij zijn ideale positie kwam. “Tot we echt tot een klik kwamen”, zegt Heijboer. “We vonden een positie waarover Wout zelf zei dat hij er zich zeer goed in voelde. Hij is daarna dolenthousiast beginnen te trainen. Met het blote oog zal je niet gemakkelijk veel anders zien aan zijn positie – behalve dat hij wat ‘smaller’ is komen zitten met zijn ellebogen. Maar het werkt.”

Opmerkelijk: de houding die Van Aert na al dat sleutelen aanhoudt, is uiteindelijk niet de meest aerodynamische van alle tests. “Tijdrijden is niet enkel zo weinig mogelijk wind vangen. Het gaat ook over een enorm vermogen trappen en blijven trappen. Daarvoor moet je ook comfortabel genoeg op de fiets zitten. De positie die Wout nu aanhoudt, is de best mogelijke combinatie van de twee.”

“Ik win de tijdrit in de Dauphiné. Ik wist niet dat ik dat kon op dit niveau.” Wout van Aert – 12 juni 2016.

Van Aert trainde de afgelopen maanden twee keer per week zeer doelgericht op de tijdritfiets. Eén intensieve sessie waarbij hij in het rood ging. En één rustigere rit, met de bedoeling om zich zijn ideale positie meester te maken. Jumbo-Visma hield zijn vooruitgang nauwgezet bij. De laatste metingen kleurden donkergroen. “Wout kan nu tussen de 35 en 40 watt meer trappen, vergeleken met onze eerste tests”, zegt Heijboer met gepaste trots in zijn stem. ‘Watt’ Van Aert is geboren. Maar wat betekent dat concreet? “Dat wil zeggen dat, op een vlak parcours van zo’n 40 kilometer, Wout iets meer dan een minuut sneller zal zijn.”

Een minuut. Dat is gigantisch in een sport waar ‘marginal gains’ de norm zijn geworden. Waar het doorgaans gaat om de cijfers na de komma. De progressie die Van Aert heeft geboekt bij Jumbo-Visma is enorm. Heijboer benadrukt wel dat Kristof De Kegel, de performance coach van Van Aert bij Verandas Willems-Crelan, ook goed werk heeft geleverd. Maar die werd veel meer beperkt in zijn (financiële) mogelijkheden. “Je mag niet vergeten dat wij enorm doorgedreven tests kunnen doen en het best mogelijke materiaal hebben. Onze Bianchi-kaders zijn enorm snel, net als onze wielen.”

En daar komt volgend seizoen nog een nieuw technologisch hoogstandje bij. Een op maat gemaakt tijdritstuur. “Met dank aan de connecties van onze CEO Frits Van Eerd. Die is een grote autosportliefhebber. Daar zijn ze ook altijd op zoek naar manieren om sneller te gaan. Hij heeft de contacten verzorgd met fabrikanten uit de autowereld, die mee aan het stuur bouwen.” Dat zal 60 gram lichter zijn en nog minder luchtweerstand ondervinden. Primoz Roglic verpulverde er de tegenstand al mee in de Giro. Omdat zo’n stuur maken veel tijd kost en Van Aert normaal de Tour niet zou rijden, moet hij het vandaag nog zonder doen.

Van Aert in de ploegentijdrit in Brussel. Beeld BELGA

Ook zonder stuur was het eerste resultaat zichtbaar in de Dauphiné. Nadien volgde winst op het BK. Ook in de ploegentijdrit – ook gewonnen door Jumbo-Visma – op dag twee van de Tour was Van Aert een van de motoren. “Dat was eigenlijk het enige aspect waarin Wout coaching nodig had”, zegt Tony Martin. “Ik heb hem proberen uitleggen hoe hij zich moest positioneren. Wanneer hij welke inspanning moest doen. Veel meer uitleg heeft Wout niet nodig. Hij is verstandig genoeg. Hij heeft alles wat een tijdrijder moet hebben.”

Voor Tony Martin is het duidelijk: Van Aert is vandaag favoriet. “Zelfs al heeft hij al enorm veel werk moeten opknappen voor de ploeg. Maar als je me vraagt of Wout kan winnen? Dan zeg ik volmondig ja. Zijn benen zijn geweldig. Zijn moraal is enorm goed.”

Heijboer vat het zo samen: “Sinds hij bij onze ploeg zit, heeft Wout nog geen tijdrit verloren. En daar zit dan het BK bij. Dat leek in België meer op een WK, zo sterk was de bezetting daar. We moeten nu ook niet vals bescheiden zijn. Wout kan winnen. We hebben er vertrouwen in.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234