Zondag 17/11/2019

Wielrennen

België is ook zonder topsprinter de beste wielernatie

Remco Evenepoel snelt naar zilver op het WK tijdrijden in Yorkshire. Beeld ANP

Akkoord, het WK was een flop. Maar laat ons vooral het fantastische WorldTour-seizoen van de Belgen onthouden. Geen natie was zo succesvol als de onze in 2019. ‘Ook de toekomst oogt mooi’, keurt bondscoach Rik Verbrugghe de champagnecijfers.

Cijfers zeggen niet alles, maar in dit geval toch veel. Negentien keer kwam ons land aan winnen toe in de UCI WorldTour, de reeks van 38 eendagskoersen en (grote) rittenwedstrijden op het allerhoogste internationale wielerniveau. And counting want vandaag start in China nog de zesdaagse Ronde van Guangxi.

Slovenië en Italië scoren op dit moment even goed, Nederland telt één streepje minder. Met dat verschil dat de Belgische successen werden gespreid over liefst dertien coureurs, twee meer dan Italië en acht meer dan Slovenië. In tegenstelling tot de andere naties konden we niet rekenen op topsprinters of rondetenoren die de teller makkelijker doen aantikken. In Italië en Nederland bijvoorbeeld zorgden Europees kampioen Elia Viviani (9 zeges) en het duo Groenewegen-Jakobsen (elk 4) alleen al voor om en bij de 45 procent van de totaalbuit. Bij de Sloveen Primoz Roglic (10) klom dat zelfs tot boven de 50 procent.

Philippe Gilbert wint met Parijs-Roubaix zijn vierde monument. Beeld EPA

Lappen we er straks nog eentje bij in China, dan komen we uit op twintig overwinningen, exact evenveel als in 2017. Toen lag de diversiteit aan renners (9) wel merkelijk lager. Nu al kunnen we 2019 dus officieel bestempelen als de beste Belgische campagne sinds het ontstaan van de UCI WorldTour in zijn huidige vorm, in 2011.

Dat drukt zich ook uit in het aantal podia (66) en toptiennoteringen (222). Nooit deden we in die negen jaar beter. Voor wie nog twijfelt: de kampioenschappen (goud op het EK en zilver op het WK tijdrijden voor Evenepoel, zilver in de EK-wegrit voor Lampaert) leverden eveneens een oogst op, drie keer zo groot als in 2017 (toen goud voor Campenaerts op het EK tijdrijden). Voorts zijn we, samen met Nederland, het enige land met vier renners in de top dertig van de UCI-wereldranking (Van Avermaet, Naesen, Wellens, Benoot) en voeren we de ranking van de eendagskoersen (Van Avermaet), de landenklassementen van de wereldranking en Europe Tour én de olympische kwalificatieranking aan.

Klimtalent op komst

Het zijn statistieken die ook bij bondscoach Rik Verbrugghe enthousiasme losweken. "We hebben inderdaad geen topspurter of groteronderenner”, stelt hij mee vast vanuit Guangxi, “maar wel een enorme voorraad sterke klassieke coureurs, met wie je nog altijd heel ver springt, zo blijkt. Al zou een combinatie van beide natuurlijk ideaal zijn." 

Work in progress, meent Verbrugghe. "Als je ziet wat er allemaal zit aan te komen aan Belgisch klimpotentieel, zou een van die hiaten weleens snel kunnen worden opgevuld: Evenepoel, Van Wilder, Vansevenant, Moniquet, en wat had ik hier graag de betreurde Bjorg Lambrecht bij gezet. De toekomst oogt rooskleurig. Voorwaarde is uiteraard wel dat onze klassieke kopstukken, die stilaan de herfst of winter van hun carrière naderen, genre Gilbert en Van Avermaet, waardige opvolging krijgen. Daar maak ik me eerlijk gezegd weinig zorgen over. België is altijd rijk geweest aan dat type renner. De jongere generatie trekt die traditie ongetwijfeld door.”

Op de vraag welke van de negentien Belgische WorldTour-zeges de diepste indruk op hem naliet, moet Verbrugghe niet lang kauwen. "Remco Evenepoel in de Clásica San Sebastián. Als je dát kunt op je negentiende, dat is indrukwekkend." 

Evenepoel was ook de man die voor twee mooie Belgische medailles zorgde op de kampioenschappen. Verbrugghe beloonde hem met een selectie voor het weg-WK in Yorkshire. Een WK dat, vreemd genoeg, collectief gruwelijk fout liep en een onvoorstelbaar contrast schiep met dit sprankelende WorldTour-rapport. "Daar is een logische verklaring voor", vindt de bondscoach. "Op papier startten we met het sterkste blok. Speel je dat uit in een ronde van drie weken, zoals de Tour of de Giro, dan boek je daar automatisch resultaat mee. Maar in een WK van één dag kan het al eens ferm tegenslaan en stemt de uitkomst niet per se overeen met wat je had verwacht. Dat is ook het schone aan deze sport: de beste wint niet altijd.”

Greg Van Avermaet voert de Belgische delegatie aan op het WK. Beeld BELGA
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234