Dinsdag 26/01/2021

AchtergrondVoetbal en corona

Atalanta - Valencia: de euforische overwinning bleek een biologische bom

Bergamo viert feest in Milaan, waar Valencia wordt opgerold. Stadion San Siro blijkt ook een centrum van besmetting.Beeld IPA / BACKGRID

19 februari 2020 geeft Atalanta Bergamo het toch al geweldige seizoen extra glans met een 4-1-zege op Valencia in de Champions League. De Italiaanse stad is euforisch. Met terugwerkende kracht geldt de wedstrijd als de ‘biologische bom’ van besmettingen met het coronavirus.

Twaalf personen sterk zitten ze speciaal voor Hans Hateboer uit Beerta op de tribune van stadion San Siro in Milaan, op woensdag 19 februari. Vader, vriendin, schoonvader, broers en vrienden. De diesel in het spectaculaire aanvalssysteem van trainer Gian Piero Gasperini scoort twee keer op een bedwelmend mooie avond, in de eerste wedstrijd ooit van Atalanta Bergamo in de knock-outfase van de Champions League.

Hateboer rent naar de tribunes. Hij laat zich vieren. ‘Het was de mooiste dag van mijn loopbaan. Dat eerste doelpunt was een direct gevolg van hoe we spelen, zoals Robin Gosens en ik al vaker scoorden als links- en rechtsback. Meegaan, naar binnen trekken, bij de tweede paal komen. Ik had nog niet gescoord en dan ineens twee keer, in de Champions League, met familie op de tribune. Het was zo speciaal.’

Van het coronavirus weet Hateboer nog niets. Niemand eigenlijk. Het is iets van ver weg, uit China. Maar de combinatie corona, voetbal en Atalanta Bergamo groeit in de maanden daarna tot een macabere driehoeksverhouding, met 19 februari als cruciale datum, als mogelijke ‘biologische bom’.

Het Gewiss Stadion in Bergamo, een stad met 120 duizend inwoners, is ongeschikt voor de kraker tussen Atalanta en Valencia. Ruim 40 duizend supporters van La Dea, de Godin, reizen 50 kilometer naar het stadion San Siro in Milaan, en nog eens drieduizend komen uit Valencia. In de metro, in de stad en in de barretjes rond het stadion is het feest, voor, tijdens en na de wedstrijd.

Middenvelder Marten de Roon, net als Hateboer international van Oranje: ‘Het was een gekkenhuis. De wedstrijd was onze beloning voor een manier van werken. Niet met miljoenen smijten. Gericht zoeken naar talent. We waren derde geworden in de competitie, onze eerste plaatsing voor de Champions League.’

De Italiaan Stefano Corsi, professor klassieke geschiedenis, Latijn en Italiaans en auteur van een boek over de club: ‘Trainer Gasperini introduceerde een nieuwe manier van denken en spelen. Hij had de moed om vanaf het begin voetballers uit de opleiding op te stellen. Dit was cruciaal, ook omdat het publiek in onze kleine stad zich wil identificeren met het team.’

Atalanta is thuiskomen

Fabio Valiante neemt op de ochtend van 19 februari op Schiphol het vliegtuig naar Milaan, speciaal voor het duel. De 50-jarige marketingconsultant werkt al dertien jaar in Nederland. Hij keert vaak terug naar Bergamo. Hij combineert zijn bezoek aan wedstrijden met visite aan familie en werkafspraken. Hij is met een vaste vriendengroep, die hij al kent sinds de middelbare school. In hun whatsappgroep ‘de Dea drinkers’ is de voorpret al begonnen. Atalanta is voor Valiante zijn sterkste band met thuis, een voortzetting van zijn jeugd.

De liefde voor Atalanta zit in zijn bloed. Niet via zijn vader, maar via zijn opa, die na de Tweede Wereldoorlog meehielp de club opnieuw op te bouwen en zelfs voor het nieuw herboren Atalanta speelde. Valiante is de trotse eigenaar van het ene aandeel dat zijn opa in de club had.

Na een dag vol werkvergaderingen neemt Valiante een taxi naar San Siro, waar hij zijn twee vaste voetbalmaatjes ontmoet, Red en Basco. De sfeer is buiten het stadion al uitzinnig. Ze hebben geluk: omdat Valiante voor Heineken werkt, een van de officiële Champions League-sponsors, heeft hij goede kaarten met toegang tot de hospitality zone.

Daar zijn ze na afloop dronken van geluk en een paar biertjes. Niet te veel, want de volgende dag werkt hij weer. Hij rijdt met zijn vrienden van Milaan naar Bergamo, waar hij rond twee uur ’s nachts aankomt in het huis van zijn ouders.

Overal kussen dik ingepakte tifosi elkaar. Ze vallen in elkaars armen. Tranen vloeien. De droom leeft voort. Hans Hateboer hoeft van de trainer niet met de spelersbus mee terug. Hij rijdt mee met zijn vader, schoonvader, vriendin en broer. ‘Meer pasten er niet in de auto.’

De Spaanse journalist Kike Mateu van radiozender Cadena SER en de krant Las Provincias beleeft een gewone werkdag. Hij houdt interviews in de stad en doet ‘’s avonds verslag. Hij vangt spelers op voor quotes. Ook hij kent alleen verhalen over corona uit China. ‘Niemand nam voorzorgsmaatregelen of zat met angst in het stadion.’

Het begin van de brand

Dan, een dag later, heeft Italië zijn eerste cluster van uitbraken van het coronavirus. Het virus verspreidt zich razendsnel, met de regio Bergamo als epicentrum. De wedstrijd geldt al snel als mogelijke bron, als brandhaard. De term ‘biologische bom’ valt, al ontbreekt een  wetenschappelijke onderbouwing. Uit een peiling van databedrijf Intwig blijkt later dat zeker 20 procent van de bezoekers in de twee weken na het duel symptomen van covid-19 krijgt.

De Roon: ‘Zeker is dat zoons op bezoek zijn geweest bij vaders, kleinkinderen bij grootouders, om te vertellen over die schitterende wedstrijd in Milaan. Achteraf hoorden we steeds meer verhalen. Maar er is meer: de regio drijft veel handel met China.’

Het virus slaat keihard toe. De competitiewedstrijd van Atalanta in het weekeinde gaat niet door, net als andere duels in Noord-Italië. Hateboer: ‘Carnaval was geannuleerd, maar het was mooi weer. Het was superdruk in de stad.’

Een paar dagen na de wedstrijd in San Siro krijgt boekhouder Giovanni Vico (56) koorts: 39, 40 graden. Drie dagen lang kan hij amper een voet verzetten van vermoeidheid. Hij heeft waarschijnlijk kou gevat, denkt Vico, nadat hij een keer met de scooter naar zijn werk is gegaan. Hij denkt niet aan overvolle metro met opgewonden Atalanta-supporters waarmee hij naar het San Siro reed, of aan de uitgelaten stemming op de terugweg. Met honderd mensen op tien vierkante meter. Tifosi die zingen na de schitterende 4-1. Ze drinken bier, schreeuwen in elkaars oor tijdens de extatische rit van een uur.

Het coronavirus is ook op dat moment, 23 februari, nog geen dagelijks gesprek in Italië. Maar de weken die volgen zijn heftig. De regio Bergamo verandert in een van de zwaarst getroffen gebieden ter wereld, met duizenden zieken en doden. Vico begint te vermoeden dat ook hij het coronavirus heeft gehad, maar ziet de wedstrijd nog steeds niet als oorzaak. Rond dezelfde tijd ontmoette hij een Chinese zakenrelatie voor de lunch. Pas later, als hij op het nieuws ziet dat de wedstrijd een vermoedelijke brandhaard is geweest, dringt tot hem door welke rol de volle metro’s naar San Siro hebben gespeeld.

Rode zone

Als in Bergamo de hel losbreekt, is marketingconsultant Fabio Valiante allang weer thuis in Amsterdam. De streek in Italië is tot rode zone verklaard en bezorgdheid verandert in doodsangst. Ook bij Valiante, al zit hij ver weg. Hij hoort dat zijn vriend Red ernstig ziek thuis in bed ligt.

In het ziekenhuis is geen plaats voor hem. De vriendengroep besluit hem bij toerbeurt te bellen om in de gaten te houden hoe het gaat, maar Red krijgt zo weinig lucht dat hij amper kan praten. Na twee benauwde nachten wordt hij opgenomen in het ziekenhuis, waar hij op de intensive care belandt.

Valiante moet denken aan een verhaal van zijn opa, over 1963, toen Atalanta Bergamo de Italiaanse beker won, de eerste prijs ooit. Op 2 juni versloeg la Dea Torino in de finale. Op de ochtend van 3 juni overleed paus Johannes XXIII. De paus was afkomstig uit de provincie Bergamo. Professor Corsi: ‘Dat was de eerste keer dat euforie over het voetbal zich vermengde met droefenis. De geschiedenis herhaalde zich nu.’

‘San Siro’ danst van vreugde.Beeld Getty Images

Journalist Kike Mateu krijgt vier dagen na de wedstrijd koorts, een droge keel en vermoeidheidsverschijnselen. Hij reageert verbaasd en woedend als hij coronapatiënt blijkt. ‘Ik kon niet geloven dat ik zoveel pech had, dat ik op dat moment de enige besmette persoon leek te zijn van die drieduizend uit Valencia bij de wedstrijd.’

Hij besluit tot openheid. ‘Als journalist was ik zelf nieuws. Ik kon getuigenis afleggen.’ Hij ervaart psychologische last. ‘Tijdens mijn eerste week in het ziekenhuis, bleek de ene na de andere persoon met wie ik in contact was geweest besmet te zijn. Een van de ergste momenten in 25 dagen ziekenhuis was toen mijn vriend Ruben Ciraolo (ex-voetballer, commentator) plots op de intensive care lag. Er werd gevreesd voor zijn leven. De gedachte dat iemand die je besmet hebt, kan sterven, maakt je kapot van binnen.’

Het land op slot

Bij de tweede wedstrijd tegen Valencia, op 10 maart, is de wereld veranderd. Europa staat op het punt om op slot te gaan. Trainer Gasperini heeft al corona gehad, al heeft het virus bij spelers en medewerkers van Valencia harder toegeslagen dan bij die van Atalanta. Nog steeds bestaat twijfel over de ernst van het virus. Het is weliswaar een duel zonder publiek, maar overdag zijn er nog rondleidingen in Mestalla en aanvoerder Parejo vraagt de supporters toch naar het stadion te komen.

Na de wedstrijd (3-4) vliegt het elftal van Atalanta naar huis en slapen de spelers in het hotel van de club. De Roon: ‘Op die ochtend belandden we in de harde werkelijkheid. Het land was op slot. Geen auto op de weg. Bergamo was een spookstad. Na zo’n prestatie had de stad op zijn kop moeten staan. Maar op de sociale media waren oproepen verschenen om ons niet te verwelkomen, om thuis te blijven. Nergens was euforie.’

Hateboer: ‘Het was vreemd, die eerste wedstrijd zonder publiek, maar ik vond het niet erg. Het leek daardoor iets makkelijker voor ons, zonder al die supporters van Valencia. Maar thuis wachtte ook niemand op ons bij het vliegveld. Normaal hadden daar vijfduizend supporters gestaan.’

Een periode van totale lockdown breekt aan. Hateboer is alleen. Hij blijft eerst twee weken in quarantaine in het hotel van de club. De Roon woont zeven hoog, in een appartementencomplex in het historische centrum van Bergamo. Gelukkig is daar een binnentuin, zodat hij met zijn kinderen van 1, 5 en 8 jaar naar buiten kan. Even is zijn familie nog naar Nederland geweest, maar ze voegen zich snel weer bij hem, om alles samen te doorstaan. Soms rent hij de trappen op en af, als training.

Pagina's vol rouwadvertenties

De vriendin van Hateboer is na het tweede duel met Valencia naar Nederland gevlogen. ‘Het was voor het eerst in mijn leven dat ik weken alleen was, met de hond. Ik kon niets en hoefde niets. Wat buiten gebeurde, was vreselijk, maar voor mezelf was het rustgevend. Ik had thuis een hele gym gebouwd, met toestellen en een loopband. En ik mocht de hond uitlaten, drie keer per dag. Hele stukken heb ik gelopen, in delen van de stad waar ik nooit was geweest. Lekker in het zonnetje. Op de hoek van de straat stonden soldaten die vroegen wat mensen buiten deden. Ik zag lijkwagens en hoorde kerkklokken, maar niemand in mijn omgeving is echt ziek geworden.’

De Roon: ‘Ze zijn op een gegeven moment gestopt met het om het half uur luiden van de klokken om de doden te bewenen. Dat geluid bleef hangen in je hoofd. In de kranten stonden pagina’s vol rouwadvertenties. Bij de training had ik vaak een gesprekje met een ouder echtpaar. Opeens was de man alleen. Zijn vrouw was overleden. Ik bel hem nog soms.’

In de provincie Bergamo, met 1,1 miljoen inwoners, zijn tot november officieel 3.311 patiënten aan corona overleden, maar het werkelijke getal ligt hoger, want alleen in de maanden maart en april is een oversterfte van ongeveer 6.000 personen gemeten.

Professor Corsi: ‘De club heeft ook een grote vriend verloren die ik dankzij Atalanta heb mogen ontmoeten, de directeur van het zogenoemde ‘Jeugdhuis’, waar spelers van de jeugdacademie wonen. Don Fausto Resmini was priester, een vriend van de armen.’

Hateboer en De Roon blijven gezond. Ze zijn fitter dan ooit als Italië de competitie in juni hervat en Atalanta in augustus de Champions League uitspeelt. Hateboer: ‘We hebben volle bak getraind. We waren een trein die was vertrokken en na een lange stop verder denderde.’

Atalanta is de internationale knuffelploeg bij het eindtoernooi om de Champions League in Lissabon en denkt in de kwartfinale over één duel zelfs te winnen van Paris Saint-Germain. De club staat langer dan een uur met 1-0 voor, maar verliest door doelpunten in de 90ste en 93ste minuut. Hateboer: ‘Die pijn brandt nog steeds, al voel ik ook voldoening dat we zover zijn gekomen.’

Hans Hateboer heeft gescoord tegen Valencia.Beeld EPA

De Roon: ‘Negentig minuten waren heel mooi en daarna was het even heel pijnlijk. Ik heb de beelden nog nooit teruggezien en kan er nog steeds boos om worden. Boos op mezelf. Op anderen. We waren zo dichtbij. Wij hadden in de halve finale van de Champions League kunnen staan.’

Professor Corsi betreurt het samenvallen van sportief succes en de vele coronadoden. ‘In één jaar hebben we als voorheen kleine club gewonnen in Valencia, Liverpool en Amsterdam. Atalanta eindigde als derde in de competitie, met bijna honderd doelpunten. Uitgerekend in dit jaar voltrok zich de tragedie. Ik heb legervoertuigen gezien met te veel doodskisten, die de kinderen van de stad naar de kerkhoven vervoerden.’

Ook trainer Gasperini staat stil bij de wrange samenloop van omstandigheden: ‘Ons voetbal was één groot feest. Het is een wreed aspect van het leven dat onze opkomst als voetbalteam samenviel met de pandemie, die zoveel offers heeft gevraagd. Het is jammer dat we onze successen nauwelijks hebben kunnen delen met onze geweldige supporters. Maar onze geest blijft ongebroken.’

Kike Mateu schrijft over zijn belevenissen een boek, Patiënt Nul, een groot succes in Spanje. ‘Het is met fantastische recensies ontvangen. Ik was overtuigd dat ik een verhaal te vertellen had.’

Niets gaat nog spontaan

Volgens De Roon is de invloed van corona op de manier van leven in Bergamo groot: ‘Er zijn vreselijk veel slachtoffers gevallen, vooral onder de mensen die Italië na de Tweede Wereldoorlog weer groot hebben gemaakt. Een deel van die generatie is weggevaagd. Het leven hier zal nooit meer hetzelfde zijn. We wisten dat velen thuis rouwden, terwijl wij voetbalden. 

Misschien hebben we enige troost kunnen bieden, maar het beeld van het lege stadion blijft hangen. Je wint, maar met wie deel je de vreugde? We dragen nu overal een mondkapje. Het is een nieuwe manier van leven, op anderhalve meter afstand. We leven langs elkaar heen. Niets gaat spontaan. Elke drie dagen onderga ik een test. Anderen houd ik weg. Onze ouders missen veel van de ontwikkeling van de kinderen.’

Ook Hateboer kan nauwelijks geloven wat dit jaar heeft gebracht: ‘Als ik het moet beschrijven in één woord, is dat bizar. Al die hoogtepunten in sportief opzicht, tegenover al dat leed. Maar wij kunnen gewoon ons werk doen, daarvoor zijn we dankbaar.’

De Roon: ‘We beseffen nu hoeveel vrijheid waard is. Normaal liep ik gewoon naar buiten, gaf hier en daar een knuffel, liep zonder na te denken een winkel in. Nu moet je bij alles nadenken. Het is onwerkelijk. Alleen op het veld hoef je geen mondkapje op. Negentig minuten ben je vrij van gedachten. Maar ik ben positief ingesteld. Eens is dit allemaal voorbij.’

Met dank aan Iñaki Oñorbe Genovesi

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234