Woensdag 05/10/2022

InterviewPeter Verbeke

Anderlecht-CEO Peter Verbeke: ‘Ik heb mijn hele leven medelijden gehad met mijn vader’

Peter Verbeke: ‘Het voetbal doet nog veel te weinig tegen racisme en voor diversiteit en inclusiviteit. Onze spelers zijn nog te weinig een uithangbord.’ Beeld Wouter Van Vooren
Peter Verbeke: ‘Het voetbal doet nog veel te weinig tegen racisme en voor diversiteit en inclusiviteit. Onze spelers zijn nog te weinig een uithangbord.’Beeld Wouter Van Vooren

Tien jaar geleden werkte hij aan een doctoraat over geïnterneerden in onze gevangenissen. Vandaag is Peter Verbeke (39) CEO van RSC Anderlecht. Een openhartig gesprek over voetbal, de ziekte van zijn zoon, en zijn jeugd. ‘Mijn vrouw zegt vaak dat ik te veel empathie heb.’

Ann Van den Broek & Dimitri Thijskens

Lichten we om te beginnen een tipje van de sluier. Voor een interview durven we al eens inlichtingen in te winnen bij mensen die onze gast goed kennen. En dat levert weleens een goed verhaal op. Zoals dit. Op de laatste speeldag van het voorbije seizoen gaf Peter Verbeke, in de coulissen van Club Brugge-Anderlecht, een originele lp van The Rolling Stones cadeau aan Vincent Mannaert, de CEO van de aartsrivaal. Daarop een persoonlijke boodschap: Proficiat met de titel, maar nu mag het wel stoppen, je hebt er genoeg.

Ooit trokken de twee aan hetzelfde zeel, maar jaren geleden vertrok Verbeke niet zo heel erg in der minne bij Club en dat had sporen nagelaten. Die zijn nu uitgewist, vertelt Mannaert ons, door de tijd en door dat cadeau, want dat was perfect uitgekozen. Niet alleen is Mannaert een gigantische fan van The Rolling Stones, hij begreep de emotionele lading achter het gebaar ook perfect. De lp kwam uit de platenkast van Verbekes vader, die overleed in de periode dat hij bij Brugge werkte.

“De plaat rook zelfs nog naar mijn vaders sigaretten. Ook al is hij nu tien jaar dood”, glimlacht de Anderlecht-CEO. “Muziek is wat Vincent en mij verbond, naast voetbal uiteraard. ‘You can’t always get what you want’, zeiden we vroeger soms tegen elkaar, in de periode dat we met Brugge al lang geen titel meer hadden gewonnen. ‘But if you try sometimes....’” Hij lacht.

In die ene anekdote zit meteen de kern van Peter Verbeke vervat, blijkt na vijf uur non-stop praten met uitzicht op de mooiste bocht van de Schelde. Voetbal, muziek, familie.

BIO

• 39 jaar • is CEO van RSC Anderlecht • studeerde rechten aan de UGent en gezondheidsrecht in Londen • brak zijn doctoraat zes maanden voor het einde af voor een carrière in het voetbal • werkte voor Club Brugge (2013-’18) en voor AA Gent (2018-’20) • is getrouwd met Birgit, vader van Miles (10) en Luiz (7)

Wat ook duidelijk is: wat je ziet, is wat je krijgt. Dus wanneer we vragen om een pronostiek voor de eerste match van het nieuwe seizoen, deze zondag, dan krijgen we die ook zonder omwegen op ons bord.

“Tegen Oostende? 2-0. Kijk, de realiteit gebiedt me om te zeggen dat het niet makkelijk zal worden om kampioen te spelen. Waarom? Er zijn drie à vier ploegen die veel meer centen hebben dan wij. Maar ik geloof wel dat wij kunnen verrassen, door slim en creatief te zijn.

“Omgekeerd vind ik ook dat wanneer wij tegen Oostende spelen, we geen excuses mogen inroepen. Wij hebben meer budget dan Oostende, we moeten gewoon winnen.”

De ambitie van Anderlecht voor volgend seizoen is: Europees voetbal en lang meedoen voor de Beker van België. Dat is de lat niet op de grond leggen, maar toch ook niet ver erboven?

“Sinds ik bij Anderlecht werk, hebben we 16 miljoen euro uitgegeven aan transfers. Club Brugge heeft in dezelfde periode 45 miljoen uitgegeven, Genk 35 miljoen, Gent en Antwerp allebei bijna 30 miljoen. Dat is twee en drie keer zoveel als wij. Dat zijn cijfers van eind 2021, de vorige wintermercato zit daar nog niet eens in vervat. Die kloof zal na deze zomerperiode alleen maar groter worden. Hoe zou ik nu op basis van dergelijke cijfers kunnen beweren dat wij kampioen gaan spelen?”

De loonmassa van Anderlecht is nog wel steeds een van de hoogste van België.

“De op een na hoogste, ja. Maar dat zal ook veranderen, want wij proberen onze loonmassa juist verder te doen dalen, in tegenstelling tot andere clubs. Bovendien zitten wij met erfenissen uit het verleden waardoor we nog heel veel betalen voor spelers die geen enkele sportieve waarde meer hebben. Er zijn voor de overname, maar ook in de beginjaren onder Marc Coucke (sinds 2018 eigenaar van Anderlecht, red.) bepaalde beleidskeuzes geweest die er op relatief korte termijn voor zorgden dat de club in heel slecht financieel weer kwam. Het is de verdienste van Marc dat hij dat erkend heeft en dat hij ons nu in alle vertrouwen laat werken. Hij heeft ook al enorme financiële inspanningen gedaan om de club erbovenop te helpen, al zeker bij de laatste kapitaalsverhoging.

“In het businessplan dat wij voor de komende vijf jaar hebben opgesteld, moeten we heel omzichtig omspringen met elke euro. Het is aan ons om ervoor te zorgen dat we binnen drie jaar hier weer aan tafel zitten en dat jullie dan zeggen: zeg, Peter, niet slecht gedaan. Intussen heb je een titel gepakt, de Beker gewonnen, en je hebt het op jouw manier gedaan.”

Over drie jaar? Genoteerd.

“Laten we hopen dat het sneller gaat. Maar je mag niet vergeten dat Vincent Mannaert en Bart Verhaeghe ook vier jaar hebben moeten werken met Club vooraleer ze de titel pakten. Ik herinner me dat iedereen toen op Club aan het zingen was: ‘Ze worden nooit meer kampioen.’ Maar door op hun manier te blijven werken en te volharden, hebben ze bewezen dat hun aanpak de juiste was.”

Een transfer genre Toby Alderweireld moeten we bij Anderlecht dus niet verwachten?

“Nee. Waarmee ik niet wil zeggen dat Antwerp een slechte zaak gedaan heeft. Zoiets past momenteel gewoon niet binnen onze mogelijkheden.”

‘In mijn twintiger jaren had ik last van paniekaanvallen. Wat me geholpen heeft, is er open over zijn.’ Beeld Wouter Van Vooren
‘In mijn twintiger jaren had ik last van paniekaanvallen. Wat me geholpen heeft, is er open over zijn.’Beeld Wouter Van Vooren

Bent u nerveus voor het nieuwe seizoen?

“Natuurlijk. Je staat aan het hoofd van de meest prestigieuze ploeg van België. Maar we zijn niet langer de rijkste club, we kunnen niet meer de beste spelers van de concurrentie weghalen. Voor mij is dat de logica zelve, maar ik weet dat supporters daar emotioneler naar kijken.

“Dus dat geeft me nu voor het derde seizoen op rij stress. Vorig jaar zijn we erin geslaagd om met relatief beperkte middelen een goede kern samen te stellen. We hebben Lukas Nmecha goed kunnen vervangen, maar nu moeten we er weer in slagen om het vertrek van Joshua Zirkzee en Christian Kouamé goed op te vangen.

“Waar ik ook van wakker lig, is de balans in onze ploeg. Je probeert altijd een goede mix tussen ervaring en jonge spelers te creëren, maar dit seizoen zou dat wel eens sterk naar de jeugd kunnen overhellen. Dit moet het jaar worden van Zeno Debast, Hannes Delcroix, Marco Kana, Kristian Arnstad, Mario Stroeykens, Sergio Gomez, Francis Amuzu, Noah Sadiki, Julien Duranville en Nilson Angulo. Dat zijn tien jongens in wie ik geweldig hard geloof, maar die ook bijna allemaal nog geen 20 zijn. Het is logisch dat die nog fouten zullen maken.”

Anderlecht gaat voort op het ingeslagen pad onder Vincent Kompany: het werken op de lange termijn. Hij noemde dat the process. U noemde dat in Mauve, een documentaire over Anderlecht op Play Sports, ‘bullshit’.

“In de strategie kon ik me volledig vinden, al heb ik het woord process zelf nooit uitgesproken. Ik snap dat de supporters het wel een beetje gehad hadden met het eeuwige positivisme van Vincent. Maar als je vraagt of hij de juiste keuze was als trainer, dan zeg ik dat ik nog op geen enkel moment heb gedacht dat we met hem de verkeerde keuze gemaakt hebben.”

Maar het was nu wel genoeg geweest?

“Daar is heel veel bullshit over verschenen. We waren gewoon op een punt aangekomen dat we op een aantal vlakken, zonder dat er ooit een conflict over geweest is, een andere visie hadden op de toekomst.”

Dat is de officiële, gekuiste versie die twee partijen overeenkomen te communiceren om te verhullen dat er fikse ruzie is geweest.

“Met de hand op het hart: dat is nooit het geval geweest. Het zit in kleine zaken. Samengevat is het dit, denk ik: Vincent wil een coach zijn naar Engels model. The manager decides all. Terwijl Wouter (Vandenhaute, voorzitter van Anderlecht, red.) en ik anders in elkaar zitten; wij vinden dat iedereen die een gefundeerde mening heeft, die mening ook mag verkondigen.

“We hebben onze visies openlijk met elkaar gedeeld, en we zagen het allemaal net iets anders. Maar je moet ook weten: met Vincent en Wouter zit er behoorlijk wat persoonlijkheid aan je tafel. Daar raak je niet uit door te zeggen: schuif jij een beetje op naar links en jij een beetje naar rechts, en we vinden elkaar in het midden.”

Zijn vervanger is Felice Mazzu, de trainer die met Union tweede werd. De trainer van de revelatie van vorig seizoen wegkopen, is dat geen zwaktebod?

“Zo is het niet gegaan. We zochten een coach die wil voortbouwen op de fundamenten die door Vincent gelegd zijn. Maar we wilden ook iemand die anders was dan Vincent. Vinnie is zeer academisch analytisch. Daardoor heeft hij een zeer sterke tactische basis gelegd. Maar onze analyse was dat de volgende coach iets meer oog moest hebben voor warmte, liefde, vrijheid en creativiteit. Zo zijn we uitgekomen bij Felice.”

U bent, in de tweeënhalf jaar dat u bij Anderlecht werkt, al de derde CEO van de club. De vorige twee botsten naar verluidt nogal met voorzitter Vandenhaute. Hoe komt het dat het tussen jullie wel botert?

“Ik vind Wouter gewoon een heel makkelijke mens om mee te werken. Hij heeft een heel sterke mening, maar hij zoekt altijd draagvlak. Daardoor neemt hij nooit een beslissing waarvan ik denk: waar komt dát nu van? Ik heb in het verleden weleens gewerkt met mensen die je voor een compleet voldongen feit zetten. De keerzijde is dat als Wouter je belt om te vragen wat jij denkt dat we moeten doen, het niet bij één keer blijft, maar dat hij je belt om 10 uur, om 12 uur, én om 1 uur ’s nachts. En de dag erna staat hij in je bureau om het er nog eens over te hebben. Geen enkel detail wil hij over het hoofd zien.

“Ik vind dat heel aangenaam, omdat ik ook zo werk. Al vertrekt het bij mij wel vanuit fundamentele twijfel. Ik denk soms dat een goede manager gewoon vanuit zijn buikgevoel wéét wat hij moet doen. Ik niet. Mijn beslissingen komen er pas nadat ik honderd telefoonrondes gedaan heb met mensen die ik vertrouw.

“Voetbal is een speciale wereld. Het is niet voor iedereen. Je zit in een sector met veel emotie en veel exposure. Dat is een cocktail die veel mensen emotioneel kapotmaakt.”

Hoe houdt u dat leven vol?

“Sporten. Alcoholconsumptie beperken. Je probeert ook veel dingen uit.”

Mindfulness?

“Bijvoorbeeld. Meditatie ook. Ik ben er een absolute beginner in, maar misschien heb ik voor de eerste keer iets gevonden dat goed kan zijn voor mij. Ik heb veel gehad aan twee boeken, De kracht van het nu van Eckhart Tolle en De valstrik van het geluk van Russ Harris. In feite komen ze op hetzelfde neer: leef in het nu, en accepteer die radio in je hoofd, die je constant waarschuwt voor van alles, voor wat hij is: niet meer dan een radio, die je met hulp van meditatie zachter kunt zetten.

“Mijn radio speelt constant hetzelfde: ben ik er wel genoeg voor mijn kinderen? Ben ik er wel genoeg voor mijn vrouw? Is mijn job wel waardevol genoeg? Ik ben de zoon van een ambtenaar en een verpleegster, ik heb rechten gestudeerd vanuit een groot rechtvaardigheidsgevoel. Ik heb me gespecialiseerd in gezondheidsrecht, door de verhalen die ik van mijn ma hoorde over medische fouten die toegedekt werden. Ik heb mijn doctoraat gedaan over internering, omdat ik enorm meeleefde met al die mensen die in de gevangenis zitten maar in feite psychiatrische zorg nodig hebben. Dus ik vraag me echt vaak af: is wat ik doe maatschappelijk relevant genoeg?”

‘Mijn zoon Luiz (7) heeft een überzeldzame aandoening. Toen hij drie, vier jaar was kon hij liedjes zingen, dat gaat nu niet meer.’ Beeld Wouter Van Vooren
‘Mijn zoon Luiz (7) heeft een überzeldzame aandoening. Toen hij drie, vier jaar was kon hij liedjes zingen, dat gaat nu niet meer.’Beeld Wouter Van Vooren

Wanneer u zo twijfelt, waarom blijft u de job dan doen?

“Omdat ik gepassioneerd ben door voetbal. Ik heb ook het enorme geluk dat mijn vrouw altijd zegt: ‘Gij zijt er meer dan genoeg.’ Soms denk ik dat ze het niet meent, maar dat doet ze wel, dat weet ik. Maar het is nog niet omdat zij dat vindt, dat ik het daarmee eens ben. Wellicht is het ook egoïsme. Misschien haal ik vandaag genoeg voldoening uit mijn leven, en weet ik dat mijn zoon en dochter niets tekortkomen.

“Ik ben superperfectionistisch omdat ik altijd vrees dat het zal mislopen. Ik vrees dat mijn vliegtuig gaat neerstorten, dat die transfer gaat mislukken, dat mijn dochter ziek zal worden. Constant heb ik die doemscenario’s in mijn hoofd. Maar ik besef dus ook dat dat niet aan mijn job ligt. Ik moet veranderen.”

Hij zucht. “Wie gaat dit willen lezen?”, vraagt hij. En of we denken dat iemand er wel iets aan zal hebben? Het antwoord geeft hij in dezelfde gedachtestroom zelf. “In mijn twintiger jaren had ik last van paniekaanvallen. Ik durfde geen toespraken of presentaties meer te geven, uit angst dat het me dan zou overvallen. Het gaat je leven bepalen. Wat mij het meest geholpen heeft om daarover te raken, is er open over zijn. Plots bleken er vier mensen aan de toog te zitten die dat herkenden. Dat was een grote klik voor mij: ik ben niet alleen, integendeel.

“Pas als je open bent, komt er meer begrip en kun je iets voor elkaar betekenen. Mijn vrouw zegt vaak dat ik te veel empathie heb. Als ik niet kan slapen, luister ik naar de podcast De kroongetuigen. En haast iedere keer komt er een moment waarin iemand zegt dat de daders uit een povere achtergrond kwamen, zelf mishandeld werden, en dan denk ik: shit, ocharme die gasten. Ik weet wel, ze hebben twee gruwelijke moorden gepleegd. Maar toch.

“Birgit zegt dan: je kunt toch niet alles goedpraten? Maar dat is het niet, het gaat over context en nuance geven. Er moet altijd gezorgd worden dat ze die daden niet opnieuw plegen. Maar moet dat altijd met een gevangenisstraf?

“Als er iets is waar ik in de opvoeding van mijn dochter op focus, is het empathie en mededogen. Ik vind dat het aller-, allerbelangrijkste om haar mee te geven. Heb begrip en wees mild voor de ander.”

Waar komt dat mededogen vandaan?

“Het is vast iets genetisch. Maar ik heb heel mijn leven ook medelijden gehad met mijn vader. Dat was een superlieve en superslimme mens, maar hij kon eigenlijk niet voor mij zorgen. Hij had een heel zwaar probleem: hij was alcoholverslaafd. En ik ben mijn hele jeugd bang geweest dat hij zou sterven. Elke minuut van de dag.

“Ik herinner me dat ik op kamp ging met de KSA en tien keer op en neer liep tussen de tafel en de muur, omdat ik ervan overtuigd was dat mijn pa anders zou doodgaan. Mijn ma is de grootste free spirit die je je kunt voorstellen, een echte hippie. Die angsten heb ik van hem. Daar ligt ook de basis voor zijn verslaving. Heel mijn jeugd is daardoor beïnvloed. Misschien komt mijn sociale reflex wel daarvandaan.

“De muziek heeft dat nog zwaar versterkt. Ik ben opgegroeid met The Beatles en The Stones en later enorme fan geworden van Oasis. Die Britse muziek is doordrongen van de working class. Als je met die muziek bezig bent, ben je rood. En als je dan op je zestiende een über-Oasisfan bent, je een sterk rechtvaardigheidsgevoel hebt en je ouders socialist zijn, is de conclusie onomstotelijk: ik ben een socialist. Ik was daar redelijk verregaand in. Ik herinner me discussies waar ik keihard ging voor de afschaffing van de erfenissen. Ik zal nu niet zeggen dat ik een communist was, maar ik was alleszins roder dan rood.”

Bestempelt u zich vandaag nog als socialist?

“Honderd procent. Alleen voer ik die zware filosofische discussies niet meer. Ik zal op café niet meer in debat gaan over de vraag of voetballers te veel geld verdienen. Als achttienjarige zou ik er vol voor gegaan zijn en was mijn standpunt geweest: natuurlijk! Maar daar ben ik wel in veranderd.”

U vindt niet meer dat voetballers te veel verdienen?

“Ik vind vooral dat er in zo’n discussie nooit nuance zit en dat je er niks uithaalt. Als je iets wilt veranderen, moet je het niet in die discussies doen.”

Een argument pro die hoge lonen zou kunnen zijn: als het voetbal zo veel geld genereert, zijn er twee opties. Ofwel vloeit het naar de eigenaars, ofwel naar de spelers. Dan is het misschien wel eerlijk dat die spelers hun deel krijgen.

(sceptisch) “Je zou het ook kunnen herverdelen.”

U bedoelt: er zouden hogere belastingen geheven kunnen worden.

“Voilà. Daarom ga ik ook akkoord met de correctie die nu gebeurd is. Alleen was de timing erg ongelukkig, aangezien de hele covidperiode de financiën van de clubs erg heeft aangetast.”

Tot voor kort betaalden voetballers slechts RSZ op een bruto maandloon van 2.400 euro, hoeveel ze ook verdienden. Sinds dit jaar is het systeem aangepast. Maar van een gelijkschakeling met de gemiddelde werknemer is nog steeds geen sprake.

“Kijk, op een bepaald moment heeft de politiek beslist dat het een goed idee was om de voetbalsector een interessant statuut te geven. Die beslissing is destijds genomen vanuit goede intenties en die staan nog steeds overeind: als we Europees competitief willen blijven, hebben we steun nodig van de overheid. Maar ik vind wel, dat zodra we als sector weer financieel gezond zijn, we moeten nadenken hoe we nog meer maatschappelijk kunnen bijdragen.”

Dan wilt u uw nek uitsteken voor een fiscale gelijkschakeling?

“Meer maatschappelijk bijdragen wil niet zeggen een gelijkschakeling. We doen nog veel te weinig tegen racisme, voor diversiteit, inclusiviteit. Onze spelers zijn nog veel te weinig een uithangbord.

“Ik ben een grote Everton-fan. Volg hun sociale media eens: bijna de helft van de posts ­komen van hun Foundation, over bezoeken van hun spelers aan de psychiatrie, aan kinderziekenhuizen, kankerpatiëntjes. Ze organiseren jobbeurzen. Als wij die rol ook meer zouden opnemen, is het ook veel makkelijker te verantwoorden dat onze sector veel voordelen krijgt.”

null Beeld Wouter Van Vooren
Beeld Wouter Van Vooren

U wil een belastingvoordeel afkopen met een maatschappelijke voorbeeldfunctie?

“Je kunt dat ook omgekeerd zien. Juist omdat wij een heel grote maatschappelijke relevantie hebben, van jeugdopleiding tot mensen samenbrengen rond een beleving, en die voordelen zijn nodig om dat te kunnen behouden, dan heb ik niks tegen die voordelen. Niets.”

In die logica zouden mensen die naast hun eigenlijke job ook nog vrijwilligerswerk doen, ook minder RSZ moeten betalen. Want ze leveren naast hun werk een maatschappelijke bijdrage.

“Als dat statuut van de vrijwilliger vandaag te weinig ondersteund wordt door de overheid, moeten we daar ook voor zorgen. Maar alle voordelen van het voetbal wegnemen, vind ik geen goed plan.”

Als u heel eerlijk bent, vindt u ook dat het gelijkgeschakeld moet worden, niet? U kunt dat alleen niet zeggen omdat u de CEO van Anderlecht bent.

“Neen, en ik ga hier niet de witte ridder uithangen. Ik wil draagvlak creëren en samen met de andere voetbalbestuurders aan een betere toekomst bouwen. Intern, vanuit de sector. Het gaat niets helpen als ik hier sta te roepen dat ik een gelijkschakeling wil.”

Buiten is intussen iets bijzonders gebeurd. De felle zomerzon die onze tafel in het begin van de avond verlichtte is gedoofd, en de lucht kleurt intussen zachtpaars. Mauve, jawel, precies zoals Verbeke het graag heeft. Het uitzicht kan hem ook ten zeerste bekoren, alleen jammer dat de verkeerde stad bij die natuurpracht hoort, grapt de Gentenaar. Een nieuwe fles water wordt aan tafel gebracht. Geen wijn meer, één glas volstaat vanavond.

Bent u zelf ooit bang geweest om verslaafd te raken?

“Nee. Maar ik grijp wel bewust niet naar drank om aan stressmanagement te doen. Ik hoed me ervoor dat ik iedere avond twee glazen wijn zou drinken om de radio in mijn hoofd stiller te zetten. Mijn pa was verslaafd en maakte zichzelf letterlijk kapot. Ik ben niet bang dat die twee glazen me kapot zouden maken. Ik geloof zelfs niet dat het begint met twee en eindigt met tien. Ik heb zelf snel genoeg last van alcohol om het bij die twee glazen te houden. Maar ik wil dat gewoon niet, dat dat mijn manier is om met dingen om te gaan.”

Uw zoontje is ongeneeslijk ziek. Hoe gaat u daarmee om?

“Luiz is geboren met een überzeldzame aandoening. Dat weten we pas sinds hij anderhalf is, toen werd duidelijk dat hij zich niet ontwikkelde zoals zijn zus. Hij is nu 7, en dat is ouder dan het tiental kinderen dat wereldwijd gekend is met hetzelfde ziektebeeld. Mentaal is hij een paar maanden oud, hij kan niet communiceren. Hij kan geen toren bouwen of kleuren onderscheiden. Hij is motorisch wel oké en hij is meestal content en gelukkig. Maar het tweede probleem is dat hij een verdikte hartspier heeft die de zaken compliceert.

“Het gaat heel raar klinken wat ik nu ga zeggen, maar ik heb minder stress van Luiz dan van mijn job. Ik kan heel goed om met tegenslagen, maar niet met de angst dat er een tegenslag gaat komen. Luiz gaat achteruit. Toen hij 3-4 jaar was, kon hij liedjes zingen, dat gaat nu niet meer. We weten niet wat zijn levensverwachting is. Maar we hebben alles gedaan om te achterhalen wat hij heeft, we hebben er alles aan gedaan om uit te zoeken of we hem kunnen helpen.”

Bereidt u zich voor op het afscheid van uw zoon?

“Je bent daar vaak mee bezig. Miles, onze dochter van tien, weet dat ook. Ze is ontzettend zorgzaam voor haar broer. En ze kan daarmee om, ja. Kinderen zijn erg flexibel en ze begrijpen veel meer dan je denkt. Maar het is niet zo dat daar thuis de hele tijd over gepraat wordt.

“Ik heb me een leven lang voorbereid op mijn pa die zou sterven. En op het moment dat ik hem effectief dood aantrof in zijn living – ik ga niet zeggen dat het me niets deed – was ik blij dat ik erop voorbereid was.

“Birgits papa is jong gestorven. Onze twee beste vrienden zijn verongelukt toen wij 26 waren, twee motoraccidenten. Birgit en ik beseffen allebei heel goed hoe vluchtig het leven is. We zijn allebei ook atheïst, we geloven niet dat er nog iets komt. Dus die balans tussen mijn hectische leven en de situatie thuis, ik worstel daar vaak mee.”

Naar het schijnt bent u een fijne baas, omdat u nooit moeilijk doet over vrije dagen of vakantie. U vindt het belangrijk dat mensen genieten van het leven. Maar doet u dat zelf genoeg?

“Is vier dagen naar Ibiza gaan met je vrouw en dochter voldoende als zomervakantie? Maar goed, ik ben daar misschien ook slecht opgevoed. Ik ben opgeleid door Vincent Mannaert en Michel Louwagie (manager van AA Gent, red.). Nooit stoppen die mannen, nooit.”

null Beeld Wouter Van Vooren
Beeld Wouter Van Vooren

We moesten u trouwens nog een zeer belangrijke boodschap overbrengen van Vincent Mannaert.

“Oei?”

Alles wat na de Stones gekomen is, is niet meer dan een flauw afkooksel van het origineel.

(lacht) “Vroeger had ik hem nooit gelijk gegeven, maar hoe ouder ik word, hoe meer ik denk dat het zo is. Ik ben een veel grotere fan geworden van The Beatles en The Rolling Stones. Ik luister bijvoorbeeld nog weinig naar Oasis, terwijl dat ooit alles betekend heeft voor mij. Echt alles. Ik heb hen minstens dertig keer live gezien, overal ter wereld. We gingen met hen mee op tour. En nu leg ik dat bijna niet meer op.”

U bedoelt dat u hen volgde op hun buitenlandse tournees?

“Nee nee, echt méé op tour.”

(lacht bij het zien van onze verbaasde blikken) “Ik was naar Londen verhuisd voor mijn studies en ik was in die periode een enorme Oasis-fan. Mijn toenmalige vriendin studeerde mensenrechten in Londen. Op een bepaald moment zitten wij daar samen op een terras, in de derde week of zo dat we daar wonen. Plots komt er een struise gast bij ons zitten om een praatje te doen. En terwijl we aan het praten zijn, komt Liam Gallagher aan. Ik weet niet wat ik zie, stoot mijn vriendin aan, en die gast kijkt om en zegt: ‘Oh, that’s my brother! Liam!’ We zaten aan tafel met Paul Gallagher, de oudste broer.

“Dat was in 2005 en dat was een geweldige periode. De gitaarmuziek kende net een grote revival, met Arctic Monkeys, The Strokes, The Killers. Dat werd allemaal gespeeld daar in de pubs. Dus begonnen wij in België rock-’n-rollfeestjes te geven, die uitgroeiden tot Hindu Nights en een groot succes werden. We verkochten de Vooruit jaren aan een stuk uit. Paul kwam daar toen draaien, wat natuurlijk enorme reclame voor ons was. We hebben nog steeds een heel goed contact; als ik in Londen ben, spreken we altijd af.

“Maar zo heb ik dus het enorme voorrecht gehad om ook Liam te leren kennen. En in die tijd kende iedereen iedereen in Camden. Dus dan zat je op café met Amy Winehouse, Jude Law, Pete Doherty, Kate Moss. Het is nu niet dat ik bevriend was met al die mensen, maar ik heb toen toch regelmatig in mijn ogen moeten wrijven: waar ben ik beland?”

Hebt u Paul Gallagher al verteld dat u de Stones en de Beatles nu beter vindt?

“O, hij vond Oasis zelf ook niet goed.” (lacht)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234