In memoriam

Oprichter The North Face wilde de wereld mooier achterlaten

Waarom een miljonairskoppel natuurparken weggeeft

- Noël Van Bemmel - Bron: De Volkskrant

Doug Tompkins, oprichter van The North Face, is op 72-jarige leeftijd om het leven gekomen bij een kajakongeval. Samen met zijn partner Kris verdiende hij een fortuin met hun twee buitensportmerken. "Als je doorhebt hoe de mens de natuur afbreekt, dan heb je de morele plicht in actie te komen", vertelden ze eerder dit jaar aan De Volkskrant. U kan het interview hier teruglezen.

Lees ook

Oprichter Esprit en North Face komt om bij kajakongeval

4 Doug Tompkins. © EPA

Hun logo's duiken overal op: of je nu de hond uitlaat in Almere of een koepeltentje opzet in het Eve­rest Basecamp. De Amerikaanse merken The North Face en Patagonia beschermen wandelaars, fietsers, kajakkers en skiërs tegen de elementen. Hun prijzige regenpakken, donsjassen, rugzakken en tentjes zijn gemaakt om eropuit te trekken. Wat weinig klanten weten, is dat de mede-oprichter van The North Face en de voormalige baas van Patagonia een stel zijn. Samen ontpopten Doug en Kris Tompkins zich tot natuurbeschermers en activisten die zowel bewondering als weerstand oproepen. 

Het valt niet mee Doug (71) en Kris (65) te vinden. Zij verruilden ruim twintig jaar geleden Californië voor de Chileense wildernis. Daar en in Argentinië kopen de Tompkins reusachtige stukken land om die te beschermen en toegankelijk te maken voor toeristen. Ze reizen van blokhut naar blokhut in hun een eigen vliegtuigje, dat ze in het gras parkeren. Halve regenwouden, bergketens en stroomgebieden knopen de Amerikaanse filantropen aan elkaar, ze stellen boswachters aan, herstellen de natuur, bouwen wandelpaden en campings - en geven de hele boel daarna weg aan de overheid. Dit najaar openen de Tompkins hun vijfde grote natuurgebied in Zuid Amerika: het wonderschone Patagonia Park.

Share

Kijk, alle ecosystemen zijn hier nog aanwezig; van de ijsvelden in het westen en de ongetemde Baker rivier, tot loofbossen in deze vallei met poema's en het bedreigde Huemul-hert

Kris Tompkins

"Een magische plek", zegt Kris Tompkins tijdens een ochtendwandeling door het nog te openen park. Links en rechts grazen guanaco's (wilde lama's) in het goudgele pampagras, boven een steile rotswand cirkelen condors in de blauwe lucht. Oud-wedstrijdskiër Kris steekt haar handen diep in haar jaszakken en stapt stevig door, springt van steen op steen in een snelstromend riviertje en trekt al klimmend haar Patagonia-donsjas uit. "Kijk, alle ecosystemen zijn hier nog aanwezig; van de ijsvelden in het westen en de ongetemde Baker rivier, tot loofbossen in deze vallei met poema's en het bedreigde Huemul-hert, meren met flamingo's en daar in het oosten begint droog grasland waar Ñandu's (Zuid-Amerikaanse struisvogels, red.) rondrennen."

Om al dat moois te zien, moet je wel eerst 1.000 kilometer door de Chileense wildernis rijden. Maar dat is geen straf, want de Carretera Austral (de Zuidelijke Weg) is de mooiste autoroute ter wereld. Ooit begonnen als militair project, maar inmiddels een topattractie in aanbouw. Door het voorraam doemen eerst mistige fjorden op, daarna maagdelijk regenwoud, ijzige bergpassen, woeste valleien en tot slot oneindige pampa's. De Chileense overheid is bezig de smalle gravelweg vol ribbels en kuilen geleidelijk te asfalteren. De Zuidelijke Weg begint bij Pumalín Park, een van de eerste projecten van de Tompkins.

Oerbos

4 Doug Tompkins. © reuters

"Ja, dit is het echte werk", zegt een grijnzende Doug Tompkins aan de rand van een druipend regenwoud. De mede-oprichter van The North Face en modemerk Esprit kocht hier in de jaren negentig meer dan 3.000 vierkante kilometer oerbos op; van de Stille Oceaan tot de vulkanen van de Andes. Parque Pumalín staat bekend om zijn machtige bomen van drieduizend jaar oud. "Hier staat nog maagdelijk woud en zijn alle klimaatzones met elkaar verbonden", zegt de voormalige grootindustrieel die besloot al zijn geld te steken in natuurbeheer. Die op zijn oude dag nog meevaart met actieschip Sea Shepherd om persoonlijk Japanse walvisvaarders te bekogelen. 

Toegegeven, als eigenaar van Esprit sleepte Doug zijn staf al mee op raftingtrips door de Amerikaanse wildernis en naar lezingen van milieuactivisten. Maar ja, dan luister je met collega's van een van de grootste modebedrijven ter wereld naar een presentatie over de verderfelijke invloed van de consumptiemaatschappij. Eind jaren tachtig verkoopt Doug zijn aandelen en stopt - naar eigen zeggen - "met het verkopen van dingen die niemand nodig heeft".

De oude baas in zijn versleten regenjas en kaplaarzen is inmiddels de grootste private grondbezitter in Zuid-Amerika (meer dan 8.000 vierkante kilometer). En een van de meest uitgesproken natuurbeschermers ter wereld.

Doug is klein van stuk en komt in eerste instantie wat verlegen over, maar dat is volgens zijn assistenten schijn. De man met het lange witte haar is hier Lord of the Jungle. Zijn stem klinkt bedeesd, maar hij zegt geen bescheiden dingen. "Oh, kom je uit Nederland? Daar kwam ik laatst niet in, omdat mijn paspoort bijna was verlopen! Toen ik uitlegde dat ik een afspraak had met de koningin, mocht ik toch door. Ha! Slimme en aardige vrouw trouwens, ik vroeg haar steun om duurzame landbouw in Argentinië te stimuleren."

Tompkins lijkt een beetje op Jacques Cousteau, de Franse mede-uitvinder van de ademautomaat die zijn fortuin stak in het behoud van de oceaan. De Amerikaanse mede-uitvinder van de koepeltent kiest voor het oerbos. Het is moeilijk niet onder de indruk te raken als de voormalige bergbeklimmer en wildwaterkajakker achter de stuurknuppel van zijn vliegtuigje kruipt om thuis te gaan eten - zeven minuten vliegen, rechtsaf door de mist in zijn eigen fjord. Als diens Cessna brommend uit het zicht verdwijnt, springen een paar dolfijnen uit het water voor zijn kiezelstrandje.

Prikkeldraad

De Tompkins kozen voor Chili, omdat daar nog veel wildernis te koop is. Die bovendien wordt bedreigd door bosbouw, mijnbouw, zalmkwekerijen en stuwdammen. Vaak koopt het echtpaar een grote veehouder uit, waarna de Amerikanen grote stukken land toevoegen. Een blije Kris in het toekomstige Patagonia Nationaal Park: "Kijk naar de guanaco's om ons heen. Tachtig jaar lang waren die verdreven naar de bergen. Maar toen we het prikkeldraad weghaalden, kwamen ze meteen naar beneden." In Argentinië herintroduceren de Amerikanen reuzenmiereneters en jaguars in hun waterrijke Iberá Park. Ook dat moet nationaal bezit worden. 

"Tompkins is mijn held", zegt een wandelaar die zijn tentje opzet in Patagonia Park. Een groepje Chileense vliegvissers langs de Carretera Austral: "De Tompkins hebben ons laten zien hoe mooi ons eigen land is.' Maar er heerst ook argwaan. "Waarom steken die Amerikanen honderden miljoenen in onze natuur?", zegt een leraar op de veerboot. "Daar zit vast olie. Of ze willen onze gletsjers stelen!" Een epische strijd tegen een damproject, na zeven jaar gewonnen door het Tompkins-kamp, maakte de Amerikaanse filantropen bekend én omstreden onder Chilenen.

Share

'Wij kopen land om als meesterwerk te bewaren'

Kris Tompkins

"De weerstand verraste mij", erkent Kris tijdens een wandelpauze. "Ik begreep het niet. Maar goed, wat wisten wij 25 jaar geleden van het opzetten van nationale parken? Helemaal niks." Kris beschouwt zichzelf als een voorloper onder duurzame ondernemers. Als baas van buitensportmerk Patagonia reserveerde ze al een percentage van de winst voor natuurbeheer, ontwikkelde kleding van gerecycelde petflessen en trok veel aandacht met anticonsumentistische reclameslogans als 'Koop deze jas niet' (wat tot meer omzet leidde). Ze nam ontslag op haar 43ste en voegde zich bij Doug in Chili. "Ik wilde nog iets anders doen in mijn leven. Iets gewaagds, iets wilds!" 

De Tompkins willen al hun geld weggeven in Zuid-Amerika, voor hun dood. "Sommigen kopen meesterwerken om aan hun muur te hangen", zegt Kris. "Wij kopen land om als meesterwerk te bewaren." Een tweede stap is volgens haar om zoveel mogelijk mensen daarvan te laten genieten. "Als we het voor onszelf houden, bereiken we maar de helft van onze ambities." Door nationale parken te bouwen, vergelijkbaar met die in de Verenigde Staten, ontwikkelen Chilenen en Argentijnen liefde en trots voor hun eigen natuur, hopen de Tompkins. "We zien het als een democratische daad."

Bezoekerslodge

Share

'Wij richten ons op natuurbescherming en duurzame landbouw. Dat is uiteindelijk ook goed voor de economie en de volksgezondheid'

Kris Tompkins

Alleen al het opzetten van Patagonia Park kostte 45 miljoen dollar. De bezoekerslodge is opgetrokken uit blokken natuursteen, het dak is van koper, de hardhouten vloeren ruiken naar boenwas. De Tompkins willen voorkomen dat hun gebouwen snel weer instorten na de overdracht.

Ook het bezoekerscentrum, de campings en gemarkeerde wandelpaden: alles ziet er piekfijn uit. Wat bezoekers doet verzuchten: hopelijk neemt onze overheid dit nooit over. "Daar maakte ik mij vroeger meer zorgen over dan nu", zegt Kris. "Oké, het onderhoud zal minder zijn. Maar de natuur wordt beschermd - ook als wij er niet meer zijn - en daar gaat het om." Mocht de overheid toch bomen willen omhakken, dan treedt een teruggeefclausule in werking. Mede daarom verlopen de onderhandelingen met de overheid traag. 

Critici schamperen dat de Tompkins hun fortuin hebben verdiend met massaproductie van consumptiegoederen. In fabrieken waar de  werkomstandigheden niet best zijn. Laat ze liever hun geld in mensen steken en niet in dieren. "Drie procent van de filantropische dollars gaat naar natuur en milieu", stelt Kris. De meeste hulp gaat volgens haar naar armoedebestrijding en gezondheidszorg. "Wij richten ons op natuurbescherming en duurzame landbouw. Dat is uiteindelijk ook goed voor de economie en de volksgezondheid."

Spijt over hun verleden als industrieel drijft hen niet. Kris zegt vinnig: "Ik kan veel dingen opnoemen die ik, achteraf gezien, anders had moeten aanpakken. Van werk tot menselijke relaties. Maar ik laat me niet gek maken. Ik heb met Patagonia geprobeerd een beter bedrijf te bouwen dan de rest. Veel dingen waren nog niet bekend. Waar het om gaat: wat doe je als je de kennis eenmaal hebt? Als je doorhebt hoe de mens de natuur afbreekt, dan heb je de morele plicht in actie te komen."

Interview Kris Tompkins

4 Kris Tompkins in Patagonia Park. © Hilde Harshagen

Niet iedereen heeft een paar honderd miljoen op de bank.
"Waar het ons om gaat: doe wat! 99 procent van de mensen heeft weinig geld. Maar in iedere stad - zeker in Europa - bestaan actiegroepen en milieustichtingen waar je kunt helpen. Er zijn zó veel manieren om betrokken te raken, kies gewoon iets wat bij je past. Niks doen is geen optie."

Daar moet je puf voor hebben. En tijd.
"De man of vrouw die 's avonds op de bank hangt zonder zich af te vragen waar zijn water, eten of elektriciteit vandaan komt, die is moedwillig onwetend. Daar heb ik moeite mee. Ieder mens heeft de morele plicht, vind ik, in actie te komen. Om te zorgen dat je deze planeet in ieder geval niet slechter achterlaat. Al was het maar voor je kinderen of kleinkinderen." 

Hoeveel Nationale Parken gaan jullie nog bouwen? 
"We willen eerst afmaken wat we hebben. Het valt niet mee een natuurpark gedoneerd te krijgen. De raderen van de overheid draaien langzaam." Wijzend op de vallei om haar heen: "Dit zal ooit ook een nationaal park zijn."

Maar eerst moet de Chileense staat twee naastgelegen natuurreservaten toevoegen en eeuwige bescherming beloven. Dan ontstaat volgens haar een enorm park dat tot de mooiste van Zuid-Amerika zal behoren. "Daar gaan wel lange onderhandelingen aan vooraf."

Hoe is het om op je oude dag natuurparken te bouwen?
"Doug en ik sturen teams met bijzondere mensen aan. En we wonen op verbluffend mooie plekken. Maar het werk lijkt verdacht veel op een groot bedrijf runnen. Ik vlieg rond en vul mijn dagen met begrotingsbesprekingen, productieoverleg en marketingvergaderingen. Net als vroeger, eigenlijk. Maar goed, ik klaag niet. We leiden een uitzonderlijk leven. Met af en toe momenten van intense tevredenheid."

nieuws

cult

zine