Donderdag 01/12/2022

ReportageDuitsland

‘Zonder ons zou dit land een enorme ruk naar rechts maken’: de meest linkse partij van Duitsland is op sterven na dood

Een stemming tijdens het partijcongres van Die Linke op 25 juni.  Beeld ANP / Imago Stock & People GmbH
Een stemming tijdens het partijcongres van Die Linke op 25 juni.Beeld ANP / Imago Stock & People GmbH

De Duitse discussie over een nieuwe omgang met Rusland zorgt voor de zoveelste grote ruzie binnen Die Linke, ooit voortgekomen uit de socialistische eenheidspartij van de DDR. De partij dreigt ten onder te gaan aan interne strijd. Verliest het land zijn politieke linksbuiten?

Remco Andersen

Juist als Linke-parlementariër Sören Pellmann (45) zijn zoveelste interview erop heeft zitten, versperren twee mannen op een rolstoelfiets hem de weg en presenteren een raadsel. De man in het rolstoelgedeelte vooraan de fiets houdt een protestbord vast, de man op het zadel achter hem stelt de vraag. “Meneer Sören, een aangepaste woning heeft een woonkamer, slaapkamer, badkamer en keuken. Wat ontbreekt daar nog?”

De boomlange Pellmann denkt even na, buigt voorover en kijkt over zijn dikke brillenglazen: “U gaat het mij vast vertellen.” Een balkon, blijkt het antwoord, gevolgd door een pleidooi voor betere nationale wetgeving voor aangepaste woningen. Pellmann luistert geduldig. Die Linke is er voor de zwakkeren in de samenleving, en Die Linke is altijd toegankelijk. Ook op haar partijcongres deze zomerse zaterdag in Erfurt, hartje Duitsland, waar Die Linke een weg zoekt uit de diepste crisis sinds haar bestaan.

Duitslands politieke linksbuiten dreigt te verdwijnen. Tijdens de nationale verkiezingen in 2021 verloor de partij de helft van haar zetels en eindigde met 4,9 procent van de stemmen, net onder de kiesdrempel. Dankzij een achterdeurtje in het Duitse kiessysteem konden ze op het nippertje in het parlement blijven. Sindsdien werd Die Linke dramatisch afgeslacht in drie deelstatelijke verkiezingen. In Sleeswijk-Holstein en Noordrijn-Westfalen werd de partij ruimschoots gehalveerd. In Saarland viel Die Linke van 13 naar 2 procent en vloog meteen uit het parlement.

Die Linke-kopstukken Janine Wissler, Dietmar Bartsch en Susanne Hennig-Wellsow.  Beeld AFP
Die Linke-kopstukken Janine Wissler, Dietmar Bartsch en Susanne Hennig-Wellsow.Beeld AFP

Hoe zijn we hier aangeland, en hoe komen er weer bovenop? Dat is de allesomvattende vraag. Maar onder die hoofdvragen hangt een schier eindeloze lijst deelvragen waaruit blijkt dat Die Linke niet alleen worstelt met zichzelf, maar ook met een snel veranderend Duitsland.

Zijn wij er primair voor arbeiders die getroffen worden door de hoge benzineprijzen, of voor jongeren die zich bij ons aansloten om te strijden tegen klimaatverandering? Bestrijden wij het kapitalisme, of vechten we binnen dat systeem voor de belangen van onze achterban? Waar staan feminisme en lhbti-rechten op onze prioriteitenlijst? Wat, in hemelsnaam, moeten wij als Duitslands meest pro-Russische partij aan met de Oekraïne-oorlog? En als we al een nieuwe koers weten te vinden, hoe overtuigen we dan de kiezer daarvan? Want het enige dat die kiezer de afgelopen jaren van Die Linke gezien heeft, is ruzie.

Ruk naar rechts

Die Linke ontstond in 2007 uit de fusie van een ontevreden groep (west-)Duitse sociaaldemocraten met de PDS, de directe opvolger van de Socialistische Eenheidspartij (SED) uit de voormalige DDR. De partij heeft, haar naam indachtig, altijd aan de uiterste linkerkant van het politieke spectrum gestaan. Die Linke ziet zichzelf als de vertegenwoordiger van arbeiders en sociaal zwakkeren, belangenbehartiger van mensen in voormalige oost-Duitse bondsstaten, en socialistisch tegenwicht voor het kapitalisme dat de rest van het politieke systeem onderschrijft. Tegen de NAVO, warm naar Rusland.

Als de partij niet weet op te krabbelen, verliest Duitsland niet alleen een stuk politiek meubilair; het zou ook een ruk naar rechts voor de politiek als geheel kunnen inluiden. Helemaal omdat er in het huidige Duitse parlement maar zes partijcombinaties zetelen: Duitsland heeft een kiesdrempel van 5 procent, en één- of tweezetelpartijtjes bestaan er niet. Dus tel maar met hem mee, zegt de jonge socialist en leraar Carl Bauer (28), die zaterdag een infostand bemant van de activistische subgroep Bewegungslinke:

“De regeringscoalitie bestaat uit drie partijen. De FDP is een rechtse partij. De Groenen zijn een milieupartij, maar op liberale grondslag. De SPD voert weliswaar wat sociale punten door, zoals het minimumloon, maar is erg naar het midden geschoven. De coalitie als geheel voert een markt-liberale politiek. De oppositiepartijen zijn de conservatieve CDU/CSU, de rechts-radicale AfD, en Die Linke. Als Die Linke zou verdwijnen, dan kunnen mensen die het niet eens zijn met de coalitiepolitiek dus alleen nog maar verder naar rechts opschuiven.”

Dat laatste is precies wat er gebeurt in een aantal oostelijke deelstaten, waar de proteststem niet langer naar Die Linke gaat, maar naar de rechts-radicale, anti-immigratie-, en nu ook anti-coronapartij AfD. Ook elders nemen partijen hapjes uit het bestaansrecht van Die Linke. De Groenen met, behalve milieupolitiek, ook feministische, gender- en andere identiteitspolitiek. De SPD met sociale beloften, de kritiek van Bauer ten spijt. Beide partijen spinnen garen bij het feit dat hoogopgeleide linkse Duitsers graag strategisch stemmen. Lager opgeleide Duitsers stemmen juist steeds minder. Zo verdwijnt Die Linke almaar verder in de marge.

Het kernprobleem is: de afgelopen jaren is steeds minder duidelijk waar Die Linke nu voor staat. Grofweg zijn er drie vleugels: de antikapitalistische strijders voor de arbeidersklasse, de voornamelijk west-Duitse sociaaldemocraten die ijveren voor verandering binnen het systeem, en een steeds mondiger jonge garde die zich aansloot bij Die Linke uit liefde voor haar compromisloze strijdersethos maar ook eigen prioriteiten heeft: feminisme, genderidentiteit, en bovenal de strijd tegen klimaatverandering.

‘Nee tegen de oorlog, en nee tegen wapens!’

Die strijdlustige veelvoud, als een anti-autoritaire verzameling grassroots organisaties diep verankerd in de maatschappij, is altijd de kracht geweest van Die Linke. Maar nu de Duitse maatschappij snel verandert, blijkt Die Linke de grootst mogelijke moeite te hebben om daar met één stem op te reageren. En sinds Rusland een oorlog tegen Oekraïne is begonnen, stijgen de spanningen in de toch al verscheurde pro-Russische ‘vredespartij’ zo nu en dan tot kookpunt.

Want ja, lieve kameraden, sprak co-partijleider Janine Wissler op het partijcongres, in een poging de nieuwe Rusland-politiek van de partij voor eens en altijd duidelijk te maken ten overstaan van honderden Linke-leden: wij weten dat dit conflict een voorgeschiedenis heeft. “Maar de Russische leiding draagt de verantwoordelijkheid, en deze misdadige agressieoorlog is met niets te rechtvaardigen. De Oekraïners verdienen onze solidariteit!

Wissler is niet de eerste die het zegt, en zeker niet de laatste. De vraag is alleen: hoe brengen we dit precies in de praktijk?

Die Linke pleit voor gerichte sancties op de kring oligarchen rond Poetin, maar verwerpt een energie-embargo dat de Russische economie als geheel schaadt en de Duitse prijzen opdrijft. De partij is mordicus tegen de geplande investering van 100 miljard euro in de Duitse strijdkrachten, en tegen wapenleveringen aan Oekraïne. Een oplossing moet komen van diplomatie – een strategie waarvan de meeste Duitse partijen hebben vastgesteld dat die niet werkt zonder militaire dwang.

null Beeld EPA
Beeld EPA

Toch verandert ook binnen Die Linke de blik op Rusland, zegt Mario Candeias, politicoloog verbonden aan de Rosa Luxemburg Stichting. Dat onderzoeksbureau staat dicht bij de partij. “Er is een minderheid van oudere, Oost-Duitse leden die zich nauw verbonden voelen met Rusland. Zij hebben vaak nog in de Sovjet-Unie gestudeerd, en hun gedachtengoed is diep geworteld in anti-imperialisme, tegen de NAVO, tegen de VS. Maar hun aantal slinkt. Een deel sterft uit, en een ander deel realiseert zich inmiddels dat Poetins Rusland iets anders is dan de Sovjet-Unie.”

Een breed middenkader van de partij veroordeelt nu de Russische agressie – maar wel in context. Een krap aangenomen partijresolutie stelt dat Die Linke “elke oorlog afkeurt, zowel de anti-volkenrechtelijke oorlog van het Russische leger tegen Oekraïne als de brute aanval van Turkije op Koerdische gebied en de langjarige oorlog van de NAVO in Afghanistan.”

Klimaatgerechtigheid

Als íéts de kiezer wegjaagt bij Die Linke, dan is het wel de constante interne oorlog die de leden met elkaar voeren. Volgens de Rosa Luxemburg Stichting kan 18 procent van de kiezers zich een stem op de partij voorstellen. Maar als puntje bij paaltje komt, dan gaan bijna al die kiezers hoofdschuddend ergens anders naartoe. Geholpen door sociale media en gevoed door de ene na de andere crisis – pandemie, inflatie, oorlog – klotst de traditionele strijdcultuur van de partij over de plinten van het hoofdkantoor naar de talkshows en de krantenpagina’s.

Zegt Die Linke dat ze pro-vaccinatie is, dan kun je er donder op zeggen dat daags erna een prominent parlementslid in een talkshow het nut van inentingen in twijfel trekt. Wijst de partij wapens voor Oekraïne af, meldt nog diezelfde dag een smaldeel zich met de wens bewapening te bespreken. Op het partijcongres zelf was oud-fractieleider Gregor Gysi nauwelijks uitgesproken, of een partijlid haastte zich naar de microfoon om Gysi’s afkeuring van genderneutraal taalgebruik te veroordelen.

Toch is eenheid mogelijk, zegt Adelheid Rupp (63), een advocate die anderhalf jaar geleden naar Die Linke overstapte vanuit de sociaaldemocratische partij SPD. En ze kan met één woord uitleggen hoe: klimaatgerechtigheid.

De jongeren die nu de politiek ingaan, maken zich doorgaans zorgen om andere zaken dan de linkse jongeren uit Rupps jeugd. De vakbonden zijn uit, sociale gerechtigheid is abstract. Bij de nieuwe aanwas van Die Linke gaat het om genderidentiteit, of vluchtelingen, maar bovenal: klimaatverandering. Dat lijkt heel wat anders dan wat de oudere arbeidersgeneratie bezighoudt, die halverwege de middag braadworsten begint weg te spoelen met halve liters bier.

“Maar klimaatgerechtigheid is nu juist het thema waarop we de verbinding in onze partij kunnen vinden”, zegt Rupp. “Dat betekent dat we bij alle milieumaatregelen ons afvragen: hoe raakt dat de zwakkeren in de samenleving? De Groenen wil dat iedereen verplicht wordt een elektrische auto te kopen, maar wat als je dat niet kunt betalen? We moeten de ouderen vertellen dat klimaat ook gaat over uitbuiting, en aan onze jongeren uitleggen dat we de wereld niet kunnen redden als het systeem blijft zoals het is. Binnen het kapitalisme is de vraag nu eenmaal niet of we goed met het milieu omgaan, maar: wordt er winst gemaakt?”

En wie weet, zegt Rupp, blijkt dan straks dat de existentiële crisis van 2022 slechts een transitie was naar een nieuwe toekomst voor Die Linke.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234