Zaterdag 28/01/2023

Analyse

Waarom politici zich niet mogen bezighouden met liefdadigheid

Joël De Ceulaer. Beeld Karel Duerinckx
Joël De Ceulaer.Beeld Karel Duerinckx

Binnenkort kunt u een collega met een ziek kind helpen door vakantiedagen af te staan. Het lijkt een sympathiek idee van de federale regering, maar het deugt voor geen meter. Ook wie geen behulpzame collega's heeft, moet voor een ziek kind kunnen zorgen.

JOËL DE CEULAER

Het was met voorsprong dé tweet van het weekend: minister van Werk Kris Peeters (CD&V) die aankondigde dat u voortaan vakantiedagen kunt schenken aan een collega die tijd nodig heeft om voor een ziek kind te zorgen. Zo stond het er, letterlijk: "Stel: het kind van een collega is ernstig ziek: u kan hem/haar in overleg verlofdagen doorgeven." Peeters, op papier toch een christendemocraat, leek er nog trots op te zijn ook. Merkwaardig, want behalve een stuitende taalfout ('vakantie' is geen 'verlof') bevatte zijn tweet ook een stuitend idee.

Op het eerste gezicht lijkt het een prima maatregel. Collega's die elkaar helpen - wat kan daar nu op tegen zijn? Niets, natuurlijk. Lang leve de spontane solidariteit onder collega's, vrienden en buren! Het punt is alleen dat de overheid zich met die spontane solidariteit niet hoort te bemoeien, en vooral: dat de overheid daar zeker niet op mag rekenen. Als uw huis in brand staat, is het prettig als de buren helpen blussen. Maar de overheid hoort dat niet te stimuleren. De overheid moet ervoor zorgen dat de brandweer op tijd komt. Ook als u geen buren hebt, of als uw buren met vakantie zijn, of als het uitgerekend uw buren zijn die uw huis in brand hebben gestoken - ook dat komt namelijk voor.

Een boom op de weg

Dat vakantiedagenideetje past perfect in de huidige tijdsgeest. Daarom is het zo vreemd dat een christendemocraat ermee uitpakt. Paradoxaal genoeg zijn het immers vooral liberale politici, van N-VA en Open Vld dus, die liefdadigheid en spontane solidariteit graag vurig promoten. Hoe meer de burger het heft in eigen handen neemt, hoe minder de overheid moet doen.

Kijk naar de Verenigde Staten: veel meer dan Europeanen beschouwen Amerikanen het als hun plicht om het goede doel te steunen en aan vrijwilligerswerk te doen. Daar staat tegenover dat de welvaartsstaat er bijlange niet zo robuust is als bij ons. U vindt er makkelijk een gratis kom soep die u wordt aangeboden door pakweg het Leger des Heils, maar de kans dat u op zoek moet naar een gratis kom soep om niet te verhongeren, is er dan ook beduidend groter. Elk voordeel heeft zijn nadeel.

De Franse politieke filosoof Alexis de Tocqueville had dat in de 19de eeuw al gezien. Toen de N-VA precies een jaar geleden die fameuze #helfie-campagne lanceerde, had ze daarvoor bij hem de mosterd gehaald. In een van zijn boeken geeft De Tocqueville het voorbeeld van de boom die op de weg valt. In Frankrijk, schrijft hij, zouden mensen het liefste wachten tot de overheid die boom komt opruimen. In Amerika steken mensen de handen uit de mouwen en ruimen ze die boom zelf op.

Die houding sluit aan bij het wereldbeeld van de N-VA zoals voorzitter Bart De Wever dat al jaren uitdraagt: waar burgers de handen in elkaar slaan, groeit het kostbare weefsel van de samenleving. En ja, dat is een wereldbeeld waarbij velen een traantje van ontroering zouden wegpinken. Alleen gaat het échte debat niet over dat kostbare weefsel, maar over die dure welvaartsstaat. Die #helfies moeten geen bomen uit de weg ruimen, ze moeten de sociale zekerheid helpen afbouwen. Wat u zelf doet, hoeft de overheid niet meer te betalen. Als uw collega's u hun vakantiedagen cadeau doen, kost de zorg voor uw zieke kind de overheid geen euro extra meer. Makkelijk zat. Maar op de weg naar de beschaving is het een stap terug.

De #helfie-campagne. Beeld BELGA
De #helfie-campagne.Beeld BELGA

Een kille machine

Solidariteit: het is een woord dat makkelijk aanleiding geeft tot misverstanden. De meeste mensen associëren het met warmte en nabijheid en gevoelens van empathie. Terecht. Solidariteit met verwanten en groepsgenoten zit evolutionair diep in ons verankerd. Ook andere diersoorten kennen empathie en hulpvaardigheid. Alleen is de menselijke soort erin geslaagd om daar een laag bovenop te leggen: die van de kille, onpersoonlijke, rationele solidariteit. Van de werkende Limburger met de werkloze Brusselaar, de gezonde treinconducteur met de zieke postbode, het kinderloze koppel met het kroostrijke gezin.

Die sociale zekerheid - en breder: die overheid - is er voor iedereen. Als uw huis in brand staat, betalen wij met zijn allen de brandweer. Als u kinderen hebt, betalen wij met zijn allen het onderwijs. Als uw kind ziek wordt, zorgen wij er met zijn allen voor dat u bij dat kind kunt blijven. En als u zélf ziek wordt, voorzien wij met zijn allen in uw levensonderhoud - al wil de overheid ook daar stilaan op beknibbelen, aan sommige andere begrotingsplannen te zien.

De solidariteit van de welvaartsstaat voelen we niet echt. Al die zieken en werklozen en mensen met brandende huizen waar ons belastinggeld naartoe gaat, die kennen we niet persoonlijk. Dat maakt het systeem zo kwetsbaar voor kritiek, maar ook zo superieur. Omdat ieder individu er een beroep op kan doen, ook de mensen die om welke reden dan ook niet kunnen rekenen op de hulp van verwanten, collega's, buren of vrienden. Ziedaar de collectieve sprong voorwaarts die wij hebben gezet: wij zijn erin geslaagd om een systeem te bouwen dat solidair is met iederéén.

Daarom was die #helfie-campagne ongepast voor een regeringspartij. Daarom was de oproep van Yves Leterme eind 2009 om dakloze asielzoekers in onze huiskamers te herbergen ongepast voor een premier. Daarom deugt die maatregel van Kris Peeters niet, zelfs niet als tegelijk het zorgverlof wordt uitgebreid: de overheid moet geen vakantiedagengesjacher stimuleren, de overheid moet ervoor zorgen dat iedereen optimaal voor zijn/haar ernstig ziek kind kan zorgen. Ook mensen zonder sympathieke of hulpvaardige collega's.

Als een spoedarts

Liefdadigheid is mooi. Maar niet als de overheid zich ermee bemoeit. Daarom zouden politici eigenlijk ook niet langer belastinggeld mogen schenken aan mediagenieke acties zoals De Warmste Week van Studio Brussel. Een cheque van de minister-president voor het goede doel? Totaal ongehoord.

Beeld u het volgende in. Op de spoeddienst van een ziekenhuis arriveren twee zieke kinderen die geopereerd moeten worden, terwijl er maar één chirurg aanwezig is. Een van die kinderen, laten we hem Kris noemen, arriveert alleen met zijn moeder, die wat timide is en niet de gave van het woord heeft. Het andere kind, laten we dat Bart noemen, wordt vergezeld door een luidruchtig en enthousiast team van Studio Brussel, dat geld heeft ingezameld om de operatie te betalen. Zowel Kris als Bart moeten dringend onder het mes, maar de chirurg moet kiezen. De vraag is: welk kind mag eerst op de operatietafel? De weinig assertieve Kris, of de door veel supporters omringde Bart? Het antwoord luidt vanzelfsprekend: de chirurg moet nuchter en kil en rationeel beoordelen wie zijn hulp als eerste nodig heeft.

Zo'n chirurg, dát moet onze overheid zijn.

Politici zouden niet langer belastinggeld mogen schenken aan mediagenieke acties zoals De Warmste Week van Studio Brussel. Een cheque van de minister-president voor het goede doel? Totaal ongehoord. Beeld BELGA
Politici zouden niet langer belastinggeld mogen schenken aan mediagenieke acties zoals De Warmste Week van Studio Brussel. Een cheque van de minister-president voor het goede doel? Totaal ongehoord.Beeld BELGA

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234