Donderdag 22/08/2019

Formatie

Vlaamse hardliner gaat regering leiden: portret van Jan Jambon (N-VA)

Jan Jambon. Beeld Tim Dirven

Naar alle waarschijnlijkheid wordt Jan Jambon (N-VA) de toekomstige Vlaamse minister-president. De communautaire scherpslijper van vroeger is hij al even niet meer, maar kan de oud-VVB’er ook een regering leiden? 

In de Belgische politiek kan alles. Bijvoorbeeld: een kandidaat-premier die twee maanden na de verkiezingen door zijn eigen partij wordt aangeduid als toekomstig minister-president. Als Jambon er de komende weken in slaagt om de onderhandelingen met CD&V en Open Vld succesvol af te ronden, iets waar eigenlijk geen mens aan twijfelt, dan legt hij straks de eed af als minister-president van de Vlaamse regering Jambon I.

“Jan en ik hebben de afgelopen dagen veel gemijmerd”, vertelt zijn partijgenoot en compagnon de route Peter De Roover. “Als jonge flaminganten hadden we nooit durven denken dat we hier, aan de top van de Vlaamse politiek, zouden belanden. Ooit burgemeester worden, leek toen al een absurde ambitie (lacht). Laat staan dat Jan eraan dacht om ooit minister-president te worden. Maar natuurlijk is dit voor hem wel een droombaan.”

Om te beginnen dit: Jan Jambon is geen geboren en getogen Antwerpenaar. De huidige burgemeester van Brasschaat heeft zijn hele jeugd doorgebracht in een buitenwijk van Genk. Zijn vader is er leraar wiskunde, zijn moeder verpleegkundige. Het koppel heeft zes kinderen, waarvan hij de oudste is. “Het was hier vaak Janneke, doe dit eens, Janneke, haal dat eens op”, zei moeder Mart onlangs in gesprek met Het Belang van Limburg.

Jan Jambon aan de onderhandelingstafel. Beeld Illias Teirlinck

Wapperende leeuwenvlaggen

Het is in Genk dat Jambon zich begint te interesseren voor de Vlaamse zaak. Zijn inwonende grootvader is een flamingant, net zoals zijn vader. Op 11 juli wappert de Vlaamse Leeuw steevast uit het raam van het ouderlijk huis. Jambon trekt naar de IJzerbedevaart in Diksmuide, op zoek naar gelijkgestemden. Begin jaren 80, als student informatica aan de Vrije Universiteit Brussel, engageert hij zich bij de Volksunie Jongeren.

In die periode leert hij de Antwerpenaar Peter De Roover kennen. Samen met hem verlaat hij in 1988 de Volksunie, uit onvrede over de toegevingen die de partij doet tijdens de regeringsonderhandelingen. De Volksunie, geleid door Hugo Schiltz, maakt op dat moment deel uit van de kabinetten onder Wilfried Martens (CVP). Jambon en De Roover verkassen naar de Vlaamse Volksbeweging (VVB). De Roover wordt voorzitter van de zieltogende organisatie, Jambon zijn rechterhand. Samen zorgen ze ervoor dat het VVB weer opleeft.

“Ik heb heel Vlaanderen gezien met Jan”, zegt De Roover. “Omdat onze persconferenties geen volk lokten, trokken we er maar zelf op uit. Ik had toen geen rijbewijs dus Jan was de chauffeur. In de groene Mazda van zijn lief reden we alle krantenredacties af om aan journalisten onze ideeën voor te stellen. In het begin raakten we niet eens voorbij de portier (lacht). Met die Mazda zijn we ooit nog eens Joseph Luns, de voormalige topman van de NAVO, gaan oppikken in Brussel voor een lezing. Luns, een man van bijna twee meter, paste er amper in.”

Karl Drabbe, uitgever bij de Vlaamsgezinde website Doorbraak.be en een deel van het meubilair in het Vlaamse huis, herinnert zich Jambon als een efficiënt organisator. “Ik heb hem weleens de CEO van de Vlaamse Volksbeweging genoemd. Voor zijn komst lag de VVB op apegapen, hij heeft het schip politiek en organisatorisch overeind gehouden.”

Als drijvende kracht achter de VVB trekt Jambon de aandacht. Het Vlaams Blok maakt hem meerdere keren het hof. Zonder succes. Jambon, die op dat moment te boek staat als een Vlaamse hardliner – een volbloed nationalist – houdt de boot af. Volgens medestanders omdat het Blok nooit zijn project was. Volgens VB’ers uit die periode omdat Jambon begreep dat extreemrechts opgesloten zat achter het cordon sanitaire.

Toch duikt telkens weer het verhaal op dat Jan Jambon mee de VB-afdeling van Brasschaat oprichtte. Op Wikipedia wordt er nog altijd naar verwezen. “Maar zover ik weet, klopt dat niet. Ik heb hem nooit gezien in die afdeling, en hij heeft hem volgens mij ook niet gesticht”, zegt Gerolf Annemans, een van de boegbeelden van het Vlaams Blok in de jaren 90. Annemans en Jambon liepen elkaar regelmatig tegen het lijf. “Wij beschouwden Jambon als een carrièrist. Hij ging altijd goed met ons om, maar hij bleef aan de ‘juiste’ kant van de politiek correcte lijn. Hij wou zich niet verbranden: een te nauwe band met de partij had zijn carrière in de bedrijfswereld kunnen schaden.” Jambon is in die jaren zijn loopbaan aan het uitbouwen. Hij stoot door tot managementfuncties bij onder meer IBM, SD Worx en Bank Card Company.

Drabbe vult aan: “Het VNJ (Vlaamse en rechtse jeugdbeweging, SKE/JVH) stond op een dag aan zijn deur. Ze vroegen om zijn kinderen naar hen te sturen. Jambon bedankte feestelijk en stuurde zijn kinderen naar de scouts.”

Jan Jambon. Beeld Eric de Mildt

Ook de Leuvense geschiedenisstudent Bart De Wever merkt Jambon op. Wanneer De Wever en Geert Bourgeois rond de eeuwwisseling de N-VA boven het doopvont houden, schaft Jambon zich een partijkaart aan. Het project spreekt hem aan. Ook Jambon gaat niet uit van een romantische visie op een onafhankelijk Vlaanderen. Hij pleit voor een autonome regio binnen een Europees geheel. Het belangrijkste is dat Vlaanderen zijn eigen beleid kan voeren. In 2006 verschijnt Jambon op een lokale lijst. In 2007 maakt hij zijn entree in de Kamer, als de opvolger van niemand minder dan Kris Peeters. De N-VA en CD&V werken dan nog samen in kartel.

“In 2002 had Jan al eens aan mijn mouw getrokken, op een N-VA-nieuwjaarsreceptie in het Antwerpse. Ik was toen partijwoordvoerder en kende hem van mijn studententijd bij de Vlaamse Nationale Studentenunie”, zegt uittredend Vlaams minister Ben Weyts. “Natuurlijk wilden we hem binnenhalen. Iemand met zijn cv is altijd een aanwinst. Nog voor hij verkozen werd in het parlement hadden we hem daarom al gecoöpteerd in de partijraad. Normaal kan je daar alleen via de lokale afdelingen in raken. Voor hem maakten we een uitzondering.”

De animositeit tussen CD&V en N-VA van de laatste jaren was toen ver te zoeken. “De N-VA’ers in de fractie waren sympathiek en werkten constructief mee”, zegt Hendrik Bogaert (CD&V) over de tijd van het kartel. “Jambon stemde trouwens voor mij als fractieleider. In de eerste stemronde stond het gelijk tussen Servais Verherstraeten en mij, omdat ik alle stemmen van de N-VA’ers had. Maar goed, toen kwamen de ACW-ministers binnen en heb ik snel verloren. Dat was duidelijk.”

Communautaire koelkast

Jambons ster rijst snel. Het is de periode van ‘vijf minuten politieke moed’ waarin het Vlaamse kartel onder leiding van Yves Leterme (CD&V) met getrokken messen staat tegenover de PS van Elio Di Rupo, het cdH met ‘madame non’ Joëlle Milquet en het FDF van Olivier Maingain. Jambon profileert zich als een communautaire scherpslijper binnen de N-VA. Enkele jaren later, in 2010, is hij erbij wanneer De Wever en Di Rupo elkaar in het grootste geheim ontmoeten in een landhuis in Vollezele om samen een staatshervorming te realiseren. Die gesprekken draaien uiteindelijk, na 541 dagen crisis, op niets uit. Jambon wordt oppositieleider.

Vanaf 2014 matigt hij zijn toon. Het moment waarop de N-VA aan haar eerste federale machtsdeelname begint in de regering-Michel. Jambon wordt minister van Binnenlandse Zaken en vicepremier. In ruil voor een sociaal-economisch rechts beleid stopt N-VA haar communautaire eisen voor vijf jaar in de koelkast. Jambon komt die afspraak na. Hij toont zich een gedegen bestuurder in terreurtijden. Zijn aanpak kan ook ten zuiden van de taalgrens op bijval rekenen. Hij, een flamingant, prijkt er zowaar helemaal bovenaan in de pop polls.

Jan Jambon. Beeld Bart Dewaele

In een interview met deze krant vertelt Jambon in 2016: “Ik heb het voorbije jaar meer voor de Brabançonne moeten rechtstaan dan in de 54 jaar ervoor, dat is waar. (glimlacht) Heb ik daar bijgedachten bij? Ja, maar ik ben niet verplicht die met u te delen. Ik wist wat mij te wachten stond.” Zijn parcours verloopt niet vlekkeloos, er zijn uitschuivers. Jambon ontwaart “dansende moslims” na de aanslagen in Parijs en zegt dat hij heel Molenbeek zal “opkuisen” met zijn kanaalplan. Bij de lancering van de regering-Michel laat hij in een interview met La Libre vallen dat collaborateurs “hun redenen” hadden. Maar finaal blijven die uitspraken nooit lang aan hem plakken.

“Het verbaast me dat iedereen ervan uitgaat dat je niet een overtuigde Vlaams-nationalist kan zijn én een goed bestuurder. Alsof die twee per definitie niet samen kunnen gaan”, zegt Weyts. “Vroeger noemde ze mij soms ‘Ben Laden’ omdat ik zogezegd de radicaalste N-VA’er was. Maar je moet gewoon je rol kennen. Als onderhandelaar moet je op je strepen staan. Als minister moet je vervolgens ervoor zorgen dat je correct beleid voert.”

N-VA schuift Jambon nu naar voren als Vlaamse minister-president, omdat de partij gelooft dat hij de meest geschikte figuur is om een heruitgave van de centrumrechtse coalitie met Open Vld en CD&V te leiden. Binnen N-VA wil men vermijden dat die formule opnieuw in gekibbel uiteen valt. Jambon moet daarvoor zorgen. De verwachtingen zijn hoog. Jambon I moet straks, bij de verkiezingen in 2024, een palmares kunnen voorleggen. Een waarmee N-VA zijn kiezers kan overtuigen om weg te blijven van het Vlaams Belang.

Politieke oorlogjes

“Hij zal zich niet uitputten in kleine politieke oorlogjes tussen de verschillende partijen. Als Jan een grote kwaliteit bezit, dan is het zijn vermogen om hoofd- en bijzaak van elkaar te scheiden”, zegt zijn woordvoerder Olivier Van Raemdonck. Hij werkt intussen vijf jaar onder Jambon. “Hij is enorm gericht op het resultaat. Hoe dat er dan juist komt, interesseert hem minder. Maar het resultaat moet er zijn. Anders kan hij beenhard zijn. Jan is ook loyaal. In de regering-Michel bijvoorbeeld aan de premier. Maar hij verwacht dan wel dat je ook altijd je verantwoordelijkheid opneemt. Hij is daar heel rationeel is. Hij denkt als een informaticus.”

Jan Jambon draaide plaatjes op de N-VA-nieuwjaarsreceptie van 2017. Beeld Eric de Mildt

Bij coalitiepartners CD&V en Open Vld wordt dit ‘binaire’ tegelijk als zijn grootste valkuil omschreven. Jambon kan ook halsstarrig zijn als iets niet gaat zoals hij het wil, wordt daar aangegeven. Als toekomstig minister-president moet hij straks iedereen samen houden, maar ook iedereen laten schitteren. Dat wordt een uitdaging. De Roover hierover: “Toen we vroeger wandelingen maakten met de vriendengroep, liep Jan altijd voorop. Met de stafkaart in de hand. Waarschijnlijk was dat niet toevallig.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden