Donderdag 22/10/2020

Zaak-Chovanec

Parlement ondervraagt Jambon en politietop over zaak-Chovanec

Beeld Photo News

Het federale parlement legt vandaag voormalig binnenlandminister Jan Jambon (N-VA) op de rooster over de zaak-Chovanec. Ook de huidige en toenmalige politiechef komen langs. Waarom kon dat dodelijk incident haast geruisloos passeren?

Na twee weken van warrige communicatie over de zaak-Chovanec, moet er vandaag wat meer duidelijkheid komen. Toenmalig binnenlandminister en huidig Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) moest verschillende keren zijn boodschap bijstellen over de Slowaak Jozef Chovanec, die begin 2018 overleed na hardhandig politieoptreden in een politiecel op de luchthaven van Charleroi. Eerst verklaarde Jambon dat hij nog nooit gehoord van het dossier, uiteindelijk zag hij zich vorige zaterdag genoodzaakt een persconferentie bijeen te roepen om meer uitleg te geven. Hij moest toegeven dat hij met de Slowaakse ambassadeur over de zaak had gesproken, maar dat hij zich van die ontmoeting “niets meer herinnerde”. 

De manier waarop Chovanec die 24ste februari 2018 behandeld werd, roept veel vragen op. Agenten zaten en hingen ruim een kwartier op en aan het lichaam van de Slowaak. Op beelden die twee weken geleden pas uitlekten, is ook te zien hoe een agente tijdens de arrestatie een Hitlergroet bracht. 

De oppositie neemt geen genoegen met de uitleg van Jambon van vorig weekend: hoe is het mogelijk dat een minister een onderhoud met de Slowaakse ambassadeur “zomaar vergeten” is? “Als een diplomaat iets herhaaldelijk komt aankaarten op een kabinet, dan moet dat een toch een belletje doen rinkelen”, zegt Stefaan Van Hecke, Kamerlid voor Groen. “Waarom is er dan geen verdere actie ondernomen?”

De vraag blijft ook waarom het incident in tweeënhalf jaar tijd niet ten gronde is aangekaart, niet door de minister of door de politietop. Jambon verwijst zelf naar comité P. Het controleorgaan van de politiediensten is betrokken bij het onderzoek naar de dood van Chovanec. Daarom drong hij niet aan op verdere stappen. 

Alleen: het was de ‘Dienst enquête’ van het comité P die was ingeschakeld in het strafrechtelijk onderzoek. Dat is de procedure: het is niet de bedoeling dat de politie zichzelf gaat ondervragen. Gevolg is ook dat verdere informatie over de vorderingen van het strafrechtelijk onderzoek niet intern bij de politie werd gedeeld, noch bij de ‘vaste leden’ van het comité P. 

Het kan een van de verklaringen zijn waarom zo weinig mensen op de hoogte waren van de ernst van de feiten. Het officiële politieverslag van de fatale nacht was summier en vermeldde weinig details. Het bewuste filmpje, met de Hitlergroet en het hardhandige optreden van de politie, werd in de loop van het onderzoek in beslag genomen en was sindsdien niet meer raadpleegbaar. Al die tijd werd er ook geen intern onderzoek opgestart door de politie zelf. Dat gebeurde pas afgelopen maand, toen de zaak werd opgepikt door de pers.

In de opvolgingscommissie van comité P in het federaal parlement ontstond gisteren een uitgebreide juridische discussie: moesten de speurders van comité P de politietop niet hebben ingelicht over het gedrag van de agenten? Volgens heel wat aanwezige parlementsleden bestond volgens de wet wel degelijk die mogelijkheid. Het comité P zelf verwees naar het geheim van het onderzoek. De bedoeling is dat de kwestie nu verder juridisch wordt uitgeklaard. Comité P zal intussen ook een onderzoek voeren naar het algemene functioneren van de luchthavenpolitie in Charleroi.

Doofpot

Blijft de vraag wie binnen de politie allemaal op de hoogte was. Wie kende de details en tot hoe hoog in de hiërarchie? “Op dit moment kan je niet van een grootse doofpotoperatie spreken”, zegt CD&V-Kamerlid Sammy Mahdi. “Mogelijk hebben de betrokken agenten zelf de feiten minimaal voorgesteld.”

In dat opzicht kunnen de huidige en de vorige politiechef verheldering brengen. Zowel Catherine De Bolle, die toen aan het hoofd stond van de federale politie, als Mark De Mesmaeker, haar opvolger, worden gehoord in het parlement. 

De Mesmaeker was op het ogenblik van de feiten directeur-generaal van het administratief en technisch secretariaat van Binnenlandse Zaken (SAT). Hij stond onder meer in voor de goede informatiedoorstroming tussen de politiediensten en het kabinet van Binnenlandse Zaken. 

Meteen na het incident kreeg hij ook een mail van het kabinet over de zaak-Chovanec. Enkele dagen nadien stuurde een medewerker van hem een mail terug om hen erop te wijzen dat ze mogelijk parlementaire vragen over de zaak konden komen. Er waren artikels in de pers verschenen over het overlijden. De Mesmaeker stond in cc, en kreeg de info in zijn mailbox. 

Hij was dus op de hoogte, maar in welke mate had hij weet van de ernst van de feiten? Via zijn woordvoerster liet hij al weten dat het filmpje in kwestie niet bij het mailverkeer zat. Op dat ogenblik had hij trouwens niet de bevoegdheid om een onderzoek in te stellen. Pas later dat jaar volgde hij De Bolle op als nummer 1 van de federale politie. 

Ook De Bolle zal daarover aan de tand gevoeld worden. Heeft zij een verklaring waarom er niet onmiddellijk een intern onderzoek is ingesteld? Het is onduidelijk in welke mate de toenmalig directeur van de luchtvaartpolitie haar heeft ingelicht over wat er exact gebeurd is die nacht. Die man, Danny Elst, was diezelfde nacht ‘officier bestuurlijke politie’ die onder meer moest het verloop van de arrestaties mee moest overzien. Hij zette intussen een stap opzij.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234