Zaterdag 20/07/2019

Interview

Opzijgeschoven Gentse schepen Christophe Peeters: “Men heeft gekozen om het achterbaks te spelen”

Christophe Peeters (Open Vld) tussen de verhuisdozen op zijn laatste dag als Gents schepen. Beeld Eric de Mildt

Geslagen maar niet gebroken. De gewezen Gentse schepen Christophe Peeters (Open Vld) staat na enkele moeilijke weken, waarin hij een nieuw schepenmandaat door de neus geboord zag, nog steeds overeind. “Ze kunnen mij schoppen, ze kunnen mij slaan. Maar ze kunnen mijn liberalisme niet afpakken.”

‘Christophe Peeters. Schepen’, staat nog steeds te lezen op het plechtige bordje aan de deur van zijn voormalig kabinet. Nog eventjes. Binnenin staan de verhuisdozen klaar. Het geheel oogt vooral kil en troosteloos. Een goeie samenvatting van hoe de voormalige schepen zich moet voelen.

Peeters was een zekerheid in het nieuwe Gentse bestuur. Of dat dacht iedereen. Tot er met Sami Souguir, al twaalf jaar fractieleider, onverwacht een tweede kandidaat opdook. Die bij een stemming ook nog eens de steun kreeg van het lokaal partijbestuur. Nadien bleek dat voorzitter Mick Daman actief steun geronseld had voor Souguir.

Peeters kreeg deze week enkel de functie van ondervoorzitter van de gemeenteraad als troostprijsje. Wellicht een poging om hem wat te 'muilkorven’ in de gemeenteraad. “Dat zal dus niet werken”, klinkt het beslist. “Al ben ik niet iemand die keet schopt. Ik heb een rechtstreeks mandaat gekregen van de kiezer. Van 4.838 Gentenaars om precies te zijn. Ik ga die verantwoordelijkheid opnemen. En ik ga mijn zeg doen op basis van dossierkennis, zoals ik altijd doe.”

U werd ook gevraagd om in mei op een parlementslijst te staan, maar u heeft dat geweigerd.

“Ja, ik heb daar heel uitdrukkelijk neen op gezegd. Ik zeg al jaren aan mijn kiezers dat ik een lokaal mandataris ben en dat ik geen ambities heb om in het parlement te gaan zitten. Ik ben een bestuurder, ik ben een doener. Het is niet omdat ik hier nu ben ‘buitengesjot’ dat ik in het parlement moet gaan zitten.”

Voor een andere partij of als onafhankelijke in de gemeenteraad kan u ook uw mandaat opnemen.

“Om de dood niet. Ik zou bij god niet weten waarom ik mijn partij in de steek zou moeten laten omdat een aantal mensen het nodig vindt om onze partij te verscheuren. Waarom zou ik iets laten kapen waarvoor ik meer dan 30 jaar zeven dagen op zeven voor heb gewerkt en gevochten?”

Omdat men u op een boertige manier heeft buitengewerkt misschien?

“Je kan toch bijna 5.000 kiezers niet zomaar in de steek laten. Het gaat om een klein cenakeltje binnen de partij dat dit heeft bekokstoofd, niet de hele partij.”

Wat is er volgens u precies gebeurd?

(droogjes) “Wel, op een gegeven moment blijkt er een tegenkandidatuur te zijn als schepen, tot mijn en velen hun verrassing. En dan blijkt die ook in het bestuur een nipte meerderheid te halen. Waarvan akte.”

Maar wie maakt deel uit van dat ‘cenakeltje’, waar u het net over had?

“I don’t know. Ik heb nog geen tijd gehad om dat uit te kiemen. Ik wil ook niet speculeren over dingen waar ik geen zekerheid over heb.”

Wanneer voelde u dat het mis kon lopen?

“Eerlijk? Op het moment van de stemming zelf. Dan zag ik dat er blijkbaar gemobiliseerd was. Mensen die anders nooit op het bestuur aanwezig waren, niet eens uitgenodigd waren, bleken daar aanwezig. Het was allemaal zorgvuldig gepland ja.”

“Enfin, de voorzitter heeft ondertussen zelf toegegeven dat hij de stemming heeft beïnvloed door naar een aantal mensen te bellen, dus dat zegt ook wel wat.”

Waarom deed hij dat? Wat steekt er achter de ‘defenestratie van Christophe Peeters’?

“Dat moet u hem vragen. Daar heb ik enkel het raden naar.”

Beeld Eric de Mildt

Er circuleren nochtans allerlei theorietjes. Zo zou u volgens sommigen te veel de oude politieke cultuur belichamen. Het sfeertje van ‘ons kent ons’ waar ook de socialisten mee te kampen hadden. Ook zij hebben dat geurtje nooit kunnen afgooien. 

“Oude politieke cultuur? Ik kan me niet voorstellen dat de manier waarop mijn defenestratie in achterkamertjes werd bekokstoofd de nieuwe politieke cultuur moet voorstellen.”

“Kijk, ik ben opgegroeid met paars en als je dingen gedaan wil krijgen, betekent dat ook dat je af en toe weleens dingen moet doen, ja. Maar men heeft ook vaak heel bewust een schandaalsfeertje gecreëerd. Men mag zoeken hoor, men zal niets vinden.”

Het parket is alvast aan het zoeken. Na een nieuwe klacht over het gebruik van de skybox in de Ghelamco Arena (de loge die het stadsbestuur gebruikt om contacten uit te nodigen) werd een huiszoeking gedaan bij het stadsontwikkelingsbedrijf dat de box beheert. Uw naam wordt alweer genoemd. Is het toeval dat dit dossier nu weer boven water komt?

“Kijk, dit is een oud verhaal en alles is uitgelegd in de gemeenteraad. Dat is al afgehandeld.”

Het parket denkt daar anders over. Want het is net uw privégebruik van de loge dat wordt onderzocht.

“Tja, als men een stok zoekt om iemand te slaan. Er zit hier heel wat rancune en blinde ambitie achter. En dat is een gevaarlijke combinatie. Ik heb die factuur voor de skybox trouwens uit eigen zak betaald.”

Over wiens ambitie heeft u het nu?

“Daar zullen we nog wel achterkomen in de komende weken en maanden.”

Nog zo’n theorietje: u heeft de kandidatuur van Mick Daman (voorzitter van de lokale afdeling) om de provincieraadslijst te trekken tegengehouden. Als tegenprestatie wilde hij u weg als schepen. Klopt dat?

“Geen idee, dat moet u aan hem vragen. Maar er was binnen de regio afgesproken dat de lijsttrekker deze keer geen Gentenaar zou zijn. En ik ben iemand die afspraken loyaal naleeft. Dus Mick kon de lijst niet trekken.”

En Daman nam u dat kwalijk?

“Geen idee hoe hij dat verteerd heeft. Maar als er afspraken zijn, begin je niet te freewheelen, vind ik. Voor mij is dat evident.”

Lees ook: Misschien heeft Mathias De Clercq nu al zijn eigen herverkiezing verkwanseld 

Er wordt ook gefluisterd dat u te dicht stond bij het kartel sp.a-Groen. Filip Watteeuw (Groen) heeft ook de hele campagne gezegd dat hij in moeilijke dossiers liever met u samenwerkte dan met Mathias De Clercq.

“We hebben altijd goed samengewerkt. Dat is ook de manier waarop je een stad moet besturen. Filip en ik zijn uit hetzelfde hout gesneden. We zijn doeners. Je kunt lang theoretische bespiegelingen houden, maar we have a city to run. Je kan ook catenaccio spelen en elkaar niets gunnen. Maar zo maak je een stad vooral kapot.”

Beeld Eric de Mildt

Is dit niet gewoon een ordinaire broederstrijd, tussen u en Mathias De Clercq? Er wordt vaak gefluisterd dat er een soort deal was tussen u beiden. Hij mocht het nog één keer proberen en lukte het niet, dan zou u de volgende kopman worden. In dit scenario is het niet onlogisch dat de verliezer van de deal gewipt wordt.

“Over die zogenaamde deal tussen Mathias en mij is veel gezegd en geschreven, maar ik vrees dat ik u moet teleurstellen. De waarheid is veel minder spectaculair. Drie jaar geleden bleek dat we beiden een gezonde ambitie hadden om burgemeester van Gent te worden. Daar is over gesproken en er is een afspraak gemaakt dat Mathias de kop ging trekken. Hij heeft meteen gezegd: ‘het is burgemeester of niets’. Ik heb daar nooit iets over gezegd. Maar ik heb me wel altijd loyaal aan de afspraak gehouden. Ook al hebben velen geprobeerd om er een verhaal van te maken van twee absolute rivalen.”

Hoe bedrogen voelt u zich? Hoeveel pijn heeft dit gedaan?

“Op menselijk vlak is dit verschrikkelijk. De manier waarop, de timing. Niet alleen voor mij. Mijn echtgenote, familie en vrienden reageren heviger dan ikzelf. Ik begrijp dat ook. Ik heb ook zeven medewerkers die een week voor Kerstmis te horen kregen dat ze op straat stonden. Daar heeft men blijkbaar ook allemaal geen rekening mee gehouden. Dit is politiek op zijn smalst.”

“Enfin, dit heeft eigenlijk niets met politiek te maken. Politiek hoort een georganiseerd meningsverschil te zijn. Je ziet dat zelfs mensen die ideologisch mijlenver van mij verwijderd zijn hier scherp op reageren, zoals Tom De Meester (PVDA). Je kan niet verder van elkaar af staan maar dat betekent niet dat we elkaar als mens niet respecteren omdat we allebei heel fel voor onze ideeën en onze visie op een samenleving staan.”

“Ik trek me wel op aan de vele reacties die ik krijg. Vanuit alle andere partijen en ook van de man in de straat. Mensen beseffen heel goed: dit gaat niet over een verschil in visie of over slecht beleid. Het is niet dat het stadsbudget ontspoord is in de 16 jaar dat ik ermee bezig ben, integendeel. Het is niet dat de kiezer dit afgestraft heeft, integendeel.”

“Dit doe je niet, zo ga je niet met mensen om, zo ga je niet met de democratie om, zo ga je niet met kiezers om. Als mens valt mij dit uiteraard bijzonder zwaar, maar nogmaals: ze gaan mijn basislevensfilosofie niet van mij afnemen. (kijkt ons recht in de ogen) Dat laat ik niet toe.”

De partij is nu volledig verscheurd. Ziet u dit nog goedkomen?

“Ik betreur dat ten zeerste. Ik vind het eigenlijk dramatisch dat een paar leerling-tovenaars dit in gang gezet hebben om een mooie verkiezingsoverwinning op die manier eigenlijk om zeep te helpen. Dat is op een zeer rare manier de nek omgewrongen, en ik vind dat een verpletterende verantwoordelijkheid.”

“Iemand wilde mijn vel. Maar vergis u daar niet in, de redenen daarvoor zijn niet altijd even helder, rationeel of doordacht als u zou denken. Ik heb vooral problemen met de manier waarop het gebeurd is. Dat is du jamais vu in de politieke geschiedenis van dit land. Als je iemand weg wilt, dan praat je daar op voorhand over. Dat gesprek is er nooit geweest. Men heeft gekozen om het achterbaks te spelen. Het resultaat is inderdaad een verscheurde partij.”

Moet die partij schrik hebben van u? U staat erom gekend te zeggen waarop het staat. En u zei in het begin van dit gesprek dat u zich niet laat muilkorven.

“Ik weet niet of ik er zo vreselijk angstaanjagend uitzie. (lacht) Maar uiteraard zeg ik waar het op staat. Ik ben liberaal van geboorte en zal ook nooit iets anders zijn dan liberaal. Ik heb nog voor Karel De Gucht gewerkt. En een van zijn slogans was: ‘redelijk onverzettelijk’. De ratio gecombineerd met een vasthouden aan een aantal basisprincipes. Ik kan me daar zeer goed in vinden.”

“Ze kunnen mij schoppen, ze kunnen mij slaan, maar ze gaan mijn liberalisme niet afpakken. Ik zal ook niet vervellen tot socialist, ecologist of Vlaams-Nationalist. Ik ben en blijf een liberaal. Punt. Het is een deel van mijn zijn. Als een aantal mensen uit opportunisme een aantal handelingen wil stellen, dan doen ze maar. Ze zijn me nog niet kwijt.”

U klinkt opvallend strijdvaardig.

“Ja. Maar zoals altijd, in alle rust en kalmte. Ik heb nooit de hemel willen bestormen. Ik ben ook geen dromer. Daar ben ik te nuchter voor. Met de grote verhalen en dromen bestuur je geen stad. Dat moet meer down to earth.”

Wat zijn uw plannen nog? Gemeenteraadslid is geen fulltime job.

“Neen, en in tegenstelling tot wat sommigen denken is ondervoorzitter van de gemeenteraad dat ook niet. Dat is ook geen betaalde job. Ik ga dus rustig uitkijken om een nieuwe en een andere carrière te starten. Ik zit 25 jaar in de politiek, en heb nog iets meer dan 20 jaar te gaan, ik ben 44. We gaan dat eens rustig uitzoeken. Ik zal mijn ingenieursdiploma afstoffen.”

Komt het nog goed tussen u en Sami Souguir?

(blijft even stil) “Goh… We gaan ons professioneel gedragen. Ik zit in de gemeenteraad dus ik zal mijn rol spelen, en we gaan professioneel samenwerken. Maar we gaan niet samen kerstavond vieren, dat is een feit.”

Als we zo vrij mogen zijn: u reageert heel rustig. We hadden een veel bozere Christophe Peeters verwacht.

“Ik weet niet of dat te maken heeft met een manifest gebrek aan slaap van de voorbije weken. (lacht) Maar serieus: wat moet ik doen? Hier als een razende zot staan rondspringen?”

Er is wel een heel arsenaal messen in uw rug gestoken. Dan kan een mens al eens kwaad worden.

“Ik heb bijna 5.000 Gentenaars die achter mij staan. En een veelvoud daarvan heeft zijn steun betuigd de voorbije drie weken. Dat sterkt mij wel in het feit dat ik toch iets heb om op terug te blikken. Ik heb ook iets verwezenlijkt in deze stad. Ik zou een lijst kunnen opsommen van wat er allemaal gebeurd is, van de heraanleg van de Blaarmeersen tot de Rozebroeken tot een voetbalstadion tot een vuurspuwende draak, tot wat weet ik allemaal. Een budget in evenwicht, een pensioenfonds dat gegroeid is van 30 naar 220 miljoen. Ik heb niks om beschaamd over te zijn, integendeel. Al wat ik gedaan heb, heb ik gedaan voor deze stad en voor de Gentenaars. Men mag nu proberen wat men wil: dat pakken ze mij niet af, en mijn realisaties al zeker niet. Ik ben rustig maar niet gelaten.”

Beeld Eric de Mildt
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden