Dinsdag 15/10/2019

Interview

‘Op een bepaald moment heeft elkeen de kans om geschiedenis te schrijven of niet. Bart De Wevers moment is nu gekomen’

‘Wanneer ik in Vlaanderen ben, zijn mensen altijd heel content dat ze met een Franstalige kunnen discussiëren. Ze hebben daar precies echt nood aan.’ Beeld Tim Dirven

Er is een Waalse regering, Elio Di Rupo gaat die leiden, én de eerste peiling sinds 26 mei stuurt een stroomstoot door de politieke klasse. Béatrice Delvaux (59),  hoofdcommentator bij de krant Le Soir, maakt een tussenstand op. ‘Er is een brede consensus dat België niet meer werkt.’

Béatrice Delvaux (59) is een klasse apart. Meestal is de Wetstraat de bio­toop van de voormalig hoofdredacteur en huidig hoofdcommentator van de krant Le Soir, maar ze maakt graag uitstapjes. Naar de Europese politiek of de culturele wereld, en zeker naar Vlaanderen. Voor haar is het een erezaak om te kijken wat er aan de overkant van de taalgrens leeft, professioneel én privé.

Ze heeft er vrienden – schrijvers zoals Tom Lanoye en Stefan Hertmans – en ze probeert er begrip te kweken voor ‘haar soort’, de Franstaligen. “Wij willen dat België blijft bestaan, maar doen daar niet genoeg ons best voor. Wanneer gaan we eindelijk fatsoenlijk Nederlands leren?”

BIO • geboren in Namen op 30 september 1960 • woonde lang in Dilbeek • studeerde economie, deed stage aan het IMF in Washington • werkt sinds haar 24ste bij Le Soir, eerst als economie­redactrice • was tussen 2001 en 2011 hoofd­redactrice, nu is ze hoofd­editorialist • maakt er een ere­zaak van een brug te slaan naar Vlaan­de­ren, zette o.m. een sa­menwerking op met De Standaard • haar adresboekje in politiek, economie en middenveld is legendarisch • mag Tom Lanoye en Stefan Hertmans tot haar vrienden rekenen   

Bij de krant waar ze al decennia werkt, is ze het na te volgen voorbeeld. Ze is Le Soir. “Elke stagiaire die hier binnenkomt, wil Béatrice zijn”, zeggen haar collega’s. Vanuit die positie durft ze tegen de stroom in te gaan. Geen enkele Franstalige aan de federale onderhandelingstafel wil een nieuwe staatshervorming bespreken, zij pleit daar net wel voor, zonder omwegen, in haar edito’s.

Proficiat, u bent een verrader.

Béatrice Delvaux (lacht) “Plots werd ik weggezet als de grootste separatist. Ach, dat hoort bij onze stiel. Toen ik enkele dagen voordien geschreven had dat de PTB wel eens juiste analyses maakt, was ik voor sommigen al ingelijfd bij de Rode Khmer en de troepen van Stalin.”

Wat stelt u juist voor?

“Er moet een dialoog komen in het parlement over hoe we ons land verder moeten organiseren. Noem me naïef, maar er moet toch dringend iets gebeuren? Er is een brede consensus – bij de partijen, het middenveld, bedrijfsleiders, intellectuelen én de burgers – dat België niet meer werkt. Daarom moeten we de boel nog niet splitsen. Wel efficiënter maken.

“Ik ben er niet zeker van wat de oorzaak is van ons disfunctionele land. Wat ik wel zeker weet: door de opeenvolgende staatshervormingen zitten we nu met een hopeloos ingewikkelde machinerie waarvan de bedoeling onduidelijk is. Die akkoorden zijn vaak enkel gemaakt om elkaar pleziertjes te gunnen aan de onderhandelingstafel. De bevoegdheden kúnnen beter verdeeld worden tussen alle niveaus.”

Béatrice Delvaux: ‘Wij hebben al drie regeringen! Waar is die veelgeroemde Vlaamse efficiëntie naartoe?’ Beeld Tim Dirven

Maar N-VA wil toch helemaal niet herfederaliseren?

“Je kunt kamperen op je grote gelijk, maar je kunt ook proberen om de frustraties van de burgers weg te nemen. Wat ik zeg, is niet extreem. CD&V, Défi en cdH stellen ongeveer hetzelfde voor. Er moet een audit komen van ons systeem.

“Ook de N-VA zou beter eens goed rondkijken, en beseffen hoe overal het populisme piekt. Kijk ook naar de peiling samen met Het Laatste Nieuws dit weekend, die zegt dat Vlaams Belang de eerste partij in België wordt. Moet N-VA zich daar niet over bezinnen?    

“Ik wil geen directe link leggen, maar ik ben werkelijk geschokt hoe in Duitsland het AfD hoge scores haalt met kopstukken die luid verkondigen dat nazi’s helden zijn. Je hebt dan twee opties: ofwel ga je in op die eisen van het volk. Je begint muren te bouwen, trekt grenzen, wakkert de haat aan. Ofwel bied je die kiezers heel concrete antwoorden op hun besognes. Als dat betekent dat we bevoegdheden moeten regionaliseren of herfederaliseren: let’s do it!”

Als er werkelijk zo’n brede consensus is om het land te hervormen, waarom gebeurt er dan al 111 dagen niks?

“Dat is normaal.”

‘Ik schaam me dat ze in Franstalig België gaan onderzoeken of het Nederlands wel de tweede taal moet zijn. Dat kan toch niet?’ Beeld Tim Dirven

Hoe fatalistisch.

“Maar neen. Dat is realistisch. (fijntjes) Jullie bekijken het natuurlijk vanuit jullie oogpunt: jullie hebben nog geen Vlaamse en geen federale regering. Wij hebben er al drie! Waar is die veelgeroemde Vlaamse efficiëntie naartoe?

“Timing is alles voor de PS. De partij is nu de leidende kracht in drie regeringen: nu kunnen ze een gesprek aanknopen met N-VA, zonder dat hun kiezers daar aanstoot aan nemen. Zeker omdat ze naar buiten gekomen zijn met een verleidelijk project voor Wallonië.”

Verleidelijk? Begin deze week was u nog erg kritisch.

“De vraag is vooral wie alles gaat betalen en of de ploeg samenblijft. Het grootste risico is dat het een soort Zweedse regering wordt, dat ze ruziemaken en deze unieke kans in de vuilbak gooien.”

Ze gaan niet enkel hagen planten?

“Achter de haag zit een heel bos verscholen. Er loopt een groene lijn door het hele akkoord. De nieuwe regering wil ook fors investeren, en dat vind ik positief. Je hoort het steeds vaker onder economen en bedrijfsleiders: als er slimme investeringen zijn, dan is een begrotingstekort niet zo erg.

“Hét grote gevaar wacht in 2025, wanneer Wallonië minder geld zal krijgen door de afbouw van het solidariteitsmechanisme in de financieringswet. Het zou verschrikkelijk zijn als we tegen dan enkel het handje uitsteken en smeken om, alstublieft, toch nog wat centen. De Walen zijn het beu om versleten te worden voor bedelaars.”

Elio Di Rupo wordt Waals minister-president. Is dat een afscheidscadeau aan zichzelf?

“Hij zit op de plaats waar hij wil zitten. In het diepst van zijn gedachten wilde hij nog altijd eerste minister worden. Het was de mooiste periode uit zijn politieke carrière, hij praat er nog voortdurend over. Maar nu, op het regionale niveau, met een partijgenoot aan het hoofd van de Brusselse regering, kan hij ook veel zaken realiseren, en dat weet hij donders goed.”

Hoe verhoudt hij zich tegenover Paul Magnette? Spelen ze good cop, bad cop?

“Ik weet niet of de rollen zo duidelijk verdeeld zijn. Di Rupo denkt meer tactisch, in termen van macht: hij weet dat je compromissen moet sluiten en risico’s nemen. Hij is niet minder links, wel minder lyrisch links dan Magnette. 

“Die is dan weer meer een volkstribuun en een intellectueel. Maar, zoals hij zelf ooit heeft gezegd, hij is geen Brutus. Dat is de enige reden waarom dat duo nog samen is. Allicht speelt Magnettes persoonlijke levensverhaal daar mee. Zijn vader, een dokter in Charleroi, is erg jong gestorven en de zoon had een zeer intense en complexe relatie met hem. De kinderen groeiden op in een verscheurd gezin. Dat heeft van Paul Magnette een gevoelsmens gemaakt.”

Delvaux vertelt dat Le Soir in 2016 een artikel publiceerde, tjokvol met vernietigende anonieme citaten van hoge PS’ers over Di Rupo. “Anderen hebben Magnette toen het mes in de handen geduwd. Dat was een duidelijke poging om Di Rupo te liquideren, maar Magnette wou niet de doodsteek geven. Di Rupo heeft de hele situatie toen kunnen omkeren, want hij had nog genoeg vertrouwelingen. Hij heeft nu weer een toppost en hij heeft het voorzitterschap kunnen overlaten aan de man die de partij eigenlijk wilde. Slim gespeeld, moet ik zeggen.”

Di Rupo wordt Waals minister-president én blijft de federale onderhandelingen volgen, samen met Magnette en Jean-Claude Marcourt. Maakt dit de gesprekken met N-VA moeilijker?

“Ik denk dat ze er allen op gebrand zijn om een regering te vormen zonder N-VA. Sowieso zal Magnette niet alleen beslissen. De socialisten zijn er heilig van overtuigd dat, wanneer ze in zee gaan met de N-VA, ze zwaar zullen verliezen aan de PTB. Dat is voor hen de echte bedreiging.”

Wat met MR, nu Didier Reynders en Charles Michel straks weg zijn?

“Is Michel ook écht weg uit de partij? Er staat niemand echt klaar om over te nemen, de MR heeft een serieus personeelsprobleem. De schaduw van Michel zal boven de onderhandelingstafel blijven hangen.”

Denkt u dat Sophie Wilmès (MR) de eerste, vrouwelijke premier van het land zal worden?

“Als de PS het echt meent met haar plannen voor paars-groen, dan verleiden ze Open Vld met de Zestien. Het beste lokaas: Gwendolyn Rutten kan de eerste vrouw worden die er zit. Het zou hen dus beter uitkomen dat Wilmès daar niet tussen komt fietsen in lopende zaken. Waarom niet eerst iemand als Alexander De Croo premier maken? Dat zou een mooie overgang zijn.

“Maar eigenlijk is die hele discussie ridicuul. Wat betekent deze regering nog? Eén voor één springen de kopstukken van het schip.”

Maakt zo’n paars-groene coalitie, met Rutten aan het roer, echt het meeste kans?

“Dat was in elk geval de grote hoop van de groenen toen de peilingen binnenliepen voor de verkiezingen. Zelfs toen al werd gedacht aan Rutten als premier om Open Vld te overtuigen. De resultaten vielen tegen, zeker in Vlaanderen, wat het allemaal veel moeilijker maakt.”

Open Vld wil niet, geven ze telkens opnieuw aan.

“We zijn nog niet aan het einde van het verhaal, en de PS is geduldiger dan wij allemaal. Geen enkele Franstalige partij wil met N-VA in zee, iedereen heeft gezien hoe schadelijk die samenwerking was voor Charles Michel en de MR. Niet iedereen heeft ook de luxe om na zo’n pijnlijk avontuur Europees president te worden. Dat plaatsje is al bezet.”  

Politiek commentator Martin Buxant zei enkele weken geleden in deze krant dat de Franstaligen het moe zijn om te vechten voor het voortbestaan van België. Heeft hij gelijk?

“Wat ik vooral merk, is een nieuwe fierheid in steden zoals Namen, Charleroi, Bastogne of Mons. Wij hebben dat afgekeken van jullie, van Antwerpen en Gent. In die Waalse steden is de laatste jaren enorm geïnvesteerd in cultuur.

“De afhankelijkheid van Brussel, die de Franstaligen zo lang koesterden, ebt weg. Tegelijk gaat Brussel zijn eigen weg. Zij hebben zelfs het eerst een regering gevormd, en de stad en het gewest groeien naar elkaar toe.”

De paniek, die in 2007 en 2010, nog over­heerste, lijkt wel totaal weg. Il n’y pas de parfum de crise.

“We zijn gewend geraakt aan deze malaise. De Franstaligen beginnen ook te beseffen dat de N-VA haar eigen bekommernissen heeft. De afgelopen weken gaven niet de Walen of de migranten Bart De Wever kopzorgen, wel het Vlaams Belang. Onze peiling van dit weekend bevestigt alleen maar dat het Vlaams Belang nog aan kracht wint.”

‘Ik denk dat Bart De Wever de capaciteiten heeft om te zeggen: ‘Wij, wij willen een efficiënt land. Laten we dat samen maken. Op een bepaald moment heeft iedereen de kans om geschiedenis te schrijven of niet. Zijn moment is nu gekomen.’ Beeld Photo News

Bemoeilijkt de zomerse romance tussen N-VA en Vlaams Belang de federale onder­handelingen?

“Zeker. Vooral omdat gebleken is dat er een kamerscherm staat tussen N-VA en Vlaams Belang, en geen Chinese Muur, zoals De Wever beweert. Wanneer hij kan flirten met de denkbeelden van het VB, en wanneer hem dat op korte termijn goed uitkomt, zal hij niet aarzelen.

“Onlangs hebben wij op de redactie alle inconsequenties van De Wever opgelijst. Dat was echt... leerzaam. De Wever is un homme politique comme les autres geworden. Geen groot strateeg, maar een kleine opportunist. Bart De Wever jaagt ons geen schrik meer aan, wij banaliseren hem tegenwoordig.” 

U gelooft niet in een groot plan van De Wever?

“Neen, hij heeft me ontgoocheld. Wanneer het opportuun is, verandert hij van vijand. Eerst waren dat de Franstaligen, en reed hij met valse biljetten naar het hellend vlak van Ronquières. Maar toen besefte hij op een mooie dag: er is nog een betere vijand dan de Franstaligen: de migranten, want daar zijn veel meer mensen bang van. En nu dat riedeltje niet het verhoopte succes bracht, zal hij wel weer wat anders vinden.”  

U bent zeer negatief over N-VA...

(onderbreekt) “Ik ben niet negatief, ik observeer en geef de feiten weer.”

De afkeer van veel Franstalige opiniemakers en politici tegenover N-VA wordt niet gedeeld door de publieke opinie. Jan Jambon en Theo Francken staan hoog in de Frans­talige poppolls.

“Mocht er een Franstalige partij bestaan met een gelijkaardig discours en zulke sterke persoonlijkheden, dan zou die veel stemmen halen. Ook Franstalig België is verdeeld tussen mensen die, zoals in mijn geboortedorp, Eritrese vluchtelingen opvangen, en anderen die de grenzen willen sluiten. De partijen die hun discours deels overgenomen hebben, zoals MR, zijn daar wel niet voor beloond.”

Vindt u het cordon sanitaire terecht?

“Wij hebben nooit een Vlaams Belang gekend, die vraag heeft zich nooit gesteld bij ons. In de afgelopen campagne hebben we bij Le Soir beslist dat we Alain Destexhe niet zouden interviewen. We hebben er over gediscussieerd, maar zijn discours leunt te dicht aan bij extreemrechts, dat was het finale argument.”

U bent economiste van opleiding. Vindt u het logisch dat de opvolger van Dominique Leroy bij Proximus meer gaat verdienen? 

“Ik misgun mensen met hoge lonen niks, laat dat duidelijk zijn, maar de enorme kloof met de laagste lonen stoort me. Die kloof, waar Piketty ons op gewezen heeft, verklaart veel van de huidige spanningen in de samenleving. Denk maar aan de gele hesjes. Die mensen zijn niet noodzakelijk arm, maar zij hebben het gevoel dat de elites mijlenver van hen verwijderd zijn en zij hun sores totaal niet delen.

“Na mijn studies heb ik stage gelopen bij het IMF in Washington, en daar zijn mijn ogen opengegaan. Het IMF stelde toen theoretische modellen op, waarin ze expres armoede uitlokte in bepaalde landen door de prijs van het brood of andere basisvoorzieningen te verhogen. Die hogere prijzen moesten er dan voor zorgen dat de mensen in opstand kwamen tegen hun corrupte leiders. Dat cynische spel met mensenlevens, daar bij het IMF, heeft me extreem gevoelig gemaakt voor sociale rechtvaardigheid.

“Maar soit, ik vind het wel triestig dat een Sophie Dutordoir bij de NMBS een extreem ingewikkelde taak heeft en gestraft wordt met een salaris van 200.000 euro per jaar. Al denk ik niet dat bij Leroy haar loon de doorslag gegeven heeft. Ze was vooral de politieke inmenging beu.”

‘Elio Di Rupo zit op de plaats waar hij wil zitten. Op het regionale niveau, met een partijgenoot aan het hoofd van de Brusselse regering, kan hij veel zaken realiseren. En dat weet hij donders goed.’ Beeld Photo News

De Croo deed haar uitwijken naar Nederland? 

“Niet alleen De Croo, er is nu ook een gebrek aan een echte eerste minister en een normale federale regering. En het gehakketak over het 5G-netwerk met de regio’s bleef maar duren. Bovendien is de voorzitter van haar bestuurscomité, Stefaan De Clerck, een oud-politicus die fin de carrière is en niet het charisma heeft van een Duco Sickinghe (oud-CEO Telenet, red.). Hij heeft haar ongetwijfeld gezegd: ‘Ik ga je dromen waarmaken, en je zal er ook nog beter voor betaald worden.’ 

“Wat ik wel absurd vind, is dat de CEO geen langetermijnbonus kreeg bij Proximus, en alle andere leden van het directiecomité wel. Het is volkomen normaal dat dit verandert voor haar opvolger. Laten we ook niet vergeten dat zonder de arrogantie en onbeschaamdheid van Didier Bellens de toplonen nooit geplafonneerd waren.”

Zou Leroy niet beter opstappen?

“Ja. Leroy vertrekt ook op het slechtst mogelijke moment. Uiteraard grijpen de vakbonden haar ontslag aan om nieuwe onderhandelingen te eisen over die 1.900 bedreigde banen, want dit is een perfect drukkingsmiddel. Wanneer je je ontslag geeft, moet je meteen weggaan. Ik heb één keer in mijn leven ontslag genomen, en heb dat toen ook gedaan.” (In 2011 stopte Delvaux met het hoofdredacteurschap van ‘Le Soir’, red.)

Bent u nu gelukkiger dan voor uw ontslag?

“Ik was enorm graag hoofdredacteur, ook al stonden we toen voor een digitale omwenteling op de krant. Een Poolse journalist die toen bij ons werkte, zei altijd: een redactie, die moet dansen. Wel, wanneer je merkt dat je uitgedanst bent, moet je een andere partner zoeken, en zo was het bij mij. (pauzeert even) De progressieve tripartite in Wallonië, die heeft nu de plicht om te dansen. Het zou vreselijk zijn wanneer ze enkel gaat kibbelen op de dansvloer.”

Om in dezelfde beeldspraak te blijven: nieuwe verkiezingen zouden andere dans­partners kunnen opleveren.

“Uit de peiling blijkt dat Vlaams Belang en N-VA een meerderheid zouden hebben in Vlaanderen. Dat zou het spel helemaal veranderen en een enorm probleem geven. Zolang de regionale regeringen niet gevormd waren, maakten nieuwe verkiezingen totaal geen kans. Maar nu zou het minder erg zijn voor PS, Ecolo en MR om terug naar de stembus te gaan, en dat speelt zeker mee.”

U sluit nieuwe verkiezingen niet helemaal uit?

“Neen, maar het is nu wel nog veel te vroeg. Elke partij probeert nu eerst haar geprefereerde coalitie op het federale niveau te verwezenlijken. Ik ben ook zeer curieus naar het samenspel tussen de Vlaamse en federale onderhandelingen. Gaat De Wever van zijn Vlaamse coalitiepartners eisen dat ze zonder hem geen federale regering vormen? En gaan CD&V en Open Vld zich daaraan houden?”

U hebt heel wat Vlaamse vrienden. Merkt u dat ze anders naar de Franstaligen kijken dan pakweg tien jaar geleden?

“In de loop der tijd heb ik zeer goede contacten aangeknoopt met Stefan Hertmans, Sigrid Bousset, Tom Lanoye en Jan Goossens. We hebben de voorstelling van Stefans laatste boek gehouden in een klein Frans dorpje waar ik vaak vertoef. Wanneer ik in Vlaanderen ben, zijn mensen altijd heel content dat ze met een Franstalige kunnen discussiëren. Ze hebben daar precies echt nood aan.

(ineens bloedserieus) “Ik kan niet genoeg benadrukken dat de Franstaligen absoluut willen dat België blijft bestaan. Maar zij willen dat van bovenaf opleggen, ze doen daar niet genoeg hun best voor. Je moet ook zelf inspanningen doen. Denk maar aan de kennis van het Nederlands bij de Franstaligen.

“Ik schaam me dat ze in Franstalig België gaan onderzoeken of het Nederlands wel de tweede taal op school moet zijn. Dat kan toch niet? Vooral niet omdat het echt een noodzaak is voor Franstaligen om Nederlands te kennen. Steeds meer bedrijven nemen liever een Vlaming aan dan een Waal of Brusselaar die degelijk Nederlands spreekt. Wat jullie veertig jaar geleden meemaakten – dat Franstaligen automatisch voorrang kregen voor bepaalde jobs – valt nu de Franstaligen te beurt. Er zijn natuurlijk wel de immersie­scholen, er zijn Franstaligen die in Maastricht studeren. 

“De Franstaligen moeten ook nog leren hoe ze de Vlamingen goesting doen krijgen in hun cultuur en leefwereld. Jullie zijn daarin geslaagd: jullie hebben tal van sportieve en culturele vedetten, die wij ook omarmen.” 

Binnenkort hebben wij daarenboven de Vlaamse canon.

“Uiteraard. (lacht luid) En wij, wij hebben onze hagen. Dat is onze canon. Ach, ik hou toch zoveel van dit barokke en bescheiden land. Het zal heel moeilijk zijn voor hem, maar ik denk dat Bart De Wever de capaciteiten heeft om te zeggen: ‘Wij, wij willen een efficiënt land. Laten we dat samen maken.’ Ik hoop echt dat hij zijn separatisme kan opzijzetten, dat hij zijn emotionaliteit kan overstijgen en rationeel kan kijken hoe we ons land best organiseren. Op een bepaald moment heeft elkeen de kans om geschiedenis te schrijven of niet. Zijn moment is nu gekomen.

“Misschien wil hij gewoon de onafhankelijkheid. (emotioneel) Maar Vlaanderen hééft al alles gewonnen. Ik weet echt niet, wanneer de Vlamingen zich zouden afscheuren, wat ze nog meer zouden kunnen winnen. Die scheiding gaat lang, ingewikkeld en pijnlijk zijn, net zoals de brexit. Ik vind het oprecht spijtig dat De Wever geen interviews wil geven aan Le Soir. Echt. Dan zou ik hem dit allemaal eens kunnen zeggen.”

Is er een kunstwerk of boek dat u aan Di Rupo en De Wever zou aanraden opdat ze wat nader tot elkaar zouden komen?

“Di Rupo zou De Wever moeten uitnodigen in het nieuwe cultureel centrum en het pas gerenoveerde museum van Félicien Rops in mijn geboortestad Namen. Daar zou hij kunnen vaststellen hoe die stad een voorbeeld heeft genomen aan Antwerpen of Gent. Misschien ziet hij hoe de hoop daar heropleeft. En krijgt hij door dat de Franstaligen niet langer bedelaars willen zijn.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234