Maandag 09/12/2019

Interview

Minister van Samenleven Bart Somers is boos: ‘We kunnen niet meer zwijgen’

Bart Somers: ‘Je moet de bezorgdheden serieus nemen, maar tegelijk aantonen dat er irrationaliteit in hun angst zit.’ Beeld Wouter Van Vooren

De brandstichting in het toekomstige asielcentrum in Bilzen lokte veel verontwaardiging uit. Maar niemand die zo fel van leer trok als de minister van Samenleven, Bart Somers (Open Vld). ‘We mogen nooit meestappen in de verhaaltjes van de populisten. Dat is een strijd die we moediger moeten voeren.’

Politieke terreur, noemde u de brandstichting zelfs. En dat terwijl noch de dader, noch het motief al duidelijk is.

“En toch heb ik die woorden heel bewust gebruikt. Ik heb er ook heel lang over nagedacht. Maar er is brand gesticht in een gebouw waar mensen in nood in zouden worden opgevangen. Voor hetzelfde geld waren binnen mensen aanwezig geweest. Dat kan je niet minimaliseren. Zeker niet wanneer je dan de reactie van sommigen daarop hoort. In Het Belang van Limburg staat vandaag (donderdag, avb) een peiling: 3 procent van de mensen zegt daarin dat ze die brandstichting gerechtvaardigd vinden. Drie procent! Dat zijn 180.000 Vlamingen.”

Die mensen zijn bang. Ze vinden dat er niet naar hun angsten geluisterd wordt.

“Ik snap heel goed dat mensen bang zijn. We leven niet in een neutraal tijdsgewricht, onze samenleving verandert heel snel. Dat roept legitieme vragen op, bijvoorbeeld hoe we omgaan met asiel en migratie. Maar net zoals met mensen die ongerust zijn omdat er een brandweerkazerne of een sociale woonwijk in hun buurt komt, moet je ook in dialoog gaan met wie ongerust is dat er een asielcentrum komt. Je moet die bezorgdheden serieus nemen, maar tegelijk aantonen dat er irrationaliteit in hun angst zit.

“Alleen zijn er partijen die inzetten op die angst. Die die angst gebruiken als politiek wapen en permanent haatboodschappen verspreiden. En fake news. Daardoor verschuiven er grenzen in de samenleving. Sommige mensen gaan hun kwaadheid gelegitimeerd zien, hoe irrationeel die ook is. Dus ik vind het geweldig confronterend wanneer er dan brand gesticht wordt.”

U ziet een oorzakelijk verband tussen politici die inspelen op angst en de brandstichting?

Toen we in Mechelen een asielcentrum openden, verspreidde Frank Creyelman van het Vlaams Belang een persmededeling. Hij zei: er zitten daar 300 mensen, zogezegd minderjarigen, die allemaal een leefloon krijgen. Onzin. Er zaten daar effectief kinderen. De mensen in dat centrum kregen geen leefloon, ze kregen 7,5 euro zakgeld per week. Hij beweerde ook dat er 100 gestolen fietsen voor het asielcentrum stonden waar de asielzoekers een handeltje in hadden opgezet. Ik heb de politie onmiddellijk gevraagd iedere fiets daar te controleren: geen énkele bleek gestolen. Vlaams Belang verspreidde doelbewust foute informatie om die mensen te criminaliseren. 

(boos) “Nog een voorbeeld. Woensdagavond zit Jean-Marie Dedecker in De afspraak. Hij zegt: wat moet ik doen als burgemeester wanneer er een oud vrouwtje bij mij komt dat vraagt waarom zij maar geen sociale woning krijgt en een asielzoeker wel? En wat doet Jean-Marie Dedecker? Hij geeft haar gelijk. Waarom zegt hij niet dat dat er toewijzingsregels zijn die voorrang geven aan senioren en dat die ook in Middelkerke gelden? Waarom zegt hij niet dat er een algemene regel is dat je drie jaar in ons land moet zijn vooraleer je als nieuwkomer voorrang kan krijgen? Dat bij meer dan 100 sociale verhuurkantoren de regel zelfs 10 jaar of meer is? Nee, hij kiest ervoor om van het probleem van de ene, de schuld van de andere te maken.”

Denkt u dat Dedecker dat niet weet, of dat hij moedwillig een foute boodschap verspreidt?

(fel) “Jean-Marie Dedecker? Die zegt dat... (herpakt zich) Ik denk dat je zuiverder moet zijn in je boodschap. De problemen die we hebben, zijn al groot genoeg om correct over te spreken.”

Wat dacht u toen Theo Francken (N-VA) tweette dat de brand in Bilzen een afwijzing is van het huidige asielbeleid?

Laat me heel duidelijk zijn: een democraat, iemand die gelooft in onze rechtsstaat, die draagt geen excuses aan voor crimineel gedrag. Geen enkele. Noch om de linkerzijde te plezieren, noch om de rechterzijde te bedienen.”

U gaat een cel oprichten die gemeenten moet bijstaan wanneer er een asielcentrum op hun grondgebied komt. Welk verschil gaat dat maken?

“Voor de burgemeesters heel wat. Ik spreek uit ervaring: als burgemeester word je op dat moment overrompeld. Je moet je burgers informeren, je administratie en je politiediensten. Je moet uitzoeken of de kinderen naar school kunnen gaan, of de asielzoekers vrijwilligerswerk mogen doen. Dat moet allemaal meteen, want 's anderendaags staat de komst van het centrum al in de krant en komt er een stortvloed van vragen op je af waar iedereen instant een antwoord op verwacht. Op zo’n moment voelt een burgemeester zich alleen. Daarom zal ik nu een cel met experten oprichten binnen het Agentschap Inburgering dat burgemeesters daar in de toekomst vanaf dag één mee zal helpen om de eerste moeilijke maanden door te komen.”

Bart Somers: ‘Ik heb zelf woensdagavond een bedreiging ontvangen. Iemand die per mail meldde dat hij mij, mijn huis, mijn gezin in brand zou steken.’ Beeld Wouter Van Vooren

Volgens Fedasil is er quasi altijd protest bij de opstart van een asielcentrum, maar gaat die na de opening snel liggen.

“Inderdaad. In Houthalen trok de eerste infovergadering 500 mensen, de tweede nog maar 50. Waarom? Omdat het centrum toen open was en men doorhad dat daar ook maar mensen van vlees en bloed zaten. We moeten een debat over asielbeleid voeren, maar we mogen ook weleens duidelijk maken dat waar er asielcentra zijn, er geen hele grote permanente problemen zijn. Uiteraard zullen er wel eens incidenten zijn, zoals in iedere andere wijk in Vlaanderen. Ik blijf er ook van overtuigd dat er een draagvlak is. Als je maar goed uitlegt dat er duidelijke spelregels zijn waar iedereen, ook de asielzoekers, zich aan te houden hebben, maar dat we ook een humane samenleving zijn.

“We mogen niet, nooit, meestappen in de verhaaltjes van de populisten. We mogen hun argumentatie niet overnemen. Dat is een strijd die we moediger moeten voeren. Woensdag sprak ik in het parlement mijn bewondering uit voor de 80-jarige eigenares van het gebouw waar het asielcentrum komt. Haar eigendom is in brand gestoken, het gebouw naast het huis waar ze zelf woont. En toch vindt die vrouw de kracht om onmiddellijk na de feiten al te zeggen dat ze bij haar plannen blijft. Terwijl we het over zoiets ernstigs hebben, zegt Filip Dewinter (Vlaams Belang) dat hij de brand betreurt, maar wijst hij meteen ook naar de democratische partijen en zegt: de politieke pyromanen dat zijn jullie, jullie zijn hiervoor verantwoordelijk. Wanneer hij zulke brutale uitspraken doet, is het nogal evident dat ik kwaad word.”

U noemde de Vlaams Belang-fractie ‘dat clubje daar, dat zich gedraagt als een bepaalde fractie uit de Reichstag’. Zo pookt u de situatie zelf toch ook verder op?

“Ik heb fel gereageerd op dat moment, dat klopt. Maar we mogen geen schrik krijgen van onze eigen schaduw. Als men in het parlement die vrouw uitlacht, als men haar ironiseert, haar culpabiliseert als iemand die munt slaat uit asielzoekers... Terwijl we in een klimaat zitten waarin mensen blijkbaar vinden dat ze zich alles mogen permitteren, wat doe je dan in de hoofden van die drie procent? Dat is toch onverantwoord?”

De kans is groot dat u die drie procent nu alleen nog maar meer hebt overtuigd van hun zaak.

“Het is toch niet omdat mensen dreigen met zaken die buiten de rechtsorde liggen, dat ik moet zwijgen uit angst dat ze daad bij het woord gaan voegen. Dat ik dat zou moeten vergoelijken? 

“Ik heb zelf woensdagavond een bedreiging ontvangen. Iemand die per mail meldde dat hij mij, mijn huis, mijn gezin in brand zou steken. Ik heb klacht ingediend bij de politie (de politie heeft donderdag een 64-jarige man uit Kortenberg opgepakt, die de feiten bekend heeft, AVB), want ik laat me niet intimideren. Maar wanneer mensen denken dat ze een hele duidelijke en concrete bedreiging kunnen uiten naar mij, naar mijn gezin, naar al die andere mensen die dagelijks haatboodschappen ontvangen, in wat voor een tijd leven we dan? Moeten we dan zwijgen? Nee, dan moeten we rechtstaan. Dan moeten we heel duidelijk lijnen trekken. Dat is de taak van elke democratische politicus en daarom doe ik ook een oproep aan iedere burger: we moeten veel duidelijker maken dat we dit niet aanvaarden. Dit zijn geen vrijblijvende tijden.” 

Hoe geloofwaardig is zo’n oproep wanneer u in een coalitie zit met politici die ‘de andere’ ook al eens met de vinger durft wijzen?

“Men weet wie men minister van Samenleven en Binnenlands Bestuur heeft gemaakt. Wat voor mij telt, is het werk van de regering. Wij hebben de voorbije twee maanden goed hebben samengewerkt.”

We kunnen ons niet voorstellen dat u even gelukkig bent met alle aspecten van het regeerakkoord.

“Evident word ik niet van elke paragraaf in het regeerakkoord even enthousiast. Hetzelfde zal ongetwijfeld gelden voor de vrienden van CD&V en N-VA. Maar ik stap niet mee in de karikatuur die men maakt van het regeerakkoord. Als je dat aandachtig leest, zonder vooroordelen, dan zie je dat daar heel veel dingen inzitten die versterkend en emancipatorisch kunnen werken. 

“Ik ben het er bijvoorbeeld helemaal mee eens dat ons inburgeringsbeleid kordater moet. We vragen meer inspanning van de nieuwkomer, maar ook van onszelf als ontvangende samenleving. We moeten iedere nieuwkomer Nederlandse lessen aanbieden, de VDAB moet hem binnen de twee maanden kansen aanbieden op de arbeidsmarkt, er komt een buddyproject waarbij een peter of meter hem heel snel wegwijs maakt binnen onze samenleving. Het zijn allemaal manieren waarop wij proberen inzetten op minder segregatie. 

“Ik heb heel bewust voor dit ministerschap gekozen, het was niet evident om Mechelen achter te laten. Maar ik ben 55 jaar, ik heb heel veel gekregen van deze samenleving, ik vind dat dit mijn opdracht moet zijn. Ik moet proberen om een weg te vinden om het vertrouwen tussen mensen te versterken.”

U ziet dit ministerschap als uw levensmissie?

“Levensmissie is een sterk woord, maar ik vind het mijn maatschappelijke opdracht. Ik probeer me vaak in te beelden hoe sommige boodschappen overkomen op opgroeiende kinderen in Vlaanderen. 37 procent van de 0- tot 5-jarigen heeft migratieroots. Dat zijn allemaal Vlamingen. Ik probeer me in hen te verplaatsen: wat horen zij, wat zien zij? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat zij zich een gelijke voelen in ons Vlaanderen? En hoe gaan we er tegelijk voor zorgen dat mensen die onzeker en bang worden door de snelle veranderingen in de maatschappij, zich ook nog geborgen blijven voelen in Vlaanderen?

U doet een oproep aan burgers om zich uit te spreken. Heel wat middenveldorganisaties die dat als hun missie zien, voelen de dreiging van besparingen. 

“Geen enkele gelijkekansenorganisatie die onder mijn bevoegdheid valt, zal getroffen worden door besparingen. Unia, de vrouwenrechtenorganisaties, de holebiverenigingen: allemaal zijn ze vrijgesteld. Net zoals het Agentschap Integratie en Inburgering. Dat is een keuze die ik gemaakt heb, omdat zij zo belangrijk zijn in deze strijd. De zes procent die ik op mijn budgetten moet besparen, heb ik volledig gehaald bij de eigen overheidsorganisatie.”

Bart Somers: ‘Uiteraard verontrust het me dan wanneer ik Geert Bourgeois hoor zeggen dat er een Grand Canyon gaapt tussen hen en de PS.’ Beeld Wouter Van Vooren

Niet alle departementen moeten dus zes procent besparen? Dat zal de cultuursector graag horen.

“De budgetten die naar organisaties als Çavaria en Ella gaan, zijn maar een deeltje van mijn totaalbudget. Ik kan mijn besparingen verschuiven. De budgetten voor die organisaties vergelijken met het hele cultuurbudget, dat is appels met citroenen vergelijken.” 

Ook in uw partij klinkt er luid protest tegen de manier waarop minister-president Jan Jambon (N-VA) de besparingen wil doorvoeren.

“Besparen is nooit eenvoudig. Maar ik zie bij Jan Jambon een grote openheid en luisterbereidheid. Hij staat open voor alternatieven, dat is een heel sterke en moedige houding.”

En toch: we durven vermoeden dat u het diep van binnen eens bent met de oproep van de Gentse burgemeester Mathias De Clercq (Open Vld) voor een paarsgroene regering. 

“Ik ben partijvoorzitter geweest. Ik heb toen altijd gevraagd dat als iemand iets te zeggen had, dat ze dat binnenskamers zouden doen. Dus daar hou ik me nu ook aan.”

Maar u ziet ook dat de goesting bij N-VA niet bijzonder groot is om federaal mee te regeren. 

“Dat heb ik inderdaad al mogen merken. Ze zijn de grootste partij van Vlaanderen, het is de logica zelve dat ze in die regering zitten. Uiteraard verontrust het me dan wanneer ik Geert Bourgeois hoor zeggen dat er een Grand Canyon gaapt tussen hen en de PS. We moeten vooruit met dit land, we hebben er echt geen boodschap aan dat het nog verder blokkeert.”

Waar wacht u dan nog op? Tot N-VA zelf de handdoek gooit zodat de zwartepiet niet bij de andere partijen belandt?

(afkeurend) “Ach, afwachten, zwartepieten. Ik vind dat je aan politiek moet doen vanuit een positieve instelling. Dat is precies wat me bezorgd maakt: dat ik vaststel dat er bij N-VA blijkbaar wat verschoven is. Op een zeker moment had je het gevoel dat er, ondanks het moeilijke politieke landschap nog wel bereidheid was om te praten. Maar als ik nu vooraanstaande N-VA’ers over de Franstalige socialisten hoor zeggen dat het halve PTB’ers zijn, communisten waar je niks mee kan beginnen, dan is mijn vraag: hoe ga je het dan wel aanpakken? Met die grote staatshervorming waar in Vlaanderen ook lang niet iedereen op zit te wachten?”

De vraag is ook: waarom moet u dan nog goesting hebben om met hen in een federale regering te stappen?

“Ik denk dat het niet verstandig is om daar nu te veel over te zeggen. De situatie is zo complex, iedere partij heeft de verantwoordelijkheid om aan een oplossing te werken.”

Doet u dan eens een voorspelling: vinden we een federale regering onder de kerstboom?

(lacht) “Ik ben nu wel een voluntarist, maar dat zou nu wel getuigen van een zéér groot voluntarisme.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234