Dinsdag 21/05/2019

onderwijs

Instaptoets bij lerarenopleiding doet wat hij moet doen

Beeld BELGA

De instaptoets voor de lerarenopleiding aan de hogeschool werkt. Wie goed scoort, heeft grote kans om het eerste jaar er goed van af te brengen. Is dit het sein om zo’n toelatingsproef algemeen in te voeren?

Sinds 2016 is er een ‘niet-bindende, maar verplichte’ toelatingsproef voor de lerarenopleiding aan de hogeschool. Alle studenten moeten de test online invullen bij aanvang van hun studies, als oriëntatie. De bedoeling is hen een spiegel voor te houden. De test focust op Nederlandse taalbeheersing, maar ook studievaardigheid en motivatie.

Uit een eerste onderzoek van de Vlaamse Hogescholenraad (Vlhora) blijkt dat de test doet wat hij moet doen: voorspellen of iemand het eerste jaar succesvol zal volbrengen. Daarbij valt op dat de achtergrond weinig rol speelt. Iemand uit het aso met goede test heeft even veel slaagkansen als een student uit het bso met eenzelfde resultaat. Hetzelfde geldt voor iemand uit een kwetsbaar milieu of iemand uit de gegoede middenklasse. 

Hoop

Wie slecht scoort, hoeft nog niet noodzakelijk te wanhopen. Op basis van de test krijgen die studenten extra begeleiding. En die start meteen na het invullen van de instaptoets, met enkele concrete tips. Hebben ze problemen met taal, dan kunnen ze zich inschrijven op een dagelijkse oefening die hen per mail wordt toegestuurd. 

Eens de opleiding begonnen is, krijgen ze nog eens extra ondersteuning op maat. De studenten worden opgevolgd door een studie- of taalcoach of krijgen extra oefeningen voorgeschoteld, afhankelijk van hun resultaat op de proeftest. Wie goed scoorde op studiemotivatie, heeft kans om toch nog te slagen, zo blijkt het uit onderzoek.

Het doel van de test is meer studenten meteen op hun plaats te krijgen. Jongeren verliezen geen jaar, ouders én overheid worden niet nodeloos op kosten gejaagd. “Iedereen wint hierbij”, klinkt het bij de Vlhora.

Op termijn kunnen de tests ook worden gebruikt als beleidsinstrument: scoren studenten telkens slecht op specifieke onderdelen van de test, dan kan de opleiding daarop ruimer inspelen. “Maar daarvoor is het nog te vroeg”, zegt Eric Vermeylen, secretaris-generaal van de Vlhora. “Eerst wordt onderzocht welke specifieke impact de huidige extra begeleiding heeft gehad.” Ook is het nog even wachten op de resultaten voor de héle opleiding. Wie in 2016 de test invulde, studeert ten snelste in juni dit jaar af.

Democratisering

Onderwijsminister Hilde Crevits (CD&V) is tevreden met de eerste resultaten en wil de instapproeven nu ook bij andere richtingen invoeren. Bij burgerlijk ingenieur is dat sinds september het geval, de opleiding dierengeneeskunde start met niet-bindende proeven vanaf volgend academiejaar.

De Vereniging Vlaamse Studenten verzette zich recent nog tegen een verdere uitbreiding. Kansengroepen worden mogelijk benadeeld, vinden ze. “Maar dit onderzoek heeft duidelijk gemaakt dat zo’n test de democratisering niet in de weg staat”, zegt Vermeylen van de Vlhora. 

Maar een algemene invoering zal niet voor morgen zijn, beseft ook Crevits. Zo’n ingangsproef opstellen is een complexe oefening, die wetenschappelijk onderbouwd moet zijn. Zoiets gaat niet voor alle richtingen tegelijk. “We gaan stap per stap”, klinkt het op haar kabinet.

Centraal examen

Rijst ook de vraag: is het niet veel eenvoudiger om een centraal examen te organiseren na afloop van het secundair onderwijs? We zijn een van de weinige landen die niet zo’n systeem heeft, mede omdat de onderwijskoepels dat niet zien zitten. Crevits richtte wel ‘Columbus’ op, een vrijwillige online test. Ongeveer een derde van de laatstejaars neemt daaraan deel. 

“In het buitenland weet je na het centrale examen welke richting je nog kan of mag studeren”, zegt pedagoog Pedro De Bruyckere van de Arteveldehogeschool in Gent. “In ons Vlaamse onderwijssysteem, zonder zulke examens, zijn instaptoetsen allicht een goede oplossing. Ze helpen studenten zich te oriënteren. Iets wat bij ons erg nodig blijkt.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.