Woensdag 27/05/2020

Verkiezingen VS

Hoe werken de Amerikaanse voorverkiezingen? Dit is de ultieme gids

Beeld AP

Democraten en Republikeinen trekken in totaal in 56 staten en territoria naar de stembus om de presidentskandidaat van hun voorkeur te verkiezen. Hoe dat precies in zijn werk gaat, leest u in onze ultieme voorverkiezingsgids.

Wat zijn voorverkiezingen en waarom vinden ze plaats?

Voorverkiezingen zijn, welja, verkiezingen vóór de echte verkiezingen die moeten bepalen welke kandidaat er uiteindelijk voor zijn of haar partij aan mag meedoen.

Amerikanen hebben een lange en diepgewortelde traditie van debatten en verkiezingen: het federale en staatsparlement, districts- en gemeentelijke bestuurders, de burgemeester, de sheriff, het schoolbestuur, referenda... Voor de presidentsverkiezingen horen daar ook voorverkiezingen bij, zodat het niet de partijbonzen zijn die onder elkaar bedisselen wie de uiteindelijke kandidaat wordt, maar wel de basismilitanten. Zelfs gewone burgers die niet bij een partij zijn aangesloten mogen vaak hun stem uitbrengen op een kandidaat naar keuze.

Beeld getty

Hoe werken voorverkiezingen, en wat is het verschil tussen een primary en een caucus?

Er zijn twee verschillende types voorverkiezingen, die historisch zijn gegroeid, afhankelijk van staat tot staat: primaries en caucussen.

In beide gevallen geldt dat kiezers wel hun voorkeur voor een kandidaat uitdrukken, maar dat het aantal stemmen uiteindelijk eigenlijk niet telt. De voorverkiezingen werken via een getrapt systeem. Essentieel is zo veel mogelijk 'delegates' of afgevaardigden te verzamelen die op de nationale partijbijeenkomst in de zomer voor een kandidaat zullen stemmen. Elke staat is goed voor een bepaald aantal afgevaardigden, waarvan kandidaten er toegewezen krijgen afhankelijk van hun score in die staat.

De meeste staten organiseren zelf primaries, die op een gewone verkiezing lijken met stembriefjes. Een caucus daarentegen wordt door de partij georganiseerd en is een heel lokale privébijeenkomst, vaak 's avonds in de bibliotheek, de kantine van de lagere school, of gewoon bij mensen thuis. Er wordt eerst gediscussieerd over wie de beste kandidaat is: iedereen mag zijn zeg doen en zijn beste argumenten bovenhalen voor deze of gene kandidaat, en pas nadien wordt er gestemd of geteld.

Een stembiljet van de Republikeinse caucus in Iowa in 2012.Beeld AP

De regels voor het toekennen van afgevaardigden verschillen heel sterk van staat tot staat en van partij tot partij. De Republikeinen verdelen hun afgevaardigden meestal proportioneel, maar werken soms ook nog met het winner-take-all-systeem, waarbij de winnaar alle afgevaardigden van de staat achter zijn naam krijgt. De Democraten gebruiken overal het proportionele systeem.

Voorverkiezingen kunnen open zijn, halfgesloten of gesloten. Gesloten wil zeggen dat enkel geregistreerde partijleden mogen stemmen, halfgesloten dat onafhankelijke kiezers mogen kiezen bij welke partij ze stemmen, en open dat iedereen mag stemmen. Een Republikein kan dan stemmen in een Democratische voorverkiezing. In elk systeem geldt wel dat niemand in meer dan één voorverkiezing mag stemmen.

Stemmen tellen in Des Moines, Iowa, 3 januari 2012.Beeld AFP

De meeste afgevaardigden zijn gebonden aan een kandidaat en moeten op de conventie de aan hen toegewezen kandidaat kiezen. Sommige staten houden een 'non-binding' primary of caucus, zoals in Iowa, waar een erg ingewikkeld systeem geldt. Kiezers selecteren afgevaardigden voor de districtsconventies, waar er dan weer gediscussieerd en gestemd wordt over wie naar de staatsconventie mag. Daar valt pas enkele maanden later de definitieve keuze.

Dat ingewikkelde systeem maakte bijvoorbeeld dat Rick Santorum in 2012 de caucus van Iowa won met 24,56 procent van de stemmen, tegenover 24,53 procent voor Mitt Romney, maar Santorum uiteindelijk toch nul afgevaardigden achter zijn naam kreeg. Meer zelfs, omdat de 'hogere' afgevaardigden beslisten om zich achter derde man Ron Paul te scharen, kreeg die uiteindelijk 22 van de 28 afgevaardigden, hoewel hij maar 21,43 procent had gehaald.

Tot slot zijn er ook nog de 'superdelegates', topfiguren uit de partij, die op de conventie sowieso mogen stemmen en vrij hun keuze mogen maken.

Waarom kijkt iedereen naar Iowa en New Hampshire?

Iowa en New Hampshire: ze stellen allebei amper iets voor, vergeleken met grote broers als New York of Californië, en samen tellen ze nog geen vijf miljoen inwoners. Op de conventies zijn ze goed voor een magere twee procent van alle afgevaardigden. En toch spenderen alle presidentskandidaten de overgrote meerderheid van hun tijd en vooral hun geld er. Geen enkele voorverkiezing wordt dan ook zo gehypet als de first-in-the-nation-caucus van Iowa en de first-in-the-nation-primary van New Hampshire. Uit onderzoek blijkt dat de twee staten tijdens het voorverkiezingscircus evenveel media-aandacht krijgen als alle 48 andere staten samengeteld.

De reden is simpel: Iowa en New Hampshire kunnen een kandidaat maken of kraken. De uitslagen hier worden tot in het allerkleinste detail geanalyseerd en becommentarieerd. Kandidaten die het hier slechter doen dan verwacht, krijgen meteen de vraag voorgeschoteld waarom ze niet 'pakken' bij het publiek en worden in het defensief gedrongen. Wie beter scoort, kan daarentegen profiteren van het momentum en de positieve media-aandacht en ziet zijn kansen voor de eindoverwinning flink stijgen. Vraag bijvoorbeeld maar aan Barack Obama, die in 2008 Hillary Clinton stevig op kop zag staan in de nationale peilingen, maar in Iowa uiteindelijk toch won met een overtuigende marge en daarvan voor de rest van het voorverkiezingsseizoen kon profiteren.

De Republikeinse caucus van 2012 in Waukee, Iowa.Beeld AP

Maar moet dat echt allemaal zo vroeg?

Iowa en New Hampshire staan sinds de jaren 70 vooraan de voorverkiezingskalender, en daar zijn niet alle andere staten even gelukkig mee. Iedereen heeft graag veel invloed en komt graag prominent in beeld. Want media-aandacht betekent ook geld. De lokale economie wrijft zich maar wat graag in de handen bij de gigantische pr-machinerie en de massale campagne-events die bij een voorverkiezing horen. Bovendien willen kandidaten hun kiespubliek paaien en vliegen de beloftes voor een project hier of een investering daar in het rond.

Bovendien wijzen critici op de te grote politieke invloed die de twee kleine staten (en bij uitbreiding de andere 'vroege' staten Nevada en South Carolina) krijgen. De grootste staat, met dus ook de meeste afgevaardigden, Californië, houdt zijn voorverkiezing bijvoorbeeld pas helemaal op het einde in juni. Daardoor heeft die staat, hoewel numeriek heel belangrijk, zo goed als geen enkele invloed meer, omdat het dan al lang duidelijk is wie de kandidaat is. Komt daar ook nog bij dat Iowa en New Hampshire met hun vooral blanke, landelijke en rijkere bevolking helemaal niet representatief zijn voor de rest van de VS.

Beeld epa

Verschillende staten hebben hun krachten daarom proberen te bundelen in 'Super Tuesday', een dinsdag, vaak in maart, waarop ze samen verkiezingen houden om zo wat meer invloed te kunnen hebben. Die dag is ook de grote test voor de nationale 'verkiesbaarheid' van kandidaten, aangezien de staten geografisch en sociaal verspreid zijn over het land.

Maar zelfs dat hielp niet. De laatste decennia bleven staten hun voorverkiezing naar voren halen, om toch maar zo dicht mogelijk bij Iowa en New Hampshire te zitten of ze zelfs 'in te halen'. Verloren moeite trouwens, in New Hampshire is er een wet die zegt dat de primary minstens een week voor alle andere moét plaatsvinden. Het resulteerde in een bitsig wedstrijdje om ter vroegst in 2008 en 2012, toen Iowa en New Hampshire al in de eerste week van januari naar de stembus trokken. Super Tuesday viel in 2008 al op 5 februari en was met 24 staten de grootste ooit. Zelfs door de partij opgelegde straffen, waarbij een staat tot de helft van zijn afgevaardigden werd afgenomen, hielp niet.

Hoe verloopt de stembusslag verder?

Uiteindelijk tekent er zich normaal gezien in de loop van de voorverkiezing een consensus af rond de kandidaat die de meeste afgevaardigden binnenhaalt. Hij of zij krijgt steeds meer stemmen en steun uit de partij en het establishment. Wie het minder goed doet, gooit de handdoek in de ring, tot zo uiteindelijk de winnaar overblijft. Vaak is de presidentskandidaat in maart bekend of is het op zijn minst al duidelijk welke richting het opgaat.

De partijconventies zijn dan de ultieme gelegenheid om als één man achter de gekozen kandidaat te gaan staan. De stemming door de afgevaardigden is niet meer dan een formaliteit. Het is de ideale aftrap voor de echte campagne na de zomer.

De Quicken Loans Arena in Cleveland, Ohio.Beeld Creative Commons 2.0, Erik Drost

Toch kan het ook gebeuren dat de voorverkiezingen geen duidelijke meerderheid hebben opgeleverd. Dan zijn het vaak de superdelegates die de beslissende stem uitbrengen en hun invloed en macht laten gelden. Haalt een kandidaat in de eerste ronde echt geen meerderheid, dan is de conventie 'brokered' en begint er een schimmig onderhandelingsspel in de achterkamers. Na de eerste stemronde zijn alle afgevaardigden trouwens vrij in hun keuze, en moeten ze zich niet meer houden aan de uitslag uit hun staat. Echte 'brokered conventions' komen weinig voor, de laatste was in 1952.

Het Wells Fargo Center in Philadelphia.Beeld Creative Commons 3.0, PHL Approach
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234