Woensdag 24/04/2019

Armoede

Hoe Kortrijk de weg wijst inzake armoedebestrijding

Kortrijks OCMW-voorzitter Philippe De Coene (sp.a). Beeld Henk Deleu

Maak de drempels zo laag mogelijk, met één aanspreekpunt per gezin. Kortrijk zet een uniek project op poten rond armoedebestrijding. "Geen spierballengerol zoals in Antwerpen."

Vanuit Barcelona en Rotterdam komen ze kijken hoe een bescheiden stad in West-Vlaanderen het armoedeprobleem aanpakt. Met Europese steun is in Kortrijk een uniek wetenschappelijk project opgezet, waarbij vooral de benadering van de mensen helemaal nieuw is. 

Het contrast met wat de Antwerpse N-VA-afdeling afgelopen weekend voorstelde, is groot. De Vlaams-nationalisten willen een deel van het leefloon schrappen wanneer ouders hun kind niet naar de kleuterschool sturen. Dat werkt niet, volgens Kortrijks OCMW-voorzitter Philippe De Coene (sp.a). "Met spierballen te laten rollen schrik je de mensen alleen maar af", zegt hij. Naast de socialisten zitten ook Open Vld en N-VA in de coalitie.

Het echte probleem is dat de drempel te hoog is om naar het OCMW te stappen, vindt ook armoedespecialist Wim Van Lancker (KU Leuven), die de studie leidt. Mensen hebben hun trots, maar kennen tegelijk de weg niet om hun sociale rechten op te vragen. "In de onderzoeksgroep neemt slechts 40 procent het leefloon op", zegt hij. "Terwijl ze in echte armoede leven."

Wantrouwen

Tegelijk is er ook wantrouwen tegenover de overheid. Wie hulp vraagt, moet ook inkijk geven in zijn financiële situatie. "Een dame met een klein pensioentje die het moeilijk had om rond te komen, was bang om haar appartement te verliezen", zegt De Coene. "We hebben haar uiteindelijk perfect kunnen helpen."

Daarom heeft Kortrijk brugfiguren aangesteld. Dat zijn sociale werkers, aanwezig op het terrein: aan de schoolpoort, in de sociale restaurants, in de crèches. Zij kunnen snel problemen detecteren en het vertrouwen winnen van de mensen. 

Andere steden hebben een gelijkaardige aanpak, maar Kortrijk gaat nog een stap verder. Elk gezin in het project krijgt een 'case manager' toegewezen, die hen bijstaat op alle mogelijke vlakken. Mensen in armoede worden vaak geconfronteerd met veel miserie tegelijk. Hun woning is ondermaats, kinderen hebben problemen op school, hun gezondheid is slecht, de ouders werken niet... 

'Niet soft'

Vroeger kwamen daarvoor verschillende diensten en hulpverleners over de vloer, die elk hun eigen boodschap hadden. Nu wordt alles bij één persoon geconcentreerd, die ze kunnen vertrouwen. Ze hebben niet langer het gevoel dat ze van het kastje naar de muur worden gestuurd. Momenteel zitten er ruim tachtig gezinnen in de groep, de bedoeling is om dat nog uit te breiden tot ruim tweehonderd tegen 2019.

"Onze aanpak is niet soft, dat zie je aan onze resultaten op het vlak van activering", benadrukt hij. "Als mensen hardnekkig blijven weigeren om ook maar enige stappen te nemen op zoek naar een job, dan schorsen wij ook hun leefloon. Maar de chronologie is helemaal anders. Niet op voorhand zwaaien met sancties, maar wel als laatste stok achter de deur."

Of de aanpak ook echt efficiënter is, moet blijken uit de studie. De mensen krijgen vragenlijsten voorgelegd en hun vooruitgang wordt opgevolgd. Sluitende gegevens over welk beleid mensen in armoede echt vooruit helpt, zijn er niet. De resultaten van het onderzoek worden verwacht tegen 2019.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.