Woensdag 05/10/2022

InterviewGeorges-Louis Bouchez

Georges-Louis Bouchez: ‘Ik kom enkel mijn bed uit voor ‘la victoire totale’’

Georges-Louis Bouchez: 'Ik heb met Vincent Van Peteghem zware aanvaringen gehad, maar hij is wel een van de sympathiekste ministers in de regering. Hij is cool, respectvol, vriendelijk.' Beeld Wouter Van Vooren
Georges-Louis Bouchez: 'Ik heb met Vincent Van Peteghem zware aanvaringen gehad, maar hij is wel een van de sympathiekste ministers in de regering. Hij is cool, respectvol, vriendelijk.'Beeld Wouter Van Vooren

Georges-Louis Bouchez is niet weg te slaan uit de politieke actualiteit: slag om slinger werkt de MR-voorzitter collega’s op de zenuwen. Maar we vergissen ons in hem, zegt Bouchez. ‘Ik ben gevoeliger dan mensen denken. Alleen ben ik eerder passioneel dan emotioneel.’

Stavros Kelepouris

Het is een vol uur na het afgesproken tijdstip dat Georges-Louis Bouchez, Belgisch vlaggetje op de revers, met een brede glimlach de zaal van het restaurant binnenwandelt. Geen kwestie van fashionably late, wel van een overvolle agenda. De Wetstraat is dan wel in zomermodus, voor de voorzitter van de Franstalige liberalen is er nog geen vakantie in het vooruitzicht. “Misschien komt het er nog van, al heb ik niks gepland. Maar dan moet ik wel echt wat verder weg. Als ik in België blijf, vind ik geen rust.”

Dat is eraan te merken. Tijdens ons vier uur durende gesprek is Bouchez voortdurend afgeleid door zijn gsm-toestel. Om de haverklap loopt er een bericht binnen over Hadja Lahbib, de kersverse minister van Buitenlandse Zaken, die als RTBF-journaliste een controversiële reis naar de Krim maakte.

“Het is echt een debiele polemiek. Journalisten die vragen stellen over het werk van een andere journalist. Fantastisch werk”, klinkt het laconiek. Het is zowat het enige dat Bouchez kwijt wil over de hele zaak. “Ik beantwoord geen vragen over Lahbib. Dit is een controverse voor journalisten die in de zomermaanden niks te doen hebben. Ik ben er niet om die journalisten op hun wenken te bedienen.”

Het irriteert Bouchez des te meer omdat hij naar eigen zeggen ooit een carrière als journalist ambieerde. Als jongen stelde hij lijvige dossiers samen met krantenknipsels en artikels uit tijdschriften − over de dood van François Mitterrand, de verkiezingen in de VS, of het overlijden van de Israëlische premier Yitzhak Rabin.

“Ik ben hard voor de pers en ik ben vaak ontgoocheld, maar dat is omdat ik een bepaald idee heb van wat de pers zou moeten doen. Het gaat te weinig over de inhoud. Journalisten verwijten ons politici dat we te veel buzz creëren. Maar die buzz is het enige waar journalisten naar op zoek zijn − een scherpe quote of een stevige polemiek.”

BIO

geboren in Frameries (Henegouwen) op 23 maart 1986 • studeerde rechten aan de ULB • werd in 2006 op 20-jarige leeftijd verkozen als gemeenteraadslid in Bergen, waar hij in 2012 ook schepen werd • ging in 2009 aan de slag als adviseur op het kabinet van toenmalig vice­premier Didier Reynders • legde in 2014 de eed af als Waals Parle­mentslid • is sinds 2019 MR-voorzitter • is voorzitter van amateurvoetbalclub Francs Borains, actief in Eerste Nationale

Dat hebt u ook aan uzelf te danken: u zorgt voor veel controverse.

“Nee, ik zeg wat ik denk. Maar journalisten lichten er dan alleen die ene scherpe zin uit, zonder naar de kern van het debat te gaan. En dan krijg je artikels vol anonieme quotes van mensen die kwaad spreken over mij. Tijdens de regeringsonderhandelingen was het voortdurend van dat. Ik maakte ruzie met de PS over fiscaliteit, met Ecolo over energie en migratie. Wat verwachten journalisten dan? Dat de mensen met wie ik onderhandelingen voer, mij off the record gaan bewieroken?”

De rode draad is misschien wel dat u veel ruzie maakt. Houdt u ervan om mensen kwaad te maken?

“Ik hou niet van ruzie. Ik breng de dag liever door met vrienden of mijn vriendin, op het strand, met lekker eten. Maar ik ben ook niet bang van een discussie. En als iemand een ruzie zoekt, zal ik op de afspraak zijn. Si quelqu’un cherche la bagarre, je suis là. Je moet mij en mijn partij niet voor de gek houden.”

Voor iemand die niet van ruzie houdt, maakt u wel veel ruzie.

“Nu hebt u het over politiek. In een politieke discussie ben ik een Formule 1-piloot: het vizier gaat omlaag, en dan moet ik winnen. Maar wanneer ik uit de wagen stap, gaat het leven weer voort. Ik heb met Vincent Van Peteghem heel zware aanvaringen gehad, maar hij is wel een van de sympathiekste ministers in de regering. Hij is cool, respectvol, vriendelijk. Ik kan het goed met hem vinden, ook al lijkt het in de krant alsof we elkaar alleen maar in de haren vliegen. Ik heb het altijd jammer gevonden dat sommige mensen het verschil niet kunnen maken tussen politiek en het leven daarbuiten.”

Zoals wie?

“Bart De Wever kan dat verschil niet maken. Alles is persoonlijk voor hem. En dat is jammer, want zo eindig je ooit heel alleen. Als partijvoorzitter moet je aanvaarden dat iedereen het voortdurend over je heeft en je voortdurend beoordeelt. En de meeste discussies gaan nu eenmaal over dingen waar anderen het niet mee eens zijn.

“Dat zo’n intelligent persoon niet kan zeggen: oké, ik heb in de zomer van 2020 een wedstrijdje geracet tegen Bouchez en verloren, en nu gaan we over naar andere zaken – ik begrijp het echt niet, want ik heb veel respect voor hem en ik vind het een plezier om met hem te praten. En we hebben op politiek vlak veel gemeen. Het sociaal-economische, energie, veiligheid, migratie: je zult lang moeten zoeken naar het verschil tussen N-VA en MR. Hij zal je zeggen dat ik hem gekopieerd heb, maar over energie denk ik dat hij eerder mij gekopieerd heeft.” (lacht)

'Ik besefte als kind al dat ik moest werken om mijn omstandigheden te verbeteren. Ik moest het goed doen op school om vooruit te raken. Onder meer daarom heb ik besloten om nooit een druppel alcohol te drinken.' Beeld Wouter Van Vooren
'Ik besefte als kind al dat ik moest werken om mijn omstandigheden te verbeteren. Ik moest het goed doen op school om vooruit te raken. Onder meer daarom heb ik besloten om nooit een druppel alcohol te drinken.'Beeld Wouter Van Vooren

Er is deze regeerperiode een nieuwe term ontstaan: de bouchezisering van de politiek. Dat is geen compliment. Het betekent dat iemand altijd weer tegendraads doet en fel uithaalt.

“Ik heb tenminste mijn naam aan iets geschonken. En waarom zou het een probleem zijn dat we discussies hebben? Als Bouchez een synoniem is geworden voor iemand die voor zijn overtuiging strijdt: top. Politiek gaat om overtuigen, meerderheden rondom je verzamelen, dingen veranderen. Denk je dat je dat kunt doen zonder een beetje strijd? Strijd is de basis van politiek.”

Mensen die u goed kennen vertellen mij dat u in het leven niet gewoon gelijk wil krijgen, maar dat u uw tegenstanders elimineert.

(grijnst) “Hola! Ik denk niet dat dat klopt. Maar als je een sociaal project verdedigt, is het logisch dat je op zoek bent naar la victoire totale.”

Dat is hetzelfde.

“Niet als je zorgt dat je tegenstanders het eens met je zijn. (lacht) Ik geloof heel erg in het principe van de chef: iedereen moet zijn gedacht kunnen zeggen, maar er is één iemand die beslist. Wie niet tevreden is, kan bij de volgende verkiezingen de chef aan de kant schuiven. Het is geen kwestie van elimineren, maar van verantwoordelijkheid nemen. Als je iedereen in de beslissing betrekt, raak je nergens. Op een zeker moment moet je aanvaarden dat er meestal geen perfecte keuzes bestaan.

“En nee, ik sta ’s morgens niet op om een halve overwinning te boeken − ik wil een totale overwinning. Ik weet dat dat arrogant overkomt en dat het in België niet geapprecieerd wordt om zoiets te zeggen. Maar als een jongetje bij Francs Borains komt voetballen, de club waar ik voorzitter van ben, is het toch ook niet zijn droom om daar in de eerste ploeg te blijven spelen? Die wil naar Barcelona of Real Madrid om de Champions League te winnen.”

Denkt u nooit: ik ga het even kalmer aan doen?

“Ik slaap ’s nachts erg comfortabel, want ik weet dat ik elke dag gedaan heb wat ik juist achtte. Dat wil niet zeggen dat ik me nooit vergis. Maar als ik iets doe, is het omdat ik daarvan overtuigd ben. Achteraf kun je wel zeggen dat het hier of daar wat minder had mogen zijn. So what? Anderen zijn ook niet perfect. Ik praat altijd met vuur. Dat is nu eenmaal mijn temperament. Ik ken enkel à bloc.”

Waar vindt u de energie om iedere dag à bloc te gaan?

“Mijn politiek engagement komt voort uit een zoektocht naar rechtvaardigheid. Als ik iets zie dat niet hoort, is de vraag niet of ik energie ga vinden: dat komt van nature. Ik kan onrecht niet laten passeren − dus boum, on y va. Ik krijg liever kritiek omdat ik er te fel in ben gevlogen dan dat ik uit lafheid niks heb gedaan. En ik heb een eenvoudige vuistregel: in het leven is het alleen de eerste keer moeilijk om te plooien voor je principes. Plooi je één keer, dan plooi je duizend keer.

“Je mag nooit plooien. Als je een blad papier plooit, kun je het wel terugplooien, maar er blijft altijd een vouwlijn zichtbaar. Het wordt nooit meer als voorheen. Ik besef dat dat moeilijk vol te houden is in een coalitie. Maar een compromis sluiten is niet hetzelfde als plooien, gesteld dat je ermee vooruit raakt.”

'Vivaldi is wat de realiteit ons vandaag toelaat. Ik heb geen probleem met deze regering, maar het is niet mijn ideale wereld.' Beeld Wouter Van Vooren
'Vivaldi is wat de realiteit ons vandaag toelaat. Ik heb geen probleem met deze regering, maar het is niet mijn ideale wereld.'Beeld Wouter Van Vooren

Wat vindt u van het werk dat de regering vlak voor het zomerreces heeft geleverd?

“Er is alleszins geen catastrofe gebeurd, dat is al veel. Voor de rest hebben we goede vorderingen gemaakt − bijvoorbeeld voor de werkgelegenheid en de pensioenen. Natuurlijk had ik liever grotere stappen gezet. Maar dat is moeilijk als je regering niet homogeen links of rechts is samengesteld. In de context van Vivaldi hebben de liberalen mooie dingen verwezenlijkt. Voor hetzelfde geld was alles opgeschoven naar links, hè.”

Bent u wel blij dat u in deze regering zit?

“Het spreekt voor zich dat ik in mijn dromen een nieuwe Zweedse regering had gewild. Maar als het is om met N-VA België te splitsen, verkies ik deze regering. Vivaldi is wat de realiteit ons vandaag toelaat. Ik heb geen probleem met deze regering, maar het is niet mijn ideale wereld.”

Vivaldi kondigde zich aan als een hervormingsregering. Dat is niet gelukt.

“Hebt u mij dat dan horen zeggen? Ik begrijp daar niks van. Hoe kunnen mensen die al zo lang in de politiek zitten, geloven dat we met deze zeven partijen een grote omwenteling kunnen realiseren? Als ik bij Francs Borains zie dat onze ploeg zonder aanvaller zit, ga ik bij de start van het seizoen toch ook niet geloven dat we 80 keer gaan scoren?

“In de politiek is het net zo. Kijk naar wie er rond de tafel zit, en je weet ongeveer hoe de zaken zullen lopen. Vivaldi zal wel wat kunnen hervormen. Maar met deze samenstelling is het heel moeilijk om België te revolutionaliseren.”

Hoe dan wel?

“Kijk, er is een goede reden waarom onze partij zich zo profileert. Om België uit de blocage te krijgen, moeten in 2024 een of twee partijen de verkiezingen afgetekend winnen. Op ieder niveau vragen mensen om verandering. Om die te kunnen doorvoeren, heb je een duidelijke winnaar nodig met minstens 25 à 30 procent. Dat is de sleutel tot succes.

“En die partij mag daarna niet bang zijn om de volgende verkiezingen te verliezen. Anders gebeurt er weer niets. Want iedereen wil wel verandering, tot het zover is. Dan zeggen ze: neenee, bij mij moet alles hetzelfde blijven, het is bij mijn buurman dat je dingen moet veranderen.

“Je moet verkozen worden om de zaken in beweging te brengen, en daarna ga je mensen alleen nog horen klagen. Voordat ik Hadja Lahbib minister maakte, zei de partij dat ik nieuwe mensen moest aantrekken die Brussel beter vertegenwoordigen. Dan doe ik dat, en vervolgens krijg ik te horen dat ik de klassieke tenoren van de partij minister moest maken.” (haalt schouders op)

Wat doet u als MR in Wallonië en Vlaams Belang in Vlaanderen beide 30 procent halen?

“Je moet de problemen oplossen als ze zich stellen. Ik zou de andere Vlaamse partijen aanraden om een beetje uit hun kot te komen. Het stoort me mateloos hoeveel mensen denken dat het bilan van Vivaldi zal bepalen of België gered wordt. Wat een gebrek aan verbeelding! Mensen stemmen niet voor een bilan, maar voor een project − ze stemmen voor de toekomst, niet voor het verleden. Politieke partijen moeten hun project dus wel een beetje in de markt zetten.”

Als een regering voortdurend ruzie maakt, heeft dat dan geen gevolgen in het stemhokje?

“Dat hangt ervan af waar de ruzie over gaat. Het is niet de bagarre die telt, maar de reden voor de bagarre. Ik vecht voor kernenergie, en de mensen weten dat dat niet voor niks is. Maar ik ben niet degene die voortdurend loopt te roepen wie ik niet leuk vind, het zijn anderen die dat over mij doen. Ik zit niet in de politiek om ervoor te zorgen dat Conner Rousseau en Bart De Wever mijn vrienden worden. Je m’en fous wat ze van mij denken. Aan het einde van de dag gaan ze alleen met mij rond de tafel zitten als ze mij nodig hebben.”

‘Mijn politiek engagement komt voort uit een zoektocht naar rechtvaardigheid. Als ik iets zie dat niet hoort, is de vraag niet of ik energie ga vinden: dat komt van nature. Ik kan onrecht niet laten passeren − dus ‘boum, on y va’.’  Beeld Wouter Van Vooren
‘Mijn politiek engagement komt voort uit een zoektocht naar rechtvaardigheid. Als ik iets zie dat niet hoort, is de vraag niet of ik energie ga vinden: dat komt van nature. Ik kan onrecht niet laten passeren − dus ‘boum, on y va’.’Beeld Wouter Van Vooren

Als mensen niet stemmen voor een bilan, is een regering dan één lange verkiezingscampagne voor u?

“Neen. Ik bedoel natuurlijk niet dat je in een regering eender wat kunt doen en dat het toch niets uitmaakt. Mensen willen wel zien dat je iets klaarspeelt. Maar de samenstelling van Vivaldi zorgt ervoor dat mensen niet zullen stemmen voor het parcours van deze regering. Niet met deze zeven partijen. En dus moet je in die regering wel een beetje je identiteit bewaken.”

Een groep fiscalisten schreef onlangs een conceptnota voor een fiscale hervorming. Toen ik u daarover belde, schoot u met scherp. U noemde hen communisten die het land wilden verarmen. Is dat uw identiteit bewaken?

“Mijn reactie was stevig omdat het een rapport van meer dan 130 bladzijden was, met vier lijnen over lagere belastingen. Al de rest ging over belastingverhoging. Hoe wilt u dat ik dan reageer? U moet goed begrijpen: in vier of vijf dagen tijd kregen Franstaligen te horen dat Wallonië de verkeersbelasting zou verhogen, dat maaltijdcheques en bedrijfswagens afgeschaft moeten worden, dat vlees duurder moet worden en er een koolstoftaks moet komen. Mensen in de middenklasse denken dan dat dat er allemaal van gaat komen, hè. Die mensen worden gek als ze dat lezen. Wat moeten die mensen dan doen, behalve zich van kant maken? Daarom moet je stevig reageren.”

Wílt u wel een belastinghervorming? Telkens als een fiscaal voordeel afgeschaft zou worden, bent u er als de kippen bij om dat te verhinderen.

“In het regeerakkoord staat dat er alleen een taxshift komt. Dat is een probleem voor mij. In het land met de hoogste belastingen ter wereld heb je geen taxshift nodig, maar een tax cut: de belastingen moeten omlaag.”

Het topvoetbal heeft een eigen RSZ-regeling, waardoor voetballers minder belastingen betalen dan een gewone werknemer. Is dat echt nodig?

“Zonder dat systeem zal Club Brugge zich niet meer kwalificeren voor Europese topcompetities. Dan vallen de inkomsten terug, de televisierechten, en de merchandising. En dan mag u gaan uitleggen aan de vrouw aan de kassa in de boetiek dat ze ontslagen wordt. Vergeet de economische en sociale rol van voetbal niet. Belastinguitzonderingen zijn er omdat sommige sectoren zich anders niet kunnen ontwikkelen. De vraag is dus niet welke voordelen afgeschaft moeten worden, maar welke belastingen omlaag moeten. Met lagere belastingen heb je geen fiscale voordelen meer nodig.”

Opnieuw: wilt u wel een belastinghervorming, als ieder fiscaal voordeel overeind moet blijven?

“Er is een big bang nodig. Anders loopt België met het hoofd tegen de muur. (zucht) Kijk, u moet niet vergeten dat ik een verkozene ben uit Bergen. Ik kom uit een plek met een erg volks kiespubliek. De mensen die op mij stemmen, zijn mensen die erg bescheiden leven en willen dat hun kinderen het beter hebben dan zij. Zij hebben er genoeg van het gevoel te hebben dat er steeds maar weer van hen wordt afgenomen, en dat ze niets in ruil krijgen. Het zijn mensen zoals mijn ouders: ze respecteren de regels, en werken om vooruit te raken. Maar als ze zien dat hun werkloze buur niet minder pensioen heeft dan zij, vragen zij zich ook af: waarom hebben wij zo gewerkt?”

Wat voor werk deden uw ouders?

“Ze zijn zelfstandigen, mijn vader had een elektronicazaak. Met de komst van de grote ketens liep dat moeilijker, tot ze de zaak uiteindelijk moesten sluiten. Ons gezin belandde toen in een moeilijke situatie en ik ben een tijd bij mijn grootmoeder moeten gaan wonen.

“Hun parcours heeft me heel erg beïnvloed, omdat het een groot onrecht was. Mensen die hun hele leven hard werken en niets overhouden, dat is maffieus. Twee straten verderop zijn er winkels die allerlei dingen in het zwart uithalen, maar jij wordt als een crimineel behandeld omdat je werkt en de rekeningen net niet kunt betalen.”

'Ik zit niet in de politiek om ervoor te zorgen dat Conner Rousseau en Bart De Wever mijn vrienden worden. 'Je m’en fous' wat ze van mij denken.' Beeld Wouter Van Vooren
'Ik zit niet in de politiek om ervoor te zorgen dat Conner Rousseau en Bart De Wever mijn vrienden worden. 'Je m’en fous' wat ze van mij denken.'Beeld Wouter Van Vooren

Het maakt u duidelijk kwaad.

“Weet u, de politiek zit vol mensen die sterk zijn tegenover de zwakken en zwak tegenover de sterken. Als overheid is het makkelijk om bekeuringen voor verkeersinbreuken uit te delen of covidboetes uit te schrijven, hè. Maar als het gaat over de echte criminelen: ho maar, dan mogen we niet overhaast te werk gaan. De belastingcontrole gaat liever de kleine winkelier lastigvallen die zijn stinkende best doet. Dat stoort me heel erg.

“Die mensen hebben ook steeds meer het gevoel dat er met hen geen rekening wordt gehouden. Voor de Belgische politiek bestaan alleen de heel rijken, of de heel armen. Daartussen lijkt er niets te bestaan. Ze houden zich uitsluitend bezig met wie heel veel of heel weinig heeft. Er is echt een grote colère bij gezinnen die iedere maand tussen de 1.500 en de 5.000 euro verdienen. Dat is de middenklasse hoor, die mensen moeten iedere dag tellen. Links zal wel weer roepen dat het schandalig is wat ik zeg, maar met 5.000 euro per maand ben je als huishouden echt niet rijk.”

Hoe legt u aan die werkende mensen uit dat er geen belastingvoordeel is voor de eerste woning, maar wel voor de tweede woning?

“Die mensen werken hun hele leven en kunnen dan een appartement aan zee kopen, of een huisje in de Ardennen. Dat is de opbrengst van hun leven. Het is iets dat ze kunnen nalaten aan hun kinderen. Dat heet vooruitgang: dat mensen een beter leven willen voor hun kinderen. Dat ze geloven dat hun kinderen het beter kunnen hebben dan zijzelf. En we gaan hen daarin belemmeren? Eerlijk, ik begrijp niet waarom Vlaanderen niet gewoon het fiscaal voordeel op de eerste woning opnieuw invoert.”

Nog even terug naar uw jeugd. Het kan niet makkelijk zijn om als jonge tiener opeens bij je grootmoeder te moeten gaan wonen.

“Ik had zelfs geen eigen kamer, ik deelde een slaapkamer met haar. Het enige dat ik had was een maquette van de racewagen waarmee Damon Hill in 1996 wereldkampioen was geworden. Dat was geen geweldige periode, neen, ook al hield ik veel van haar. Je kweekt daar wel wat karakter door. Er zijn moeilijke momenten in het leven, en je moet je daar doorheen slaan. Ik weet ook wel dat niet iedereen zijn situatie zomaar kan omgooien. Het geluk moet een beetje meezitten. Maar je moet op z’n minst moeite willen doen om weer vooruit te raken.

“Ik denk dat die episode heel belangrijk is geweest voor hoe ik in het leven sta. Ik had niks te verliezen, dus alles wat ik kon pakken, was bonus. Ik leef vanuit het idee dat alles mogelijk is. Zo zie ik ook de benoeming van Hadja Lahbib. Ze is geboren in een klein arbeidershuisje in een migrantenfamilie, en is uiteindelijk minister geworden. Het helpt niet om te klagen over je afkomst. Iedereen wordt op de wereld gezet met een paar troefkaarten in handen. Die moet je uitspelen.

“Kijk eens om u heen. De mensen die in dit restaurant werken hebben alles achtergelaten, ze hebben risico’s genomen om hier te komen werken, in de hoop een beter leven te kunnen leiden. Daar heb ik zoveel respect voor.

“Dat is een van mijn problemen met het linkse discours van vandaag. Links focust altijd op de zwaktes van mensen, niet op waar ze toe in staat zijn. Mensen hadden gerust van mij kunnen zeggen: ach arme jongen, alleen bij zijn grootmoeder in Colfontaine − een van de armste gemeentes van het land −, het zal al veel zijn als hij 12 op 20 haalt op school. Nee, ik wilde 18 op 20 halen!”

Waarom?

“Ik besefte als kind al dat ik moest werken om mijn omstandigheden te verbeteren. En ik wist waar ik sterk in was: ik had een goed geheugen, ik kon goed voor een publiek praten, ik kon een redenering opbouwen. Ik moest het goed doen op school om vooruit te raken. Met de troeven die ik had moest ik ook niet de idioot gaan uithangen door in de drank en de drugs te vliegen. Ik had ooit gelezen dat alcohol voor hersenschade kan zorgen, dus ik heb dan maar besloten om nooit een druppel te drinken.

“Soms moet je je geluk een beetje afdwingen. Voor mijn eerste verkiezingscampagne ben ik schulden aangegaan via een offerte voor een keuken die ik nooit wilde laten zetten. Banken lenen geen geld voor een verkiezingscampagne. Ik had toen een vriendin wier vader keukens bouwde. De bank vroeg wel om eens een factuur te zien, maar zolang ik betaalde was er nooit een probleem. Het punt is: als ik niet verkozen was, had ik nooit genoeg verdiend om die lening terug te betalen. Dan zat ik diep in de shit. Maar als je iets wil realiseren, moet je soms een risico nemen.”

'Ik ging naar school op een jezuïetencollege − iedereen was daar het kind van een dokter, terwijl wij niet eens geld hadden om op reis te gaan.' Beeld Wouter Van Vooren
'Ik ging naar school op een jezuïetencollege − iedereen was daar het kind van een dokter, terwijl wij niet eens geld hadden om op reis te gaan.'Beeld Wouter Van Vooren

Bent u een emotioneel persoon?

“Ik ben veel gevoeliger dan mensen denken. Maar in de publieke ruimte moet je wel professioneel blijven en je emoties een beetje beheersen. Later komt er wel een moment waarop je even kunt ventileren. Maar ik zou mezelf niet zozeer emotioneel noemen, wel passioneel. Passie is de emotie par excellence. Dat is mijn Latijnse afkomst − de roots van mijn familie liggen in Italië. Ik ben echt een mix van het rationele België en het passionele van Italië.”

U straalt altijd bravoure uit. Ik vraag me weleens af: is this guy for real?

“Ja. Ik heb de keuze gemaakt om mezelf te zijn, ook als dat me niet populair maakt. Het zou niet mogelijk zijn om te zijn zoals ik en een rolletje te spelen. Kijk, zelfvertrouwen gaat er niet over dat je fier bent op je kwaliteiten, het gaat erom niet bang te zijn voor je tekorten. Ik spreek Frans in Vlaanderen − niet uit minachting voor de Vlamingen, maar omdat ik mij niet goed kan uitdrukken in het Nederlands. Ik maak vorderingen, maar het is nog niet voldoende. Ik aanvaard dat. Maar ik heb dat zelfvertrouwen niet altijd gehad. Dat vergt werk. Zelfvertrouwen hebben is een keuze.

“Ik ging naar school op een jezuïetencollege − iedereen was daar het kind van een dokter, terwijl wij niet eens geld hadden om op reis te gaan. Dat is niet leuk als je een kind bent. Ik heb toen tegen mezelf moeten zeggen: je bent niet minder dan een ander. En ik had niks, dus ik had niks te verliezen. Ik leef met het idee dat elke dag bonus is. En ik ben steeds minder bang. Angst belemmert heel veel mensen. Maar wie zich laat leiden door angst, heeft aan het einde van de rit alleen spijt. En dat valt niet meer recht te trekken.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234