Maandag 16/09/2019

Interview

Freddy Willockx (sp.a) stapt uit de politiek: "We hebben onze volkse achterban verwaarloosd"

Freddy Willockx volgt nog altijd alles. "Vanuit mijn zetel zie ik de tv en het stadhuis." Beeld Wouter Van Vooren

Dit gesprek met Freddy Willockx (69), vlak na de aanslag in Berlijn, begint met een ode aan Angela Merkel. Zo groot als de bewondering is voor de Duitse bondskanselier, zo kritisch is Willockx voor zijn eigen partij. "We zoeken al dertig jaar de juiste toon."

Hoewel Freddy Willockx afgelopen donderdag afscheid nam als gemeenteraadslid, zal hij vanaf korte afstand alles blijven volgen. Neem die zin gerust letterlijk, want de oude burgemeester woont op een appartement op het marktplein van Sint-Niklaas. “Vanuit mijn zetel zie ik de tv en het stadhuis”, lacht de socialist. Van opvolgster Christel Geerts kwam al de uitnodiging om elke dag de kranten te komen lezen in zijn vroeger kabinet. En passant wil ze dan wel de laatste nieuwtjes horen, want de zestiger staat te boek als ‘het gesproken dagblad van het Waasland’. “Als ik wat kan wandelen door de gangen van het stadhuis, dan word ik daar content van. Ik ga een beetje kijken waar alle ambtenaren mee bezig zijn. Van 80 procent ken ik nog de naam.”

Voor (de poging tot) het lanterfanten echt begint, loopt hij leeg over sp.a, zijn loopbaan van 46 jaar en – op tien meter van de Sint-Niklase kerstmarkt – Berlijn. “Ik word ziek van wat er nu gebeurt. Een mens voelt zich ook zo droef en zo machteloos. Hoe ver kan godsdienstwaanzin mensen drijven? Hoe gepolariseerd is onze samenleving?

“Onmiddellijk na de aanslag was er op Facebook een oude vriend die de schuld voor de doden in de schoenen van Angela Merkel schoof. ‘Zij oogst ‘Wir schaffen das’, schreef hij. Als je weet dat hij jarenlang militant van sp.a geweest is, dan voel ik me boos worden. Die oude vriend reageerde nog voor de Alternative für Deutschland (AfD) van zich liet horen. Ik heb hem de ochtend na Berlijn al proberen te bellen om het allemaal uit z’n hoofd te praten, maar hij nam niet op.

“Merkel heeft met haar ‘Wir schaffen das’ haar nek uitgestoken. Wij hebben dat allemaal ervaren als een bijzonder moedige daad van een grote persoonlijkheid. Nu wordt zij in de eerste linie getroffen en wordt haar manoeuvreerruimte nog meer beperkt.”

"Ik heb zelf fouten begaan toen ik voor het eerst burgemeester was"

Is Merkel dan niet té naïef geweest?

Freddy Willockx: “Neen, ik blijf haar – zonder enige nuance of terughoudendheid – bewonderen. In haar uitspraak heeft ze de mens laten primeren op de tacticus. Af en toe moet een politicus dat doen. Als je zag welke menselijke drama’s er toen aan de grenzen gebeurden, als je zag hoeveel mensen er dagelijks verdronken, kon ze gewoon niet anders dan de vluchtelingen verwelkomen.”

Toch heeft uw partijvoorzitter gepleit voor pushbacks van diezelfde vluchtelingen.

“Daar heeft John zich ongelukkig uitgedrukt. Na het partijbestuur heeft hij die boodschap gecorrigeerd. Mijn partij moet niet verbergen dat er over vluchtelingen en migranten fricties zijn binnen de achterban. Eind jaren 80, begin jaren 90 was er al die tweespalt. Aan de ene kant heb je de jonge, progressieve intellectuelen, samen met de soixante-huitards. Zij bepleiten een meer open aanpak. Mijn hart ligt bij deze groep."

“Aan de andere kant is er onze volkse achterban die zich van meet af aan afzette tegen migratie. Die groep hebben wij verwaarloosd, daarvoor wil ik gerust de hand in eigen boezem steken. Toen ik voor het eerst burgemeester in Sint-Niklaas was, heb ik zelf fouten begaan. Tijdens de opkomst van het racisme en de doorbraak van het Vlaams Blok schoot ik in een kramp bij elke opmerking over migranten. Wie met hen problemen had, beschouwde ik té snel als racist."

“Al dat geklaag vormde zelfs een van de oorzaken van mijn overstap naar de federale regering in 1992. Frank Vandenbroucke belde, en ik heb vlug ‘ja’ gezegd. Ik had toen net met een boze burger een conflict gehad over de vuilnisophaling, en het werd me gewoon te veel."

“Als ik nu terugkijk, heb ik die mensen weleens fout ingeschat. Dat waren niet altijd racisten. Dat waren mensen die terecht kleine en grote problemen aankaartten. Maar ik heb de politieke impact van migratie van meet af aan niet onderschat. In ’88 schoot het hele partijbestuur op Bob Cools bij de eerste piek van het Vlaams Blok in Antwerpen. Ik was toen de eerste die zei: dit staat ons allemaal nog te wachten.”

"Wie opvang nodig heeft, moet die krijgen"

Uw tegenstanders zullen zeggen dat sp.a de moslims wilde paaien omwille van hun stemmen.

“Oorspronkelijk stond ik heel sceptisch tegenover verplichte inburgering. Maar nu ben ik er zeker van dat die verplichte cursussen minstens tien jaar eerder hadden moeten beginnen. Mijn partij heeft hetzelfde voortschrijdend inzicht als ik. In Sint-Niklaas was die omslag in mijn denken trouwens goed merkbaar. In mijn tweede periode als burgemeester gaf ik veel meer gehoor aan de samenlevingsklachten."

“Vanaf 2001 heb ik in alle stilte – zonder draaiende camera’s – zeker honderd migrantenjongeren ontvangen op het stadhuis. Met hun ouders. Hen de levieten gelezen zodat ze weer op het rechte pad zouden komen. Eigenlijk had ik over die jongeren niks te zeggen, ze waren opgepakt door de politie. Maar het werkte wel. Bij die jongeren was er zelden of geen recidive. Tegelijk heb ik nooit geprotesteerd tegen de komst van het asielcentrum hier, toch met 400 bewoners. Wie opvang nodig heeft, moet die krijgen."

“Naïef ben ik in deze kwestie al lang niet meer. Een aantal beleidsmaatregelen van Theo Francken aanvaard ik ook. Wat ik wel stuitend vind, is dat hij alleen praat voor zijn eigen electoraat of dat van Vlaams Belang. Hij houdt zich nooit bezig met mensen zoals ik, met niet-potentiële kiezers. Heeft hij niet door dat een regeringslid voor de hele bevolking moet werken en communiceren?”

Freddy Willockx: "Ik besef nu dat we met die verplichte inburgeringscursussen minstens tien jaar eerder hadden moeten beginnen." Beeld Wouter Van Vooren

Waarom zwijgt uw partij die onderwerpen dood?

“Door die verscheurde achterban is het gewoon heel moeilijk om een rechtlijnig discours aan te houden. Al dertig jaar zoeken we de juiste toon. John is hier nog niet helemaal in geslaagd, dat is juist. Maar je kunt hem dat niet ten kwade duiden. Het is echt een heel complexe oefening. Eender welke voorzitter zou het er lastig mee hebben."

“John heeft deze zomer wel al toegegeven dat we hierover te lang gezwegen hebben en flinkser moeten zijn. Hij heeft gekozen voor de lijn-Elchardus. Dat is me wat te rechts, maar we kunnen niet anders. Zelf verkies ik de strategie van Daniël Termont boven die van Patrick Janssens. Hier op het stadhuis zit er personeel met hoofddoek aan het loket. Er staat een kerststal voor het stadhuis, er zijn geen kruisbeelden weggenomen in de zalen en de vrijzinnigen worden gerespecteerd.”

"Bruno kon geen samenhang in de ploeg brengen"

Moeilijk of niet, uw voorzitter laat het speelveld volledig over aan de andere partijen.

“Hij heeft het niet makkelijk, in het partijbestuur zitten die twee stromingen ook, en hij moet een gemeenschappelijke bedding vinden. John probeert ook van de partij weer een vriendenkring te maken. Een club, wat bij Bruno (Tobback) volledig verdwenen was. Bruno heeft veel kwaliteiten: hij is een schitterend debater en spreker, maar hij kon geen samenhang meer in de ploeg brengen. John wel.”

Niet alleen over migratie zwijgt uw voorzitter. Ook over andere onderwerpen horen we hem niet. Bart De Wever, Gwendolyn Rutten en Wouter Beke wegen veel meer op het publieke debat.

“Op dit ogenblik heeft John de wind nog niet mee, maar geef hem nog wat tijd. Ik vergelijk hem graag met Karel Van Miert. Toen die voorzitter werd, in 1977, was ik zijn politiek secretaris. De eerste twee jaar schoof hij permanent andere mensen naar voren en bleef hij de tweede viool spelen. Hij is pas losgebarsten tegen de begrotingen van 1980 en het rakettenbesluit. John delegeert goed. Wat ik hem wel al gezegd heb, is dat hij de financiële, budgettaire en ­economische standpunten zelf moet vertolken. Daar speelt hij op zijn eigen terrein en is hij gewoon de beste.”

Belt de voorzitter u vaak om te overleggen?

“Wij bellen vaak, ja. Al moet ik wel toegeven dat ik hem vaker bel dan hij mij. Maar wat ­belangrijker is: hij luistert naar mij. Een maand geleden nog heeft hij mijn raad opgevolgd. Waarover? Dat ga ik nu niet aan uw neus ­hangen.” (lacht trots)

"De peilingen zijn niet schitterend, maar evenmin desastreus"

Peilingen zijn wat ze zijn, maar voor uw partij zijn ze niet goed.

“Ik volg al veertig jaar peilingen. Ze zijn niet schitterend, maar evenmin desastreus. Ik steun Crombez ten volle. Je kunt ook niet permanent over een generatie beschikken zoals die in de jaren 80: met Norbert De Batselier, Luc Van den Bossche, Louis Tobback, Marcel Colla en mezelf. Zij hadden dan ook nog eens de steun van de iets oudere Willy Claes en Louis Vanvelthoven.

Groen doet het veel beter dan sp.a. 

“Hun achterban is veel homogener, waardoor zij meer vrijuit kunnen spreken.”

Blijft u voorstander van een kartel tussen sp.a en Groen bij de gemeenteraadsverkiezingen?

“Ja, op zo veel mogelijk plaatsen. Toch zijn die kartels niet altijd evident: bij ons spelen soms oubollige denkpatronen, bij hen opportunistische reflexen. Soms wordt het mij hier in Sint-Niklaas verweten dat ik een kartel heb opgezet met Groen: het heeft hen groot gemaakt. In het begin hadden zij vier mensen op de lijst, nu zijn het er zeventien."

“In Antwerpen moeten we met Groen één lijst vormen, maar geen groot blok met CD&V. Dat is en blijft een centrumpartij. Meer ga ik daar niet over zeggen. Ik probeer in Sint-Niklaas een beetje afstand te nemen, ik ga mij nu niet moeien op een ander." (lacht) 

“Nationaal blijft mijn voorliefde voor een rood-groen kartel even groot. Als dat niet lukt, moeten we de strategie huldigen van ‘samen uit, samen thuis’. Dan moeten we ofwel samen in de oppositie, ofwel samen in de regering. Anders zit je elkaar toch maar op te stoken."

“Ik heb zelf aan de basis gelegen van Het Sienjaal (verruimingsbeweging midden jaren 90 die inzette op politieke vernieuwing en bundeling van de progressieve krachten, red.) Samen met Hugo Claus heb ik Maurits Coppieters (in 2005 overleden progressieve Vlaams-nationalist, red.) en Norbert De Batselier samen gebracht. Daar had ik gehoopt verder te springen: Het was een project op basis van onze programma’s, niet uit electoraal gewin. Die generatie van groenen heeft mij toen zwaar ontgoocheld. Mieke Vogels, Jos Geysels, de grote meneren en madammen van Groen hebben Het Sienjaal om puur electorale redenen tegengewerkt. Voilà, dat moest mij even van het hart. In Het Sienjaal was mijn ervaring met ACW veel beter dan met Groen. Zij zeiden eerlijk dat ze de band met CD&V niet wilden doorknippen, maar zij werkten wel mee aan het inhoudelijke project.”

Freddy Willockx: "Ik heb altijd gezegd dat ik op mijn 70ste met alles gestopt wilde zijn, en daar blijf ik bij. Op 2 september is het allemaal afgelopen.” Beeld Wouter Van Vooren

"Ik moet me dwingen om me met sociale media bezig te houden"

Beschouwt u zichzelf, net zoals Jean-Luc Dehaene, als een politicus van de vorige eeuw?

“Absoluut. In de vorige eeuw voelde ik mij beter en sterker. Ik moet mijzelf, bijvoorbeeld, echt dwingen om me met sociale media bezig te ­houden. Ik telefoneer liever, of ik wil mensen in ’t echt zien. Ik was en ben heel actief in het verenigingsleven. Ik ga al 64 jaar naar de voetbal en speel biljart. Nu krijg je jonge mensen daar niet meer warm voor. Jeugdige duivenmelkers? Die krijgen niet eens een vergunning voor hun duivenhok. En schutters zijn al helemaal niet meer te vinden."

“Ik ben opgegroeid tussen dat volk en ik ben daar trots op. Voor mij was dienstbetoon niet goed wanneer het zich beperkte tot cliëntelisme. Maar het is en blijft een edele zaak wanneer je mensen kunt helpen en begeleiden."

“Sinds mijn pensioen en sinds de dood van mijn vrouw kom ik weer veel meer op café. Schrijf maar dat ik alcoholvrij blijf, want mijn dochter leest mee. (lacht) De brutaliteit in het café van de sociale media is groter geworden dan die aan de echte toog. Een heel merkwaardig fenomeen. Toen ik dertig jaar geleden geconfronteerd werd met het opkomend racisme, stond ik permanent ruzie te maken aan de toog. Misschien houden de mensen zich nu wat in?”

Ligt dat aan u of is het een algemene tendens?

“De polarisatie tussen links en rechts is er altijd geweest, maar nu merk je dat N-VA daar echt op inspeelt. Bart De Wever heeft trouwens weinig democratische hygiëne. Denk aan die crisisvergadering op het kabinet van Jan Jambon, dat is een flagrante fout. Publiek afgeven op de rechters, dat doe je al helemaal niet."

“N-VA jut mensen tegen elkaar op, terwijl je het in deze tijden echt niet nog erger moet maken. Sociaal-economisch wordt er bovendien ronduit slecht bestuurd. Gelukkig dat Kris Peeters bij momenten de linkse rakker uithangt. Het gaat hem niet altijd goed af, maar anders was het ronduit dramatisch gesteld met ons land.”

"Vergeleken met Agusta was Optima hooguit een scheet in een fles"

De innige verstrengeling tussen de politiek en de bank-Optima in Gent, was dat ook ­politiek van de vorige eeuw?

“Gent is ver gegaan in haar samenwerking met de privé, maar op zich is daar niks vies aan. Van in het begin had ik wel het gevoel dat Daniël panikeerde en niet goed reageerde op de aan­tijgingen in de Optima-affaire. Hij had sneller moeten zeggen dat hij Jeroen Piqueur, de oprichter van Optima, goed kende, maar dat hij met het fail­lis­se­ment van de bank niks te maken had. Hij heeft zich erna gelukkig wel herpakt. Uit de onderzoekscommissie blijkt nu dat hij onschuldig is."

“Zo’n affaire had mij trouwens ook kunnen overkomen: ik heb veel gewone vrienden in Sint-Niklaas, maar ook rijke. Persoonlijk heb ik ook niks tegen rijke mensen, wel tegen het gedrag dat zij soms tentoon­spreiden. Ik zou wel directer en kordater hebben gehandeld. Het verschil met Agusta is evenwel levensgroot. Dat Bruno die vergelijking maakte, klopt helemaal niet. Vergeleken met Agusta was Optima hooguit een scheet in een fles. Agusta had nationale repercussies, Optima nauwelijks.”

Gaat u de macht missen?

“Neen. Als voorzitter van de gemeenteraad was mijn macht al relatief en ik kan goed loslaten. Zes jaar geleden ben ik, op te jonge leeftijd volgens velen, gestopt als burgemeester. Ik zal ­eerlijk zijn: ik wilde bij mijn vrouw compenseren wat ze gemist had in al die jaren dat de politiek mij opslorpte. Ik wilde meer bij haar zijn en samen reizen maken. Met Christel Geerts had ik gezorgd voor een goede opvolgster."

“Het drama is dat ik in 2010 de sjerp had doorgegeven, op m’n 63ste, en dat we maar één reis hebben kunnen maken. In september zijn we naar Valencia getrokken. Een schitterende vakantie. Op Allerzielen heeft ze een gezwel ontdekt op haar arm. Anderhalf jaar later is ze gestorven. Daartussen hebben we een periode van vallen en opstaan gekend, met korte ­opflakkeringen van hoop. Ik had nooit gedacht dat ik zo vroeg weduwnaar ging worden, ­verwachtte dat ik eerst zou gaan. Maar meer wil ik daar niet over kwijt."

“Mijn vertrek uit de gemeenteraad betekent echter niet dat mijn interesse weg is: ik lees elke dag vier kranten. Ik ben van zinnens nog naar het partijbestuur te gaan, en ik kan de partij nu al waarschuwen: ik ga mij daar nog moeien. ‘Die ouwe Willockx, die moet niet te veel tussenkomen’, zal ik in de ogen van de dertigers lezen. Daar zal ik smakelijk om lachen, want ik dacht op hun leeftijd exact hetzelfde. Loslaten is voor mij geen afscheid nemen.”

"Nee, ik ben niet bang voor het zwarte gat"

Vreest u de verveling niet?

“Ik heb het geluk veel hobby’s te hebben. Ik ga een of twee keer op een weekend naar het voetbal, en kijk soms zes matchen op tv. Daarnaast is er de koers, ik lees veel. Mijn leven is helemaal niet leeg. Vorige week vroeg mijn dochter mij of ik bang ben voor het zwarte gat. Het antwoord is – volkomen oprecht – ‘neen’. Ik heb altijd gezegd dat ik op mijn 70ste met alles gestopt wilde zijn, en daar blijf ik bij. Mijn bestuursmandaten, daar ga ik ook mee ophouden. Op 2 september is het allemaal afgelopen.”

Voelde u zich te oud voor al die taken?

“Neen. Ik heb mij altijd voorbereid op een kort leven omdat ik zwaar erfelijk belast ben. Mijn cholesterol behoort tot de hoogste van België, maar ik heb hem onder controle. Het is raar voor een mens om langer te leven dan hij ­verwacht. Deze kwieke jaren aan het einde van mijn leven zijn een complete verrassing. Ik ga proberen ze zo fijn mogelijk te maken.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234