Woensdag 24/07/2019

Stadsrapport

Een haat-liefdeverhouding met toerisme: "Brugge is gericht op de toeristen, niet meer op de eigen inwoners"

Toeristen vergapen zich aan de pracht op de Markt van Brugge. Beeld Wouter Van Vooren

Brugge kijkt met gemengde gevoelens naar het toenemende aantal toeristen dat de stad bezoekt. De populariteit doet de kassa rinkelen, maar de leefbaarheid komt steeds meer onder druk te staan.

"Mochten we het toerisme niet hebben, dan was Brugge dood", klinkt het eensgezind wanneer we op een zonnige middag in de Brugse binnenstad rondwandelen tussen fotograferende Aziaten en Spanjaarden die zich de ogen uitkijken bij alweer een chocoladewinkel. "Door al die toeristen, die vreemde talen, voel ik me hier zelf een beetje op reis", zegt student Vital.

De hoofdstad van West-Vlaanderen is sinds jaar en dag een toeristische trekpleister. In 2017 kreeg Brugge 6,3 miljoen bezoekers over de vloer. Meer dan 6.000 Bruggelingen verdienen er hun brood mee. In de binnenstad alleen al draaide de toeristische sector een omzet van 371 miljoen euro.

Het toerisme heeft echter ook een keerzijde, vertellen de Bruggelingen. Omdat heel wat toeristen in het historisch centrum rondwandelen alsof ze in een pretpark zijn, en elke straat als winkelwandelstraat zien, kunnen lokale inwoners met de fiets of zelfs te voet soms nog amper door. Ook zwerfvuil is een probleem. Wanneer op het einde van de dag de massa Brugge weer verlaat, blijven heel wat blikjes en sigarettenpeuken achter. En dat leidt tot ergernis.

"Toeristen parkeren hun auto ook waar ze het maar gedacht hebben, en daar wordt niet tegen opgetreden. Brugge is gericht op de toeristen, niet meer op de eigen inwoners", zucht leerkracht Charlotte, terwijl ze voor de etalage van een schoenenwinkel op haar kinderen wacht.

Met de voorspelde toename van het aantal bezoekers – sommige waarnemers zien zelfs een verdubbeling tegen 2030 – leeft de vrees dat Brugge net als Barcelona en Venetië het slachtoffer wordt van zijn eigen succes. "Je kan en mag de groei van het toerisme niet afremmen, je moet die kanaliseren. De grootste uitdaging is massatoerisme, waarbij mensen voor drie uur in de stad komen en dan weer vertrekken. Dan heb je als stad enkel de lasten", zegt burgemeester Renaat Landuyt (sp.a).

Cruises

Die analyse delen zowat alle partijen. Allemaal willen ze inzetten op verblijfstoeristen, zogenaamde meerwaardezoekers die wat langer in Brugge blijven. "Zij shoppen, bezoeken musea, gaan een hapje eten, overnachten in de stad. Verblijfstoeristen zoeken het ook verder dan de platgetreden paden. Zij doen de economie draaien en zorgen niet voor overlast", schetst Vicky Van Den Heede, opleidingscoördinator toerisme aan de Howest. 

Er is wel nog wat werk aan de winkel, want verblijfstoeristen maakten vorig jaar amper 16 procent van alle bezoekers uit. "Dat type toeristen blijft weg als er doemberichten opduiken in de media over een overrompeling. De beleidsmakers doen er dus goed aan om dagjestoeristen niet extra aan te trekken, en zelfs wat te ontraden."

Iets wat de huidige sp.a-CD&V-coalitie volgens oppositiepartij Open Vld niet deed. “Het stadsbestuur is niet consequent. Het wil geen massatoerisme, maar bouwde wel een cruiseterminal”, zegt de liberale lijsttrekker Mercedes Van Volcem. "Hoe meer dagjestoeristen er komen, hoe meer verschraling je krijgt. Daarom is er een positief beheersplan nodig zodat we gezonde groei realiseren en de leefbaarheid van de stad bewaken." 

Volgens de meerderheidspartijen kan je de cruisetoeristen toch niet tegenhouden, en kwam de terminal, die afgelopen juni werd ingehuldigd, er in de hoop dat Zeebrugge steeds vaker een vertrek- of aankomstplaats wordt. Op die manier zouden toeristen sneller geneigd zijn om voor of na hun cruise in Brugge te overnachten en de lokale economie te spijzen.

In Zeebrugge hopen de inwoners dat de terminal hun buurt kan doen heropleven. Net als verschillende van haar buren wijst Christel Van Hulle, die al meer dan 40 jaar in Zeebrugge woont, erop dat in de stationsbuurt nog amper winkels zijn. "Vroeger was het hier veel levendiger. Toen ik jong was, kon je met de gocarts rijden, er waren vijf of zes cafés rond het station. Die zijn nu allemaal weg." In de nieuwe terminal komen verschillende winkels, wat toeristen langer in Zeebrugge zou moeten houden.

In juni werd de nieuwe cruiseterminal in gebruik genomen. Meerderheidspartijen sp.a en CD&V hopen zo van Zeebrugge vaker een vertrek- of aankomstplaats te maken. Beeld Wouter Van Vooren

Spreiding

Om de toename aan bezoekers aan te kunnen, pleit Open Vld ervoor om de toeristische activiteiten meer over de stad te spreiden, onder meer door het winkelgebied uit te breiden. Op dit moment bezoekt het gros van de toeristen alleen de bezienswaardigheden binnen de 'Gouden driehoek', en dat wil CD&V ook zo houden. "Bepaalde delen van de stad moeten we behouden voor Bruggelingen, er moeten niet overal souvenirwinkels komen", zegt lijsttrekker Dirk De fauw.

N-VA zit op dezelfde lijn. "Sint-Anna en andere wijken worden nu ontdekt door de meerwaardezoekers onder de toeristen. Zij zijn op die plekken ook zeer welkom. Niet de toeristenwinkeltjes, wel de verblijfstoeristen. En de Bruggelingen zelf", zegt Pol Van Den Driessche.

Van een overrompeling van de buitenwijken kan je voorlopig niet spreken. Op een ouder Brits koppel na komen we rond de Sint-Annakerk nauwelijks toeristen tegen. Aan de molens op de Kruisvest liggen enkele groepjes jongeren languit in het gras, het einde van de examens vierend. "Het moet hier ook niet drukker worden", zegt Marjan, een ingeweken Brugse, terwijl ze de bloemen op haar vensterbank water geeft.

Woningdruk

Het toeristische succes brengt nog een ander neveneffect met zich mee: de Brugse woningmarkt staat onder druk. "Veel eigenaars redeneren: 'Waarom zou ik mijn woning nog verhuren voor 650 euro als ik dat bedrag ook kan krijgen voor een weekend of een midweek?'", legt De fauw uit. Als gevolg daarvan loopt de Brugse binnenstad langzaam leeg. Er wonen nog amper 20.000 mensen.

"Als Brugge één kritiek krijgt op bijvoorbeeld Tripadvisor, dan is het dat het één groot museum is, dat het onvoldoende leeft", zegt Van Den Heede. Om een verdere leegloop te vermijden, voerde de stad al in 1996 een hotelstop in voor de binnenstad. In 2002 kwam daar een stop op nieuwe vakantiewoningen bij. Die ingrepen zorgden ervoor dat de stadsvlucht binnen de perken bleef. Al trekken vooral jongere Bruggelingen nog altijd vaak naar andere steden, Gent voorop. "Heel veel van mijn leeftijdsgenoten gaan in Gent studeren, en blijven daar vaak ook plakken. Hier is niet zoveel te beleven voor jongeren, en bovendien is het ongelooflijk duur om in het centrum van de stad te wonen", zegt Vital.

Hoewel Open Vld de woonmaatregelen nu in vraag stelt, blijven ze volgens Van Den Heede erg belangrijk voor de leefbaarheid. "Als je de stad overlevert aan de ondernemers die massaal geld willen verdienen, komt de authenticiteit in het gedrang. De huizen worden onbetaalbaar, en zo jaag je de echte Bruggelingen weg", zegt ze. "Als je nog meer vakantiewoningen toelaat, zal het museumgehalte alleen maar toenemen."

Ook Marjans buurvrouw Heidi, die net thuis komt met de fiets, moet er niet aan denken dat het verbod wordt opgeheven. "Dan zouden hier geen Bruggelingen meer wonen", klinkt het stellig.

Aan de molens op de Kruisvest is het rustig. En dat willen de buurtbewoners ook zo houden. Beeld Wouter Van Vooren

Transitmigranten

De laatste maanden stak, vooral in Zeebrugge, nog een ander verkiezingsthema de kop op: transitmigranten. Dit jaar zijn in Zeebrugge al een recordaantal transitmigranten opgepakt terwijl ze proberen de haven binnen te dringen of betrapt worden in containers of vrachtwagens in een poging naar Groot-Brittannië te geraken. Het groeiend aantal transitmigranten leidt ook tot steeds meer diefstallen en meldingen van overlast in de Brugse deelgemeente. N-VA wil een lik-op-stukbeleid, met meer samenwerking tussen de verschillende politiezones. Om de humanere positie te benadrukken zette CD&V dan weer advocate Sylvie Micholt, die de hulpacties voor de migranten steunt en hen juridisch wil bijstaan, op haar lijst.

Wie grijpt tweede kans?

Wie grijpt zijn tweede kans? Om die vraag draaien de verkiezingen in Brugge. Huidig burgemeester Renaat Landuyt (sp.a) wil er graag nog een termijn bij doen. "Als ik ook maar één stem minder haal dan in 2012, stop ik met politiek", herhaalde hij de afgelopen maanden meermaals, in een poging zichzelf tot inzet van de verkiezingen te maken. Nochtans krijgt hij regelmatig de kritiek dat hij te afstandelijk is om een echte burgervader te zijn.

Landuyts uitdager Pol Van Den Driessche (N-VA) wil ook een tweede kans, nadat hij in 2012 moest afhaken als lijsttrekker vanwege beschuldigingen van seksuele intimidatie. Tot slot wil ook CD&V-kopman en huidig OCMW-voorzitter Dirk De fauw een herkansing. Zes jaar geleden greep hij nipt naast de sjerp omdat sp.a 163 meer stemmen haalde dan CD&V. Dit keer hoopt hij wel burgemeester te kunnen worden. Volgens een peiling van de Krant van West-Vlaanderen heeft De fauw ook veruit de beste kaarten.

Open Vld, op dit moment een pak kleiner dan de drie andere partijen, zou weleens sterk kunnen stijgen, onder meer door de komst van enkele N-VA'ers, onder wie voormalig lijsttrekker Ann Soete. Al is het onzeker of dat voldoende zal zijn om mee te besturen. Wellicht kunnen sp.a en CD&V hun meerderheid behouden. Of de rooms-rode coalitie doorgaat valt echter nog af te wachten. Of dat met dezelfde burgemeester zal zijn, is een nog groter vraagteken.

Uitdagingen voor Brugge

De Brugse economie doet het goed. Net als in alle centrumsteden steeg ook in Brugge de werkloosheidsgraad de afgelopen 10 jaar, van 4,9 procent in 2008 naar 6,1 procent in 2017, maar Brugge telt nog altijd het minste werklozen. Bruggelingen werken bovendien voornamelijk in eigen stad. Enkel Antwerpenaars pendelen nog minder naar het werk. Ook de Brugse winkels slagen er goed in om het hoofd boven water te houden. Van alle centrumsteden kent Brugge veruit het minste leegstand.

Net als andere centrumsteden noteerde Brugge de voorbije legislatuur een grote stijging van het aantal leerlingen voor wie Nederlands niet de thuistaal is, al blijft Brugge met voorsprong de meest 'autochtone' van alle centrumsteden. In het voltijds secundair onderwijs spreekt 6,8 procent thuis geen of weinig Nederlands, in het deeltijds beroeps is dat 10,4 procent. Brugge telt bovendien het minste vroegtijdige schoolverlaters van alle centrumsteden. Dat aantal daalde de laatste jaren ook nog.

De druk op de Brugse woningmarkt is groot. Met een gemiddelde prijs van 244.000 euro is Brugge bij de duurdere centrumsteden. Bij de appartementen spant Brugge zelfs de kroon. Gevolg is dat in het historische centrum nog amper mensen wonen. Om de wildgroei aan vakantiewoningen en een verdere stadsvlucht van gezinnen tegen te gaan, werden al in de jaren negentig maatregelen genomen. Die lijken te werken, want wie in Brugge woont, woont daar graag en is meestal niet van plan om snel te verhuizen.

Geen enkele centrumstad telt meer inwoners met een eigen fiets dan Brugge (89 procent). 60 procent van de Bruggelingen gebruikt zijn of haar fiets ook regelmatig. Al is ook de auto nog lang niet afgeschreven: nog altijd gaan iets meer Bruggelingen met de auto naar het werk dan met de fiets. Veel heeft ook te maken met de verkeersveiligheid. Zo vindt net niet de helft van de Bruggelingen (49 procent) dat kinderen zich zelfstandig en veilig kunnen verplaatsen in de stad.

Bruggelingen zijn trots op hun stad. Met 84 procent scoort Brugge het best van alle centrumsteden. Brugge geldt, samen met Mechelen, ook als de properste stad. Van alle centrumsteden voelen Bruggelingen zich ook het veiligst in hun stad (97 procent). Met andere woorden: de inwoners van Brugge hebben het goed in hun stad, en zijn dan ook niet van plan om die te verlaten. Enkel in Roeselare en Hasselt overwegen nog minder mensen om te verhuizen.

Met 19.700 euro per jaar ligt het gemiddelde inkomen in Brugge een heel stuk boven het gemiddelde (17.600 euro). Brugge is een van de financieel gezondste gemeenten van het land. De stad werkte de schuldenberg de afgelopen decennia geleidelijk aan weg. Brugge bespaarde, vooral door stadspersoneel dat op pensioen ging niet automatisch te vervangen. Tegelijk werd de voorbije jaren ook stevig geïnvesteerd, al merkt de oppositie op dat de kosten voor enkele van die grote projecten werden doorgeschoven naar de volgende legislatuur.

De Bruggeling is een sportieveling. De helft van de Bruggelingen (49 procent) doet aan sport. Enkel Roeselare telt meer sportclubs per 1.000 inwoners. Wat de sportinfrastructuur betreft, is er echter nog ruimte voor verbetering: enkel Aalst en Antwerpen hebben in verhouding tot het aantal inwoners minder sportvelden en -gebouwen. Oudere Bruggelingen vinden ook behoorlijk wat activiteiten op hun maat in hun buurt, al neemt de tevredenheid hierover, net als in de rest van de centrumsteden, af.

Van alle centrumsteden telt Brugge het minste plaatsen in woonzorgcentra en serviceflats. Toch is de Bruggeling best tevreden over het aanbod in de ouderenzorg. Wat de tevredenheid over de kinderopvang betreft, scoort Brugge zelfs erg goed. Het aanbod is dan ook groot: enkel Leuven telt meer plaatsen per 100 kinderen. Ook huis- en tandartsen zijn er voldoende, wat er voor zorgt dat Bruggelingen ook regelmatig naar de tandarts gaan. Enkel Hasselt doet beter.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden