Dinsdag 31/03/2020

Zware beroepen

Dossier zware beroepen: dit zijn de valkuilen

Wat gebeurt er met de treinbegeleiders en -bestuurders? Het is een van de grootste struikelblokken in het dossier van de zware beroepen.Beeld Wouter Van Vooren

Premier Charles Michel (MR) zwoegt voort op het dossier van de zware beroepen. Vertrekbasis is een ontwerptekst die pensioen- minister Daniel Bacquelaine (MR) opstelde, maar de Inspectie van Financiën is kritisch. Wat zijn de belangrijkste valkuilen?

1. Een overgangsperiode voor NMBS en leger van 20 jaar

Het voornaamste struikelblok aan de onderhandelingstafel: wat gebeurt er met de militairen en treinbegeleiders en -bestuurders? In het voorstel van Bacquelaine zouden zij een overgangsperiode kunnen genieten van twintig jaar. De Inspectie van Financiën, die het voorstel al tegen het licht hield, plaatst daar vragen bij. De redactie kon het document inkijken. Omdat de andere ambtenaren met een voordelige pensioenregeling een veel kortere overgangsperiode hebben, dreigt het gelijkheidsbeginsel geschonden te worden, klinkt het.

Toch geraakt de regering er niet uit. N-VA houdt vast aan die overgangsperiode bij het leger, maar niet bij de NMBS. Door de pensioenleeftijd voor militairen de komende jaren relatief laag te houden, kan de afslanking van het korps relatief pijnloos gebeuren. Niet toevallig leveren de Vlaams-nationalisten met Steven Vandeput de minister van Defensie.

Omgekeerd wil MR niet raken aan de voorgestelde regeling voor treinpersoneel. Minister van Mobiliteit François Bellot, een Franstalige liberaal, vreest spoorstakingen. Tegelijk wijst MR erop dat Bacquelaine zijn regeling heeft uitgewerkt in overleg met de sociale partners én Vandeput, die ook bevoegd is voor ambtenarenzaken.

Wie dient in het leger kan op zijn 55ste met pensioen, het zogenoemde 'rijdende personeel' bij de NMBS kan al stoppen op zijn 56ste. In het voorstel zou de pensioenleeftijd elk jaar met een half jaar worden opgetrokken.

Pensioenspecialiste Ria Janvier (UAntwerpen) begrijpt de redenering van het oorspronkelijke plan. "Om het verschil te overbruggen tussen een pensioenleeftijd van 55 en uiteindelijk 67, heb je tijd nodig. Je sloopt een heilig huisje nooit in één keer, je begint beter bij de dakpannen."

2. Wie een zwaar beroep heeft, krijgt niet altijd een hoger pensioen

Zelfs al heb je als ambtenaar een zwaar beroep, dan nog krijg je niet noodzakelijk een hoger pensioenbedrag. Dit is het punt waar de vakbonden op hameren, maar ook de Inspectie van Financiën stipt het aan. Wie vroeger stopt met werken, krijgt geen extra's. Het is pas vanaf het moment dat je langer doorwerkt dat je maandelijkse pensioenbedrag een bonus krijgt. In het huidige systeem, dat van de preferentiële tantièmes, ziet de ambtenaar sowieso zijn pensioen opgekrikt voor àlle gewerkte jaren, ongeacht het moment dat hij afzwaait.

De sprong die een ambtenaar met een zwaar beroep nadien kan maken is in verhouding wel behoorlijk groot: iemand met een pensioen van 2.000 euro die beslist om twee jaar langer door te werken, zou een maandelijkse bonus van 200 euro kunnen opstrijken.

Maar ook op andere vlakken is het regime van de zware beroepen minder voordelig dan het oude systeem. Enkel de gewerkte jaren zullen meetellen als zwaar beroep. Ziekte of ouderschapsverlof worden niet langer in rekening gebracht. Binnen de regering woedt nog een discussie of beroepsziekten wel worden opgenomen. Wat met iemand die door zijn zwaar beroep zijn rug heeft kapot gewerkt?

"Hen uitsluiten zou gewoon grof zijn", zegt Karin Temmerman, pensioenspecialiste bij oppositiepartij sp.a. "Dit is gewoon het gevolg van een budgettaire logica. De regering wil vooral besparen, terwijl er beter eerst gekeken wordt naar wie echt een zwaar beroep heeft gehad."

Pensioenminister Bacquelaine wijst de kritiek van de hand. "Iedereen die de komende jaren met pensioen gaat, zal geen pensioen verliezen, daar zal de regering nauw op toezien", zegt zijn woordvoerder Koen Peumans. Al wie nu al pensioenrechten heeft opgebouwd, zal die hoe dan ook behouden.

3. Mensen met een handicap krijgen pensioenvoordeel

Pensioenminister Bacquelaine doet een geste naar wie werkt en een handicap heeft. Afhankelijk van de zwaarte van de handicap zullen mensen met een beperking twee tot vier jaar vroeger kunnen stoppen met werken, ongeacht het beroep. "Voor hen is elk beroep zwaar", klinkt het in de regering.

Let wel, het moet een zware fysieke beperking zijn. Dit is geen twistpunt aan de regeringstafel, wel worden er nu volop berekeningen gemaakt om te kijken wie in aanmerking komt. Opvallend daarbij: als de persoon met een handicap bovendien echt een zwaar beroep heeft, mag die nog eens twee jaar vroeger stoppen. Momenteel bestaat er niet echt een specifieke pensioenregeling voor mensen met een beperking.

Beeld Artyom Geodakyan/TASS
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234