Maandag 16/12/2019

Pensioenen

De missie van Bacquelaine: zonder plan het mijnenveld door

Pensioenminister Daniel Bacquelaine (MR). Beeld BELGA

Te weinig overleg, te weinig visie en vooral te weinig passie. Pensioenminister Daniel Bacquelaine (MR) pakt de pensioenhervorming onverstoorbaar en in zijn eigen tempo aan. Maar geraakt hij zo aan de overkant van het mijnenveld? 

"Het pensioenbeleid is in totale verwarring." Frank Vandenbroucke, oud-pensioenminister voor sp.a en professor aan de Universiteit van Amsterdam, luidde deze week de noodklok. Samengevat: de belangrijkste socio-economische hervorming van deze regering dreigt fout te lopen.

Meteen wordt er naar de pensioenminister gekeken, de Franstalige liberaal Daniel Bacquelaine. Zonder veel voorkennis werd hij aan het begin van de legislatuur een mijnenveld in gestuurd. Achter de complexe miljardenoefening zitten mensen. Iedereen boven de 50 maakt de berekening: wanneer kan ik stoppen en wat hou ik over? Het bepaalt de rest van hun leven. Elke mogelijke maatregel heeft het potentieel om duizenden mensen de kast op te jagen.

En net dat heeft de regering deze week verkregen. Krijgt wie na zijn 50ste werkloos wordt minder pensioen? De verklaringen sprongen alle kanten uit. Het is niet de eerste keer. Vorig jaar was de verwarring compleet over het afkopen van studiejaren voor een hoger pensioen. 

Slecht werk?

Binnen de federale meerderheid klinkt kritiek. "Het beleid moet zorgvuldiger en duidelijker", zegt CD&V-pensioenspecialiste Sonja Becq. Ook de academische wereld trekt grote ogen. Pensioenexpert Yves Stevens (KU Leuven): "Als bezorgd burger heb ik me al verschillende keren in de haren gekrabd."

Maar levert Bacquelaine dan slecht werk? Er zijn sinds het begin van de legislatuur wel degelijk belangrijke en verregaande beslissingen genomen. Het wettelijke pensioen werd opgetrokken van 65 naar 67, het ambtenarenpensioen werd grondig onder handen genomen en de tweede pijler ziet er fundamenteel anders uit (zie onderaan). 

Steeds heeft de regering twee doelen voor ogen: de verschillen die bestaan tussen ambtenaren, werknemers uit de privé en zelfstandigen moeten worden verkleind. Tegelijk moet wie werkt beter beloond worden in zijn pensioen dan wie niet heeft gewerkt. 

De resultaten laten zich ook voelen, zo tonen de rapporten van de Vergrijzingscommissie aan. Voor de start van de regering-Michel zouden de pensioenkosten van 10,6 procent van het bbp stijgen naar 14,7 procent in 2060. Volgens de berekeningen van afgelopen zomer is dat teruggebracht naar 12,5 procent in 2060. De kosten stijgen minder fel, voornamelijk door het optrekken van de wettelijke pensioenleeftijd.

Kwaliteit

Geen enkel probleem dan? Volgens een Europees rapport gaat de kwaliteit van de pensioenen in ons land erop achteruit, signaleert Olivier Pintelon, medewerker van de linkse denktank Minerva. "Vooral de afschaffing van de pensioenbonus heeft een sterke impact op de pensioenafspraken", schrijft hij in een opiniestuk op Knack.be. Die bonus gaf een extraatje voor wie langer werkte. 

Dat de regering deze maatregel afschafte, raakt de essentie, zo luidde Vandenbrouckes analyse. Was het nu net niet de bedoeling van de regering om mensen aan te moedigen langer te werken? Als hij het heeft over een pensioenbeleid dat in "totale verwarring" is, dan gaat het ook daarover. De regering kondigt de ene na de andere maatregel aan, maar de coherentie ontbreekt. Bovendien loopt het al te vaak fout in de uitwerking.

Denk daarbij ook aan de hervorming van de diplomabonificatie, waarbij ambtenaren pensioenrechten opbouwden voor de jaren die ze gestudeerd hadden. Bacquelaine maakte het systeem betalend voor alle beroepsgroepen, waarmee hij het de facto afvoerde wegens te duur en oninteressant.

Maar het draaide in de soep. Hij hanteerde in de overgangsperiode zodanig voordelige tarieven dat de regering een stormloop vreesde. Wie ging die hogere pensioenen allemaal betalen? De maatregel moest een paar maanden later worden bijgestuurd. Enkel studiejaren na de 20ste verjaardag konden voordelig worden afgekocht. Slotsom: verwarring troef.

Meer dan twee jaar

Een ander voorbeeld is de verhoging van de pensioenleeftijd. Die zou hand in hand gaan met een pensioenregeling voor de zware beroepen. De filosofie was: we vragen iedereen om langer te werken, maar vragen niet het onmogelijke van wie zwaar labeur verricht. 

Die discussie sleept intussen al meer dan twee jaar aan. Maandag staat een ultieme vergadering op het programma, waar bonden en werkgevers zullen vaststellen dat ze er niet uitgeraken.

Waar loopt het dan fout? "Ik mis leiderschap", verklaart Vandenbroucke. "Iemand die de boel op sleeptouw kan nemen." Dezelfde kritiek duikt op bij sociale partners, experts en zijn eigen meerderheid.

Met de sociale partners wordt overlegd in het Nationaal Pensioencomité (NPC), het orgaan speciaal opgericht om de grote hervormingen te begeleiden. De gesprekken over de zware beroepen hebben nog maar weinig opgeleverd, onder meer omdat de bonden erg defensief onderhandelen. Maar tegelijk voelen bonden en werkgevers zich niet gerespecteerd. "Formeel worden we gehoord, maar de regering doet haar zin", klinkt het aan beide kanten.

Bacquelaine toont zich te weinig persoonlijk betrokken, klinkt het. "We hebben de minister nog nooit gezien op al die vergaderingen", zeg Miranda Ulens van de socialistische vakbond ABVV. "Ook daarbuiten niet trouwens. Het is altijd met zijn kabinetsmedewerkers te doen. Dat maakten we zelfs niet mee met Alexander De Croo en Vincent Van Quickenborne (beiden Open Vld, RW) toen die pensioenminister waren."

Gebrek aan terreinkennis

Bacquelaines voorgangers investeerden veel meer in hun contacten, ze smeten zich. Niet enkel investeerden ze meer in het middenveld, maar ook in de academische wereld, grote consultancybureaus en andere experts die met beide voeten in de praktijk staan. "We werden regelmatig gepolst en zo meteen in bad getrokken. Ook zo werk je aan het draagvlak", zegt een betrokkene. "Bacquelaine hoor ik hoegenaamd niet. Ik had hem meteen kunnen waarschuwen voor de gevaren van het afkopen van studiejaren."

Bacquelaine bouwt in de eerste plaats op formele overlegorganen. Naast het NPC, is er de Academische Raad, de opvolger van de commissie-Vandenbroucke die in 2014 het pensioenrapport schreef dat nu als referentie geldt. Daarnaast is er het Kenniscentrum voor Pensioenen, verbonden aan het Planbureau. 

"Die instellingen heb ik opgericht", zegt de minister daar zelf over. "Ik wil die ook respecteren en geen parallel circuit openen." Maar de verhoudingen met Vandenbroucke en co. zijn al langer gespannen en het kenniscentrum voert berekeningen uit en geeft geen eigen advies. Voor beide instanties geldt: ze vertrekken vanuit theoretische beschouwingen.

Door het gebrek aan terreinkennis trapt hij af en toe op een mijn. De meerderheid is intussen beducht en houdt hem scherp in de gaten. "Bij elke maatregel laten we alles van voor tot achter berekenen, maar soms blijft er een val openstaan", zegt N-VA-pensioenspecialist Jan Spooren.

Kneusje

Politiek hoef je Bacquelaine niets meer te leren. Als absolute vertrouweling van MR-zwaargewicht Didier Reynders is zijn positie als minister niet in gevaar. Hij is ook nooit het kneusje geweest van de regering, in tegenstelling tot zijn liberale collega's Jacqueline Galant en Hervé Jamar die vervroegd konden beschikken.

Wat hem wel kwetsbaar maakt: hij laat zich nauwelijks opmerken, zeker in de Vlaamse media. Zijn kennis van het Nederlands is onbestaande en af en toe is hij in het parlement nonchalant. Meer dan één keer verwees hij tijdens een exposé naar verkeerde tabellen of studies. Zijn grootste uitschuiver was toen hij twee jaar geleden in het parlement verklaarde dat er "bij zijn weten" geen indexsprong was geweest voor de pensioenen.

"Hij kent zijn dossiers wel degelijk tot in de puntjes", zegt Open Vld'er Vincent Van Quickenborne, zelf voormalig pensioenminister. "Maar soms mist hij die extra passie om ze vol te gaan verdedigen. En misschien is net dat nodig om een draagvlak te creëren voor zo'n belangrijke hervorming."

Dat hij zich liever op de achtergrond houdt, speelde hem afgelopen week ook parten. Al te gemakkelijk werd er over hem heen gewalst. Zijn maatregel over de 50-plussers werd in twijfel getrokken, hoewel verschillende meerderheidsbronnen nu discreet aangeven dat hij daar wel degelijk groen licht had gekregen.

"Ik werk in alle rust en orde", zegt Bacquelaine zelf. "Ik heb in drie jaar, meer gerealiseerd dan de twintig voorbije jaren samen. Pensioenen zijn een complexe materie, met veel valkuilen. En dat levert soms kritiek op. Maar dat is beter dan niets doen."

Winnaars en verliezers

En hij blijft ambitieus. Tegen eind dit jaar wil hij knopen doorhakken over de zware beroepen. "Zijn politieke kapitaal staat op het spel", zegt Luc Hamelinck van de christelijke vakbond ACV. "Hier moet hij gewoon met iets naar buiten komen of hij kan niet langer verantwoorden waarom de pensioenleeftijd is opgetrokken." 

Opnieuw wacht hem een moeilijke evenwichtsoefening, met winnaars en verliezers. Welke beroepen zullen wel en welke niet erkend worden? Of komt er een regeling met enkel heel algemene criteria, zoals nachtwerk en ploegenarbeid? De gemeenteraadsverkiezingen komen steeds dichterbij, waardoor politici liever helemaal geen verliezers zien. Raakt deze maatregel nog rond?

En dan is er nog het pensioen met punten, het ultieme uitgangspunt van de regering. In dat systeem zou de hoogte van je pensioen berekend worden op basis van criteria als de gemiddelde levensduur, de bevolkingssamenstelling en de economische context. 

Bonden en werkgevers zien het systeem helemaal niet zitten, toch mogen zij vanaf volgende week het debat over het thema beginnen. "We staan nog helemaal nergens", zegt Caroline Deiteren, onderhandelaar voor Unizo. "We hebben twee jaar verloren." Met nog anderhalf jaar voor de boeg, is de timing sowieso erg krap om én sociaal overleg te plegen én een politiek akkoord binnen de regering te sluiten én de wetteksten door het parlement te krijgen.

***

Wat heeft deze regering al beslist?

Klaar

• optrekken wettelijke pensioenleeftijd van 65 naar 67 in 2030

  vervroegd pensioen is vanaf 2019 pas mogelijk vanaf 63 jaar en 42 jaar carrière

 nieuwe regels rond het minimumrendement van groepsverzekeringen en pensioenfondsen

 studiejaren van ambtenaren tellen niet langer automatisch mee voor pensioenopbouw

 verhogen van minimumpensioenen voor zelfstandigen en in de privésector

 gepensioneerden kunnen onbeperkt bijverdienen

 samenvoegen van de verschillende pensioendiensten voor meer efficiëntie 

 afschaffing pensioenbonus

Bijna klaar

• minder voordelige pensioenrechten voor ambtenaar die op het einde van zijn carrière vast benoemd wordt

 beloning voor wie langer dan 45 jaar werkt, vroeger viel de teller stil op dat punt

Niet klaar

 regeling voor zware beroepen 

 pensioen op punten 

 uitwerken van deeltijds pensioen 

 uitwerken van aanvullend pensioen, zonder tussenkomst werkgever

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234