Zaterdag 25/01/2020

Politiek

De implosie nabij: hoe de PS al langer in een neerwaartse spiraal zit

Yvan Mayeur moest opstappen als Brussels burgemeester. Beeld Wouter Van Vooren

Het verhaal van de val van Brussels burgemeester Yvan Mayeur is evengoed dat van een PS-apparaat dat implodeert. Wie trekt de Franstalige socialisten nog uit deze malaise?

Een gebrek aan legitimiteit. Nog voor zijn aantreden als burgemeester Yvan Mayeur (57) was duidelijk dat hij één groot probleem had. Hij dankte zijn positie aan de PS-structuren. Hij sloot allianties en bondgenootschappen, waardoor hij incontournable werd. Nu zijn partij in een systeemcrisis verkeert, is ook zijn verhaal uit.

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2012 had Mayeur, toen OCMW-voorzitter, amper 2.662 voorkeursstemmen behaald. De PS had campagne gevoerd voor zittend burgemeester Freddy Thielemans, die dubbel zoveel stemmen kreeg. Thielemans trok er na een jaar een streep onder in het voordeel van Mayeur.

“Hij heeft evenveel stemmen gehaald als de eerste schepen van Bastogne (een stadje van 15.000 zielen, LD/RW)”, liet cdH-voorzitter Benoît Lutgen in die periode optekenen. “Hij beschouwt de Brusselaars als zijn lijfeigenen.” Mayeur had het cdH van Brussels stemmenkanon Joëlle Milquet naar de oppositiebanken verwezen, ondanks een electoraal voorakkoord.

Door de afspraken met de humanisten op te blazen en met de liberale MR in zee te gaan, joeg Mayeur niet alleen Milquet tegen zich in het harnas. Vooral zijn oude vete met toenmalig premier Elio Di Rupo dreef hij op de spits. Tussen Mayeur en Di Rupo, die het prima kon vinden met de cdH-coryfee, zou het nooit meer goed komen.

De ruzie, die bijna op de straatstenen uitgevochten werd, wees op een karaktertrek die Mayeur van meetaf parten speelde: hij heet, zeggen ook bronnen die hem persoonlijk kennen, “rancuneus”.

Selfmade man

De zoon van een drukkerij-arbeider en een verkoopster is een selfmade man. Hij heeft jarenlang aan de weg getimmerd had en privéles management gevolgd bij een prof aan Solvay. Hij heeft er hard voor moeten knokken en staat op zijn verdiensten.

Zo ook in 2008, toen Di Rupo als PS-voorzitter een federaal staatssecretaris voor Armoedebestrijding mocht aanstellen. Mayeur dacht – niet onterecht - dat hij over de ideale kaarten beschikte. Zijn opleiding, maar vooral het feit dat hij al sinds 1995 aan het hoofd stond van het Brusselse OCMW en het daaronder ressorterende Sint-Pietersziekenhuis: het kon tellen als geloofsbrief.

Althans, dat is wat Mayeur hoopte. Toch verkoos Di Rupo hem niet als staatssecretaris, wel de nobele onbekende Frédéric Laloux, die al snel werd opgevolgd door de niet minder discrete Jean-Marc Delizée.

Mayeur zou het er niet bij laten. Hij wilde revanche op het Brusselse niveau. Om de sjerp van Thielemans over te nemen, rekende hij af met Philippe Close, de absolute vertrouweling van Di Rupo en gedoodverfde opvolger. Dat Close zijn rivaal nu alsnog mag aflossen, draagt dan ook enige ironie in zich. De hoffelijke woorden van Close over zijn gevallen voorganger zijn schone schijn: de vijandschap tussen beide heren is er een voor het leven. 

Steun van Onkelinx

Mayeur, sinds 1995 OCMW-voorzitter, bouwde gestaag aan zijn machtspositie. Hij sloot allianties, zocht medestanders tot in de verste tentakels van de partij. “C’est un vrai apparatsjik”, zegt een hoge Brusselse partijmandataris. “Zijn netwerk duwde hem omhoog.” En minstens even belangrijk: hij had de steun van de nummer één van de Brusselse PS, zijn oude vriendin Laurette Onkelinx. Sinds ze eind jaren 80 samen in de Kamer kwamen, verstaan de twee elkaar blindelings.

De strijd om het stadhuis was een exponent van de oude spanningen tussen donkerrode en de meer gematigde, sociaal-democratische socialisten, de eeuwige spreidstand waar vandaag de ooit zo machtige Franse PS ook aan ten onder gaat.

Jarenlang was er de clanoorlog tussen de toenmalige Molenbeekse burgemeester Philippe Moureaux, een 'marxist', en Charles Picqué, de gematigde minister-president van het Gewest. Beiden hebben intussen een stap teruggezet, maar de oude tegenstellingen blijven.

Zo was het niet toevallig huidig minister-president Rudi Vervoort (en lid van de clan-Picqué) die PS’er Mayeur opriep om “zich te bezinnen over zijn functie”. Hij luidde zo het ontslag in van de man die ooit Moureaux zijn “politieke vader” noemde.

Let wel: Mayeur zomaar indelen in het kamp bij Moureaux is te eenvoudig. “Hij is zijn carrière bij mij begonnen”, beaamt de Molenbekenaar. “C’était un jeune pousse, een opkomend talent. Een intelligent man met het juiste karakter. Ideologisch kwamen we goed overeen destijds. Nu is dat anders, we zijn uit elkaar gegroeid.”

Clivant

Er is een persoonlijk feit. Toen Mayeur de cdH uit het Brusselse bestuur wipte in 2012, revancheerde Joëlle Milquet zich door in Molenbeek de MR te steunen in een coalitie tegen Moureaux. De rokade van Mayeur heeft de Brusselse PS zo ten diepste verdeeld. 

Andere conflictstof is Mayeurs houding tegenover moslims. Toen de burgemeester zich in deze krant liet ontvallen dat de Brusselse moskeeën “bijna allemaal beheerd worden door salafisten”, zette dat veel kwaad bloed, ook bij Moureaux. Een nieuwe, gapende kloof tekent zich binnen de PS: die tussen vrijzinnige radicalen en pluralisten.

En dan is er nog iets, zegt Moureaux “De laatste jaren heeft Yvan een autoritair kantje gekregen. Daar hou ik niet zo van.” Hij zoekt het conflict op, gaat niemand uit de weg.

Mayeur is, zoals dat in het Frans zo treffend wordt gezegd, clivant: de scheiding tussen voor- en tegenstanders is scherp, op zijn best is de burgemeester in het conflict. “Ik heb aandacht nodig om stemmen te krijgen”, zegt Mayeur zelf op zeker ogenblik. En als dat via een relletje meer of minder is, dan is dat maar zo.

Verlicht despoot

Eind 2013. Mayeur is nog niet eens burgemeester geworden of zijn opvolgster aan de Hoogstraat komt in nauwe schoentjes. De vrouw in kwestie, Pascale Peraïta, een jeugdvriendin van de PS'er en dezelfde dame die hem vandaag in haar val meesleept, blijkt niet enkel een riant salaris op te strijken, ze woont ook nog eens in een OCMW-flat.

Yvan Mayeur verdedigt Peraïta, “die dag en nacht, en in het weekend, met hart en ziel aan de slag is”. Hij ontkent ook dat ze buitenproportioneel vergoed werd. Onder druk van pers en opinie, maar met frisse tegenzin, verlaat Peraïta uiteindelijk haar woning.

De storm gaat liggen, maar de toon is gezet. Yvan Mayeur, de onverkozene, krijgt de reputatie van een verlicht despoot. “Alles voor, niets door het volk.” Het is niet alleen dat. Zijn koppigheid en de eenzaamheid van zijn macht doen hem, in de ogen van veel Brusselaars, zijn werkelijkheidsgevoel verliezen. Mayeur, de vader van de anders alom gewaardeerde Samusocial, is blingbling, zo heet het, gauche caviar, ijdel vooral.

“Le Sarkozy des pauvres”, vindt een inwoonster van de Marollen. Brussel is de grootste gemeente van het Gewest, een flink deel van het politieke drama dat zich onder Mayeur ontspint, en dat hem nu de nek gekost heeft, vindt hier, in de volkswijk aan de voet van het Justitiepaleis zijn oorsprong. In de Marollen, waar hijzelf lange tijd woonde en werkte, bevindt zich immers de zetel van het Brusselse OCMW.

“De laatste keer dat ik hem hier op straat gezien heb, stond een of ander blad modefoto's van hem te maken”, herinnert zich een handelaar op het Vossenplein. “Kreukvrij hemd, schoenen keurig gepoetst, zijn jasje nonchalant over de schouder. 'Een stap naar voor, eentje naar achter.' En Mayeur die netjes gehoorzaamde! Die keer wél. Want ja, hij wilde per se le beau gosse uithangen, en moeders mooiste zijn.”

Autovrij gebied

Als hoogmoed voor de val komt, dan mag Mayeurs burgemeesterschap een treffende illustratie zijn. Hoewel Mayeur zin voor humor heeft en best wel in is voor een grap tussen pot en pint, is hij er op geen enkel moment in geslaagd dat aspect van zijn persoonlijkheid uit te spelen. In de beeldvorming hebben zijn door vriend en vijand erkende professionalisme, dossierkennis en intelligentie het altijd moeten afleggen van norse uithalen en stuurse blikken.

“Als hij een idee in het hoofd had, dan kreeg je dat er met geen stokken uit,” getuigt een bron. “Hij kon naar je luisteren, maar liet zich zelden overreden.”

Een PS-zwaargewicht bevestigt: “De piétonnier is het beste voorbeeld. Hij heeft een goed idee daar de nek omgewrongen door mordicus zijn wil door te drijven. Hij is vergeten hoe hij moest luisteren naar de mensen.”

Het hoge woord is eruit, de voetgangerszone. Het autovrije gebied dat de burgemeester in 2015 liet aanleggen tussen het De Brouckère- en Fontainasplein, en dat de trofee had zullen worden waarmee hij volgend jaar naar de kiezer hoopte te trekken, werd de grootste bluts in het al gehavende blazoen van Mayeur.

Op papier, of op de blitse promofilmpjes die de stad liet maken, oogde alles mooi. Principieel waren de Brusselaars ook niet tegen: de Centrale Lanen dienden opgeschoond, het erg vervuilende verkeer moest weg, voor het eerst sinds 20 jaar lag er ten minste een plan voor.

Het probleem zat veeleer in de aanpak, het gevoel dat de piétonnier bewoners en handelaars door de strot geramd werd, zonder veel transparantie of overleg. Vuilnis, onveiligheid, klanten die het lieten afweten, vertraging op de officiële kalender: burgemeester Mayeur bracht een stuk of wat correcties aan maar bestempelde critici – in een notoir interview met televisiezender BX1 – als “cons” of “van slechte wil”. In meerdere handels- en horecazaken werd Mayeur persona non grata, en dat is hij ook gebleven.

Nationaal profileren

In de coulissen van de socialistische macht werd intussen de tweedracht scherper. In de strijd om het leiderschap in Brussel moest minister-president Vervoort de 'hyperburgemeester' vaak laten voorgaan.

“Mayeur is doordrongen van de suprematie van de stad Brussel,” zegt een ingewijde. Meer nog, in discussies over de rol van stad en Gewest zou de burgemeester zich weleens hebben laten ontvallen dat “de stad Brussel al meer dan 1.000 jaar bestaat. En het Gewest? Enkele decennia.”

Alleszins is het Brusselse burgemeesterschap een baan met macht en aanzien. Wie mag immers de Parijse mairesse Anne Hidalgo ontvangen? Wie regelt het bezoek van Donald Trump of Angela Merkel? Voor slechts 170.000 inwoners krijgt de baas van de Belgische hoofdstad flink meer middelen dan eender welke andere stad. Mayeur hoopte van die status te profiteren door zich ver over de gemeentegrenzen te laten gelden. Ook Samusocial was een manier om in het hele Gewest macht af te dwingen. Nu de organisatie alsnog onder de hoede van Vervoort komt, keert ze terug naar het niveau waar ze thuishoort.

Als burgemeester van Brussel wilde hij zich ook nationaal profileren. Meer dan eens stak Mayeur zijn eigen partijvoorzitter links voorbij in zijn uithalen naar de N-VA, met name naar minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon.

Toen die laatste eind 2014 een kerststronk wou overhandigen aan de Brusselse politie, gaf Mayeur hem nul op het rekest. Daar was een reden voor: een maand eerder had de minister een onderzoek gelast naar het uitblijven van politionele versterking op een betoging tegen de federale regering waarvan het einde uit de hand gelopen was. Ruim honderd agenten raakten gewond. Mayeur, die een open brief van de politie had gekregen, was kop van Jut.

Rabiater nog, maar zeker dat hij hier bij de eigen achterban mee kon scoren, toonde de burgemeester zich in 2016, na de aanslagen van 22 maart. Toen rechtse hooligans een herdenkingswake bij de Beurs verstoord hadden, zei Mayeur : “Het is Vlaanderen dat met zijn extremisten Brussel kwam bevuilen, de aanhang van de N-VA en Bart De Wever.” Pas na de nodige commotie verontschuldigde de PS'er zich.

Graaischandaal

Intussen wist de burgemeester zijn macht gestaag verder uit te breiden. Niet alleen was hij intussen ook voorzitter geworden van het Brusselse nutsbedrijf voor watervoorziening Vivaqua, een jaar geleden kwam hij aan het roer te staan van Brussels Major Events – het hoofdstedelijke evenementenbureau dat hij oude rivaal en schepen Close afhandig maakte. “Quand Mayeur a faim, il mange”, zo stelde in juni 2016 La Libre-collega Mathieu Colleyn.

Die niet te stillen honger, gekoppeld aan evidente normvervaging, zou uiteindelijk 's mans noodlot worden. Na de zaken-Publifin en -Nethys in de regio Luik zit, dankzij Mayeur, ook de Brusselse PS met een graaischandaal.

“Maar dit is niet alleen Mayeur, hé,” zegt de Gentse politicoloog Carl Devos. “Binnen de PS bestond een heus systeem om dit soort praktijken oogluikend toe te laten.” Hetzelfde bleek begin dit jaar bij het uitbarsten van het Publifin-schandaal in Luik.

“Er heerste een cultuur om politici via publieke mandaten een bijverdienste te geven. Het verschil met Publifin is dat het in Brussel niet om een rijke intercommunale ging, wel om een organisatie voor de allerarmsten, die mensen voor wie de PS juist zegt op te komen. Hun zijn tienduizenden euro's ontzegd die in de zakken van een kleine groep politici verdwenen die het geld niet nodig hadden.”

Toch verklaart Samusocial op zich Mayeurs neergang niet. De burgemeester beet in het zand omdat hij de steun van zijn partij kwijt was. Of correcter, omdat de partij te verdeeld bleek om nog als een man achter hem te staan. Hij had te veel vijanden gemaakt, de vermolmde partijstructuren waren niet meer in staat om hem overeind te houden. Ook Onkelinx niet, die hem als laatste nog bleef verdedigen.

De druk van de militanten was groot, het contrast met de wereldvreemdheid van de PS-elite schrijnend. “Dat uitgerekend het advocatenkantoor van de man van Onkelinx, Marc Uyttendaele, het onderzoek naar Samusocial nog wilde afblokken, is de beste illustratie van het feit dat de PS elke gezonde reflex kwijt is”, zegt Devos. “En dat beeld is nu echt wel gevestigd.”

En waar zit Di Rupo? Net als in Luik aarzelt hij om in te grijpen tot het echt niet anders kan. Opnieuw toont hij zich machteloos om meteen komaf te maken met de schandalen in zijn partij. Devos: “Zijn positie is in het gedrang. Er moet nieuw leiderschap komen. Als de partij met uiterst strenge regels afkomt, zoals ook de sp.a die nu toepast, dan kan de PS misschien nog enige damagecontrol uitoefenen.”

Doet ze dat niet, dan ziet het er barslecht uit voor 2018. In Wallonië, maar zeker ook in Brussel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234