Donderdag 17/10/2019

Europa

De Europeanen zien de Europese Unie weer een beetje zitten

Waarom is de EU populair onder de Poolse bevolking, maar niet bij de regering? En waarom is dat bij de Grieken net andersom? Onderzoek leert dat elke lidstaat zijn eigen relatie met Brussel heeft: een combinatie van historie, welvaart én subsidies.

In welke lidstaten Brussel het populairst is? Daar is geen simpel antwoord op te geven, zegt Jan Zielonka, hoogleraar Europese politiek in Oxford. “Daarvoor moet je eigenlijk een lange periode heel regelmatig peilingen houden. En die worden nu vaak door de EU zelf geïnitieerd, daarom wantrouw ik ze. Zou u een opinieonderzoek over het milieu vertrouwen dat is uitgevoerd door het aardgasbedrijf Gazprom?”

Toch durfde politicoloog Catherine de Vries het onlangs aan om in haar oratie aan de VU Amsterdam conclusies te trekken over het imago van de EU in verschillende lidstaten. Zij gebruikt daarbij de metafoor van een caleidoscoop. “Net als bij een caleidoscoop is het beeld dat burgers zich van Europa vormen een weerspiegeling,” zei ze, “een weerspiegeling van de nationale omstandigheden waarin ze zich bevinden.”

Of het goed of slecht gaat met een land bepaalt dus de blik op Brussel. En daarbij lijken inwoners zich niet veel van hun politici aan te trekken. 

Neem Polen, dat sinds 2004 lid is van de EU. Liggen Warschau en Brussel voortdurend met elkaar op ramkoers, onder ‘gewone Polen’ is de EU enorm populair, merkt de Poolse communicatiewetenschapper Helena Chmielewska-Szlajfer. De voordelen van het lidmaatschap voor Polen – grootste netto-ontvanger van EU-geld – zijn volgens haar heel zichtbaar in het dagelijks leven. “In dorpen en steden is de laatste vijftien jaar veel geld gepompt. Er zijn wegen aangelegd, gebouwen opgetrokken en sportvelden uit de grond gestampt. Je struikelt over de bordjes waar ‘medegefinancierd door de EU’ op staat.”

De elite en de massa

In Griekenland – al vanaf 1981 EU-lid – lijkt juist het omgekeerde het geval. Daar staan de meeste politici wel positief tegenover Brussel, maar het grote publiek juist heel sceptisch, zegt Kevin Featherstone, directeur van het Hellenic Observatory in Londen. “Er bestaat een duidelijk verschil tussen de elite en de massa.”

Aanvankelijk waren de Grieken juist heel enthousiast over de EU. “Ze hadden het gevoel dat ze door het lidmaatschap in het hart van Europa terechtgekomen waren en voelden echt liefde voor de EU.”

Het land stond in de jaren 90 bovenaan in de lijst van landen die positief naar Brussel keken. “Nu staat het zelfs lager dan Groot-Brittannië.” 

Zo’n val in populariteit is niet eerder vertoond, zegt Featherstone, “in geen enkele lidstaat, in welke periode dan ook”. De belangrijkste oorzaak is volgens hem de crisis waar de Grieken vanaf 2010 mee te maken kregen en vooral de maatregelen die Brussel daarop trof. “Ze hadden het gevoel dat de bezuinigingen hun van buitenaf werden opgelegd. Ze gingen de EU zien als rigide en ongevoelig.”

Slachtofferschap

Het zat wel meer landen in die tijd economisch tegen. Zo maakten ook de Portugezen een crisisperiode door. Toch kijkt nog altijd 53 procent van de Portugezen positief naar de Europese Unie, van de Grieken is dat slechts 25 procent. 

Het verschil verklaart Featherstone toch ook vanuit de opstelling van de Portugese politici destijds. “De regering en de oppositie voelden een gezamenlijke noodzaak om uit de crisis te komen en een verantwoordelijkheid om hervormingen door te voeren. In Griekenland overheerste juist het gevoel van slachtofferschap. ‘We worden gedwongen en hebben geen keus’, was de dominante gedachte. Niet alleen in Griekenland, maar in de hele Balkan is het gevoel slachtoffer te zijn van internationale machtsspelletjes historisch gezien diepgeworteld.”

Wie denkt dat de inwoners van EU-lidstaten die de financiële crisis wél goed zijn doorgekomen ook positief naar Brussel kijken, komt volgens De Vries bedrogen uit. Kritiek op de EU is juist ook te horen in landen als de Benelux, Groot-Brittannië en Oostenrijk. “Als het goed gaat met je land, dan denk je eerder dat dat buiten de Europese Unie ook wel zo zou zijn.”

Zo valt volgens De Vries te verklaren dat ondanks alles een meerderheid van de Grieken toch liever lid van de EU en de eurozone blijft, maar een meerderheid van de Britten – in elk geval in eerste instantie – de sprong in het diepe durft te wagen.

Eurobarometer

De EU is weliswaar niet in alle lidstaten even populair – of ze nu in het oosten of het westen liggen, het voor de wind gaat of niet –, de Europeanen kijken als geheel wel positiever tegen Brussel aan dan een paar jaar geleden. Zo’n 43 procent is optimistisch, het hoogste percentage van de afgelopen tien jaar.

Dat cijfer komt wel van de Eurobarometer, ‘de thermometer’ die de Europese Commissie hanteert om de temperatuur bij de verschillende leden op te nemen.

Kleine meerderheid Belgen vindt dat EU niet goede kant opgaat 

Volgens de laatste Eurobarometer voor de Europese verkiezingen, deze lente samengesteld, vindt een kleine meerderheid van de Belgen (53 procent) dat het met de EU niet de goede kant op gaat. Het aandeel van de pessimisten is wel 8 procent gedaald tegenover de vorige bevraging in de herfst van vorig jaar.

Ons land reageert in het algemeen ook gepolariseerd op de Brusselse instellingen. Gevraagd welk ‘gevoel’ de EU oproept, zegt 49 procent Belgen ‘totaal positieve emoties’ te hebben, maar 42 procent geeft ‘totaal negatieve emoties’ aan. Daarbij scoren we lager dan het Europese gemiddelde: 55 procent zegt positief te zijn, 38 procent negatief. Ook erkent slechts 24 procent van onze landgenoten ‘vertrouwen’ te hebben in de EU, terwijl 38 procent ‘twijfels’ aangeeft. De bevraging werd voor ons land uitgevoerd door het peilingbureau Kantar TNS bij een representatief staal van 1.009 respondenten.

De thema’s die ons beroeren zijn ook veranderd tegenover eind vorig jaar, maar liggen in lijn met de politieke actualiteit. Belgen vinden de klimaatverandering nu het belangrijkste politieke thema, voor migratie en terrorisme. We delen die bevinding met de burgers van zes andere lidstaten: Zweden, Nederland, Denemarken, Finland, Luxemburg en Duitsland.

Zeven op de tien van de ondervraagde Belgen zeggen ook bezorgd te zijn over ‘de groei van protestpartijen’ in Europa, meer dan het Europese gemiddelde (61 procent). (MR)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234