Woensdag 16/10/2019

Stadsrapport

Aalst/Oilsjt/Alost: hoe de carnavalsstad omgaat met de vele Franstalige nieuwkomers

De Afrikaanse gemeenschap groeit in Aalst. Beeld Wouter Van Vooren

Aalst is Oilsjt: een prettig gestoorde carnavalsstad in de Dendervallei. Maar Aalst is ook Alost: een thuisstad voor duizenden Franstalige inwijkelingen, vooral vanuit Brussel. Dit zorgt voor kansen en problemen. "Mijn ogen gingen open: kinderen uit het vierde leerjaar verstonden me niet in het Nederlands."

Waarom ze zo graag in Aalst wonen? Hetzelfde huis kost er honderdduizend euro minder dan in Anderlecht of Vorst, in de scholen is er voldoende plaats (al wordt het ook hier stilaan krap) en de treinverbinding met hun oude thuisstad Brussel is uitstekend. In een halfuur sta je in het station van Brussel-Centraal.

Steeds meer Brusselaars wijken uit naar Aalst. Voornamelijk Brusselaars afkomstig uit Zwart-Afrika. Uit Congo, Rwanda, Uganda. Theo Nsengimana (43) is een van hen. Twintig jaar geleden zat zijn oom aan boord van het neergeschoten vliegtuig van de Rwandese president Habyarimana, een aanslag die het startpunt werd van de Rwandese genocide. Nsengimana moest vluchten en belandde via Brussel en Gent uiteindelijk in Aalst. 

"Mond-tot-mondreclame doet wonderen", glimlacht hij. "Mensen uit de Afrikaanse gemeenschap vinden het hier prima wonen. Brussel is niet ver – de meesten werken er in tehuizen, ziekenhuizen of als taxichauffeur – maar de sfeer in Aalst is gemoedelijker. De kinderen opvoeden lukt hier beter. Er zijn ondertussen al Afrikaanse winkeltjes en kapsalons."

Verbrusseling

Oorspronkelijk stond het woord 'verbrusseling' voor het opzettelijk laten verkommeren van prachtige gebouwen om ze daarna plat te gooien en door moderne bouwsels te vervangen. Een bouwkundige dans der vernietiging. Vandaag is het woord van betekenis gewisseld en staat verbrusseling voor de gestage uitbreiding van de hoofdstad. Brussel slaat zijn grootstedelijke vleugels steeds verder uit. Tot in de Rand: Zaventem, Grimbergen, Asse, Dilbeek. Maar ook tot in de Denderstreek: Aalst, Denderleeuw, Ninove, Liedekerke. Plots maakt klein-Vlaanderen van dichtbij kennis met de wereld. Soms vlot het goed, soms minder.

Michel Van Brempt (67) staat in Aalst bekend als carnavalist bij de Moikes, zelfstandige en het boegbeeld van de plaatselijke Vlaams Belang-afdeling. Een anekdote die hij graag vertelt: "Je moet niet geboren zijn in Aalst. Ik ben zelf niet eens van hier. Wat telt is de mentaliteit. Je moet Aalstenaar willen worden. 

"Een vriend uit Poperinge is hier na zijn studies komen wonen. Zes maanden later was hij al weg. Hij kon hier niet aarden. 'Ze lachen mij allemaal uit', kwam hij klagen. 'Proficiat', zei ik hem, 'dat is net het teken dat je erbij hoort in Aalst. Maar die eigenaardige mentaliteit, die bourgondische cultuur, is in ijltempo aan het verdwijnen."

Van Brempt ziet maar een oorzaak hiervoor: de vele nieuwkomers die volgens hem te weinig integreren. "Bij de vorige verkiezingen, in 2012, hebben wij met Vlaams Belang gewaarschuwd voor de negatieve effecten van de verbrusseling", vertelt hij. "De rest wou niet luisteren en nu zitten we met een probleem. Want het percentage vreemdelingen is in de afgelopen zes jaar van 14 naar 21 procent gestegen. Maar de gevolgen zijn ernaar: kansarmoede, criminaliteit, overlast. 

"Op de Varkensmarkt wonen meer dan tien Afrikaanse families samen in verouderde rijhuizen. Onze politie moet nu elk dag tot twee keer richting de stationsbuurt voor vechtpartijen en diefstallen. Daar moet iets aan gebeuren, maar het stadsbestuur bekijkt het allemaal maar. Ze zijn vooral blij met de groei van de stad."

Stationsbuurt

Zoals in veel Vlaamse steden is veiligheid een sleutelthema in Aalst. Daar zijn alle partijen het over eens. Er is de laatste jaren ook al op ingezet. Zo kreeg het Statieplein in 2013 een totale make-over. Geen chaos meer van bussen, auto's en ander verkeer maar een bijna autovrij, aangenaam en proper plein.

"We hebben ook het politietoezicht aangescherpt. Op 500 meter is een extra politiepost gekomen", zegt burgemeester Christoph D'Haese (N-VA). "En de cijfers liegen niet: het aantal incidenten is de laatste vijf jaar met 11 procent gedaald. D'Haese heeft er tijdens de aflopende bestuursperiode – zijn eerste – naar eigen zeggen alles aan gedaan om het onveiligheidsgevoel tegen te gaan. Toen in september vorig jaar een groep tieners een man zo zwaar toetakelde dat hij enkele operaties moest ondergaan, rolde hij als reactie een nieuw veiligheidsplan uit. Wie voortaan de openbare orde nog verstoort, zit meteen twaalf uur vast.

D'Haese ziet een link tussen het onveiligheidsgevoel in zijn stad en de vele nieuwkomers. "We willen streng optreden voor de enkelingen die het bont maken. Met behulp van spotters sporen we nu al relschoppers op terwijl ze nog op de trein vanuit Brussel of soms ook Denderleeuw arriveren." 

Tegelijk benadrukt D'Haese dat het ook om een integratieverhaal gaat. "Minstens zo belangrijk is dat we werken aan de taalarmoede van de nieuwkomers. We hebben de budgetten voor taal- en integratiebeleid verdubbeld in deze regeerperiode. Dat was absoluut nodig. In mijn eerste jaar als burgemeester was ik eens op een school om medailles voor een veldloop uit te reiken. Kinderen uit het vierde studiejaar verstonden mij niet toen ik hen om hun naam vroeg. Mijn ogen gingen open. Integratie is niet altijd gemakkelijk, we zien dat veel mensen het moeilijk hebben om de eerste stap te zetten. Maar zodra dat gebeurt, is er wel resultaat."

De nieuwkomers integreren is een verhaal van successen en teleurstellingen. De stedelijke basisschool De Notelaar ligt in het centrum van Aalst, twee straten van het stadhuis waarin D'Haese vertoeft. Op vraag van directrice Sylvia Vanden Eeden wordt er op de speelplaats verplicht Nederlands gesproken. Dat lukt, zoals gezegd met vallen en opstaan. "De kinderen spreken er elkaar op aan: 'Nederlands alstublieft' zeggen ze dan. Alleen de nieuwe leerlingen mogen nog wat Frans gebruiken, zodat ze zich in het begin goed voelen", zegt ze aan het nieuwsmagazine Bruzz. Ruim 30 procent van de leerlingen in de Notelaar is van thuis uit Franstalig.

Sleutelpunt

Vlaams Belang legt de nadruk vooral op de problemen. Van Brempt zegt dat hij op straat steeds vaker wordt aangesproken door Aalstenaars die hem zeggen: het is stilaan genoeg geweest met de instroom van vreemdelingen. De Vlaamse stadsmonitor merkt die trend ook. Terwijl over heel Vlaanderen genomen bijna een op de drie positief staat tegenover andere culturen, is dat in Aalst maar 22 procent. 

"Ik ben zeker dat we bij de verkiezingen in oktober meer stemmen zullen binnenhalen dan in 2012 (toen 10 procent, JVH). Uiteraard ben ik daar blij om, maar tegelijk niet, want dat betekent dat het niet goed gaat met de stad. Luister eens: ik ben een zelfstandige en geen beroepspoliticus. Eigenlijk zou ik de gelukkigste mens ter wereld zijn als mijn partij niet meer zou bestaan. Als Vlaams Belang niet meer nodig zou zijn."

Nsengimana ziet het helemaal anders: "Simplismen zullen ons niet vooruithelpen." Hij is sinds enkele jaren politiek actief bij CD&V. Straks, bij de verkiezingen, mag hij op de vierde plaats van de CD&V-lijst staan. Een teken van het groeiend electoraal belang van de Afrikaanse gemeenschap. Abdalla Teia Juma Hammad, gewezen minister van Volksgezondheid in Sudan, werd gesolliciteerd door sp.a maar omdat ze nog vluchteling is, mag ze geen politiek mandaat opnemen in België.

"Aalst staat op een kruispunt", zegt Nsengimana. "We kennen de voorbeelden van de mislukte integratie in steden als Brussel en Parijs. Wij mogen niet die kant op. Samenwerken is de enige mogelijkheid. Mijn eigen gemeenschap heeft haar fouten. Sommige mensen wentelen zich te snel in een slachtofferrol. Maar de autochtone stadsbewoners moeten ook beseffen dat het niet is omdat Afrikaanse jongeren aan de bushalte in het Frans telefoneren dat ze niets van Aalst moeten weten. Veel mensen voelen zich Aalstenaar, spreken goed Nederlands. Maar daarvoor mogen ze toch nog in het Frans naar hun Brusselse vrienden bellen? Geloof me: heel wat nieuwkomers wonen hier heel graag en willen ook hun steentje bijdragen. Soms heeft dat echter wat meer tijd en inspanning nodig."

D'Haese is ervan overtuigd dat zijn aanpak van 'de wortel en de stok' de juiste is. "Uiteraard stelt de verbrusseling ons voor problemen. Ernstige problemen die veel aandacht nodig hebben. Maar doemdenken, zoals het Vlaams Belang doet, helpt ons niet vooruit. Aalst blijft een aangename stad. De Morgen noemde ons het 'Londen aan de Dender'. Dat vond ik heel vriendelijk van jullie, ik gebruik die omschrijving nu vaak. (lacht) Maar het toont wel: de vibe zit hier best goed."

Uitdagingen voor Aalst

Economie: ook Aalst heeft een nieuw mobiliteitsplan in de pijplijn zitten. En net zoals in andere steden zorgt dit voor ongerustheid bij de lokale middenstand. Vandaag scoort die nochtans relatief goed. Zo ligt de overlevingsgraad van ondernemingen na vijf jaar op 65 procent. In vergelijking met de andere Vlaamse centrumsteden is dat een meer dan behoorlijke score. Alleen kuststad Oostende doet merkelijk beter. De jobsratio is in Aalst wel een probleem. Die ratio geeft het aantal jobs per honderd inwoners op arbeidsleeftijd. Aalst heeft, met 76 procent, de laagste score van alle Vlaamse centrumsteden.

Mobiliteit: een parkeerplaats vinden voor je auto is soms moeilijk in Aalst. De tevredenheid daarover is deze bestuursperiode gedaald. Daarom heeft het stadsbestuur sinds vorig jaar een nieuw parkeerbeleid op poten gezet. De inwoners van de binnenstad kunnen voortaan genieten van 350 parkeerplaatsen die voor hen zijn voorbehouden. Er zijn ook 12 extra buurtparkings. Elders in de stad is de blauwe zone uitgebreid.

Geluk: in Aalst is het vertrouwen in het stadsbestuur deze bestuursperiode gestegen van 26 procent naar 31 procent. Dat is de sterkste stijging van alle Vlaamse centrumsteden, maar het eindresultaat blijft wel onder het Vlaams gemiddelde van 35 procent. Een andere vaststelling: terwijl over heel Vlaanderen genomen bijna een op de drie positief staat tegenover andere culturen, is dit in Aalst maar 22 procent. De instroom van nieuwkomers vanuit Brussel speelt hier wellicht een rol.

Gezondheid: al jarenlang wordt er vanuit groene hoek geijverd voor een Park Noord aan het bedrijventerrein Wijngaardveld in Aalst. Ook het stadsbestuur zelf is voorstander om de kilometerslange strook langs de Dender om te vormen tot een park. Maar de beheerder, het Vlaams overheidsagentschap Waterwegen en Zeekanaal, ziet dat niet zitten. Nochtans kan Aalst een streepje groen gebruiken. De stadskern heeft, zoals zoveel steden, last van luchtvervuiling.

Vrije tijd: feesten gaat de Aalstenaar beter af dan sporten. Het aantal stadsbewoners dat intensief sport is laag. Ook de sportinfrastructuur kan beter. Een grote stap voorwaarts is de bouw van een sportcomplex in de oude leerlooierij Schotte. De bouw van een nieuw zwembad vond het stadsbestuur eerst te duur, maar deze zomer gaf ze dan toch groen licht. Het zwembad zal 51 miljoen euro kosten. De afspraak is dat de stad Aalst jaarlijks maximaal 1,7 miljoen euro betaalt.

Onderwijs: het aantal leerlingen uit het secundair onderwijs dat thuis geen Nederlands spreekt, is in korte tijd heel sterk gestegen in Aalst. In het schooljaar 2008-2009 was dat nog maar 10 procent, in het schooljaar 2015-2016 bleek al 20 procent van alle leerlingen Nederlands niet als thuistaal te gebruiken. CD&V pleit voor een betere begeleiding van anderstalige kinderen na de schooluren. Het budget voor taalbeleid is deze bestuursperiode al verdubbeld.

Wonen: een sociale woning te pakken krijgen in Aalst is niet evident. Er zijn 1.700 kandidaat-huurders die wachten op een plaats. De gemiddelde wachttijd bedroeg in 2016 nog 1.049 dagen. Het aantal sociale woningen per honderd huishoudens ligt in Aalst dan ook het laagst van alle centrumsteden (rond vier). Het stadsbestuur beseft dat hier iets aan moet gebeuren en wil tegen 2025 zeker 713 sociale huurwoningen bijbouwen. Daarmee doet de stad beter dan de 583 sociale huurwoningen die de Vlaamse overheid vraagt, maakt OCMW-voorzitter Sarah Smeyers (N-VA) zich sterk. De linkse oppositie vindt het too little, too late.

Financiën: in Aalst is de schuld per inwoner deze bestuursperiode meer dan verdubbeld: van 851 euro naar 1.724 euro. De stad heeft de laatste jaren dan ook enorm geïnvesteerd. Onder meer in het nieuwe sportcomplex Schotte, in extra woonzorgcentra en in een nieuwe bibliotheek. Burgemeester D'Haese vindt daarom dat de rode cijfers gerelativeerd moeten worden. Oppositiepartij sp.a verwijt de burgemeester dat hij de rekening naar de toekomst doorschuift.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234