Woensdag 16/10/2019

Sudan-rapport

5 lessen die we uit de Sudan-saga kunnen trekken

Premier Charles Michel (MR), Jan Jambon (N-VA), Maggie De Block (Open Vld) en Theo Francken (N-VA) bij de voorstelling van het Sudan-rapport. Beeld Tim Dirven

Zijn er uitgewezen migranten gefolterd na hun terugkeer in Sudan en ging de regering in de fout met de identificatiemissie? Het Sudan-rapport kan niet alle vragen beantwoorden, maar kan toch tot belangrijke veranderingen leiden. Niet alleen voor Sudanese migranten.  

1. Geen bewijzen van foltering

Nadat in december getuigenissen over folteringen van teruggestuurde Sudanezen opdoken, schortte premier Charles Michel (MR) alle terugkeervluchten naar het land op, tot een onderzoek van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen (CGVS) duidelijkheid bracht. Er zat druk op, want eind januari kwamen al drie Sudanezen vrij omdat hun aanhoudingstermijn verlopen was.

Het uiteindelijk rapport is het werk van commissaris-generaal Dirk Van den Bulck en twee medewerkers van Cedoca, de studiedienst van het CGVS. Zij hebben onderzocht of één vrijwillig en negen onder dwang teruggekeerde Sudanezen folteringen hebben ondergaan na hun aankomst in de Sudanese hoofdstad Khartoem.

Even overwogen ze om het ter plekke uit te zoeken, maar uiteindelijk was de inschatting dat een missie naar Sudan op korte tijd geen "relevante bijkomende informatie kan opleveren". Daarom baseerde het CGVS zich voornamelijk op de getuigenissen die Koert Debeuf van het Tahrir Institute for Middle Eastern Policy verzamelde en in december uitbracht in een nota. 

Het CGVS legde deze getuigenissen naast informatie die het kreeg van de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) en de International Organization for Migration (IOM), dat enkele teruggekeerde Sudanezen in Khartoum begeleidde. Daaruit zijn tegenstellingen naar boven gekomen. Een aantal van de Sudanezen met klachten over mishandeling is namelijk langsgegaan bij het IOM-kantoor in Khartoem. Daar hebben ze niets meegedeeld over eventuele incidenten bij aankomst.

Een van de Sudanezen was vrijwillig teruggekeerd, maar stelde in het Tahrir-rapport dat België hem had gedwongen om het papier voor vrijwillige terugkeer te ondertekenen. Gebaseerd op informatie van het IOM stelt het CGVS dat zijn klacht "niet gefundeerd" lijkt. Hij beweerde ook dat hij afkomstig was Darfur, een regio die kans geeft op bescherming in ons land. Maar in zijn dossier bij de DVZ staat dat hij komt uit de veiligere provincie Witte Nijl. 

Het CGVS heeft ook een teruggestuurde Sudanees zelf gesproken, via berichtendienst WhatsApp. Debeuf stelt dat ook hij bij dat gesprek was betrokken, en dat de migrant zei dat hij "met stokken en handen" was geslagen en gewond was. Die passages staan echter niet in het rapport, volgens het CGVS omdat de man onbetrouwbare informatie verschafte.

Het CGVS concludeert dat het over de getuigenissen geen zekerheid of duidelijkheid heeft bekomen. Het stelt dat belangrijke stukken uit de drie belangrijkste getuigenissen niet waarheidsgetrouw zijn, in die mate dat het "ernstige twijfel doet ontstaan over de rest van de getuigenis".

2. Opnieuw repatriëringen? Ja, maar...

Met het rapport van het CGVS in de hand stelt de regering dat het opnieuw repatriëringen naar Sudan kan opzetten. Het rapport stelt dat een identificatiemissie, ook als sommige personen ervan tot de veiligheidsdiensten behoren, niet noodzakelijk problematisch is. En het concludeert dat "de verwijdering of de terugkeer van personen naar Sudan opnieuw kan worden georganiseerd".

Het rapport is echter kritisch voor de manier waarop België de Sudanese identificatiemissie organiseerde in september 2017. Toen werden ambtenaren van het Sudanese autoritaire regime – mogelijk inlichtingenofficieren – uitgenodigd om illegale landgenoten te komen identificeren, zodat ze konden worden uitgezet. Daarbij zijn fouten gemaakt. 

Ten eerste heeft het CGVS vragen bij het feit dat bij de gesprekken tussen de Sudanese ambtenaren en migranten maar één medewerker van de DVZ aanwezig was, die bovendien niet altijd in de buurt was van het gesprek en geen Arabisch kon. Het CGVS vindt dat er een tolk aanwezig moet zijn bij gesprekken met een identificatiemissie, of op zijn minst iemand die verstaat wat er wordt gezegd.

Ten tweede kan het volgens het rapport niet dat personen met nood aan bescherming worden geconfronteerd met de autoriteiten van het land van herkomst. "Voor een eventuele identificatie moet dus eerst grondig worden onderzocht of de betrokken persoon al dan niet nood aan bescherming heeft." Het gaat dan onder meer om een toetsing van artikel 3 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). België moet een risico op foltering of slechte behandeling uitsluiten alvorens het migranten blootstelt aan een identificatiemissie.

Ten derde stelt het rapport ook dat de overheid niet vanzelf mag besluiten dat indien iemand geen asiel vraagt in ons land, zoals deze transitmigranten, dat ook zou betekenen dat een grondige check van artikel 3 overbodig is.

De regering stelt nu voor om de toetsing van artikel 3 van het EVRM te verbeteren. Hoe precies is nog niet duidelijk. Volgens staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) is er een mogelijkheid dat een unit van het CGVS die toetsing zou doen. Amnesty International vraagt dat de terugkeer blijft opgeschort tot deze procedure op punt staat.

3. Naar een nieuwe commissie-Vermeersch

Premier Charles Michel (MR) kondigde ook aan dat er voor minstens twee jaar een evaluatiecommissie rond terugkeer en uitwijzingen komt. In die commissie zal een professor zetelen, samen met mensen van de federale politie, de algemene inspectie van de federale politie, de DVZ, het CGVS, Fedasil en pilotenverenigingen. De commissie moet werken naar het voorbeeld van de commissie-Vermeersch.

De commissie-Vermeersch kwam er na het dodelijke ongeval van Semira Adamu op 22 september 1998, bij haar uitwijzing. Een commissie onder leiding van de Gentse moraalfilosoof Etienne Vermeersch moest nagaan welke dwang men kon gebruiken tegen weerspannige migranten. Ze moest een nieuw beleid voor uitzettingen uitwerken en leverde twee rapporten af.

Een detail: Francken stelde in 2012, toen hij nog 'gewoon Kamerlid' was, al eens voor om een nieuwe commissie-Vermeersch bijeen te roepen over het beleid rond uitzettingen. 

4. Doorn uit het vlees van Michel

De regering-Michel stelt het Sudan-rapport voor als een meevaller. De centrumrechtse coalitie had de afgelopen maanden alle moeite van de wereld om een gezamenlijk standpunt te vinden over de behandeling van Sudanese migranten.

Toen de premier de vluchten opschortte, stelde Francken dat er in januari sowieso geen vluchten waren gepland. Dat bleek niet te kloppen. Een leugen volgens de een, een communicatielijn volgens Francken. Uiteindelijk bevestigde de meerderheid in de Kamer haar vertrouwen in Francken.

Staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA). Beeld BELGA

Het rapport van het CGVS biedt nu een houvast voor de overige vragen bij de samenwerking met Sudan. De regering concludeert uit het rapport dat er geen bewijs is van grove nalatigheden en mits een aantal verbeteringen aan de procedure kunnen de uitzettingen worden hervat.

Premier Michel hoopt dat de Sudan-kwestie nu eindelijk wat naar de achtergrond verhuist. Al sinds september domineert de Sudan-kwestie de politieke actualiteit. Bovendien kreeg Michel de afgelopen maanden te maken met stille muiterij binnen de eigen partij. Steeds meer liberale parlementsleden en anciens vonden dat hij zich te veel liet meeslepen in het harde discours van Francken.

Die laatste reageert opgelucht. "Er zijn zware woorden gevallen en zware beschuldigingen aan mijn adres, dus ik ben opgelucht." Francken wil rekening houden met de aanbevelingen, maar het beleid moet volgens hem niet drastisch worden bijgestuurd. 

5. Een rapport waarmee iedereen blij is

Opvallend, niet alleen de regering, ook de oppositie en ngo's zijn tevreden met dit rapport van het CGVS. "Het Sudan-rapport bewijst zijn nut. Het beleid van staatssecretaris Francken wordt op verschillende punten bijgestuurd", zei Wouter De Vriendt (Groen).

Sp.a-Kamerlid Monica De Coninck is ook blij met de aankondiging van een nieuwe commissie-Vermeersch. Zij had daarvoor eerder al een wetsvoorstel ingediend. "Deze regering had zich een hoop miserie kunnen besparen als ze onze aanbevelingen meer ter harte had genomen", zegt De Coninck.

Amnesty International, 11.11.11. en Vluchtelingenwerk Vlaanderen laten in een gezamenlijke mededeling weten tevreden te zijn met het rapport. Ondanks zijn kritische bedenkingen is ook Koert Debeuf "heel blij". "Dit zal leiden tot een betere procedure voor eventuele identificatiemissies."

Een rapport waarin iedereen zich kan vinden? Het CGVS is dan wel kritisch voor de manier waarop ons land samenwerkte met Sudan, maar is voorzichtig in zijn bewoordingen. Het beklemtoont bijvoorbeeld de toetsing van artikel 3 van het EVRM, maar nergens staat letterlijk dat internationaal recht zou zijn geschonden. Het zegt daarentegen wel expliciet dat uitzettingen naar Sudan opnieuw kunnen doorgaan.

Wie kritisch was voor het beleid van de regering vindt in dit rapport voldoende eten en drinken, en wie het beleid steunt voelt zich gesterkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234