achtergrond Plus

Talentprogramma's voor jonge theatermakers: "Laat niemand je vertellen hoe je het moet doen"

Vier jonge theatertalenten krijgen de komende jaren structureel steun van Toneelhuis. Het P.U.L.S.-traject is niet het enige Antwerpse initiatief rond ontwikkeling, maar de vraag is: wat wordt er precies ontwikkeld? En op welke manier?

Eigenlijk is er maar één vraag relevant bij het opzetten van trajecten voor emerging artists: wat heeft de kunstenaar nodig? Die noden zouden het vertrekpunt moeten vormen van elk initiatief. Probleem: er bestaat niet zoiets als dé jonge kunstenaar. Zijn profiel is fluïde zoals een hele generatie youngsters sowieso niet vast te pinnen is in één cultuur of lifestyle. Sommige makers bewegen zich in netwerken die disciplines overstijgen, andere sluiten zich het liefst op alleen met zichzelf. Ook de behoeften zijn paradoxaal: er is nood aan vrijheid én coaching, aan bevestiging én kritiek. En eigenlijk is dat geen probleem. De crux zit hem in het feit dat de organisaties en instituten die hen omarmen niet zo fluïde (kunnen) zijn, al was het maar omdat ze beschikken over een dwingend stukje infrastructuur - een schouwburg, bijvoorbeeld.

Twee Antwerpse huizen nemen sinds vorig seizoen de uitdaging aan om theatertalent te ondersteunen, elk op hun manier. Ze doen dat niet alleen omdat minister van Cultuur Sven Gatz (Open Vld) meermaals de verantwoordelijkheid van de (middel)grote organisaties tegenover startende kunstenaars benadrukte, maar ook omdat er een vraag uit het veld was, zegt An-Marie Lambrechts van Toneelhuis.

nieuws

zine