REVIEW

Johan Heldenbergh speelt 'Marx': De zelfspot is nooit ver weg

1 Johan Heldenbergh in 'Marx', de theatervoorstelling van auteur Stefaan Van Brabandt. © Koen Broos

In 2018 is het 200 jaar geleden dat Karl Marx geboren werd. Reden genoeg voor Stefaan Van Brabandt om een nieuw luik toe te voegen aan zijn reeks filosofen-monologen die met Socrates, starring Bruno Vanden Broecke, van start ging. Dit keer is het Johan Heldenbergh die Marx weer tot leven wekt.

"Had ik niet beter leren zwemmen?" Het is de eerste vraag die het personage zichzelf voor de voeten werpt. Diezelfde komt op het einde als diepgravende filosofische reflectie terug. In wat tussenin ligt, gidst Marx ons op een tocht door zijn leven.

Ludieke momenten worden aangehaald, de zelfspot is nooit ver weg. De ironie evenmin: wie in Londen een bezoek wil brengen aan het graf van Marx, op wiens begrafenis in 1884 zeven man aanwezig was, moet nu vijf pond neertellen. Het souvenirwinkeltje met prullaria glorieert als toonbeeld van het kapitalisme dat Marx zo vurig bestreed.

Share

Van Brabandt bewijst nog maar eens dat een straffe tekstpartituur het mooiste vertrekpunt is voor een getalenteerd acteur om mee aan de slag te gaan

Als het over zijn vrouw Jenny en de gestorven kinderen gaat, wordt de vertelling doordrongen van een nostalgische gloed. Marx is entertainment, maar tegelijk meer dan een soepele causerie met een rijgsnoer van anekdotes. De balsturige idealist die sinds zijn dood meer leeft dan ooit en vaker (verkeerd) geciteerd dan gelezen wordt, eist nu een rechtzetting. Hij wil van zijn tijdelijke opstanding gebruik maken om zijn ideeën te presenteren zoals hij ze oorspronkelijk bedoelde. Dus krijgen we ook een bevattelijke en gelukkig niet al te zwaarwichtige rondgang met enkele stopplaatsen in de marxistische economische theorie.

Wake up-call

De grootste impact haalt de voorstelling uit de epiloog, als Marx het publiek uit zijn dogmatische slaap wekt. Als wake up-call en in een laatste strafrede demonstreert hij met verve dat de eenentwintigste eeuw een foute kopie is van de negentiende. Als we één ding meenemen dan is het dat we ons maar beter niet vrolijk maken over de val van het communisme, aangezien de omstandigheden die het ontstaan ervan in de hand hebben gewerkt, nog steeds onverminderd bestaan.

De staande ovatie waarmee het publiek tekst en speler eren, maakt duidelijk dat Marx meer dan enkel soixante-huitards beroert. Van Brabandt bewijst nog maar eens dat een straffe tekstpartituur het mooiste vertrekpunt is voor een getalenteerd acteur om mee aan de slag te gaan. Heldenbergh maakt het in alle opzichten waar. Met zijn losse speelstijl en lichtjes Gentse tongval trekt hij de zaal binnen in zijn vertelling. Strak in het pak en met zwarte lakschoenen, met enkel een stoel als decor, neemt hij alle tijd om tussendoor aan een whisky te nippen en gretig de damp van zijn e-sigaret te inhaleren. Met volle overgave ontpopt hij zich van praatvaar tot felle redenaar, wordt apologeet van zichzelf, doceert zijn politieke filosofie en vuurt socratische vragen op de zaal af.

Nog tot 30 maart op tournee.

nieuws

cult

zine