Opera

Een orgie van roze, geel en paars: Béla Bartók in De Munt

Christophe Coppens vormt ‘Blauwbaards burcht’ en ‘De wonderbaarlijke mandarijn’ om tot studie over gender

2 © RV

Je ziet ze niet vaak samen op de scène: Bartóks opera Blauwbaards burcht en zijn pantomime De wonderbaarlijke mandarijn. In de Munt maakt Christophe Coppens er een vormenstudie over gender van.

De muziek van deze twee werken is van het beste dat het interbellum van de vorige eeuw te bieden heeft. De donkere, symbolistische kleuren van Blauwbaard, slechts hier en daar opgelicht door flonkerende details, worden als het ware uiteengereten in het expressionistische, schreeuwerige coloriet van Mandarijn. Dirigent Alain Antinoglu geeft aan Blauwbaard de ronde, volle toon die we van hem gewoon zijn maar schrikt er evenmin voor terug om in Mandarijn ook lelijke, vulgaire klanken een plaats te geven.

Misleidende perspectieven

Daarmee staat hij op één lijn met regisseur Christophe Coppens. Die gaat niet op zoek naar symbolen of psychoanalytische duidingen en evenmin naar de sociale kritiek die zeker in De wonderbaarlijke Mandarijn aanwezig is. 

2 Opera Blauwbaard en Mandarijn in De Munt © RV

Wel heeft hij aandacht voor de vormelijke tegenstelling tussen beide werken. Eenheid bereikt hij door hetzelfde basisdecor te gebruiken: een stellage met negen ruimtes, verbonden door trappen en deuren en gevuld met kristalfiguren. Dat alles uit spiegels en glas, waardoor misleidende perspectieven ontstaan en licht kan afwijken van zijn normale baan. 

In
Blauwbaard worden die elementen tamelijk letterlijk ingezet om het kasteel met zijn kamers en gesloten deuren uit te beelden. De folterkamer krijgt spitsroeden, de wapenkamer geweren, de schatkamer flonkerende diamanten. Overweldigend is de vijfde deur, die de blik opent op de wereld. 

Ook het spel van Blauwbaard (de bas Ante Jurkunica zingt zijn roldebuut meesterlijk) en Judith (Nora Gubisch soeverein als steeds, zelfs in een soort witte nachtjapon) is conventioneel maar gelukkig ingehouden.

Hyperventilerende show

Zowel Blauwbaard als Mandarijn hebben een duidelijk seksuele ondertoon. Maar waar de seksualiteit bij Blauwbaard onderdrukt en onbereikbaar is, is ze in Mandarijn te koop. 

Dat gegeven transponeert Coppens naar de queer society, waar gender inwisselbaar en seks grenzeloos is. Dat zorgt voor een schreeuwerige, hyperactieve en hyperventilerende show van een half uur, een orgie van roze, geel en paars, een vloedgolf aan snel bewegende beelden en vormen uit de LGBTQ-subcultuur. Daartoe moet het stuk een beetje bijgeschaafd worden. 

Eén seksueel uitgebuit kind wordt één mannelijke en twee vrouwelijke hoeren en drie schooiers worden één pooier. De mandarijn wordt een soort slangenmens met de seksualiteit van een insect of weekdier. Moordwapens kunnen evengoed dieren zijn. Als vormstudie over de actualiteit is dat interessant, zeker in contrast tot Blauwbaard maar het verwaarloost ook de diep pessimistische, vertwijfelde blik op de samenleving en haar sociale en seksuele teloorgang die Bartók had. 

Daar verandert ook de kleine kringverwijzing waarmee Coppens de avond afsluit (en die hier niet verraden mag worden) niet veel aan.

Nog tot 24 juni in De Munt in Brussel.

Dossier Plankenkoorts
Dossier Plankenkoorts

Theater, opera en dans zijn uw ding? Onze podiumploeg zorgt voor de nodige inspiratie.

Lees alle artikels

nieuws

zine