Theater

De hand van Van Dormael

Regisseur en echtgenote Michèle Anne De Mey verbluffen met het multimediale 'Cold Blood'

1 De handen beschrijven in Cold Blood de humor en ellende van het leven. © RV Julien Lambert

Goed mogelijk dat choreografe Michèle Anne De Mey en filmmaker Jaco Van Dormael nu al de topper van het nieuwe theaterseizoen te pakken hebben. Hun voorstelling Cold Blood, met handen in de hoofdrol, is alvast overdonderend.

Net als de vorige voorstelling van De Mey en Van Dormael, Kiss & Cry, zijn de hoofdrolspelers in Cold Blood geen acteurs, maar drie paar handen. Ze dansen op muziek van Arvo Pärt en Maurice Ravel, maar evengoed op songs van David Bowie, Lou Reed of Nina Simone. Steeds beschrijven ze de humor en de ellende van het menselijk leven aan de hand van een sterfscène.

Share

Het stuk is een herinnering aan hoe de meest zielige momenten kunnen ontroeren, als je ze maar op een wonderlijke manier aankleedt

Die sterfscènes zijn soms ridicuul of ironisch, soms sensueel, ontroerend of tragisch. Maar bovenal zijn ze poëtisch. Omdat Van Dormael ze steeds op een fantasierijke manier aankleedt, in de magisch realistische stijl die ook zijn filmisch magnum opus Mr. Nobody kenmerkt.

Hij presenteert ze als een musical à la Fred Astaire en Ginger Rogers, als een surrealistisch stukje David Lynch, of als een psychologische horrorfilm die van Polanski had kunnen zijn. Cold Blood wordt zo een ode aan de verbeelding: een herinnering aan hoe de zieligste momenten kunnen ontroeren, als je ze op een wonderlijke en vooral verwonderlijke manier aankleedt.

Vormelijk is de voorstelling dan ook een pareltje, maar ook een technisch huzarenstukje. Cold Blood is zowel film als theater: terwijl het verhaal zich ontspint op een podiumbreed doek, tonen de makers op het podium hoe dat verhaal tot stand komt. Maquettedecors worden op- en afgevoerd onder een snel wisselende belichting, maar die ontleding van het maakproces haalt je nooit uit de voorstelling. Integendeel, het versterkt alleen maar het gevoel van magie.

Op het randje van het melige

Uiteindelijk is dat wat Van Dormael en De Mey beogen: een laagje magie toevoegen aan wat anders al snel banaal zou zijn. De tekst van Thomas Gunzig - vanuit het Frans vertaald door kersvers artistiek directeur Michael De Cock zelf - is immers niet bang om clichés te omarmen. Het balanceert soms op het randje van het melige, maar wordt nooit klef, net omdat hij in zo'n creatieve vorm wordt gegoten.

Cold Blood doet je uitkijken naar wat Van Dormael nog meer uit zijn mouw schudt. Het brein achter films als Toto le héros en Le huitième jour mocht het seizoen overigens zelf voor geopend verklaren, als de vertelstem in de proloog, die je in slaap hypnotiseert. "Je zit in het theater, je ogen zijn open", vertelt hij. "Een stem telt tot drie, en dan zul je slapen." Het is het begin van een droom waaruit je niet wilt ontwaken.

Kan een voorstelling, een film, een boek tegelijk diep menselijk en 'meta' zijn? Tot voor kort dachten we van niet. Sinds Van Dormael en De Mey ons overdonderden met Cold Blood, weten we van wel. De voorstelling waarmee De Cock zijn eerste seizoen bij de KVS voor geopend verklaarde, bewandelt een slappe koord, maar verliest nooit haar evenwicht. Integendeel: ze danst er met een verbluffende gratie overheen.

Cold Blood, nog tot 24/09 in KVS, Brussel. Daarna hernomen van 8/3/2017 tot en met 17/3/2017. kvs.be

cult

zine