REVIEW

‘Het kleine meisje van meneer Linh’: Ontroering zonder franjes

Voor Het kleine meisje van meneer Linh verloor regisseur Guy Cassiers niet één, maar twee keer zijn hoofdrolspeler. Het dwong hem tot een uitgepuurde bewerking van Philippe Claudels gelijknamige roman. Gelukkig is die soberheid net de kracht van de voorstelling.

1 Koen De Sutter vertolkt drie rollen in 'Het kleine meisje van meneer Linh': verteller, meneer Linh en meneer Bark. © Kurt Van der Elst

Er hangt altijd een zekere nervositeit bij een première: zelfs na ontelbare repetities weten theatermakers nog niet of het publiek hun keuzes zal volgen, de cast moet nog groeien in haar samenspel en een voorstelling wordt vaak beter naarmate de speellijst wordt afgewerkt.

Bij de première van Het kleine meisje van meneer Linh moet die nervositeit nog groter zijn geweest: regisseur Guy Cassiers moest een dikke week voor de première noodgedwongen aan de slag met “een nieuw artistiek” concept, nadat hoofdrolspeler Gene Bervoets wegens ziekte verstek moest laten gaan. Eerder was ook Dirk Roofthooft al opgestapt, uit onvrede met het beleid bij Toneelhuis. Koen De Sutter, die pas deze zomer werd aangetrokken als tegenspeler voor Bervoets, zou de voorstelling op zijn eentje moeten dragen.

Share

De ingrepen van Guy Cassiers zijn van een vaak ontroerende schoonheid, omdat ze spaarzaam zijn

Dat wil zeggen dat De Sutter niet alleen de twee hoofdpersonages vertolkt, maar ook de verteller. Het kleine meisje van meneer Linh is een bewerking van de gelijknamige roman van de Franse auteur Philippe Claudel, en de acteur opent de voorstelling door de eerste pagina’s van dat boek voor te lezen. Hij vertelt hoe meneer Linh, een oorlogsvluchteling uit een Oost-Aziatisch land, per boot aankomt in Europa, in “een land zonder geur”. Hij heeft enkel zijn kleindochtertje nog – een boreling – en knoopt een woordeloze vriendschap aan met meneer Bark, een plaatselijke inwoner die net zijn vrouw heeft verloren.

De Sutter moet op zijn eentje dus een hele hoop tekst verwerken, en leest die nu en dan simpelweg af van het blad: een noodingreep omwille van tijdstekort, vermoed je dan, maar de acteur doet er zijn ding mee. Terwijl meneer Bark verzucht dat hij “niet meer weet hoe ik de tijd moet meten”, strooit de acteur met pagina’s uit het scenario om te benadrukken dat dagen, weken, maanden voorbijgaan. Ondertussen praat hij met zichzelf, in de gedaante van meneer Bark én meneer Linh: videoprojecties brengen de twee figuren samen.

Een geluk bij een ongeluk

Die projecties zijn van een vaak ontroerende schoonheid, omdat ze spaarzaam zijn. Vertelling staat centraal in Meneer Linh, en de ingrepen van Cassiers – die houdt van multimediaal theater – blijven voor zijn doen opvallend subtiel en zeldzaam. Nu en dan beroert De Sutter de snaren van een autoharp, of zet hij een radiootje aan: de trage muzieknoten klinken even ontheemd als meneer Linh zelf, en de losse termen die inmiddels op het scherm getoond worden – ‘horizon’, ‘droom’, ‘kind’ – beklemtonen de eenzaamheid van het titelpersonage.

Share

De ontknoping lijkt uit de lucht te vallen, en de slotakte mist de impact die de voorstelling nochtans verdient

Maar meer dan op technologische trucjes doet de Toneelhuis-regisseur beroep op de verbeeldingskracht van zijn publiek, en zijn hoofdrolspeler. De Sutter lijkt zich soms nog onbehaaglijk te voelen in zijn driedubbele rol, maar benadrukt ook de gelijkenissen tussen de personages – een geluk bij een ongeluk, zeg maar.

Wat minder goed uitpakt, is de hoeveelheid tekst. Zelfs een uitgepuurde versie als deze slaat je murw, en Cassiers en De Sutter gaan er in zo’n sneltempo door (150 pagina’s worden gebald in een klein anderhalf uur theater) dat het in de tweede helft van Het kleine meisje van meneer Linh moeilijk wordt om je volle aandacht aan De Sutters vertelstem te blijven schenken. Daardoor lijkt de ontknoping uit de lucht te vallen, en mist de slotakte de impact die de voorstelling nochtans verdient.

Het valt niet uit te sluiten dat dat euvel nog wordt rechtgetrokken in de uitgebreide tournee die nog volgt, gezien de korte tijd waarin het concept achter de voorstelling werd uitgedacht. Maar omdat de bombastische schoonheid, die Cassiers' werk zo typeert, nu (noodgedwongen?) plaats maakt voor een uitgepuurde, franjeloze vertelling, weet Het kleine meisje van meneer Linh misschien wel net nog meer te ontroeren.

Tot 6 oktober in Toneelhuis, Antwerpen. Vanaf januari op tournee

nieuws

cult

zine