Opinie
Lode Cossaer

Professor Holslag, niet elke nuance strookt met de waarheid

1 Jonathan Holslag. © Jonas Lampens

Lode Cossaer doceert economie aan de United Business Institutes en doctoreert aan de KU Leuven.

Share

'Handel is oorlog', de quote waarmee professor Holslag een Chinese collega aanhaalt, is misschien mooie retoriek, maar jammer genoeg volledig in strijd met de waarheid

In zijn opiniestuk 'De Wever loopt het risico de geschiedenis in te gaan als de Vlaamse Caligula' zet professor Holslag een aantal basisprincipes van de economie op de helling, verpakt onder de noemer 'nuance'. Niet elke vorm van nuance is echter relevant en - nog belangrijker - niet elke nuance strookt met de waarheid.

"Nu kan men het ideologisch eens of oneens zijn met economisch nationalisme, maar het feit is dat staten meer dan ooit tussenkomen om hun economische belangen door te drukken", stelt professor Holslag onder meer. Als empirische vaststelling, eerst en vooral, klopt die bewering, maar dat is vanzelfsprekend geen argument voor de wenselijkheid van het soort beleid dat hij verdedigt.

Voor alle duidelijkheid: wenselijk is het zeker niet. Het mercantilisme waar voor wordt gepleit, een politiek uit de vroegmoderne tijd die uitgaat van internationale handel als een zero-sum game (waarin de hoeveelheid aan welvaart een quasi onveranderlijk gegeven is, en de ene partij dus wint wat de andere verliest) is gewoon een slechte vorm van beleid. Bovendien is de mercantilistische theorie al eeuwen achterhaald door de feiten. Of het in naam gebeurt van veiligheid, economische groei of solidariteit, is niet relevant. Het zorgt voor minder welvaart voor alle delen van de vergelijking. Met andere woorden: ongeacht het einddoel, het resultaat van een mercantilistische politiek zal - over het algemeen - nooit de gewenste, positieve effecten uitlokken.

"Handel is oorlog", de quote waarmee professor Holslag een Chinese collega aanhaalt, is misschien mooie retoriek, maar jammer genoeg volledig in strijd met de waarheid. Handel is geen oorlog, die kennis valt in elk handboek basiseconomie terug te vinden. Niet alles wat in een handboek staat is per se oncontroversieel, maar één van de weinige assumpties waar - over alle ideologische grenzen heen - een vrij harde, alomvattende consensus over bestaat, is dat handel géén oorlog is. Daar is een vrij eenvoudige reden voor: vrije handel zal slechts plaatsvinden wanneer alle partijen beter af zijn door een transactie. Compensatie voor niet-gecompenseerde kosten of geleden schade, ook wel externaliteiten genoemd, kan, maar dat verandert niets aan de kern van de zaak. In oorlog is het een heel ander verhaal.

De boodschap van professor Holslag is dat N-VA eigenlijk nog te weinig nationalistisch is, op economisch vlak. Om die bewering te ondersteunen, zie ik echter geen enkel relevant argument. Het betrekken van de handelsbalans bijvoorbeeld is absoluut nonsensicaal.

Wanneer ik een negatieve handelsbalans heb met mijn bakker, betekent dat dat ik meer geld geef aan de bakker (en meer producten ontvang van de bakker) dan omgekeerd. Mijn werkgever, aan de andere kant, heeft een negatieve handelsbalans met mij: hij geeft mij meer geld dan ik geld aan hem geef (en in ruil ontvangt hij of zij mijn diensten). Zijn negatieve handelsbalansen bijgevolg problematisch? Uiteraard niet, want iedereen begrijpt dat de bakker zich specialiseert in het maken van brood, en dat we beiden beter af zijn wanneer ik een brood bij hem koop.

Met handelsbalansen is het op macroniveau niet anders. Als België een negatieve handelsbalans heeft met land X, betekent dat dat een groot deel van de Belgen de producten die in dat land worden geproduceerd waardeert en aankoopt, waardoor zowel zij als de producent er beter van worden. Oorlogstaal als 'ontwapenen' is hier dan ook niet op zijn plaats.

Share

Zo'n verhaal klinkt misschien overtuigend voor een nog niet opgeleide achterban, maar is volledig naast de kwestie

Naar het einde toe maakt professor Holslag een wel zeer vreemde bocht. Onder goede oude drogredenen als 'de vrije markt bestaat niet' en 'de vrije markt is een ideaal (en idealen zijn niet echt)' argumenteert hij dat we dan nog maar wat minder vrije markt nodig hebben. Deze redenering is analoog, zoals: 'Een wereld zonder misdaad bestaat niet, dus kunnen we maar beter wat meer misdaad plegen'. Dat is - vanzelfsprekend - ook nonsensicaal. En het is waar dat een volledig vrije markt (op dit moment) niet bestaat, maar het blijft een raadsel waarom dat een reden zou zijn om bijkomende beperkingen op te leggen aan de gelimiteerde, economische vrijheid die er wel is.

Als iemand vindt dat de markt niet transparant is, of vindt dat er bepaalde externaliteiten optreden, dan zijn er Pigouviaanse belastingen (die specifiek bedoeld zijn om het marktmechanisme te corrigeren) of andere manieren (de theorieën van de Britse econoom Ronald Coase vormen daarbij een aanrader) om daarmee om te gaan.

Dat soort argumenten gebruiken om te pleiten voor een mercantilistische politiek, is wel heel onlogisch. Zo'n verhaal klinkt misschien overtuigend voor een nog niet opgeleide achterban ('Oei, er is vervuiling, misschien moeten we inderdaad maar de kaart trekken van de machtspolitiek'), maar is volledig naast de kwestie. Om externaliteiten aan te pakken hoeft men geen machtspolitiek of een handelsoorlog te verdedigen.

De meest bedenkelijke verklaring uit het betoog is ongetwijfeld de volgende: "Het is vooral vreemd dat de Vlaams-nationalisten zo kritisch zijn over de miljardentransfer naar Wallonië, maar deze nieuwe transfer naar het buitenland lijken aan te moedigen." Dat er voor een invloedrijke academicus als professor Holslag blijkbaar geen fundamenteel verschil bestaat tussen de herverdeling van belastinggeld op het federale niveau (los van de vraag of iemand die herverdeling ok vindt) en de winst die (buitenlandse) bedrijven maken door goederen en diensten aan te bieden aan Belgische consumenten, is onrustwekkend.

Het gaat hier om het verschil tussen (nogmaals) de bakker die geld verdient doordat ik het hem geef in ruil voor een brood, en een plaatselijke politicus die mijn geld via hoge belastingen int om het te herverdelen naar zijn of haar achterban, op allerlei manieren. Die eerste transactie is in wezen niet problematisch, de tweede is dat potentieel wel. Het idee dat daar een analogie bestaat, is enkel overtuigend voor economische leken.

Het hele beleid waar professor Holslag voor pleit, lijkt een typisch verhaal als: 'We moeten realistisch zijn, dus hebben we aan economische wetenschap geen belang'. Zo'n redenering impliceert een fataal tekort een kennis van wat economie precies doet. De mainstream-economie van de voorbije vijftig jaar is inderdaad behoorlijk uit de bocht gegaan door allerlei macromodellen, maar dat betekent niet dat de fundamenten van de economische wetenschap, die zowel door linkse als door rechtse economen worden erkend, ineens moeten worden verlaten. Dat is alsof iemand de volledige theorie achter medische vaccinering zou opblazen omdat één vaccin niet heeft gewerkt.

Net omdat economie een bijzonder ingewikkelde wetenschap is, en omdat er recent (in een aantal takken) fouten zijn gemaakt, moeten we terug naar de basisconcepten, die nog steeds overeind staan als een huis. De handelsbalans is niet relevant, vrije handel is altijd wederzijds voordelig (de transactie zou anders simpelweg niet plaatsvinden), en vooral: externaliteiten zijn geen argument voor een mercantilistische politiek.

nieuws

cult