Opinie
Maïka De Keyzer en Eline Van Onacker

Is de deeleconomie inclusiever? De geschiedenis toont van niet

Maïka De Keyzer (Universiteit Utrecht) en Eline Van Onacker (Universiteit Antwerpen) zijn historicus. Zij voeren onderzoek naar de geschiedenis van collectief bezit.

1 Een Chinese Uber-chauffeur checkt de app van de online taxidienst. ©EPA
Lees ook:
Het opiniestuk van Rogier De Langhe: "Waarom we onszelf te pletter werken"
Het opiniestuk van Bart Eeckhout: "Wie de deeleconomie prijst, moet opletten niet de nachtwinkeleconomie in de plaats te krijgen"

In een boeiend opiniestuk in deze krant, presenteerde Rogier De Langhe de deeleconomie als alternatief voor uitsluiting op de arbeidsmarkt (DM 11/5). Maar is dat terecht?

Door initiatieven zoals Uber, Airbnb, Peerby enzovoort, is deeleconomie een heus modewoord geworden. Deze deeleconomie zou leiden tot een meer inclusieve economie. Rogier De Langhe verwijst daarmee naar een wijdverbreid idee waarbij de deeleconomie als oplossing wordt voorgesteld voor allerlei maatschappelijke problemen, gaande van klimaatverandering tot kinderopvang. De roep om een deeleconomie past in een bredere vraag naar meer bottom-upinitiatieven en organisaties, zoals commons" of gemeenschappelijk bezit, collectieve actie, een participatiemaatschappij etc. Het gemeenschappelijk in plaats van privaat bezit zou leiden tot een meer inclusieve samenleving. Bart Eeckhout waarschuwde echter al dat de deeleconomie dan wel zijn aantrekkelijke kanten heeft, maar niet per definitie zaligmakend is. De hoogopgeleide Ubergebruiker ziet dan misschien zijn vrijheid toenemen, zijn chauffeur lijkt misschien eerder terecht te komen in een 'nachtwinkeleconomie'.

Share

Hoe inclusief het gemeenschappelijk bezit (commons) is, hangt af van de ongelijkheid in de samenleving

Is de deeleconomie dan wel zo inclusief? De geschiedenis toont aan van niet. Kleinschalige, lokale initiatieven zoals samentuinen en stadslandbouw, onder gelijkgezinde individuen geven weliswaar beloftevolle resultaten; de geschiedenis toont echter dat er belangrijke valkuilen bestaan en dat het succes van een deeleconomie of commons helemaal niet zo vanzelfsprekend is. Collectieve actie, een deeleconomie of commons zijn dan ook geen nieuwe fenomenen. Voor de Franse revolutie bestonden vele bezitsvormen naast elkaar. Privaat bezit werd vaak gecombineerd met vormen van gemeenschappelijk bezit en collectieve rechten op land of andere hulpbronnen. In heel wat pre-industriële samenlevingen, ook hier in West-Europa, was geld zeker niet het dominante ruilmiddel. Vaak werd ook betaald in het leveren van diensten of goederen. Delen en gemeenschappelijk bezit stonden echter niet gelijk aan een herverdeling van dit bezit of het betrekken van alle leden van de gemeenschap. Hoe inclusief het gemeenschappelijk bezit (commons) is, hangt af van de ongelijkheid in de samenleving. Gepolariseerde maatschappijen ontwikkelden meestal uiterst exclusieve instituties waarbij de gemeenschappelijke goederen niet werden gedeeld met de gehele bevolking, maar enkel binnen een beperkte groep circuleerden. Enkel egalitaire maatschappijen met sociaal vrij homogene bevolkingsgroepen waren in staat om goederen en diensten relatief evenredig te verdelen. Armen, immigranten en etnische minderheden werden vaak formeel of informeel uitgesloten. Een voorbeeld hiervan zijn de Kempen die vanwege een evenwicht tussen kleine boeren, grootgrondbezitters en de hertog erin slaagden om de toegang tot de gemeenschappelijke heidegebieden breed toegankelijk te maken. Dit was in tegenstelling tot andere gelijkaardige gebieden zoals de commons in Castilië of Norfolk, waar tot 60 procent van de bevolking werd uitgesloten, waar de kloof tussen feodale heren, elites en de kleine boeren veel groter was.

Een overschakeling van een individualistische en private economie naar een deeleconomie leidt dus helemaal niet zo vanzelfsprekend tot meer controle over het looprad en een betere toegang tot het maatschappelijk leven. Gezien de huidige graad van polarisatie van onze huidige maatschappij, valt het helemaal niet uit te sluiten dat bepaalde groepen heel wat moelijker toegang zouden krijgen tot de voordelen van een deeleconomie. An sich is het installeren van een deeleconomie dus geen voldoende oplossing om iedereen werkbaar werk te bezorgen; het inperken van ongelijkheid en polarisatie biedt misschien fundamentelere oplossingen.

nieuws