Standpunt
Bart Eeckhout

Het is geen toeval dat de schending van het bronnengeheim juist nu een trendje dreigt te worden

Bart Eeckhout is opiniërend hoofdredacteur.

1 Bart Eeckhout. © Wouter Van Vooren

Voor de tweede keer vegen gerechtelijke onderzoekers de vloer aan met het journalistieke bronnengeheim. Anderhalve maand geleden werd bij een huiszoeking de telefoon van een VRT-verslaggever in beslag genomen, in een poging de bron te achterhalen van een lek in het onderzoek naar de Kasteelmoord. Nu blijkt dat er met terugwerkende kracht onderzoek is gedaan naar de telefonische contacten van een regiojournaliste van Het Laatste Nieuws die bericht heeft over een gesloten zitting van de deontologische commissie van de Gentse gemeenteraad.

Dat zijn twee flagrante schendingen van het wettelijk beschermde journalistieke recht op geheimhouding van bronnen. Volgens de wet kunnen journalisten “er niet toe worden gedwongen hun informatiebronnen vrij te geven en inlichtingen, opnames en documenten te verstrekken.” Enkel wanneer de geheime informatie van cruciaal belang is voor het voorkomen van ernstige misdrijven of wanneer essentiële informatie niet anders kan verkregen worden, kan er een uitzondering gemaakt worden. Het is duidelijk dat daar in deze beide gevallen geen sprake van is.

Het is geen toeval dat de schending van het bronnengeheim juist nu een trendje dreigt te worden. Journalistiek ligt onder vuur. Dat maakt deze beroepsgroep kwetsbaar. Blijkbaar brengt die lastige positie niet alleen Donald Trump maar ook gerechtelijke onderzoekers hier op slechte ideeën.

Begrijp dat niet verkeerd. Kritiek op media en journalistiek moeten kunnen. Mediakritiek is in een gezonde democratie even essentieel als de vrijheid van verslaggeving zelf. Dat een mondig publiek zijn stem ook tegen journalisten verheft, is geen slechte zaak. Wie de bal kaatst, moet hem kunnen vangen.

Maar er loopt een rode lijn tussen bekritiseren en intimideren. Want dat is die schending van het bronnengeheim natuurlijk: intimidatie. Het is een poging om journalisten het werken onmogelijk te maken door hun betrouwbaarheid te verbranden bij hun bronnen.

Discrete bronnen zijn een hoeksteen voor journalistiek als onafhankelijke controle op 'de macht'. Het hoeft daarbij niet  eens altijd om Watergate of de Panama Papers te gaan. Misschien had Vlaanderen nooit een debat gevoerd over de Turteltaks als een bron deze krant niet eerst getipt had over een forfaitaire belastingverhoging. Zo zijn er jaarlijks honderden gelijkaardige kleine en grote lekken die de macht ontsluieren. Dat blijft een belangrijke maatschappelijke rol van journalistiek.

Niet alles gaat goed in de journalistiek vandaag. Veel gaat zelfs niet goed. Wees daarom kritisch voor ons, journalisten. Maar blijf alsjeblief voorzichtig met het afbreken van het bronnengeheim.