Opinie
Heleen Debruyne

Feministes dragen wat ze fucking willen

Heleen Debruyne is schrijfster en columniste. Ze werkt voor Klara en heeft met Anaïs Van Ertvelde een podcast over seks en lichamelijkheid: vuilelakens.be

1 Heleen Debruyne. © Wouter Van Vooren

Daar gaan we weer, zuchtte ik, toen ik het internet zag ontploffen over de borsten van Emma Watson. De actrice noemt zichzelf al een tijdje onbeschaamd feministe, breekt vaak een lans voor het wegwerken van inkomensongelijkheid – daarvoor kreeg ze al kilo’s virtuele drek over zich heen, van onfrisse types die het feminisme maar aanstellerij vinden. Nu ze halfnaakt poseerde voor Vanity Fair, kreeg ze de drek van haar eigen stam over zich heen: ze is hypocriet, een echte feministe hoort zich niet zo in de aandacht te werken met haar lichaam, brullen diehardfeministes, zo houdt ze onrealistische schoonheidsidealen in stand, die er vooral voor en door mannen zijn.

Deze discussie binnen het feminisme is al decennia oud, en net daarom zo doodvermoeiend. In de jaren zeventig al vlogen vrouwen elkaar in de haren over naakte lijven, een discussie die tot een lelijk hoogtepunt kwam in de zogenaamde ‘porn wars’. Aan de ene kant stonden de anti-pornofeministes, zij zagen alle seksfilms en vettige boekjes als deel van het patriarchaat, voor mannen gemaakt door mannen gemaakt, met vrouwenlijven als objecten om te gebruiken en weg te gooien. 

Aan de andere kant, de wat ongelukkige genoemde pro-seksfeministes. De seksuele revolutie en betere anticonceptie hadden dan wel meer seksuele vrijheid gebracht, vonden zij, maar vrijheid alleen is ook maar een lege doos. Vrouwen moesten actief mee vorm geven aan wat die nieuwe vrijheden konden betekenen, en dat kon je ook doen door als feministe zelf erotisch beeldmateriaal bij elkaar te schieten. Feministes mogen dus doen met hun lichaam wat ze willen, ook als dat naakt rond een paal slingeren is. 

Vrouwenlijven blijven strijddomein

Die porn wars zijn nooit helemaal beslecht. Ook als het niet over porno gaat, escaleren de discussies over vrouwenlichamen nog steeds snel. Vrouwenlijven blijven een strijddomein, bewijst de ophef over die ene, al bij al zeer brave foto van Watson. Aan de andere kant van het spectrum staat de al even vermoeiende en eindeloos voortdurende hoofddoekendiscussie. Jezelf een feminist noemen en je te veel bedekken, kan volgens sommige feministes niet, jezelf een feminist noemen en te weinig bedekken, kan volgens andere feministes ook niet.

Share

Individuele vrouwen berispen als ze iets met hun lichaam doen wat jou niet bevalt, helpt niemand een stap verder

Als je het hebt over wat vrouwen met hun lichamen doen, kom je al snel in een filosofische discussie over de vrije wil terecht. Watson is een gewiekste en ondertussen steenrijke zakenvrouw. Om het te maken als actrice, moet ze wel meedraaien in een industrie die grossiert in pikante foto’s van klassieke schoonheden – maar heeft ze daar wel oprecht zin in? Hetzelfde voor vrouwen die zich in hoofddoeken hullen: in welke mate hebben ze die keuze van harte gemaakt? Daar kun je uren over toogfilosoferen, maar als er geen wetten over bestaan (zoals in pakweg Iran), valt het onmogelijk na te trekken in welke mate zo’n beslissing onafhankelijk gemaakt is. 

En zeker, vrouwenonderdrukking is een reëel probleem, en ja, de traditionele media en de filmindustrie reproduceren onhaalbare en ongelukkig makende schoonheidsidealen. Daar moeten we als maatschappij over nadenken. Maar individuele vrouwen berispen als ze iets met hun lichaam doen wat jou niet bevalt, helpt niemand een stap verder. Hoe een vrouw haar lijf presenteert, zou los moeten staan van haar uitspraken en idealen. Of, om het met Gloria Steinem te zeggen: “Feminists can wear anything they fucking want.”

Meer opinie? Krijg elke woensdag en zondag onze Opiniemakers nieuwsbrief.

nieuws

cult

zine