Opinie
Kris Merckx

Durft de N-VA na het debacle met de Turteltaks een Homansheffing in te voeren?

2 Liesbeth Homans (N-VA). © BELGA

Kris Merckx is fractievoorzitter van de PVDA+ in de provincieraad van Antwerpen.

2 Kris Merckx © rv
Share

De mislukking van Homans' operatie 'afslanking van de provincies' stond in de sterren geschreven

Vandaag moet de Vlaamse ministerraad de knoop doorhakken over hoe en wanneer de afslanking van de provincies wordt doorgevoerd. Eerst had minister van Binnenlandse Zaken Liesbeth Homans beweerd dat ze zou landen tegen Pasen 2015, dan in oktober 2015 bij de begrotingsopmaak en vervolgens vóór het Paasreces van dit jaar. Maar telkens werd het niets. Begin mei gonsde het in het Vlaams Parlement van geruchten over uitstel van de operatie met een jaar, tot 1 januari 2018, of zelfs met drie jaar. Homans bestempelde die geruchten als 'Indianenverhalen' en maakte zich sterk dat ze haar streefdatum van 1 januari 2017 zou halen. Vorige week vrijdag 20 mei zou de minsterraad zijn verdict vellen. Maar opnieuw was het radiostilte. Vandaag valt er niet meer aan een beslissing te ontsnappen. Het is zo goed als zeker dat de Vlaamse would-be Ijzeren Lady in het zand zal bijten en een uitstel zal moeten aanvaarden.

De mislukking van Homans' operatie 'afslanking van de provincies' stond in de sterren geschreven. Van zodra ze in 2014, bij verrassing, in het Vlaams regeerakkoord opdook was duidelijk dat het ging om een loutere besparingsoperatie zonder visie of overleg én om het najagen van een politieke trofee door de N-VA. Die partij had die de afslanking in haar programma staan maar, omdat de coalitiepartners CD&V en Open VLD meer provinciegezind zijn, moest N-VA vrede nemen met een compromis. Enkel de persoonsgebonden bevoegdheden van de provincies (cultuur, welzijn, sport en jeugd) zouden worden overgeheveld naar de Vlaamse overheid of de gemeenten, de grondgebonden materies (mobiliteit, economie, milieu, groendomeinen) zouden bij de provincies blijven.

De aanpak van deze 'transitie' heeft sindsdien al voor veel onrust gezorgd in de provinciebesturen, niet alleen bij personeel en departementshoofden, die al maanden in onzekerheid leven, maar ook bij de provinciale bestuurders, de gedeputeerden. Toch is het vooral het advies van de Raad van State van december 2015 over het eerste voorontwerp van decreet over de provinciehervorming dat de zaak nu echt blokkeert. Het voornaamste bezwaar van de Raad sloeg op de wijze waarop de beslissing wordt ingevuld om de provinciale opcentiemen op de onroerende voorheffing, de zogenaamde grondbelasting, af te schaffen en te integreren in de Vlaamse basisheffing. Daarmee zou Vlaanderen dan, 'na een voorafgaande besparing', geld terugstorten aan de provincies in de vorm van een dotatie om de nog resterende activiteiten te financieren. Minister Homans had evenwel zowel voor het bedrag van de toekomstige nieuwe Vlaamse basisheffing als voor de verdeelsleutel van de dotatie over de provincies geen concrete cijfers ingevuld, maar enkel de 'cijfers' X, XX en XXX. Volgens de Raad van State kan dat niet ook al omdat er nu een vrij groot verschil is tussen de opcentiemen die de vijf Vlaamse provincies aanrekenen en het dus niet duidelijk was of Vlaanderen het gelijkheidsbeginsel gaat respecteren dat bepaalt dat een 'Vlaamse' belasting dezelfde moet zijn in de hele gemeenschap.

Actueel betalen de eigenaars van een woning een onroerende voorheffing die uit drie trappen bestaat. Vooreerst de Vlaamse 'basisheffing' van 2,5% van het Kadastrale Inkomen (KI). Daar bovenop hieven, tot nu toe, zowel de provincies als de gemeenten 'opcentiemen'. De huidige provinciale opcentiemen zijn i Antwerpen vastgesteld op 290, in Oost-Vlaanderen op 295, in Vlaams-Brabant op 332, in West-Vlaanderen op 355 en Limburg staat op kop met 400 opcentiemen. Wat betekent dit? In Antwerpen betaal je op een bescheiden woning met een geïndexeerd KI van 3000 euro: 2,5% basisheffing aan Vlaanderen (75 euro) en daarop nog eens 290 opcentiemen of 2,5 x 2,9 = 7,25% van het KI aan de provincie (225 euro). In Limburg betaal je voor een woning met hetzelfde KI evenwel 2,5 x 4 = 10% van het KI als provinciale belasting (300 euro, of 75 euro meer dan in Antwerpen). Indien de Vlaamse regering voor het integreren van provinciale opcentiemen in haar basisheffing een cijfer kiest dat halfweg tussen dat van Antwerpen/Oost-Vlaanderen en dat van Limburg ligt, dus 350 opcentiemen, zou dit voor de inwoners van de twee eerste provincies al vlug een verhoging van hun grondbelasting betekenen met 40 euro. In het geval van een ruimere woning wordt dat zelfs 100 euro of meer. Dus ongeveer zoveel als... de Turteltaks. Na het debacle met de Turteltaks afkomen met een 'Homansheffing' voor de Antwerpenaren en Oost-Vlamingen dat ziet N-VA niet zitten. Zeker niet nadat die partij in heel de provincie Antwerpen een folder verspreidde met de boodschap 'Uw provincie wordt slanker en goedkoper. De provinciebelasting zal dalen.' Dus wordt de afslanking van de provincies allicht uitgesteld.

Share

Een Homansheffing en/of extra besparingen aankondigen, nu het straatprotest aanzwelt, is politieke zelfmoord

Ja, Vlaanderen zou de Homansheffing ook kunnen vermijden maar dan alleen door 'voorafgaand' meer dan voorzien te besparen op de dotatie aan de provincies. Dat zou betekenen dat het cryptische zinnetje in het regeerakkoord dat de vroegere provinciale opcentiemen pas 'na een voorafgaande besparing' als dotatie worden teruggestort nog veel zwaardere gevolgen zal hebben. Minder geld voor de overblijvende grondgebonden bevoegdheden maar ook voor de diensten en instellingen die overgaan naar Vlaanderen of de gemeenten. 

Een Homansheffing en/of extra besparingen aankondigen, nu het straatprotest aanzwelt, is politieke zelfmoord. Dat is de hoofdreden waarom er vandaag allicht uitstel komt voor de afslankingsoperatie. Ook al moet de N-VA-vicepresidente daarvoor een persoonlijke nederlaag slikken. Een tweede reden is dat, op zeven maanden vóór de streefdatum van Homans, honderden personeelsleden van de provincies nog niet weten waar ze zullen terecht komen. Een groot aantal zoekt sinds maanden naar individuele oplossingen: solliciteren bij diensten die bij de provincie blijven of vertrekken naar andere jobs in de privé of andere overheidsdiensten. Sinds twee jaar heeft de kracht van verandering voor de provincies vooral kracht van ontwrichting betekend. Daar komt bij dat de provincies normaal rond Pasen beginnen aan de opmaak van hun begroting voor het volgende jaar. Tot nu kon dat niet omdat ze, op tientallen miljoenen na, niet weten hoe hun financiering er zal uitzien. Zelfs als Homans vandaag een definitief decreet over de afslanking kan doorduwen, dan moet dit eerst opnieuw naar de Raad van State. Dan kan het onmogelijk nog vóór het zomerreces in het parlement komen. Pas in oktober een begroting opmaken zou een bestuurlijke chaos betekenen. 

Uitstel lijkt dus onvermijdelijk. Het zal een goede zaak zijn voor personeel en bestuur die nood hebben aan een adempauze. Afstel zou nog beter zijn. Ja, het bovengemeentelijke bestuursniveau is aan hertekening toe, allicht in de richting van stads- en streekgewesten. Maar dat vergt jaren van grondige voorbereiding en overleg met alle betrokkenen.

nieuws

cult